<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBGEL:2020:5919</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-11-06T11:21:54</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-11-06</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Gelderland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Gelderland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2020-09-25</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/05/376217 / FZ RK 20-2463</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#mondelingeUitspraak">Mondelinge uitspraak</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#beschikking">Beschikking</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#tussenbeschikking">Tussenbeschikking</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Zutphen</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_personenEnFamilierecht">Civiel recht; Personen- en familierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2020:5919">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2020:5919</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-11-06T11:21:08</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-11-06</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBGEL:2020:5919 Rechtbank Gelderland , 25-09-2020 / C/05/376217 / FZ RK 20-2463</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBGEL:2020:5919:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Verzoek zorgmachtiging Wvggz aangehouden. De officier van justitie is verantwoordelijk voor het indienen van een compleet dossier, voorzien van stukken die compleet zijn. Indien de officier van justitie constateert dat sprake is van   ongerijmdheden in de stukken, ligt het op zijn weg om hieromtrent voor indiening van het verzoek bij de rechtbank helderheid te krijgen, dan wel zelf ter zitting te verschijnen en een toelichting te verstrekken.</para>
      <para />
      <para>Voor de eindbeschikking zie ECLI:NL:RBGEL:2020:5162</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBGEL:2020:5919:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>beschikking </para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">RECHTBANK GELDERLAND</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Familie- en jeugdrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats: Zutphen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaakgegevens: C/05/376217 / FZ RK 20-2463</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Datum mondelinge uitspraak: 25 september 2020</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Beschikking machtiging tot het verlenen van verplichte zorg Wvggz</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>naar aanleiding van het door de officier van justitie ingediende verzoek tot het verlenen van een zorgmachtiging als bedoeld in artikel 6:4 van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz), ten aanzien van:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [betrokkene]
        </emphasis>,</para>
      <para>geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats] ,</para>
      <para>wonende te [adres] ,</para>
      <para>hierna te noemen: betrokkene,</para>
      <para>advocaat: mr. W.A.J.M. Staal te Zutphen.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>
      <nr>1</nr>Procesverloop<?linebreak?></title>
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Het procesverloop blijkt uit het verzoekschrift met bijlagen, ingekomen ter griffie op <?linebreak?>10 september 2020. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>De mondelinge behandeling heeft vanwege de situatie rondom het virus COVID-19 via beeldbellen plaatsgevonden op 25 september 2020.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.3.</nr>
      <para>Tijdens de mondelinge behandeling zijn gehoord:</para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>betrokkene, bijgestaan door zijn advocaat;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>mw. [naam 1] , als verpleegkundige factteam verbonden aan GGNet; </para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>mw. [naam 2] , zus van betrokkene. <?linebreak?></para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.4.</nr>
      <para>Omdat een nadere toelichting op of motivering van het verzoek niet nodig is, is de officier van justitie niet verschenen tijdens de mondelinge behandeling.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>2</nr>Beoordeling</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>Ten aanzien van de wijze waarop de procedure mondeling is behandeld, overweegt de rechtbank als volgt. Vanwege de maatregelen van de overheid ter bestrijding van het coronavirus (COVID-19) is het niet toegestaan betrokkene persoonlijk te bezoeken. Dit levert voor betrokkene en andere aanwezigen een onaanvaardbaar besmettingsgevaar op. Om die reden is besloten betrokkene via beeldbellen te horen.</para>
      <para>
        <?linebreak?>
      </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>Door de advocaat van betrokkene is primair ter zitting verzocht de officier van justitie niet-ontvankelijk te verklaren. Op 24 juni 2020 is door de geneesheer-directeur de brief verzonden dat er een zorgmachtiging wordt voorbereid. Pas zeven weken later heeft de officier van justitie de zorgmachtiging aangevraagd. Dat is op grond van artikel 5:16 Wvggz een forse termijnoverschrijding. Subsidiair is de advocaat van mening dat het verzoek moet worden aangehouden. De verklaring van de geneesheer-directeur dateert van 30 juli 2020, waarin de geneesheer-directeur zich uitlaat over de medische verklaring, het zorgplan en de zorgkaart, terwijl de medische verklaring dateert van 14 augustus 2020 en het zorgplan/behandelplan dateert van 31 augustus 2020. De geneesheer-directeur kan dus in zijn bevindingen niet de medische verklaring en het zorgplan hebben meegewogen. Om die reden zal de zaak aangehouden moeten worden teneinde officier van justitie in de gelegenheid te stellen de geneesheer-directeur met een nieuwe, actuele, bevindingen te komen. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>De rechtbank gaat voorbij aan het verweer van de advocaat dat de officier van justitie niet-ontvankelijk moet verklaard. Vast staat dat de termijn als bedoeld in artikel 5:16 Wvggz is overschreden, maar nu de wet hieraan geen consequenties verbindt, is geen sprake van een fatale termijn. Er is dan ook geen aanleiding de officier van justitie niet-ontvankelijk te verklaren in zijn verzoek.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>De rechtbank is, met de advocaat, van oordeel dat de zaak dient te worden aangehouden teneinde de officier van justitie in de gelegenheid te stellen een nadere toelichting te geven zo nodig voorzien van actuele bevindingen van de geneesheer-directeur. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5.</nr>
      <para>De rechtbank merkt daarbij het volgende op. De officier van justitie heeft in zijn verzoek daterend 10 september 2020 het volgende opgenomen: “<emphasis role="italic">De bevinden van de geneesheer-directeur zijn gedateerd op 30 juli 2020. Dit zou betekenen dat de medische verklaring en het zorgplan nadien zijn opgesteld. Het blijkt echter dat zowel de medische verklaring als het zorgplan wordt betrokken in de bevindingen. De officier van justitie heeft om die reden de geneesheer-directeur verzocht – indien nodig – dit nader toe te lichten op zitting.” </emphasis>De rechtbank is van oordeel dat dit niet de geëigende weg is. De officier van justitie is verantwoordelijk voor het indienen van een compleet dossier, voorzien van stukken die compleet zijn. Indien de officier van justitie constateert dat sprake is van   ongerijmdheden in de stukken, ligt het op zijn weg om hieromtrent voor indiening van het verzoek bij de rechtbank helderheid te krijgen, dan wel zelf ter zitting te verschijnen en een toelichting te verstrekken.<?linebreak?>De rechtbank verzoekt de officier van justitie om duidelijkheid te verschaffen omtrent de datum van de verklaring van de geneesheer-directeur en zo nodig dit met een actuele verklaring van de geneesheer-directeur te onderbouwen.  </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.6.</nr>
      <para>Nadat de officier van justitie de bevindingen van de geneesheer-directeur heeft verstrekt, zal de rechtbank, na raadpleging van de advocaat van betrokkene, besluiten de zaak schriftelijk of eerst na het plannen van een verdere mondelinge behandeling af te doen. De rechtbank merkt daarbij op dat gelet op de fatale beslistermijn, de zaak uiterlijk op <?linebreak?>1 oktober 2020 behandeld dient te worden. De rechtbank zal dan ook beslissen zoals hierna is omschreven.</para>
      <para />
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>3</nr>Beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>stelt de stukken in handen van de officier van justitie om deze in de gelegenheid te stellen zich <emphasis role="bold">zo spoedig mogelijk</emphasis>, doch <emphasis role="bold">uiterlijk 29 september 2020 te 12.00 uur</emphasis>, een nadere toelichting te verstrekken zoals boven omschreven; <?linebreak?></para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <parablock>
        <para>bepaalt dat de behandeling (schriftelijk of mondeling, te bepalen eerst na raadpleging</para>
        <para>als mr. Staal) zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk 1 oktober 2020 zal worden voortgezet, </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>houdt iedere verdere beslissing aan.</para>
      <para />
      <para />
      <informaltable>
        <tgroup cols="3">
          <colspec colname="colA" />
          <colspec colname="colB" />
          <colspec colname="colC" />
          <tbody>
            <row>
              <entry namest="colA" nameend="colC">
                <para>Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 25 september 2020 door mr. A.L.M. Steinebach-de Wit, rechter, in tegenwoordigheid van L. Stoevenbelt, griffier, en de schriftelijke uitwerking is vastgesteld op 25 september 2020.</para>
                <para />
                <para />
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry namest="colA" nameend="colC">
                <para />
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry namest="colA" nameend="colC">
                <para>Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
          </tbody>
        </tgroup>
      </informaltable>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>