<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBGEL:2020:3437</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-07-15T15:01:11</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-07-14</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Gelderland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Gelderland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2020-07-15</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">7827787</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#opTegenspraak">Op tegenspraak</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Arnhem</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2020:3437">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2020:3437</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-07-15T15:00:56</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-07-15</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBGEL:2020:3437 Rechtbank Gelderland , 15-07-2020 / 7827787</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBGEL:2020:3437:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Dakreparatie. Vordering tot betaling gecedeerd aan eiser. Verweer dat contant is betaald is gegrond. Vordering in reconventie tot schadevergoeding wegens tekortkoming kan niet tegen cedent worden ingesteld. Geen beroep op verrekening gedaan.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBGEL:2020:3437:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>vonnis</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">RECHTBANK GELDERLAND</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team kanton en handelsrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Arnhem</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaakgegevens	7827787 \ CV EXPL 19-7233 \ 398</para>
      <para>uitspraak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [eiser]
        </emphasis>
      </para>
      <para>h.o.d.n. [bedrijfsnaam]</para>
      <para>wonende te [woonplaats]</para>
      <para>eiser in conventie</para>
      <para>verweerder in reconventie</para>
      <para>procederend in persoon</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [gedaagde]
        </emphasis>
      </para>
      <para>wonende te [woonplaats]</para>
      <para>gedaagde in conventie</para>
      <para>eiser in reconventie</para>
      <para>gemachtigde: J.A.M. Drinkenburg (DAS Nederlandse Rechtsbijstand Verzekeringsmaatschappij N.V.)</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Partijen worden hierna [eiser] en [gedaagde] genoemd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1</nr>
      <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
      <para>- het tussenvonnis van 5 februari 2020 (hierna: het tussenvonnis)</para>
      <para>- de akte van [eiser] van 4 maart 2020</para>
      <para>- de akte van [gedaagde] van 1 april 2020.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2</nr>
      <para>Vervolgens is vonnis bepaald.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>2</nr>De verdere beoordeling in conventie</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1</nr>
      <para>De kantonrechter blijft bij hetgeen in het tussenvonnis is overwogen en beslist. Daarin werd voorshands bewezen geoordeeld dat [gedaagde] de overeengekomen prijs van € 4.000,- contant aan Dakonderhoud Utrecht heeft betaald. [eiser] is vervolgens toegelaten tot het leveren van tegenbewijs.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2</nr>
      <para>
        [eiser] heeft hierover in zijn akte enkel gezegd dat de mondelinge afspraak, waarop hij zich beroept en waarin in afwijking van de werkopdracht zou zijn overeengekomen dat betaling per bankoverboeking zou plaatsvinden, helaas niet is vastgelegd op een geluidsdrager. Daarmee is het onder 2.1 weergegeven bewijsvermoeden niet ontzenuwd en ook overigens is niet gebleken van enige afspraak als door [eiser] gesteld, zodat de contante betaling van € 4.000,- is komen vast te staan.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3</nr>
      <para>De vordering van [eiser] zal daarom worden afgewezen, met veroordeling van [eiser] in de kosten van de procedure als hierna weer te geven. </para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>3</nr>De verdere beoordeling in reconventie</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1</nr>
      <para>Met de vordering in reconventie ziet [gedaagde] eraan voorbij dat [eiser] niet zijn schuldenaar is. Weliswaar is de vordering tot betaling van de aanneemsom door Dakonderhoud Utrecht aan [eiser] gecedeerd, maar het is toch echt Dakonderhoud Utrecht die [gedaagde] wegens wanprestatie tot schadevergoeding zal moeten aanspreken. Weliswaar behoudt [gedaagde] bij cessie zijn verweermiddelen tegen de vordering (art. 6:145 BW) en kan hij onder omstandigheden zelfs tot verrekening overgaan tegenover [eiser] van een vordering op Dakonderhoud Utrecht (art. 6:130 BW), een vordering tot schadevergoeding wegens wanprestatie dient [gedaagde] te richten tegen de degene met wie hij de overeenkomst tot reparatie van de daken is aangegaan (zie ook Asser 6-II, tweede gedeelte, nr. 264). </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2</nr>
      <para>De vordering zal daarom worden afgewezen, met veroordeling van [gedaagde] in de kosten van de procedure.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3</nr>
      <para>
        [gedaagde] doet geen beroep op verrekening. Door dat wel te doen zou hij (immers) de vordering van [eiser] erkennen. Het gevolg van de verrekening zou overigens ongeveer op hetzelfde neerkomen als het resultaat van deze beide procedures tezamen.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="smallcaps">in conventie:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1</nr>
      <para>wijst de vordering af;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2</nr>
      <para>veroordeelt [eiser] in de kosten van de procedure, tot dit vonnis aan de zijde van [gedaagde] bepaald op € 480,- voor salaris van de gemachtigde, vermeerderd met de wettelijke rente daarover vanaf veertien dagen na betekening van dit vonnis, voor zover dan niet aan deze veroordeling zal zijn voldaan;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3</nr>
      <para>verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad;</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="smallcaps">in reconventie:</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.4</nr>
      <para>wijst de vordering af;</para>
      <para />
      <para />
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.5</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagde] in de kosten van de procedure, tot dit vonnis aan de zijde van [eiser] bepaald op € 240,- voor salaris van de gemachtigde.</para>
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit vonnis is gewezen door de kantonrechter mr. R.J.J. van Acht en uitgesproken in het openbaar op</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>