<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBGEL:2019:4171</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2019-09-17T13:32:06</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2019-09-17</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Gelderland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Gelderland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2019-09-17</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">05/841158-17 + 05/243487-18</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Arnhem</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2019:4171">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2019:4171</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2019-09-17T11:21:09</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2019-09-17</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBGEL:2019:4171 Rechtbank Gelderland , 17-09-2019 / 05/841158-17 + 05/243487-18</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBGEL:2019:4171:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Aanwezig hebben van GHB, flesjes hennepolie, hennep en wapen. Rijden onder invloed en voorhanden hebben van een nabootsing van een vuurwapen. Voorwaardelijke gevangenisstraf van 12 maanden met proeftijd 2 jaar. Werkstraf 180 uren, 90 dagen vervangende hechtenis. Ontzegging rijbevoegdheid 12 maanden, waarvan 9 maanden voorwaardelijk.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBGEL:2019:4171:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">RECHTBANK GELDERLAND</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Arnhem</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummers	: 05/841158-17 + 05/243487-18 (gev. ttz)</para>
      <para>Datum uitspraak	: 17 september 2019</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegenspraak</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van de meervoudige kamer</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">de officier van justitie</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte]
        </emphasis>
      </para>
      <para>geboren op [geboortedag] 1964 te [geboortedatum] , </para>
      <para>wonende te [adres]</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 3 september 2019.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De inhoud van de tenlastelegging</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan verdachte is ten aanzien van <emphasis role="bold">parketnummer 05/841158-17</emphasis> ten laste gelegd dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>1.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij in of omstreeks de periode van 19 juli 2016 tot en met 25 juli 2017 te Heveadorp, gemeente Renkum, en/of te Heelsum, gemeente Renkum, in elk geval in Nederland, al dan niet in de uitoefening van een beroep of bedrijf,  meermalen, althans eenmaal, opzettelijk heeft bereid en/of bewerkt en/of verwerkt en/of verkocht en/of afgeleverd en/of verstrekt en/of vervoerd, in </para>
      <para>elk geval opzettelijk aanwezig heeft gehad, een (grote) hoeveelheid, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende 4-hydroxyboterzuur (GHB), zijnde 4-hydroxyboterzuur (GHB) een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>2.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij in of omstreeks de periode van 19 juli 2016 tot en met 25 juli 2017 te Heveadorp, gemeente Renkum, en/of te Heelsum, gemeente Renkum, in elk geval in Nederland, al dan niet in de uitoefening van een beroep of bedrijf, opzettelijk aanwezig heeft gehad ongeveer 8039 milliliter, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende 4-hydroxyboterzuur (GHB), zijnde 4-hydroxyboterzuur (GHB) een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet; </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>3.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op of omstreeks 25 juli 2017 te Heveadorp, gemeente Renkum, in elk geval in Nederland opzettelijk aanwezig heeft gehad ongeveer 190 milliliter, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende hennepolie, zijnde hennepolie een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>4.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op of omstreeks 25 juli 2017 te Heveadorp, gemeente Renkum, in elk geval in Nederland, opzettelijk aanwezig heeft gehad ongeveer 1560 gram, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende hennep, zijnde hennep een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst II, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>5.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op of omstreeks 25 juli 2017 te Heveadorp, gemeente Renkum, in elk geval in Nederland, een of meer wapens van categorie III, te weten een geweer (merk: [merk 1] ), en/of munitie van categorie III, te weten een patroon (merk/type: [merk 2] ), voorhanden heeft gehad.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voorts is aan verdachte, na een door de rechtbank toegewezen vordering wijziging tenlastelegging, ten aanzien van <emphasis role="bold">parketnummer 05/243487-18</emphasis>, ten laste gelegd dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>1. </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op of omstreeks 22 september 2018 te Renkum als bestuurder van een voertuig, (personen)auto, dit voertuig heeft bestuurd, terwijl hij verkeerde onder zodanige invloed van (een) stof(fen), te weten</para>
    </parablock>
    <para />
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>amfetamine en/of;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>methamfetamine en/of;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>4-hydroxybutaanzuur/gamma-butyrolacton (GHB)</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>waarvan hij wist of redelijkerwijs moest weten, dat het gebruik daarvan – al dan niet in combinatie met het gebruik van een andere stof – de rijvaardigheid kon verminderen, dat hij niet tot behoorlijk besturen in staat moest worden geacht;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>2.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op of omstreeks 22 september 2018 te Renkum opzettelijk aanwezig heeft gehad ongeveer 646 milliliter, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende 4-hydroxybutaanzuur/gamma-butyrolacton (GHB) en/of ongeveer 0,15 gram, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende amfetamine, zijnde 4-hydroxybutaanzuur/gamma-butyrolacton (GHB) en/of amfetamine (telkens) een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>3.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op of omstreeks 22 september 2018 te Renkum een wapen van categorie I, onder 7◦ van de Wet wapens en munitie, te weten een nabootsing van een vuurwapen, zijnde een voorwerp dat voor wat betreft zijn vorm en afmetingen een sprekende gelijkenis vertoonde met een bestaand wapen (te weten een pistool van het merk [merk 3] ), voorhanden heeft gehad. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>2</nr>Overwegingen ten aanzien van het bewijs</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">Ten aanzien van parketnummer 05/841158-17</emphasis>
        <footnote-ref linkend="_76ae8d95-5520-4d3e-b34d-5de3d2472d34" />
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft verzocht verdachte vrij te spreken van feit 1, aangezien er voor dit feit onvoldoende bewijs is. Ten aanzien van feit 2 stelt de officier van justitie zich op het standpunt dat wettig en overtuigend kan worden bewezen dat verdachte 3145 milliliter GHB aanwezig heeft gehad. Zij heeft verder verzocht verdachte vrij te spreken van feit 3, omdat er sprake is van bewijsmateriaal dat door een onrechtmatige doorzoeking is verkregen en daarom moet worden uitgesloten van het bewijs. De verbalisanten hebben na binnentreding in de woning enkele keukenkastjes geopend en daar hennepolie aangetroffen, terwijl er geen machtiging doorzoeking was afgegeven. Voor wat betreft feit 4 stelt de officier van justitie zich op standpunt dat bewezen kan worden dat verdachte 1513 gram hennep aanwezig heeft gehad. Zij heeft tot slot gesteld dat wettig en overtuigend bewezen kan worden geacht dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan feit 5. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Beoordeling door de rechtbank </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Ten aanzien van feit 1</emphasis>
      </para>
      <para>Met de officier van justitie is de rechtbank van oordeel dat de enkele verklaring van verdachte onvoldoende is om tot een bewezenverklaring te komen van het aan hem tenlastegelegde. De rechtbank zal verdachte, nu ander bewijs ontbreekt, daarom van dit feit vrij spreken. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Ten aanzien van feit 2</emphasis>
      </para>
      <para>Er is sprake van een bekennende verdachte als bedoeld in artikel 359 derde lid, laatste zin van het Wetboek van Strafvordering en daarom wordt volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bewijsmiddelen:</para>
    </parablock>
    <para>- het proces-verbaal van bevindingen, p. 6 e.v.;</para>
    <para>- het proces-verbaal onderzoek verdovende middelen, p. 15 e.v.;</para>
    <para>- de verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting van 3 september 2019.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Ten aanzien van feit 3</emphasis>
      </para>
      <para>De rechtbank is, anders dan de officier van justitie, van oordeel dat er niet sprake is geweest van een onrechtmatige doorzoeking van de woning waardoor de aangetroffen hennepolie zou moeten worden uitgesloten van het bewijs. Uit het dossier kan worden afgeleid dat de woning niet stelselmatig en gericht is onderzocht op de aanwezigheid van voor inbeslagneming vatbare voorwerpen. De aanwezigheid van de politie in de woning heeft circa 15 minuten geduurd en gedurende die tijd is een keukenlade onder het fornuis geopend waarin de flesjes hennepolie zijn aangetroffen. In dat fornuis waren kort daarvoor, als gevolg van een sterke hennepgeur, hennep en GHB aangetroffen. Bij dit onderzoek is verder ook niets verbroken. Het onderzoek was aldus eenvoudig en weinig ingrijpend van aard ook in relatie tot de bekennende proceshouding van verdachte.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Er is sprake van een bekennende verdachte als bedoeld in artikel 359 derde lid, laatste zin van het Wetboek van Strafvordering en daarom wordt volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bewijsmiddelen:</para>
    </parablock>
    <para>- het proces-verbaal van bevindingen, p. 6 e.v.;</para>
    <para>- het proces-verbaal onderzoek verdovende middelen, p. 15 e.v.;</para>
    <para>- de verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting van 3 september 2019.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Ten aanzien van feit 4</emphasis>
      </para>
      <para>Er is sprake van een bekennende verdachte als bedoeld in artikel 359 derde lid, laatste zin van het Wetboek van Strafvordering en daarom wordt volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bewijsmiddelen:</para>
    </parablock>
    <para>- het proces-verbaal van bevindingen, p. 6 e.v.;</para>
    <para>- het proces-verbaal onderzoek verdovende middelen, p. 15 e.v.;</para>
    <para>- de verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting van 3 september 2019.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Ten aanzien van feit 5</emphasis>
      </para>
      <para>Er is sprake van een bekennende verdachte als bedoeld in artikel 359 derde lid, laatste zin van het Wetboek van Strafvordering en daarom wordt volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bewijsmiddelen:</para>
    </parablock>
    <para>- het proces-verbaal van bevindingen, p. 6 e.v.;</para>
    <para>- het proces-verbaal onderzoek wapen, p. 22 e.v.;</para>
    <para>- de verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting van 3 september 2019.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">Ten aanzien van parketnummer 05/243487-18</emphasis>
        <footnote-ref linkend="_624b8651-8005-481e-a925-41588df676af" />
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft gesteld dat wettig en overtuigend bewezen kan worden geacht dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan alle drie de tenlastegelegde feiten. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Beoordeling door de rechtbank </emphasis>
      </para>
      <para>Er is ten aanzien van alle drie de tenlastegelegde feiten sprake van een bekennende verdachte als bedoeld in artikel 359 derde lid, laatste zin van het Wetboek van Strafvordering en daarom wordt per feit volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bewijsmiddelen ten aanzien van feit 1:</para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>het proces-verbaal rijden onder invloed, p. 27 e.v.;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>het rapport drugs in het verkeer d.d. 18 oktober 2018 van het Labor Mönchengladbach, p. 36-38;  </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting van 3 september 2019.</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bewijsmiddelen ten aanzien van feit 2:</para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>het proces-verbaal van aanhouding, p. 7-8;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>het proces-verbaal onderzoek verdovende middelen, p. 23-25;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting van 3 september 2019.</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bewijsmiddelen ten aanzien van feit 3:</para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>het proces-verbaal van bevindingen, p. 20;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>het proces-verbaal onderzoek wapen, p. 41;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting van 3 september 2019.</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Bewezenverklaring</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Naar het oordeel van de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het onder feit 2, 3 en 4 en 5 van parketnummer 05/8441158-17 en feit 1, 2 en 3 van parketnummer 05/243487-18 tenlastegelegde heeft begaan, te weten dat: </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Ten aanzien van parketnummer 05/841158-17:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>2.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op <emphasis role="strike-through">of omstreeks de periode van 19 juli 2016 tot en met </emphasis>25 juli 2017 te Heveadorp, gemeente Renkum, <emphasis role="strike-through">en/of te Heelsum, gemeente Renkum, in elk geval in Nederland, al dan niet in de uitoefening van een beroep of bedrijf,</emphasis> opzettelijk aanwezig heeft gehad <emphasis role="strike-through">ongeveer </emphasis>3145 milliliter, <emphasis role="strike-through">in elk geval een hoeveelheid </emphasis>van een materiaal bevattende 4-hydroxyboterzuur (GHB), zijnde 4-hydroxyboterzuur (GHB) een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>3.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op <emphasis role="strike-through">of omstreeks</emphasis> 25 juli 2017 te Heveadorp, gemeente Renkum, <emphasis role="strike-through">in elk geval in Nederland</emphasis> opzettelijk aanwezig heeft gehad ongeveer 190 milliliter, <emphasis role="strike-through">in elk geval een hoeveelheid </emphasis>van een materiaal bevattende hennepolie, zijnde hennepolie een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>4.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op <emphasis role="strike-through">of omstreeks</emphasis> 25 juli 2017 te Heveadorp, gemeente Renkum, <emphasis role="strike-through">in elk geval in Nederland,</emphasis> opzettelijk aanwezig heeft gehad <emphasis role="strike-through">ongeveer</emphasis> 1531 gram, <emphasis role="strike-through">in elk geval een hoeveelheid</emphasis> van een materiaal bevattende hennep, zijnde hennep een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst II, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>5.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op <emphasis role="strike-through">of omstreeks</emphasis> 25 juli 2017 te Heveadorp, gemeente Renkum, <emphasis role="strike-through">in elk geval in Nederland,</emphasis> een <emphasis role="strike-through">of meer</emphasis> wapen<emphasis role="strike-through">s</emphasis> van categorie III, te weten een geweer (merk: [merk 1] ), en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> munitie van categorie III, te weten een patroon (merk/type: [merk 2] ), voorhanden heeft gehad.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Ten aanzien van parketnummer 05/243487-18:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>1. </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op <emphasis role="strike-through">of omstreeks</emphasis> 22 september 2018 te Renkum als bestuurder van een voertuig, <emphasis role="strike-through">(</emphasis>personen<emphasis role="strike-through">)</emphasis>auto, dit voertuig heeft bestuurd, terwijl hij verkeerde onder zodanige invloed van <emphasis role="strike-through">(een)</emphasis> stof<emphasis role="strike-through">(</emphasis>fen<emphasis role="strike-through">)</emphasis>, te weten</para>
    </parablock>
    <para />
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>amfetamine en</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>methamfetamine en</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>4-hydroxybutaanzuur/gamma-butyrolacton (GHB)</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>waarvan hij wist of redelijkerwijs moest weten, dat het gebruik daarvan – al dan niet in combinatie met het gebruik van een andere stof – de rijvaardigheid kon verminderen, dat hij niet tot behoorlijk besturen in staat moest worden geacht;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>2.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op <emphasis role="strike-through">of omstreeks</emphasis> 22 september 2018 te Renkum opzettelijk aanwezig heeft gehad ongeveer 646 milliliter, <emphasis role="strike-through">in elk geval een hoeveelheid</emphasis> van een materiaal bevattende 4-hydroxybutaanzuur/gamma-butyrolacton (GHB) en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> ongeveer 0,15 gram, <emphasis role="strike-through">in elk geval </emphasis>een hoeveelheid van een materiaal bevattende amfetamine, zijnde 4-hydroxybutaanzuur/gamma-butyrolacton (GHB) en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> amfetamine <emphasis role="strike-through">(</emphasis>telkens<emphasis role="strike-through">)</emphasis> een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>3.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op <emphasis role="strike-through">of omstreeks</emphasis> 22 september 2018 te Renkum een wapen van categorie I, onder 7◦ van de Wet wapens en munitie, te weten een nabootsing van een vuurwapen, zijnde een voorwerp dat voor wat betreft zijn vorm en afmetingen een sprekende gelijkenis vertoonde met een bestaand wapen (te weten een pistool van het merk [merk 3] ), voorhanden heeft gehad. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voor zover er in de tenlastelegging kennelijke taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn die fouten verbeterd. Verdachte is daardoor niet in zijn verdediging geschaad.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Wat meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard, is niet bewezen. </para>
      <para>Verdachte moet daarvan worden vrijgesproken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>De kwalificatie van het bewezenverklaarde</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Parketnummer 05/841158-17:</emphasis>
      </para>
      <para>Het bewezenverklaarde levert op:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Ten aanzien van feit 2:</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">Opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 2 onder C van de Opiumwet gegeven verbod.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Ten aanzien van feit 3:</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">Opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 2 onder C van de Opiumwet gegeven verbod.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Ten aanzien van feit 4:</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">Opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 3 onder C van de Opiumwet gegeven verbod.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Ten aanzien van feit 5:</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">Handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie en het feit begaan met betrekking tot een vuurwapen van categorie III</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">en</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Parketnummer 05/243487-18:</emphasis>
      </para>
      <para>Het bewezenverklaarde levert op:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Ten aanzien van feit 1:</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">Overtreding van artikel 8 van de Wegenverkeerswet 1994.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Ten aanzien van feit 2:</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">Opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 2 onder C van de Opiumwet gegeven verbod, meermalen gepleegd.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Ten aanzien van feit 3:</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">Handelen in strijd met artikel 13, eerste lid, van de Wet wapens en munitie.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>De strafbaarheid van het feit</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De feiten zijn strafbaar.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>De strafbaarheid van de verdachte</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte is strafbaar, nu geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>7</nr>Overwegingen ten aanzien van straf en/of maatregel</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft geëist dat verdachte ter zake van parketnummer 05/841158-17 het onder feit 2, 4 en 5 tenlastegelegde en parketnummer 05/243487-18 het onder feit 1, 2 en 3 tenlastegelegde zal worden veroordeeld tot het verrichten van 180 uren werkstraf. Daarnaast heeft de officier van justitie een gevangenisstraf voor de duur van 12 maanden geheel voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren geëist. De officier van justitie heeft geëist dat verdachte ter zake van parketnummer 05/243487-18 het onder feit 1 tenlastegelegde zal worden veroordeeld tot oplegging van een ontzegging van de rijbevoegdheid voor de duur van 12 maanden, waarvan 9 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdachte</emphasis>
      </para>
      <para>De verdachte heeft aangevoerd dat hij zijn werk niet kan voortzetten als aan hem een (deels) onvoorwaardelijke ontzegging van de rijbevoegdheid wordt opgelegd. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Beoordeling door de rechtbank</emphasis>
      </para>
      <para>De rechtbank heeft bij de bepaling van de op te leggen straf gelet op de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard, de omstandigheden waaronder dit is begaan, mede gelet op de persoon en de omstandigheden van de verdachte zoals van een en ander bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken, waarbij onder meer is gelet op het uittreksel justitiële documentatie, gedateerd 31 juli 2019 en een voorlichtingsrapportage van Reclassering Iriszorg van 2 september 2019.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft bij de straftoemeting in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte heeft meerdere soorten harddrugs voorhanden gehad, waaronder GHB. Het is een feit van algemene bekendheid dat harddrugs, zoals juist ook GHB, een ernstige bedreiging vormen voor de volksgezondheid. Bovendien is verdachte reeds in juli 2017 aangehouden voor het aanwezig hebben van harddrugs (bewezen verklaard onder parketnummer 05/841158-17) en heeft dit hem er niet van weerhouden om in september 2018 wederom harddrugs te bezitten (bewezen verklaard onder parketnummer 05/243487-18). Verdachte heeft zich van deze eerdere aanhouding klaarblijkelijk niets aangetrokken. Daarnaast heeft verdachte onder invloed van GHB een personenauto bestuurd, waarmee hij niet alleen zichzelf maar ook medeweggebruikers in gevaar heeft gebracht. De rechtbank neemt dit de verdachte zeer kwalijk. Uit de justitiële documentatie blijkt dat verdachte eerder in juli 2015 in Duitsland veroordeeld is voor illegale handel in verdovende middelen, waarvoor aan hem een voorwaardelijke gevangenisstraf van negen maanden is opgelegd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ter terechtzitting is gebleken dat verdachte een eigen woning heeft, inmiddels gestart is met een eigen bedrijf en bijna van het gebruik van GHB af is. De rechtbank wil deze positieve lijn in het leven van verdachte niet doorkruisen. Voor de bewezen verklaarde feiten worden doorgaans onvoorwaardelijke gevangenisstraffen opgelegd. Gelet op de persoonlijke omstandigheden van verdachte, is de rechtbank van oordeel dat aan verdachte nog een laatste kans gegeven moet worden. De rechtbank zal, alles afwegende, conform de eis van de officier van justitie, verdachte veroordelen tot een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 12 maanden, met een proeftijd van 2 jaren. Daarnaast zal de rechtbank verdachte veroordelen tot het verrichten van 180 uren werkstraf, te vervangen door 90 dagen hechtenis. Ook wordt aan verdachte voor het onder parketnummer 05/243487-18 feit 1 tenlastegelegde een ontzegging van de rijbevoegdheid voor de duur van 12 maanden, waarvan 9 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren opgelegd.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>8</nr>De toegepaste wettelijke bepalingen</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De beslissing is gegrond op de artikelen:</para>
      <para>14a, 14b, 14c, 14d, 22c, 22d, 57 van het Wetboek van Strafrecht;</para>
      <para>2, 3, 10 en 11 van de Opiumwet;</para>
      <para>13, 26 en 55 van de Wet Wapens en Munitie;</para>
      <para>8, 176 en 179 van de Wegenverkeerswet.</para>
    </parablock>
    <bridgehead role="bold">9. 	De beslissing</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verklaart bewezen dat verdachte het tenlastegelegde, zoals vermeld onder punt 3, heeft begaan;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven bewezen is verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verstaat dat het aldus bewezenverklaarde oplevert de strafbare feiten zoals vermeld onder punt 4;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verklaart verdachte hiervoor strafbaar;</para>
    </parablock>
    <para />
    <para> veroordeelt verdachte wegens het bewezenverklaarde tot:</para>
    <para />
    <para> een gevangenisstraf van <emphasis role="bold">12 (twaalf) maanden</emphasis> en bepaalt, dat deze gevangenisstraf, <emphasis role="bold">niet ten uitvoer zal worden gelegd</emphasis>, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, wegens niet nakoming van na te melden voorwaarde(n) voor het einde van de <emphasis role="bold">proeftijd</emphasis> die op <emphasis role="bold">twee jaren</emphasis> wordt bepaald;</para>
    <para />
    <para> dat de veroordeelde zich voor het einde daarvan niet zal schuldig maken aan een strafbaar feit;</para>
    <para />
    <para> een <emphasis role="bold">werkstraf </emphasis>gedurende <emphasis role="bold">180</emphasis> (honderdtachtig) <emphasis role="bold">uren</emphasis>, met bevel dat indien deze straf niet naar behoren wordt verricht vervangende hechtenis zal worden toegepast voor de duur van 90 (negentig) dagen;</para>
    <para />
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>ontzegt verdachte ten aanzien van het <emphasis role="bold">onder parketnummer 05/243487-18 feit 1 bewezen verklaarde</emphasis> de <emphasis role="bold">bevoegdheid motorrijtuigen</emphasis> te besturen voor de duur van <emphasis role="bold">12 (twaalf) maanden </emphasis></para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>bepaalt, dat een gedeelte van deze bijkomende straf groot <emphasis role="bold">9 (negen) maanden</emphasis>, <emphasis role="bold">niet ten uitvoer zal worden gelegd</emphasis>, tenzij de rechter later anders mocht gelasten op grond dat veroordeelde zich vóór het einde van een proeftijd van 2 jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="3">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <colspec colname="colC" />
        <tbody>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Dit vonnis is gewezen door mr. F.E. Venema (voorzitter), mr. L.C.P. Goossens en mr. J.M. Graat, rechters, in tegenwoordigheid van mr. K.M. Rokette, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 17 september 2019.</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
  <footnote id="_76ae8d95-5520-4d3e-b34d-5de3d2472d34" label="1">
    <para> Het bewijs is terug te vinden in het in de wettelijke vorm door verbalisant [naam 1] van de politie Eenheid Oost-Nederland, district Gelderland-Midden, opgemaakte proces-verbaal, dossiernummer PL0600-2017339795, gesloten op 24 oktober 2017 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_624b8651-8005-481e-a925-41588df676af" label="2">
    <para> Het bewijs is terug te vinden in het in de wettelijke vorm door verbalisant [naam 2] van de politie Eenheid Oost-Nederland, district Gelderland-Midden, opgemaakte proces-verbaal, dossiernummer PL0600-2018565433, gesloten op 16 december 2018 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>