<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBGEL:2020:4869</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-02-10T15:49:37</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-09-18</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Gelderland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Gelderland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2020-09-16</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">05/072675-20</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Arnhem</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2020:4869">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2020:4869</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-02-10T15:48:44</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-02-10</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBGEL:2020:4869 Rechtbank Gelderland , 16-09-2020 / 05/072675-20</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBGEL:2020:4869:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Werkstraf voor mishandeling</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBGEL:2020:4869:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">RECHTBANK GELDERLAND</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Arnhem</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer	: 05/072675-20</para>
      <para>Datum uitspraak	: 16 september 2020</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegenspraak</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">vonnis van de meervoudige kamer</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">de officier van justitie</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte] ,</emphasis>
      </para>
      <para>geboren op [geboortedag] 1977 te [geboorteplaats] , </para>
      <para>wonende aan de [adres] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Raadsvrouw: mr. C.H.J. van Dooijeweert, advocaat te Barneveld.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen van 24 juni 2020 en 2 september 2020.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De inhoud van de tenlastelegging</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan verdachte is ten laste gelegd dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>1.<?linebreak?>hij op of omstreeks 18 maart 2020 te Ede ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om [benadeelde] opzettelijk van het leven te beroven, immers heeft hij, verdachte, die [benadeelde] , meermalen, althans eenmaal:<?linebreak?>- met een (metalen) moersleutel, althans met een hard en/of stevig voorwerp, in/op/tegen het gezicht en/of het hoofd en/of het (boven-)lichaam geslagen (terwijl die [benadeelde] op de grond/straat lag), en/of<?linebreak?>- in/op/tegen het gezicht en/of het hoofd en/of het (boven-)lichaam getrapt (terwijl die [benadeelde] op de grond/straat lag), en/of<?linebreak?>- in/op/tegen het gezicht en/of het hoofd en/of het (boven-)lichaam gestompt en/of geslagen (terwijl die [benadeelde] op de grond/straat lag),<?linebreak?>terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling<?linebreak?>mocht of zou kunnen leiden:<?linebreak?>hij op of omstreeks 18 maart 2020 te Ede ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om aan [benadeelde] opzettelijk zwaar lichamelijk letsel toe te brengen<?linebreak?>immers heeft hij, verdachte, die [benadeelde] , meermalen, althans eenmaal:<?linebreak?>- met een (metalen) moersleutel, althans met een hard en/of stevig voorwerp, in/op/tegen het gezicht en/of het hoofd en/of het (boven-)lichaam geslagen (terwijl die [benadeelde] op de grond/straat lag), en/of<?linebreak?>- in/op/tegen het gezicht en/of het hoofd en/of het (boven-)lichaam getrapt (terwijl die [benadeelde] op de grond/straat lag), en/of<?linebreak?>- in/op/tegen het gezicht en/of het hoofd en/of het (boven-)lichaam gestompt en/of geslagen (terwijl die [benadeelde] op de grond/straat lag),<?linebreak?>terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>meer subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een<?linebreak?>veroordeling mocht of zou kunnen leiden:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op of omstreeks 18 maart 2020 te Ede<?linebreak?>[benadeelde] heeft mishandeld door die [benadeelde] meermalen, althans eenmaal:<?linebreak?>- met een (metalen) moersleutel, althans met een hard en/of stevig voorwerp, in/op/tegen het gezicht en/of het hoofd en/of het (boven-)lichaam te slaan (terwijl die [benadeelde] op de grond/straat lag), en/of<?linebreak?>- in/op/tegen het gezicht en/of het hoofd en/of het (boven-)lichaam te trappen, en/of<?linebreak?>- in/op/tegen het gezicht en/of het hoofd en/of het (boven-)lichaam te stompen en/of te slaan (terwijl die [benadeelde] op de grond/straat lag);<?linebreak?></para>
    </parablock>
    <para />
    <para>2.<?linebreak?>hij op of omstreeks 18 maart 2020 te Ede<?linebreak?>ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om aan [benadeelde] opzettelijk zwaar lichamelijk letsel toe te brengen immers heeft hij, verdachte, een of meerdere ruit(en) van een personenauto (kenteken [kenteken] ) met een (metalen) moersleutel,<?linebreak?>althans met een hard en/of stevig voorwerp, ingeslagen,<?linebreak?>(terwijl die [benadeelde] zich in voornoemde personenauto bevond en/of waardoor die [benadeelde] een of meerdere stukken glas en/of<?linebreak?>glasscherven in zijn gezicht en/of op/tegen het hoofd, althans op/tegen het lichaam kreeg),<?linebreak?>terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling<?linebreak?>mocht of zou kunnen leiden:<?linebreak?>hij op of omstreeks 18 maart 2020 te Ede<?linebreak?>[benadeelde] heeft mishandeld door - een of meerdere ruit(en) van een personenauto (kenteken [kenteken] ) met een (metalen) moersleutel, althans met een hard en/of stevig voorwerp, in te slaan,<?linebreak?>- terwijl die [benadeelde] zich in voornoemde personenauto bevond en/of waardoor die [benadeelde] een of meerdere stukken glas en/of glasscherven in zijn gezicht en/of op/tegen het hoofd, althans op/tegen<?linebreak?>het lichaam kreeg;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>en/of<?linebreak?>hij op of omstreeks 18 maart 2020 te Ede opzettelijk en wederrechtelijk een personenauto (kenteken [kenteken] ), in elk geval enig goed, dat geheel of ten dele aan een ander, te weten aan [benadeelde] toebehoorde, heeft vernield, beschadigd, onbruikbaar gemaakt en/of weggemaakt;</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>3.<?linebreak?>hij op of omstreeks 18 maart 2020 te Ede<?linebreak?>een wapen van categorie IV, onder 7 van de Wet wapens en munitie, te weten een (metalen) moersleutel zijnde een voorwerp waarvan, gelet op zijn aard en/of de omstandigheden waaronder het werd aangetroffen, redelijkerwijs kon worden aangenomen dat het bestemd was om letsel aan personen toe te brengen en/of te dreigen heeft gedragen;<?linebreak?></para>
    <para>4.<?linebreak?>hij op of omstreeks 18 maart 2020 te Ede een wapen van categorie II, onder 6 van de Wet wapens en munitie, te weten een busje pepperspray, zijnde een voorwerp bestemd voor het treffen van personen met giftige, verstikkende, weerloos makende, traanverwekkende en soortgelijke stoffen voorhanden heeft gehad;</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">1a.	Verzoek tot aanhouding</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De verdediging heeft primair verzocht tot aanhouding van de zaak omdat de letselinterpretatie die door het NFI zou worden opgemaakt niet gereed is. De verdediging verzoekt deze letselinterpretatie alsnog te laten opmaken.</para>
      <para>De rechtbank wijst het verzoek af, nu zij van oordeel is dat de letselinterpretatie niet noodzakelijk is voor de beoordeling van de zaak. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para>
      <emphasis role="bold">2.	Overwegingen ten aanzien van het bewijs</emphasis>
      <footnote-ref linkend="_4a1eee0a-c6b3-4fdc-b342-4bc002d212ae" />
    </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Feit 1</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Vrijspraak voor het </emphasis>
        <emphasis role="underline italic">primair en subsidiair</emphasis>
        <emphasis role="italic"> ten laste gelegde</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Met de officier van justitie en de verdediging is de rechtbank van oordeel dat het <emphasis role="underline">primair</emphasis> ten laste gelegde niet kan worden bewezen. </para>
      <para>Uit de bewijsmiddelen in het dossier volgt niet dat verdachte aangever op een dusdanige manier heeft mishandeld dat er een aanmerkelijke kans bestond dat aangever hierdoor had kunnen komen te overlijden. Verdachte zal hiervan worden vrijgesproken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De officier van justitie heeft gesteld dat wettig en overtuigend bewezen kan worden dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het <emphasis role="underline">subsidiair</emphasis> ten laste gelegde door aangever te slaan met een moersleutel.</para>
      <para>De rechtbank acht ook dit feit niet bewezen. Verdachte heeft ontkend dat hij aangever met de moersleutel heeft geslagen. Aangever heeft bij de politie verklaard dat hij ‘vermoedelijk’ met de moersleutel is geslagen maar het niet heeft gezien. Bij de rechter-commissaris heeft aangever verklaard dat hij niet weet hoe verdachte hem heeft geslagen. Getuige [getuige 1] heeft bij de rechter-commissaris verklaard dat zij niet weet of verdachte de moersleutel in zijn handen had toen hij aangever sloeg. En ook getuige [getuige 2] heeft niet gezien dat verdachte een moersleutel of iets wat daarop leek in zijn handen had toen hij aangever sloeg. Op de moersleutel zijn weliswaar rode vlekken aangetroffen die op geronnen bloed leken, maar het openbaar ministerie heeft dit niet nader onderzocht. Daarbij komt dat verdachte tijdens de vernieling van de auto gewond is geraakt aan zijn hand, en het bloed ook van hem afkomstig zou kunnen zijn. </para>
      <para>Dat verdachte met de moersleutel aangever heeft geslagen, blijkt verder ook niet uit het letsel van aangever, of uit andere bewijsmiddelen in het dossier. </para>
      <para>In het dossier bevindt zich verder onvoldoende om te concluderen dat het slaan en schoppen van aangever door verdachte op een dusdanige manier heeft plaatsgevonden dat er een aanmerkelijke kans was op zwaar lichamelijk letsel. Verdachte zal daarom worden vrijgesproken van het subsidiair ten laste gelegde.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ten aanzien van het <emphasis role="underline">meer subsidiair</emphasis> ten laste gelegde is er sprake van een bekennende verdachte als bedoeld in artikel 359 derde lid, laatste zin van het Wetboek van Strafvordering en daarom wordt volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bewijsmiddelen:</para>
    </parablock>
    <para>- het proces-verbaal van aangifte van [benadeelde] , p. 29-30, voor zover [benadeelde] verklaard door verdachte tegen zijn hoofd en bovenlichaam te zijn geslagen en getrapt.;</para>
    <para>- de verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting van 2 september 2020.</para>
    <para>- het proces-verbaal van verhoor van [getuige 2] p. 45.</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Feit 2</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Vrijspraak van het </emphasis>
        <emphasis role="underline italic">primair</emphasis>
        <emphasis role="italic"> ten laste gelegde</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Met de officier van justitie en de verdediging is de rechtbank van oordeel dat het <emphasis role="underline">primair</emphasis> ten laste gelegde niet kan worden bewezen. In het dossier bevinden zich onvoldoende bewijsmiddelen dat het inslaan van de ramen van aangevers auto zwaar lichamelijk letsel had kunnen veroorzaken. Verdachte zal van dit feit worden vrijgesproken. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Ten aanzien van het subsidiair ten laste gelegde</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">De feiten</emphasis>
      </para>
      <para>Op grond van de bewijsmiddelen wordt het volgende, dat verder ook niet ter discussie staat, vastgesteld.</para>
      <para>Op 18 maart heeft verdachte in Ede met een moersleutel de ruiten van een personenauto (kenteken [kenteken] ) ingeslagen. Op dat moment zat aangever [benadeelde] in die auto.<footnote-ref linkend="_78fa315f-a254-439f-a58f-3a6659637996" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft gesteld dat wettig en overtuigend bewezen kan worden dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het mishandeling van aangever en beschadiging van diens auto.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para>De verdediging stelt dat alleen de vernieling kan worden bewezen. Voor de mishandeling dient volgens de verdediging vrijspraak te volgen, omdat uit het dossier onvoldoende is vast te stellen dat aangever verwondingen heeft opgelopen door rondvliegende glassplinters. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Beoordeling door de rechtbank </emphasis>
      </para>
      <para>Aangever heeft verklaard dat hij glassplinters in zijn gezicht voelde toen verdachte de autoruiten insloeg.<footnote-ref linkend="_fa8e2fe6-51e1-4ffe-8902-051bf9631e24" /> Getuige [getuige 1] , die ook in de auto zat, heeft verklaard dat er glassplinters op haar zijn gekomen en dat zij daardoor bloedde.<footnote-ref linkend="_da624ffb-f568-45a1-8893-b07c0f2e7157" /> De rechtbank concludeert daaruit dat aangever in ieder geval is geraakt door rondvliegende glassplinters als gevolg van het vernielen van de autoruiten. </para>
      <para>In het dossier bevinden zich foto’s van de armen van aangever waarop verse snijwondjes te zien zijn.<footnote-ref linkend="_f3c81477-0e39-4a08-9020-8828fff5d686" /> Deze verwondingen passen niet bij een aanval met vuistslagen maar wel bij rondvliegende glassplinters. Gelet op de situatie, waarin aangever in de auto zat terwijl verdachte de autoruiten insloeg, was sprake van een aanmerkelijke kans dat aangever door rondvliegend glas zou worden geraakt, en heeft verdachte die kans op dat gevolg ook bewust aanvaard, zodat sprake is van opzet. De rechtbank acht daarom naast de vernieling ook de mishandeling door die vernieling bewezen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ten aanzien van de <emphasis role="underline">feiten 3 en 4</emphasis> is er sprake van een bekennende verdachte als bedoeld in artikel 359 derde lid, laatste zin van het Wetboek van Strafvordering en daarom wordt volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bewijsmiddelen:</para>
      <para>Feit 3:</para>
    </parablock>
    <para>- het proces-verbaal van aangifte van [benadeelde] , p. 29-30;</para>
    <para>- de verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting van 2 september 2020.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Feit 4:</para>
    </parablock>
    <para>- het proces-verbaal onderzoek wapen, p. 48-52;</para>
    <para>- de verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting van 2 september 2020.</para>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Bewezenverklaring</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Naar het oordeel van de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het onder 1 meer subsidiair, 2 subsidiair, 3 en 4 tenlastegelegde heeft begaan, te weten dat: </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>1.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op <emphasis role="strike-through">of omstreeks</emphasis> 18 maart 2020 te Ede<?linebreak?>[benadeelde] heeft mishandeld door die [benadeelde] meermalen<emphasis role="strike-through">,althans eenmaal: </emphasis><?linebreak?><emphasis role="strike-through">- met een (metalen) moersleutel, althans met een hard en/of stevig voorwerp, in/op/tegen het gezicht en/of het hoofd en/of het (boven-)lichaam te slaan (terwijl die [benadeelde] op de grond/straat lag), en/of</emphasis><?linebreak?>- in/op/tegen het gezicht en/of het hoofd en/of het (boven-)lichaam te trappen, en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis><?linebreak?>- in/op/tegen het gezicht en/of het hoofd en/of het (boven-)lichaam te stompen <emphasis role="strike-through">en/of te slaan</emphasis> (terwijl die [benadeelde] op de grond/straat lag);<?linebreak?></para>
    </parablock>
    <para>2.<?linebreak?>hij op <emphasis role="strike-through">of omstreeks</emphasis> 18 maart 2020 te Ede<?linebreak?>[benadeelde] heeft mishandeld door </para>
    <para>- <emphasis role="strike-through">een of</emphasis> meerdere ruit<emphasis role="strike-through">(</emphasis>en<emphasis role="strike-through">)</emphasis> van een personenauto (kenteken [kenteken] ) met een <emphasis role="strike-through">(</emphasis>metalen<emphasis role="strike-through">)</emphasis> moersleutel<emphasis role="strike-through">, althans met een hard en/of stevig voorwerp,</emphasis> in te slaan,<?linebreak?>- terwijl die [benadeelde] zich in voornoemde personenauto bevond <emphasis role="strike-through">en/of</emphasis> waardoor die [benadeelde] <emphasis role="strike-through">een of meerdere</emphasis> stukken glas en/of glasscherven <emphasis role="strike-through">in zijn gezicht en/of op/tegen het hoofd, althans op/</emphasis>tegen het lichaam kreeg;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis></para>
      <para>
        <?linebreak?>hij op of omstreeks 18 maart 2020 te Ede opzettelijk en wederrechtelijk een personenauto (kenteken [kenteken] ), <emphasis role="strike-through">in elk geval enig goed,</emphasis> die <emphasis role="strike-through">geheel of ten dele </emphasis>aan een ander, te weten aan [benadeelde] toebehoorde, heeft <emphasis role="strike-through">vernield,</emphasis> beschadigd<emphasis role="strike-through">, onbruikbaar gemaakt en/of weggemaakt;</emphasis></para>
    </parablock>
    <para />
    <para>3.<?linebreak?>hij op <emphasis role="strike-through">of omstreeks</emphasis> 18 maart 2020 te Ede<?linebreak?>een wapen van categorie IV, onder 7 van de Wet wapens en munitie, te weten een <emphasis role="strike-through">(</emphasis>metalen<emphasis role="strike-through">)</emphasis> moersleutel zijnde een voorwerp waarvan, gelet op zijn aard en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> de omstandigheden waaronder het werd aangetroffen, redelijkerwijs kon worden aangenomen dat het bestemd was om letsel aan personen toe te brengen en/of te dreigen heeft gedragen;<?linebreak?></para>
    <para>4.<?linebreak?>hij op <emphasis role="strike-through">of omstreeks</emphasis> 18 maart 2020 te Ede een wapen van categorie II, onder 6 van de Wet wapens en munitie, te weten een busje pepperspray, zijnde een voorwerp bestemd voor het treffen van personen met giftige, verstikkende, weerloosmakende, traanverwekkende en soortgelijke stoffen voorhanden heeft gehad;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voor zover er in de tenlastelegging kennelijke taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn die fouten verbeterd. Verdachte is daardoor niet in zijn verdediging geschaad.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Wat meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard, is niet bewezen. </para>
      <para>Verdachte moet daarvan worden vrijgesproken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>De kwalificatie van het bewezenverklaarde</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het bewezenverklaarde levert op:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Ten aanzien van feit 1 meer subsidiair:</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">mishandeling</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Ten aanzien van feit 2 subsidiair:</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">mishandeling</emphasis>
      </para>
      <para>en</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">Opzettelijk en wederrechtelijk enig goed dat geheel of ten dele aan een ander toebehoort, vernielen</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Ten aanzien van feit 3:</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">handelen in strijd met artikel 27, eerste lid, van de Wet Wapens en Munitie</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Ten aanzien van feit 4:</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet Wapens en Munitie</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>De strafbaarheid van het feit</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De feiten zijn strafbaar.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>De strafbaarheid van de verdachte</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte is strafbaar, nu geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>7</nr>Overwegingen ten aanzien van straf en/of maatregel</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft geëist dat verdachte ter zake van het onder 1 subsidiair, 2 subsidiair en 4 tenlastegelegde zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 108 dagen met aftrek van de tijd in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, en ter zake van het onder 3 tenlastegelegde tot betaling van een geldboete ten bedrage van 200 euro, te vervangen door 4 dagen hechtenis.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para>De verdediging heeft verzocht een gevangenisstraf op te leggen die gelijk is aan de tijd dat verdachte in voorarrest heeft gezeten. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Beoordeling door de rechtbank</emphasis>
      </para>
      <para>De rechtbank heeft bij de bepaling van de op te leggen straf gelet op de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard, de omstandigheden waaronder dit is begaan, mede gelet op de persoon en de omstandigheden van de verdachte zoals van een en ander bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken, waarbij onder meer is gelet op:</para>
    </parablock>
    <para>- het uittreksel justitiële documentatie, gedateerd 20 juli 2020;</para>
    <para>- een voorlichtingsrapportage van Leger des Heils Jeugdbescherming &amp; Reclassering, gedateerd 6 augustus 2020;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank overweegt in het bijzonder het navolgende. </para>
      <para>Verdachte heeft een man van wie hij dacht dat deze een relatie had met zijn (ex)partner mishandeld en diens auto bewerkt met een moersleutel. Dit zijn ernstige feiten. Het slachtoffer heeft letsel opgelopen en moest zich in het ziekenhuis laten behandelen. De zaak heeft ook geestelijk een grote impact op het slachtoffer gehad. Een dergelijke geweldsuitbarsting, nota bene op een openbare parkeerplaats, zorgt bovendien voor angst en onrust in de maatschappij.</para>
      <para>Daarnaast had verdachte ook nog een busje pepperspray voorhanden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij het bepalen van de straf heeft de rechtbank aansluiting gezocht bij hetgeen doorgaans in vergelijkbare gevallen word opgelegd. Gelet daarop, gelet op het feit dat verdachte first offender is en nu de rechtbank minder bewezen acht dan de officier van justitie, vindt de rechtbank een gevangenisstraf voor deze feiten niet op zijn plaats en zal zij aan verdachte een werkstraf opleggen van na te noemen duur. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ten aanzien van feit 3, de overtreding, zal de rechtbank de officier van justitie volgen in haar eis. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De in beslag genomen en nog niet teruggegeven moersleutel, met behulp waarvan het onder 2 bewezenverklaarde is begaan, en de pepperspray, met betrekking tot welk het onder feit 4 bewezenverklaarde is begaan, dienen te worden onttrokken aan het verkeer, aangezien zij van zodanige aard zijn dat het ongecontroleerde bezit daarvan in strijd is met het algemeen belang en de wet.</para>
      <para>Nu zich geen strafvorderlijk belang daartegen verzet, zal de teruggave worden gelast van de tracker, de headset en de telefoon aan de veroordeelde.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">7a. 	De beoordeling van de civiele vordering(en), alsmede de gevorderde oplegging van de schadevergoedingsmaatregel</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De benadeelde partij [benadeelde] heeft zich in het strafproces gevoegd ter verkrijging van schadevergoeding ter zake van de onder 1 en 2 bewezenverklaarde feiten. Ter terechtzitting heeft de raadsvrouw van de benadeelde partij de schriftelijke vordering gewijzigd aangezien de schade aan de auto is vergoed door de verzekering. Gevorderd wordt een bedrag van </para>
      <para>€ 3.109,39, waarvan € 2.500,- immateriële schade betreft. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft geconcludeerd tot toewijzing van de vordering.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para>De verdediging heeft gesteld dat de immateriële schade, de telefoonkosten en de afsleepkosten niet kunnen worden toegewezen nu deze onvoldoende zijn onderbouwd. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Beoordeling door de rechtbank </emphasis>
      </para>
      <para>Naar het oordeel van de rechtbank zijn de medische kosten, de afsleepkosten, de reiskosten en de telefoonkosten voldoende onderbouwd. Deze kosten zullen worden toegewezen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verder is voldoende komen vast te staan dat aan de benadeelde partij door het bewezen verklaarde immateriële schade is toegebracht. De rechtbank maakt gebruik van haar schattingsbevoegdheid en acht de vordering, op basis van de gebleken feiten en omstandigheden en rekening houdend met de schadevergoeding die in soortgelijke zaken is toegewezen, toewijsbaar voor een bedrag van € 1.000,-.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit betekent dat in totaal een bedrag van € 1.609,33 wordt toegewezen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Wat betreft het meer of anders gevorderde zal de benadeelde partij zal niet-ontvankelijk verklaard worden in haar vordering. De benadeelde partij kan derhalve haar vordering alsnog aanbrengen bij de burgerlijke rechter.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Gelet op het vorenstaande, ziet de rechtbank aanleiding om aan verdachte op basis van het bepaalde in artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht de verplichting op te leggen tot betaling aan de Staat van het toe te wijzen bedrag ten behoeve van genoemde benadeelde partij.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De gevorderde wettelijke rente is toewijsbaar vanaf 18 maart 2020.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>8</nr>De toegepaste wettelijke bepalingen</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De beslissing is gegrond op de artikelen 22c, 22d, 36f, 57, 62, 300 en 350 van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 26, 27, 54 en 55 van de Wet wapens en munitie. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>9</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para> Spreekt verdachte vrij van de onder 1 primair en subsidiair en 2 primair tenlastegelegde feiten.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para> verklaart bewezen dat verdachte de overige tenlastegelegde feiten, zoals vermeld onder punt 3, heeft begaan;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para> verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven bewezen is verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para> verstaat dat het aldus bewezenverklaarde oplevert de strafbare feiten zoals vermeld onder punt 4;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para> verklaart verdachte hiervoor strafbaar;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para> veroordeelt verdachte wegens het onder 1, 2 en 4 bewezenverklaarde tot </para>
    </parablock>
    <para />
    <para> een <emphasis role="bold">taakstraf </emphasis>gedurende <emphasis role="bold">150 (honderdvijftig) uren</emphasis>, met bevel dat indien deze straf niet naar behoren wordt verricht vervangende hechtenis zal worden toegepast voor de duur 75 (vijfenzeventig) dagen;</para>
    <para />
    <para> beveelt dat voor de tijd die door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van de werkstraf in verzekering en voorlopige hechtenis is doorgebracht, bij de uitvoering van die straf uren in mindering worden gebracht volgens de maatstaf dat per dag in verzekering doorgebracht 2 uur in mindering wordt gebracht;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para> veroordeelt verdachte wegens het onder 3 bewezenverklaarde tot </para>
    </parablock>
    <para />
    <para> een <emphasis role="bold">geldboete</emphasis> van <emphasis role="bold">€ 200,- (tweehonderd euro)</emphasis>, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door <emphasis role="bold">4 dagen hechtenis</emphasis>;</para>
    <para />
    <para> beveelt de <emphasis role="bold">onttrekking aan het verkeer</emphasis> van de in beslag genomen, nog niet teruggegeven voorwerpen, te weten een moersleutel en een bus pepperspray;</para>
    <para />
    <para> gelast de <emphasis role="bold">teruggave</emphasis> van de in beslag genomen, nog niet teruggegeven voorwerpen aan veroordeelde, te weten: een tracker, een headset en een telefoon.</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para> <emphasis role="bold">De beslissing op de vordering van de benadeelde partij [benadeelde] .</emphasis></para>
    </parablock>
    <para />
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>veroordeelt verdachte ten aanzien van de feiten 1 en 2 tot betaling van <emphasis role="bold">schadevergoeding</emphasis> aan de <emphasis role="bold">benadeelde partij [benadeelde]</emphasis> van een bedrag van <emphasis role="bold">€ 1.609,33 (duizendzeshonderdennegen euro en drieëndertig cent)</emphasis>, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 18 maart 2020 tot aan de dag der algehele voldoening en met betaling van de kosten van het geding en de tenuitvoerlegging door de benadeelde partij gemaakt, tot op heden begroot op nihil;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>verklaart de <emphasis role="bold">benadeelde partij [benadeelde] voor het overige niet-ontvankelijk</emphasis> in de vordering;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>legt aan veroordeelde de <emphasis role="bold">verplichting</emphasis> op <emphasis role="bold">om aan de Staat</emphasis>, ten behoeve van de benadeelde partij [benadeelde] een bedrag <emphasis role="bold">te betalen van € 1.609,33 (duizendzeshonderdennegen euro en drieëndertig cent)</emphasis>, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 18 maart 2020, tot aan de dag der algehele voldoening, met bepaling dat bij gebreke van betaling en verhaal van de hoofdsom 26 dagen gijzeling zal kunnen worden toegepast zonder dat de betalingsverplichting vervalt;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>bepaalt dat, indien veroordeelde heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de Staat daarmee de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij in zoverre komt te vervallen en andersom dat, indien veroordeelde heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij daarmee de verplichting tot betaling aan de Staat in zoverre komt te vervallen;</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="3">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <colspec colname="colC" />
        <tbody>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Dit vonnis is gewezen door mr. J.J.H. van Laethem (voorzitter), mr. R.S. Croll en mr. A. Tegelaar rechters, in tegenwoordigheid van mr. C.T.P.M. van Aarssen, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 16 september 2020.</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
  <footnote id="_4a1eee0a-c6b3-4fdc-b342-4bc002d212ae" label="1">
    <para> Het bewijs is terug te vinden in het in de wettelijke vorm door [verbalisant] van de politie Oost Nederland, district Gelderland-Midden opgemaakte proces-verbaal, dossiernummer PL 0600-2020123023 gesloten op 28 april 2020 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_78fa315f-a254-439f-a58f-3a6659637996" label="2">
    <para> Proces-verbaal van aangifte, p. 29; verklaring verdachte ter terechtzitting van 2 september 2020.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_fa8e2fe6-51e1-4ffe-8902-051bf9631e24" label="3">
    <para> Proces-verbaal van aangifte, p. 29. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_da624ffb-f568-45a1-8893-b07c0f2e7157" label="4">
    <para> Proces-verbaal van verhoor [getuige 1] bij de rechter-commissaris, p. 5.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_f3c81477-0e39-4a08-9020-8828fff5d686" label="5">
    <para> Foto’s, p. 34 en 35.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>