<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBGEL:2020:4872</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-12-22T18:40:47</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-09-21</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Gelderland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Gelderland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2020-09-17</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">05.070022.19</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Zutphen</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2020:4872">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2020:4872</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-09-21T09:25:02</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-09-21</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBGEL:2020:4872 Rechtbank Gelderland , 17-09-2020 / 05.070022.19</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBGEL:2020:4872:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>De rechtbank Gelderland veroordeelt een 54-jarige man uit Apeldoorn tot een deels voorwaardelijke taakstraf voor het sturen van pornografische afbeeldingen naar zijn destijds 15-jarige stiefdochter.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBGEL:2020:4872:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">RECHTBANK GELDERLAND</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Zutphen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer	: 05.070022.19</para>
      <para>Datum uitspraak	: 17 september 2020</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegenspraak</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">vonnis van de meervoudige kamer</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">de officier van justitie</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte] , </emphasis>
      </para>
      <para>geboren op [geboortedag] 1966 te [geboorteplaats] , </para>
      <para>wonende te [adres] ,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>raadsvrouw: mr. A. Foppen, advocaat te Harderwijk.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 3 september 2020.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De inhoud van de tenlastelegging</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan verdachte is ten laste gelegd dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 21 februari 2018 tot en met 10 maart 2018 te [woonplaats] , althans in Nederland, één of meerdere afbeeldingen waarvan de vertoning schadelijk is te achten voor personen beneden de leeftijd van zestien jaren, heeft verstuurd en/of aangeboden en/of getoond aan [slachtoffer] , geboren op [geboortedatum] , van wie verdachte wist dat zij jonger was dan zestien jaar hebbende verdachte meerdere (pornografische) afbeeldingen waarop geslachtsgemeenschap tussen een man en een vrouw en/of geslachtsdelen en/of een naakt lichaam van een vrouw te zien is, aan die [slachtoffer] verzonden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">2.	Overwegingen ten aanzien van het bewijs</emphasis>
        <footnote-ref linkend="_3c8354fb-017c-4a22-b337-59b12804344b" />
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft gesteld dat wettig en overtuigend kan worden bewezen dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het ten laste gelegde feit op 21 februari 2018 en op 10 maart 2018.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para>De verdediging heeft geen bewijsverweer gevoerd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">De beoordeling door de rechtbank </emphasis>
      </para>
      <para>
        [slachtoffer] , geboren op [geboortedatum] , (hierna: het slachtoffer) heeft verklaard dat haar stiefvader (hierna: verdachte) via de app pornofoto’s en -filmpjes naar haar heeft gestuurd.<footnote-ref linkend="_5f3cdfc1-3e3d-479c-b80c-b4b1475e5341" /> De telefoon van het slachtoffer is door de politie onderzocht. Uit dit onderzoek is naar voren gekomen dat vanaf het telefoonnummer van verdachte tientallen pornografische foto’s en meer dan dertig pornografische filmpjes zijn gestuurd naar de telefoon van het slachtoffer. Op 21 februari 2018 zijn zeker vijftien afbeeldingen gestuurd en op 10 maart 2018 zijn meer dan acht afbeeldingen gestuurd. De pornografische foto’s bestonden uit harde porno tussen volwassen mannen en vrouwen.<footnote-ref linkend="_dba299ce-3e07-443b-b534-772050821a56" /> Verdachte heeft verklaard dat hij op 10 maart 2018 vanuit de woning van zijn zoon in [woonplaats] seksueel getinte foto’s heeft gestuurd naar zijn 15-jarige stiefdochter.<footnote-ref linkend="_13297c13-85ae-4683-b4fe-0df1bdfc2acc" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Gelet op bovengenoemde bewijsmiddelen staat vast dat verdachte zowel op 21 februari 2018 als op 10 maart 2018 meerdere pornografische afbeeldingen heeft gestuurd naar zijn stiefdochter, van wie hij wist dat zij destijds jonger was dan zestien jaar. Ter zitting heeft verdachte verklaard dat hij zich niet kan herinneren dat hij ook op 21 februari 2018 pornografische afbeeldingen heeft gestuurd. De rechtbank schuift deze verklaring terzijde. Uit het onderzoek aan de telefoon van het slachtoffer is immers naar voren gekomen dat verdachte op beide data pornografische afbeeldingen heeft gestuurd. De rechtbank heeft geen reden om aan dit onderzoek te twijfelen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Vertoning van harde porno tussen volwassen personen aan iemand beneden de leeftijd van zestien jaar brengt naar het oordeel van de rechtbank een risico op schade met zich mee en is daarmee schadelijk te achten. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Gelet op bovenstaande acht de rechtbank het ten laste gelegde feit wettig en overtuigend bewezen.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Bewezenverklaring</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Naar het oordeel van de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het tenlastegelegde heeft begaan, te weten dat: </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op <emphasis role="strike-through">één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van</emphasis> 21 februari 2018 <emphasis role="strike-through">tot</emphasis> en <emphasis role="strike-through">met</emphasis> 10 maart 2018 te [woonplaats] , althans in Nederland, <emphasis role="strike-through">één of</emphasis> meerdere afbeeldingen waarvan de vertoning schadelijk is te achten voor personen beneden de leeftijd van zestien jaren, heeft verstuurd <emphasis role="strike-through">en/of aangeboden en/of getoond</emphasis> aan [slachtoffer] , geboren op [geboortedatum] , van wie verdachte wist dat zij jonger was dan zestien jaar, hebbende verdachte meerdere <emphasis role="strike-through">(</emphasis>pornografische<emphasis role="strike-through">)</emphasis> afbeeldingen waarop geslachtsgemeenschap tussen een man en een vrouw en/of geslachtsdelen en/of een naakt lichaam van een vrouw te zien is, aan die [slachtoffer] verzonden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voor zover er in de tenlastelegging kennelijke taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn die fouten in de bewezenverklaring verbeterd. Verdachte is daardoor niet in zijn verdediging geschaad.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Wat meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard, is niet bewezen. </para>
      <para>Verdachte moet daarvan worden vrijgesproken.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>De kwalificatie van het bewezenverklaarde</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het bewezenverklaarde levert op:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">Een afbeelding waarvan de vertoning schadelijk is te achten voor personen beneden de leeftijd van zestien jaar, verstrekken aan een minderjarige van wie hij weet dat deze jonger is dan zestien jaar, meermalen gepleegd.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>De strafbaarheid van het feit</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het feit is strafbaar.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>De strafbaarheid van de verdachte</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte is strafbaar, nu geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>7</nr>Overwegingen ten aanzien van straf en/of maatregel</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft geëist dat verdachte ter zake van het tenlastegelegde zal worden veroordeeld tot het verrichten van zestig uren taakstraf, te vervangen door dertig dagen hechtenis.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para>De verdediging heeft gesteld dat een taakstraf passend is. Daarbij heeft de verdediging in overweging gegeven een deel van de taakstraf voorwaardelijk op te leggen met een proeftijd van één jaar. De rechtbank dient bij de strafoplegging rekening te houden met een substantieel tijdverloop, met het feit dat verdachte first offender is en er geen probleemgebieden zijn.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">De beoordeling door de rechtbank</emphasis>
      </para>
      <para>De rechtbank heeft bij de bepaling van de op te leggen straf gelet op de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard, de omstandigheden waaronder dit is begaan, mede gelet op de persoon en de omstandigheden van de verdachte zoals van een en ander bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken, waarbij onder meer is gelet op:</para>
    </parablock>
    <para>- het uittreksel justitiële documentatie, gedateerd 3 augustus 2020;</para>
    <para>- een voorlichtingsrapport van Reclassering Nederland, gedateerd 29 januari 2020.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft bij de straftoemeting in het bijzonder het navolgende in aanmerking genomen en vindt daarin de redenen die tot de keuze van een deels onvoorwaardelijke taakstraf van na te melden duur leiden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte heeft twee keer ongevraagd een hoeveelheid pornografische afbeeldingen gestuurd naar zijn destijds 15-jarige stiefdochter. Confrontatie met dit soort afbeeldingen kan schadelijk zijn voor de ontwikkeling van jongeren en kinderen. Zij moeten hier dan ook tegen worden beschermd. Door de afbeeldingen te sturen, heeft verdachte zijn stiefdochter juist niet in bescherming genomen, wat de rechtbank zeer kwalijk vindt. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De reclassering heeft het recidiverisico ingeschat als laag en ziet geen criminogene factoren op leefgebieden. Daarom ziet de reclassering geen meerwaarde in het opleggen van bijzondere voorwaarden aan verdachte. Verder volgt uit het reclasseringsrapport dat verdachte de ernst van de situatie niet in lijkt te zien, laconiek is over de verdenking en de schuld deels buiten zichzelf legt. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Gelet op de houding van verdachte ter zitting en bij de reclassering, is de rechtbank er niet van overtuigd dat verdachte de laakbaarheid van zijn handelen inziet en intrinsiek spijt heeft van wat hij heeft gedaan. Ook houdt de rechtbank bij de straftoemeting rekening met het feit dat verdachte nog vijf andere minderjarige kinderen heeft. De rechtbank acht, anders dan de officier van justitie, een deels voorwaardelijke straf dan ook op zijn plaats als stok achter de deur. Gelet op het reclasseringsadvies zal de rechtbank aan dit voorwaardelijk deel geen bijzondere voorwaarden verbinden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Alles overwegende zal de rechtbank aan verdachte een taakstraf van tachtig uur opleggen, waarvan dertig uur voorwaardelijk. Vanwege het tijdverloop zal de rechtbank de proeftijd op twee jaren in plaats van de gebruikelijke drie jaren bepalen. De rechtbank ziet geen reden de proeftijd te beperken tot één jaar, zoals voorgesteld door de verdediging. Bij dit alles heeft de rechtbank ook meegewogen dat de feiten al geruime tijd geleden zijn gepleegd.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>8</nr>De toegepaste wettelijke bepalingen</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De beslissing is gegrond op de artikelen 9, 14a, 14b, 14c, 22c, 22d, 57 en 240a van het Wetboek van Strafrecht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>9</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verklaart bewezen dat verdachte het tenlastegelegde, zoals vermeld onder punt 3, heeft begaan;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven bewezen is verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verstaat dat het aldus bewezenverklaarde oplevert het strafbare feit zoals vermeld onder punt 4;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verklaart verdachte hiervoor strafbaar;</para>
    </parablock>
    <para />
    <para> veroordeelt verdachte wegens het bewezenverklaarde tot een <emphasis role="bold">taakstraf </emphasis>gedurende <emphasis role="bold">80 (tachtig) uren</emphasis>, met bevel dat indien deze straf niet naar behoren wordt verricht vervangende hechtenis zal worden toegepast voor de duur van 40 (veertig) dagen;</para>
    <para />
    <para> bepaalt, dat een gedeelte van de taakstraf groot 30 (dertig) uren, <emphasis role="bold">niet ten uitvoer zal worden gelegd</emphasis>, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, wegens niet nakoming van na te melden voorwaarde voor het einde van de proeftijd die op twee jaren wordt bepaald;</para>
    <para />
    <para> dat de veroordeelde zich voor het einde daarvan niet zal schuldig maken aan een strafbaar feit.</para>
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="3">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <colspec colname="colC" />
        <tbody>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Dit vonnis is gewezen door mr. E.H.T. Rademaker (voorzitter), mr. Y. Yeniay-Cenik en <?linebreak?>mr. Y. Yildiz, rechters, in tegenwoordigheid van mr. L.R. van Damme, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 17 september 2020.</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
    <parablock>
      <para>Mr. Yeniay-Cenik en mr. Yildiz zijn buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
  <footnote id="_3c8354fb-017c-4a22-b337-59b12804344b" label="1">
    <para> Het bewijs is terug te vinden in het in de wettelijke vorm door [medewerker politie] van de politie Oost-Nederland, Dienst Regionale Recherche, Afdeling Thematische Opsporing, Team Zeden, opgemaakte proces-verbaal, dossiernummer PL0600-2018310827, gesloten op 15 maart 2019 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_5f3cdfc1-3e3d-479c-b80c-b4b1475e5341" label="2">
    <para> Het proces-verbaal van aangifte door [slachtoffer] , p. 34.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_dba299ce-3e07-443b-b534-772050821a56" label="3">
    <para> Het proces-verbaal van bevindingen, p. 38-40; het proces-verbaal van bevindingen, p. 20.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_13297c13-85ae-4683-b4fe-0df1bdfc2acc" label="4">
    <para> De verklaring van verdachte ter terechtzitting van 3 september 2020.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>