<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBGEL:2018:636</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2018-02-14T12:18:11</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2018-02-13</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Gelderland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Gelderland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2018-02-13</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">05/740504-17 + 05/176755-16 (TUL)</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Zutphen</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2018:636">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2018:636</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2018-02-14T12:17:28</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2018-02-13</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBGEL:2018:636 Rechtbank Gelderland , 13-02-2018 / 05/740504-17 + 05/176755-16 (TUL)</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBGEL:2018:636:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Poging tot zware mishandeling van een 13-jarige jongen door een volwassene. Toepassing van artikel 43a van het Wetboek van Strafrecht (recidive).</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBGEL:2018:636:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">RECHTBANK GELDERLAND</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Zutphen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer	: 05/740504-17 + 05/176755-16 (TUL)</para>
      <para>Datum uitspraak	: 13 februari 2018</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegenspraak</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">vonnis van de meervoudige kamer</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">de officier van justitie bij het arrondissementsparket Oost-Nederland</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte]
        </emphasis>
      </para>
      <para>geboren op [geboortedatum 1] 1969 te [geboorteplaats] , </para>
      <para>wonende aan de [adres] [woonplaats] ,</para>
      <para>thans gedetineerd te P.I. Arnhem - HvB Arnhem Zuid te Arnhem</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>raadsman: mr. K. Kok, advocaat te Zwolle.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 30 januari 2018.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De inhoud van de tenlastelegging</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan verdachte is ten laste gelegd dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">primair:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op of omstreeks 14 oktober 2017 te Hattem, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, [slachtoffer] (14 jaar oud) opzettelijk zwaar lichamelijk letsel toe te brengen met dat opzet, die [slachtoffer] (nadat verdachte hem had geduwd en hij daardoor ten val was gekomen) met kracht meermalen, althans eenmaal, met de vuist op/tegen de schouders en/of het lichaam heeft geslagen en/of (terwijl die [slachtoffer] in een kwetsbare positie op de grond lag) meermalen, althans éénmaal, (met </para>
      <para>geschoeide voet) op/tegen het hoofd en/of het lichaam heeft getrapt en/of geschopt, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid, terwijl tijdens het plegen van het misdrijf nog geen vijf jaren zijn verlopen sedert een vroegere veroordeling tot gevangenisstraf wegens een daaraan soortgelijk misdrijf in kracht van gewijsde is gegaan (PR Arnhem 22/11/2016, ikvg 07/12/2016, 1 week vv gevangenisstraf ivm art. 300 Sr); </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">subsidiair:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op of omstreeks 14 oktober 2017 te Hattem [slachtoffer] (14 jaar oud) heeft mishandeld door die [slachtoffer] </para>
    </parablock>
    <para>- met forse kracht te duwen, waarna die [slachtoffer] ten val kwam en/of </para>
    <para>- meermalen, althans eenmaal, met de vuist op/tegen de schouders en/of het lichaam te slaan en/of </para>
    <para>- met forse kracht meermalen, althans éénmaal, (met geschoeide voet) op/tegen het hoofd en/of het lichaam te schoppen, terwijl tijdens het plegen van het misdrijf nog geen vijf jaren zijn verlopen </para>
    <parablock>
      <para>sedert een vroegere veroordeling tot gevangenisstraf wegens een daaraan soortgelijk misdrijf in kracht van gewijsde is gegaan </para>
      <para>(PR Arnhem 22/11/2016, ikvg 07/12/2016, 1 week vv gevangenisstraf ivm art. 300 Sr); </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>
      <emphasis role="bold">2.	Overwegingen ten aanzien van het bewijs</emphasis>
      <footnote-ref linkend="_16c14ee7-3a85-40e5-8a6d-756e275abb79" />
    </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">De feiten</emphasis>
      </para>
      <para>Op grond van de bewijsmiddelen wordt het volgende, dat verder ook niet ter discussie staat, vastgesteld.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aangever [slachtoffer] (geboren op [geboortedatum 2] ) bevond zich op 14 oktober 2017 samen met zijn vrienden in Hattem. Op enig moment ontstond er  ruzie tussen aangever en zijn vrienden met een groep meisjes. Op enig moment kwam er een kleine rode auto (merk Hyundai, type Atos<footnote-ref linkend="_dc37a21c-2a8b-4336-a9c9-4be0cfe212c5" />) aan. Uit deze auto stapte een mannelijke bijrijder. Toen aangever weg wilde rennen, kreeg hij van de man een forse duw in zijn rug waardoor hij ten val kwam. Aangever lag in elkaar gekropen op de grond terwijl de man aan het schoppen was tegen zijn hoofd.<footnote-ref linkend="_3d9cc798-561d-4ad7-9e10-0d4b6c63f351" /> Ook is aangever geslagen.<footnote-ref linkend="_5fed5f6a-da9c-439e-944b-1d2ea5226405" /> Aangever had hierdoor pijn aan zijn hoofd en knie en last van hoofdpijn, misselijkheid en duizeligheid.<footnote-ref linkend="_07ab46a8-16b1-4ce7-9def-a4d11328b24e" /> Hij had drie hematomen op zijn schouder.<footnote-ref linkend="_81265276-89d4-4f92-a4c4-55aa31e37d6f" /> Voornoemde man was de bijrijder van een rode Hyundai Atos en had een ontbloot bovenlichaam.<footnote-ref linkend="_88f15f1b-22e5-4db3-a73e-49cba11359a5" /></para>
      <para>Verdachte is ter plaatse gekomen met een rode Hyundai Atos.<footnote-ref linkend="_f67f52f7-3218-48e3-9cba-29509b617bc5" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft gesteld dat wettig en overtuigend bewezen kan worden geacht dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan de poging tot zware mishandeling, zoals primair ten laste is gelegd. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para>De verdediging heeft vrijspraak bepleit. Volgens de verdediging bevinden zich in het dossier onvoldoende aanknopingspunten om te kunnen vaststellen dat verdachte het ten laste gelegde feit heeft begaan. De door de verdediging gevoerde verweren zullen hierna bij de beoordeling besproken worden. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Beoordeling door de rechtbank </emphasis>
      </para>
      <para>De rechtbank ziet zich voor de vraag gesteld of verdachte de persoon is geweest die aangever heeft geduwd, getrapt en/of geschopt en geslagen. De rechtbank overweegt daartoe als volgt. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Getuige [getuige 1] heeft ten overstaan van de politie verklaard dat de jongen wegrende en dat de vader van [naam] hem te pakken kreeg. De jongen probeerde los te komen, maar de vader van [naam] greep de jongen vast. [getuige 1] zag dat de vader van [naam] de jongen twee à drie keer sloeg ter hoogte van zijn schouders en zijn zij, terwijl hij op de grond lag. </para>
      <para>De ouders van [naam] kwamen met een rood autootje.<footnote-ref linkend="_22b0f71e-c87f-4e4b-a8ce-fe3670814425" /> De vader van [naam] droeg die avond een korte broek en had een blote buik. Volgens [getuige 1] zit de vader van [naam] er altijd zo bij.<footnote-ref linkend="_409396c1-51e1-4485-affd-c063c68b3f5a" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte heeft verklaard dat hij de vader van [naam] is.<footnote-ref linkend="_33cefbc7-ae61-475c-9e42-4139f516c2ea" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De verdediging heeft zich op het standpunt gesteld dat de verklaring die [getuige 1] bij de politie heeft afgelegd onjuist is. Volgens de verdediging is de verklaring die [getuige 1] bij de rechter-commissaris heeft afgelegd wel juist. </para>
      <para>De rechtbank overweegt daaromtrent als volgt. De verklaring die [getuige 1] bij de politie heeft afgelegd is gedetailleerd en stemt bovendien op doorslaggevende punten overeen met de aangifte en de verklaringen van getuigen [getuige 2] , [getuige 3] en [getuige 4] . De rechtbank vindt het opvallend dat [getuige 1] haar verklaring bij de rechter-commissaris heeft gewijzigd, nadat zij de dochter van verdachte (een vriendin van [getuige 1] ) heeft gesproken en samen met haar stukjes uit haar verklaring heeft gelezen. De rechtbank hecht daarom meer waarde aan de door [getuige 1] bij de politie afgelegde verklaring en zal deze verklaring aan het bewijs van het ten laste gelegde feit laten bijdragen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voorts heeft de verdediging zich op het standpunt gesteld dat verdachte de bestuurder was en [getuige 5] de bijrijder. De verdediging heeft daartoe verwezen naar de tweede verklaringen van verdachte en de getuigen [getuige 6] en [getuige 5] . Nu door getuigen is verklaard dat de bijrijder de geweldpleger was, kan dit volgens de verdediging niet verdachte zijn geweest. </para>
      <para>De rechtbank overweegt daaromtrent als volgt. </para>
      <para>De rechtbank acht de verklaringen van verdachte en getuigen [getuige 6] en [getuige 5] , waarin zij verklaren dat verdachte de bestuurder was, niet geloofwaardig. Niet alleen hebben zij in hun eerste verklaring gelogen over hun aanwezigheid op de plaats delict, ook staan hun tweede verklaringen lijnrecht tegenover de verklaringen van de getuigen [getuige 2] , [getuige 7] en [getuige 8] .<footnote-ref linkend="_c1fd4d64-6a0b-4898-a8e9-9ef6b473202b" /> Allen verklaren dat de bijrijder een ontbloot bovenlichaam had. De rechtbank heeft geen enkele reden om aan hun verklaringen te twijfelen. Bovendien heeft getuige [getuige 4] verklaard dat er naast de man met het ontbloot bovenlichaam een man stond die een Ajax-shirt aan had en dat deze man niets deed.<footnote-ref linkend="_02d7af16-1667-49b9-b38c-10c8cc207e7b" /> [getuige 5] droeg die avond een Ajax-trainingspak.<footnote-ref linkend="_ec47c20a-9164-49d1-9063-9426543dfb30" /> De rechtbank ziet de verklaringen van verdachte en getuigen [getuige 6] en [getuige 5] niet anders dan als op elkaar afgestemde verklaringen en schuift hun verklaringen terzijde. De rechtbank gaat er dan ook vanuit dat verdachte de bijrijder met het ontblote bovenlichaam was en dat verdachte degene is geweest die aangever heeft geduwd, getrapt en/of geschopt en geslagen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank ziet zich vervolgens voor de vraag gesteld hoe het handelen van verdachte gekwalificeerd moet worden. De rechtbank overweegt als volgt.</para>
      <para>Het hoofd is een kwetsbaar gedeelte van het lichaam. Door aangever te mishandelen zoals omschreven, daarbij kijkend naar de kwetsbare -liggende-  positie waarin aangever zich bevond, heeft verdachte naar het oordeel van de rechtbank de opzet gehad om aangever zwaar lichamelijk letsel toe te brengen. De rechtbank acht dan ook het primair tenlastegelegde bewezen, te weten de poging tot zware mishandeling. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Strafverzwarende omstandigheid</emphasis>
      </para>
      <para>Aan verdachte is op grond van artikel 43a van het Wetboek van Strafrecht de recidive als strafverzwaringsgrond ten laste gelegd. Blijkens het uittreksel justitiële documentatie is verdachte op 22 november 2016 door de politierechter te Arnhem onherroepelijk veroordeeld voor mishandeling tot een gevangenisstraf voor de duur van één week voorwaardelijk.<footnote-ref linkend="_5cf28b65-f9f4-49d4-baa9-fbb87a660a6e" /> Dit betreft een veroordeling voor een soortgelijk misdrijf. Nu er sinds deze veroordeling nog geen vijf jaren zijn verlopen, acht de rechtbank artikel 43a van het Wetboek van Strafrecht van toepassing. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Bewezenverklaring</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Naar het oordeel van de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het primair tenlastegelegde heeft begaan, te weten dat: </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op <emphasis role="strike-through">of omstreeks</emphasis> 14 oktober 2017 te Hattem, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om <emphasis role="strike-through">tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen,</emphasis> [slachtoffer] (14 jaar oud) opzettelijk zwaar lichamelijk letsel toe te brengen met dat opzet, die [slachtoffer] (nadat verdachte hem had geduwd en hij daardoor ten val was gekomen) met kracht meermalen, <emphasis role="strike-through">althans eenmaal,</emphasis> met de vuist op/tegen de schouders en/of het lichaam heeft geslagen en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> (terwijl die [slachtoffer] in een kwetsbare positie op de grond lag) meermalen, <emphasis role="strike-through">althans éénmaal, (met geschoeide voet)</emphasis> op/tegen het hoofd en/of het lichaam heeft getrapt en/of geschopt, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid, terwijl tijdens het plegen van het misdrijf nog geen vijf jaren zijn verlopen sedert een vroegere veroordeling tot gevangenisstraf wegens een daaraan soortgelijk misdrijf in kracht van gewijsde is gegaan (PR Arnhem 22/11/2016, i.k.v.g. 07/12/2016, 1 week vv gevangenisstraf i.v.m. art. 300 Sr).</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voor zover er in de tenlastelegging kennelijke taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn die fouten verbeterd. Verdachte is daardoor niet in zijn verdediging geschaad.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Wat meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard, is niet bewezen. </para>
      <para>Verdachte moet daarvan worden vrijgesproken.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>De kwalificatie van het bewezenverklaarde</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het bewezenverklaarde levert op:</para>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">poging tot zware mishandeling, terwijl tijdens het plegen van het misdrijf nog geen vijf jaren zijn verlopen sedert een vroegere veroordeling van de schuldige tot gevangenisstraf wegens een daaraan soortgelijk misdrijf in kracht van gewijsde is gegaan</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>De strafbaarheid van het feit</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het feit is strafbaar.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>De strafbaarheid van de verdachte</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte is strafbaar, nu geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>7</nr>Overwegingen ten aanzien van straf </title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft geëist dat verdachte ter zake van het primair tenlastegelegde zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van acht maanden met aftrek van de tijd in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para>Ingeval de rechtbank toekomt aan een bewezenverklaring en strafoplegging heeft de verdediging verzocht rekening te houden met de lagere straffen die in soortgelijke zaken worden opgelegd. De verdediging heeft daarbij verwezen naar de oriëntatiepunten voor straftoemeting van de LOVS. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Beoordeling door de rechtbank </emphasis>
      </para>
      <para>De rechtbank heeft bij de bepaling van de op te leggen straf gelet op de aard en de ernst van wat bewezen is verklaard, de omstandigheden waaronder dit is begaan, mede gelet op de persoon en de omstandigheden van de verdachte zoals van een en ander bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken, waarbij onder meer is gelet op het uittreksel uit het algemeen documentatieregister, gedateerd 8 december 2017 en een (beknopt) voorlichtingsrapportage van Reclassering Nederland, gedateerd 20 november 2017.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft bij de straftoemeting in bijzonder het navolgende in aanmerking genomen.</para>
      <para>Verdachte heeft als volwassene een 13-jarige jongen mishandeld door hem te duwen en vervolgens te slaan en te schoppen terwijl het slachtoffer in een kwetsbare positie op de grond lag. Verdachte heeft bewust de confrontatie met deze jongen gezocht, toen hij meende dat een vriendin van zijn dochter werd geslagen door twee volwassen mannen. Verdachte heeft, toen hij ter plaatse kwam, volgens zijn verklaring ter zitting geen enkele vraag gesteld, niet aan de aanwezigen en niet aan de bewuste vriendin van zijn dochter. Hij is direct een jongen van 13 jaar gaan schoppen en slaan. Dit is een zeer ernstig feit, waarbij een grove inbreuk is gemaakt op de lichamelijk integriteit van het slachtoffer. Het slachtoffer had hieraan zwaar lichamelijk letsel kunnen overhouden. Dergelijke misdrijven veroorzaken gevoelens van angst en onveiligheid bij slachtoffers en in de samenleving, nu de geweldpleging heeft plaatsgevonden op straat. De geweldpleging moet niet alleen voor het slachtoffer een schokkende ervaring zijn geweest, maar ook voor omstanders. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Uit het eerder aangehaalde uittreksel uit het algemeen documentatieregister blijkt dat verdachte al eerder ter zake van een soortgelijk feit is veroordeeld. Alles afwegende acht de rechtbank – mede gelet op de oriëntatiepunten voor straftoemeting van de LOVS – een gevangenisstraf van zeven maanden, waarvan twee maanden voorwaardelijk, passend en geboden. Een voorwaardelijk deel acht de rechtbank noodzakelijk om verdachte te weerhouden opnieuw een strafbaar feit te begaan. De rechtbank zal de proeftijd op drie jaren stellen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">7a. 	De beoordeling van de civiele vordering, alsmede de gevorderde oplegging van de schadevergoedingsmaatregel</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De benadeelde partij [slachtoffer] heeft zich in het strafproces gevoegd ter verkrijging van schadevergoeding ter zake van het onder bewezenverklaarde feit. Gevorderd wordt een bedrag van € 480,75.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft verzocht de vordering geheel toe te wijzen, waarbij tevens de schadevergoedingsmaatregel ex artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht wordt opgelegd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para>De verdediging heeft de vordering niet betwist. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Beoordeling door de rechtbank </emphasis>
      </para>
      <para>Naar het oordeel van de rechtbank is, op grond van de gebezigde bewijsmiddelen en wat verder ter terechtzitting met betrekking tot de vordering is gebleken, komen vast te staan dat de benadeelde partij als gevolg van het bewezen verklaarde handelen tot € 480,75 schade heeft geleden, waarvoor verdachte naar burgerlijk recht aansprakelijk is. De vordering is voor toewijzing vatbaar.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Gelet op het vorenstaande ziet de rechtbank aanleiding om aan verdachte op basis van het bepaalde in artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht de verplichting op te leggen tot betaling aan de Staat van het toe te wijzen bedrag ten behoeve van genoemde benadeelde partij.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De gevorderde wettelijke rente is toewijsbaar vanaf 14 oktober 2017.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">7a. 	De beoordeling van de vordering na voorwaardelijke veroordeling</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ten aanzien van de vordering na voorwaardelijke veroordeling vordert de officier van justitie de tenuitvoerlegging van één week gevangenisstraf die door de politierechter van de rechtbank Gelderland op 22 november 2016 voorwaardelijk is opgelegd. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Nu is bewezen dat verdachte zich binnen de proeftijd opnieuw heeft schuldig gemaakt aan een strafbaar feit, dient de bij vonnis van politierechter te Gelderland (locatie Arnhem) van 22 november 2016 (parketnummer 05/176755-16) voorwaardelijk opgelegde gevangenisstraf ten uitvoer gelegd te worden.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>8</nr>De toegepaste wettelijke bepalingen</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De beslissing is gegrond op de artikelen 14a, 14b, 14c, 36f, 43a, 45 en 302 van het Wetboek van Strafrecht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>9</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verklaart bewezen dat verdachte het tenlastegelegde, zoals vermeld onder punt 3, heeft begaan;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven bewezen is verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verstaat dat het aldus bewezenverklaarde oplevert het strafbare feit zoals vermeld onder punt 4;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verklaart verdachte hiervoor strafbaar;</para>
    </parablock>
    <para />
    <para> veroordeelt verdachte wegens het bewezenverklaarde tot een <emphasis role="bold">gevangenisstraf</emphasis> voor de duur van <emphasis role="bold">7 (zeven) maanden</emphasis>;</para>
    <para />
    <para> bepaalt, dat een gedeelte van de gevangenisstraf, te weten <emphasis role="bold">2 (twee) maanden</emphasis>, <emphasis role="bold">niet ten uitvoer zal worden gelegd</emphasis>, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, wegens niet nakoming van na te melden voorwaarde voor het einde van de proeftijd die op drie jaren wordt bepaald;</para>
    <para> dat de veroordeelde zich voor het einde daarvan niet zal schuldig maken aan een strafbaar feit;</para>
    <para />
    <para> beveelt dat de tijd, door veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht; </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">De beslissing op de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer]</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para> veroordeelt verdachte tot betaling van <emphasis role="bold">schadevergoeding </emphasis>aan de <emphasis role="bold">benadeelde partij [slachtoffer]</emphasis>, van een bedrag van <emphasis role="bold">€ 480,75 (vierhonderdtachtig euro en vijfenzeventig eurocent)</emphasis>, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 14 oktober 2017 tot aan de dag der algehele voldoening;</para>
    <para />
    <para> legt aan veroordeelde de <emphasis role="bold">verplichting</emphasis> op <emphasis role="bold">om aan de Staat</emphasis>, ten behoeve van de benadeelde partij [slachtoffer] , een bedrag <emphasis role="bold">te betalen van € 480,75 (vierhonderdtachtig euro en vijfenzeventig eurocent)</emphasis>, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 14 oktober 2017 tot aan de dag der algehele voldoening, met bepaling dat bij gebreke van betaling en verhaal van de hoofdsom 9 dagen hechtenis zal kunnen worden toegepast zonder dat de betalingsverplichting vervalt;</para>
    <para />
    <para> bepaalt dat, indien veroordeelde heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de Staat daarmee de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij in zoverre komt te vervallen en andersom dat, indien veroordeelde heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij daarmee de verplichting tot betaling aan de Staat in zoverre komt te vervallen;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">De beslissing op de vordering na voorwaardelijke veroordeling</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para> <emphasis role="bold">gelast de tenuitvoerlegging</emphasis> van de straf, voor zover voorwaardelijk opgelegd bij vonnis van politierechter te Gelderland (locatie Arnhem) van 22 november 2016 (parketnummer 05/176755-16) te weten van: <emphasis role="bold">1 (één) week gevangenisstraf</emphasis>.</para>
    <para />
    <para />
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="3">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <colspec colname="colC" />
        <tbody>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Dit vonnis is gewezen door mr. M.F. Gielissen (voorzitter), mr. C.H.M. Pastoors en </para>
              <para>mr. S.W. Knoop, rechters, in tegenwoordigheid van D. Waizy, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 13 februari 2018.</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
  <footnote id="_16c14ee7-3a85-40e5-8a6d-756e275abb79" label="1">
    <para> Het bewijs is terug te vinden in het in de wettelijke vorm door verbalisant [verbalisant] van de politie Oost Nederland, district Noord- en Oost-Gelderland, opgemaakte proces-verbaal van voorgeleiding, dossiernummer PL0600-2017476917, gesloten op 23 oktober 2017 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_dc37a21c-2a8b-4336-a9c9-4be0cfe212c5" label="2">
    <para> Het proces-verbaal van verhoor getuige, p. 52.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_3d9cc798-561d-4ad7-9e10-0d4b6c63f351" label="3">
    <para> Het proces-verbaal van aangifte, p. 35 en het proces-verbaal van verhoor getuige p. 52.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_5fed5f6a-da9c-439e-944b-1d2ea5226405" label="4">
    <para> Het proces-verbaal van verhoor getuige, p. 43 en het proces-verbaal van verhoor getuige, p. 44.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_07ab46a8-16b1-4ce7-9def-a4d11328b24e" label="5">
    <para> Het proces-verbaal van aangifte, p. 36.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_81265276-89d4-4f92-a4c4-55aa31e37d6f" label="6">
    <para> Bijlage 3 bij het verzoek tot schadevergoeding van [slachtoffer] d.d. 13 november 2017.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_88f15f1b-22e5-4db3-a73e-49cba11359a5" label="7">
    <para> Het proces-verbaal van aangifte, p. 35, het proces-verbaal van verhoor getuige, p. 52, het proces-verbaal van verhoor getuige, p. 42-43 en het proces-verbaal van verhoor getuige, p. 44.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_f67f52f7-3218-48e3-9cba-29509b617bc5" label="8">
    <para> De verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting van 30 januari 2018.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_22b0f71e-c87f-4e4b-a8ce-fe3670814425" label="9">
    <para> Het proces-verbaal van verhoor getuige, p. 84.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_409396c1-51e1-4485-affd-c063c68b3f5a" label="10">
    <para> Het proces-verbaal van verhoor getuige, p. 86.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_33cefbc7-ae61-475c-9e42-4139f516c2ea" label="11">
    <para> De verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting van 30 januari 2018.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_c1fd4d64-6a0b-4898-a8e9-9ef6b473202b" label="12">
    <para> Het proces-verbaal van verhoor getuige, p. 52, het proces-verbaal van verhoor getuige, p. 54 en het proces-verbaal van verhoor getuige, p. 58.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_02d7af16-1667-49b9-b38c-10c8cc207e7b" label="13">
    <para> Het proces-verbaal van verhoor getuige, p. 44.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_ec47c20a-9164-49d1-9063-9426543dfb30" label="14">
    <para> Het proces-verbaal van verhoor verdachte [getuige 5] d.d. 18 januari 2018.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_5cf28b65-f9f4-49d4-baa9-fbb87a660a6e" label="15">
    <para> Het uittreksel uit het algemeen documentatieregister betreffende verdachte d.d. 8 december 2017, p. 2.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>