<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBGEL:2018:4719</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2018-11-02T13:52:39</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2018-11-02</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Gelderland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Gelderland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2018-11-02</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">05/820096-17</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Arnhem</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2018:4719">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2018:4719</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2018-11-02T13:51:52</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2018-11-02</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBGEL:2018:4719 Rechtbank Gelderland , 02-11-2018 / 05/820096-17</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBGEL:2018:4719:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Veroordeling voor het door verdachtes schuld veroorzaken van zwaar lichamelijk letsel in het verkeer door zijn aanhangwagen onverlicht te parkeren tijdens de invallende schemering. Werkstraf en ontzegging van de rijbevoegdheid.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBGEL:2018:4719:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">RECHTBANK GELDERLAND</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Arnhem</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer	: 05/820096-17</para>
      <para>Datum uitspraak	: 2 november 2018</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegenspraak</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">vonnis van de meervoudige kamer</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">de officier van justitie bij het arrondissementsparket Oost-Nederland</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte]
        </emphasis>
      </para>
      <para>geboren op [geboortedag] 1946 te [geboorteplaats] , wonende te [adres] , </para>
      <para>
        [woonplaats]
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>raadsman: mr. F.G.W.M. Huijbers, advocaat te Nijmegen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 19 oktober 2018.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De inhoud van de tenlastelegging</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan verdachte is ten laste gelegd dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>primair</para>
      <para>hij, verdachte op 7 november 2016 te Opheusden in de gemeente Neder-Betuwe, als verkeersdeelnemer, namelijk als bestuurder van een motorrijtuig (bedrijfsauto met aanhangwagen), op de weg, de Tolsestraat, zich zeer, althans aanmerkelijk, onvoorzichtig, onoplettend en/of onachtzaam heeft gedragen, hierin bestaande dat verdachte, toen hij, verdachte aldaar over die weg (de Tolsestraat) aan kwam rijden, dat door hem bestuurde motorrijtuig (bedrijfsauto met aanhangwagen) aan de  linkerzijde van die weg (de Tolsestraat) heeft geparkeerd en/of de  aanhangwagen van dat motorrijtuig (bedrijfsauto) heeft losgekoppeld en/of in strijd met het gestelde in artikel 39 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 -terwijl die weg (de Tolsestraat) ter plaatse niet was voorzien van openbare </para>
      <para>straatverlichting- , die aanhangwagen gezien zijn, verdachtes rijrichting aan die linker zijde op de rijbaan van die weg (de Tolsestraat) op 7 november 2016 omstreeks 17:30 uur, zijnde bij nacht, als bedoeld in artikel 1 van het  Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 en/of buiten de bebouwde kom  heeft laten stilstaan, terwijl die aanhangwagen niet het in de Regeling </para>
      <para>voertuigen voorgeschreven stadslicht voerde en/of is (vervolgens) de bestuurder van een ander motorrijtuig (bromfiets) toen aldaar tegen de triangel en/of de voorzijde van die (aan die voorzijde) overlichte aanhangwagen gebotst of aangereden en/of ten val gekomen, en aldus zich zodanig heeft gedragen dat een aan zijn schuld te wijten verkeersongeval heeft plaatsgevonden, waardoor een ander (genaamd [slachtoffer] ) zwaar lichamelijk letsel of zodanig lichamelijk letsel werd  toegebracht, dat daaruit tijdelijke ziekte of verhindering in de uitoefening van de normale bezigheden is ontstaan, </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling leidt:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>subsidiair</para>
      <para>hij, verdachte op 7 november 2016 omstreeks 17:30 uur, zijnde bij nacht, als bedoeld in artikel 1 van het Reglement verkeersregels, te Opheusden in de gemeente Neder-Betuwe, op de Tolstraat, zich grovelijk, althans aanmerkelijk onvoorzichtig, onachtzaam en/of nalatig heeft gedragen, hierin bestaande dat verdachte, in strijd met het gestelde in artikel 39 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990, -terwijl die Tolstraat ter plaatse niet was voorzien van </para>
      <para>openbare straatverlichting- , een aanhangwagen aan de linker zijde op de rijbaan van die Tolsestraat en/of buiten de bebouwde kom heeft laten stilstaan, terwijl die aanhangwagen niet </para>
      <para>het in de Regeling voertuigen voorgeschreven stadslicht voerde en/of is (vervolgens) de bestuurder van een ander motorrijtuig (bromfiets) toen aldaar tegen triangel en/of de voorzijde van die (aan de voorzijde) overlichte aanhangwagen gebotst of aangereden en/of ten val gekomen, en aldus zich zodanig heeft gedragen dat het aan zijn schuld te wijten is dat een ander (genaamd [slachtoffer] ) zwaar lichamelijk letsel of zodanig  lichamelijk letsel heeft bekomen, dat daaruit tijdelijke ziekte of  verhindering in de uitoefening van zijn ambts -of beroepsbezigheden is ontstaan;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>meer subsidiair</para>
      <para>hij, verdachte op 7 november 2016 omstreeks 17:30 uur, zijnde bij nacht, als bedoeld in artikel 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990,  te Opheusden in de gemeente Neder-Betuwe, op de weg, de Tolsestraat, -terwijl die weg (de Tolsestraat) ter plaatse niet was voorzien van openbare straatverlichting- , in strijd met het gestelde in artikel 39 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 een aanhangwagen aan die linker zijde op de rijbaan van die weg (de Tolsestraat) en/of buiten de bebouwde kom heeft laten stilstaan, </para>
      <para>terwijl die aanhangwagen niet het in de Regeling voertuigen voorgeschreven stadslicht voerde en/of is (vervolgens) de bestuurder van een ander motorrijtuig (bromfiets) toen aldaar tegen triangel en/of de voorzijde van die (aan die voorzijde) overlichte aanhangwagen gebotst of aangereden en/of ten val gekomen, door welke gedraging(en) van verdachte gevaar op die weg werd veroorzaakt, althans kon worden veroorzaakt, en/of het verkeer op die weg werd gehinderd, althans kon worden gehinderd; </para>
      <para>De in deze telastelegging gebruikte termen en uitdrukkingen worden, voorzover daaraan in de Wegenverkeerswet 1994 betekenis is gegeven, geacht in dezelfde betekenis te zijn gebezigd. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">2.	Overwegingen ten aanzien van het bewijs</emphasis>
        <footnote-ref linkend="_ca1c6444-83b1-4e4f-bf33-05fab5a419e9" />
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">De feiten</emphasis>
      </para>
      <para>Op grond van de bewijsmiddelen wordt het volgende, dat verder ook niet ter discussie staat, vastgesteld.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op 7 november 2016 omstreeks 17:10 uur heeft verdachte aan de Tolsestraat te Opheusden (gemeente Neder-Betuwe en buiten de bebouwde kom) zijn bedrijfsauto losgekoppeld van de aanhangwagen en deze aanhangwagen aan de linkerzijde van de weg geparkeerd. Op de ruim 4 meter brede weg stond de aanhangwagen met een breedte wisselend van 2.48 meter tot 2.21 meter op de rijbaan. De voorzijde van de aanhangwagen stond daarbij in de richting van het tegemoetkomend verkeer. Aan de achterzijde van de aanhangwagen heeft verdachte een lampje bevestigd voor hij de aanhangwagen achterliet. Aan de voorzijde bevond zich geen in werking zijnde verlichting. Net voor 17:30 uur heeft een ongeval plaatsgevonden waarbij het slachtoffer [slachtoffer] met zijn scooter frontaal tegen de aan de voorzijde uitstekende triangel van de aanhangwagen is gereden. Ter plaatse is de Tolsestraat niet voorzien van straatverlichting.<footnote-ref linkend="_4421a937-c779-4db2-916a-cf91c4521885" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het slachtoffer heeft aan dit ongeval het volgende letsel overgehouden: bekkenbreuken waarvoor meerdere operaties en externe fixaturen noodzakelijk waren, een gescheurd rectum waarvoor een stoma is geplaatst, een gescheurde plasbuis waarvoor een katheter door de buikwand is geplaatst, letsel aan de buikwand waarbij afgestorven buikweefsel is ontstaan dat middels meerdere operaties is verwijderd, zenuwletsel aan de buik en rug met zwakte in de bovenbeenspieren als gevolg, een hersenvochtlekkage en verschillende complicaties bestaande uit een bloedvergiftiging, botinfecties in de wervelkolom en een te hoge druk in de hersenkamers die verholpen is met een drain.<footnote-ref linkend="_2a7ec9eb-c526-47e7-bad6-d80f5b39c1df" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft gesteld dat het primair tenlastegelegde wettig en overtuigend kan worden bewezen. Hiertoe is – kort gezegd – aangevoerd dat verdachte aanmerkelijk onvoorzichtig rijgedrag heeft vertoond door in strijd met het gestelde in artikel 39 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 geen in werking zijnde verlichting te voeren aan de voorzijde van zijn aanhangwagen en dat het ongeval daarom door zijn schuld is veroorzaakt. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para>De raadsman heeft zich op het standpunt gesteld dat verdachte van het primair en subsidiair tenlastegelegde moet worden vrijgesproken. De verweten gedraging, het niet voeren van in werking zijnde verlichting aan de voorzijde van de stilstaande aanhangwagen, wordt door de verdediging niet betwist. Volgens de raadsman ontbreekt echter het causaal verband tussen deze verweten gedraging en het ontstane ongeval, waardoor geen sprake is van ‘schuld’ in de zin van artikel 6 Wegenverkeerswet 1994 (primair) en artikel 308 van het Wetboek van Strafrecht (subsidiair). Hiertoe is – kort gezegd – aangevoerd dat de aanhangwagen wel degelijk zichtbaar moet zijn geweest door de reflectoren op de container en de triangel en dat als deze niet zichtbaar was voor het slachtoffer, dit ook kan komen door de verlichting die werd gevoerd door getuige [getuige] , die zich stilstaand naast de aanhangwagen bevond in de richting van tegemoetkomend verkeer op het moment van het ongeval.</para>
      <para>Ten aanzien van het meer subsidiair tenlastegelegde heeft de raadsman zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Beoordeling door de rechtbank </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Artikel 39 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 schrijft voor dat stilstaande aanhangwagens buiten de bebouwde kom op de rijbaan en langs autosnelwegen en autowegen gelegen parkeerstroken, parkeerhavens, vluchtstroken en vluchthavens bij dag, indien het zicht ernstig wordt belemmerd, en bij nacht achterlicht en het in de Regeling voertuigen voorgeschreven stadslicht moeten voeren. Een stadslicht is een licht dat, van de voorzijde gezien, de aanwezigheid van het voertuig kenbaar maakt en een aanwijzing is voor de breedte van het voertuig (artikel 1.1 van de Regeling voertuigen). </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Door het slachtoffer [slachtoffer] is verklaard dat hij met een snelheid van 45-50 km/h over de Tolsestraat reed en dat hij de stilstaande aanhangwagen van verdachte niet heeft gezien. Hij heeft enkel de naast de aanhangwagen stilstaande auto van [getuige] zien staan. Over de weersgesteldheid heeft het slachtoffer verklaard dat het donker was en dat het miezerde.<footnote-ref linkend="_501b2237-fbcd-4a0e-ab68-dc1c98dd4c05" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Door getuige [getuige] , die de naast de triangel van de aanhangwagen stilstaande auto bestuurde, is verklaard dat zij vrijwel direct nadat zij de scooter zag aankomen, de klap van de scooter tegen de aanhangwagen hoorde. Over de weersgesteldheid heeft getuige verklaard dat het vrijwel helemaal donker was.<footnote-ref linkend="_2d4adf02-f1f6-4ad0-be2e-e503d0fcafd6" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Door verbalisanten is de weersgesteldheid onderzocht. Op 10 november 2016, drie dagen na het ongeval, was het om 17:15 uur aan het schemeren en om 17:30 uur was het bijna geheel duister.<footnote-ref linkend="_bbfe7221-7565-49cf-b765-a9cfc7defefc" /> Op 15 november 2016, negen dagen na het ongeval, was het om 17:18 uur geheel donker.<footnote-ref linkend="_1ecbc6de-b887-48cb-ab87-bfcb1cf926fa" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Uit de stukken en het verhandelde ter terechtzitting blijkt dat verdachte zijn aanhangwagen heeft geparkeerd aan de linkerzijde van de weg (vanuit zijn rijrichting bezien), kort voordat het donker werd de weg onverlicht was en de aanhangwagen geen in werking zijnde stadslichten voerde aan de voorzijde terwijl dit wettelijk verplicht is. Verdachte wist ook dat de stadslichten niet konden werken doordat de aanhangwagen was losgekoppeld, omdat de stadslichten niet van een eigen accu/batterij waren voorzien. Het slachtoffer heeft verklaard dat hij de aanhangwagen niet heeft zien staan doordat deze onverlicht geparkeerd stond. Het op deze plek onder deze omstandigheden achterlaten van een onverlichte aanhangwagen levert naar oordeel van de rechtbank aanmerkelijk onvoorzichtig gedrag op, zodat het daarop plaatsgevonden ongeval aan verdachtes schuld wordt geweten. Uit de foto’s die onmiddellijk na de aanrijding zijn gemaakt, kan worden afgeleid dat de reflectoren aan de triangel van de aanhangwagen volstrekt onvoldoende waren om de aanhangwagen zichtbaar te doen zijn voor het verkeer op die rijbaan; deze triangel loopt immers schuin naar voren, eindigend in een punt waar de aanhangwagen aan de vrachtwagen kan worden bevestigd, zodat de reflectoren alleen nut hebben voor verkeer dat van de zijkant nadert, maar niet voor tegemoetkomend verkeer zoals de scooter van het slachtoffer. Ook de aan de bovenkant van de voorzijde van de aanhangwagen bevestigde reflectoren zijn niet voldoende gebleken om de aanhangwagen zichtbaar te laten zijn.</para>
      <para>Dat naast de aanhangwagen een personenauto stilstond die verlichting voerde en daarmee de zichtbaarheid van de aanhangwagen verminderd zou zijn maakt dat niet anders, nu in werking zijnde verlichting aan de aanhangwagen ook dan het ongeval had kunnen voorkomen. De rechtbank heeft – zoals door de verdediging aan de orde is gesteld – in het dossier geen aanwijzing gevonden dat de stilstaande personenauto groot licht voerde. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte heeft nog aangevoerd dat het nog licht was toen hij de aanhangwagen loskoppelde en links van de weg stalde. Hij is zo’n kwartier bezig geweest met het lossen van de lading aardappelen en toen meteen weer terug gegaan naar de plek waar de aanhangwagen stond. Naar het oordeel van de rechtbank had verdachte ermee rekening moeten houden dat het al schemerde en dat de duisternis dan snel kan invallen. Als gezegd, aangever en getuige [getuige] hebben verklaard dat het ten tijde van de aanrijding duister was. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ten slotte is de rechtbank van oordeel dat het letsel dat bij het slachtoffer is ontstaan aan te merken is als zwaar lichamelijk letsel. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Bewezenverklaring</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Naar het oordeel van de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het primair tenlastegelegde heeft begaan, te weten dat: </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij, verdachte op 7 november 2016 te Opheusden in de gemeente Neder-Betuwe, als verkeersdeelnemer, namelijk als bestuurder van een motorrijtuig (bedrijfsauto met aanhangwagen), op de weg, de Tolsestraat, zich <emphasis role="strike-through">zeer, althans</emphasis> aanmerkelijk, onvoorzichtig, <emphasis role="strike-through">onoplettend en/of onachtzaam</emphasis> heeft gedragen, hierin bestaande dat verdachte, toen hij, verdachte aldaar over die weg (de Tolsestraat) aan kwam rijden, dat door hem bestuurde motorrijtuig (bedrijfsauto met aanhangwagen) aan de linkerzijde van die weg (de Tolsestraat) heeft geparkeerd en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> de aanhangwagen van dat motorrijtuig (bedrijfsauto) heeft losgekoppeld en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> in strijd met het gestelde in artikel 39 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 -terwijl die weg (de Tolsestraat) ter plaatse niet was voorzien van openbare </para>
      <para>straatverlichting- , die aanhangwagen gezien zijn, verdachtes rijrichting aan die linker zijde op de rijbaan van die weg (de Tolsestraat) op 7 november 2016 omstreeks 17:30 uur, zijnde bij nacht, als bedoeld in artikel 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> buiten de bebouwde kom heeft laten stilstaan, terwijl die aanhangwagen niet het in de Regeling </para>
      <para>voertuigen voorgeschreven stadslicht voerde en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> is <emphasis role="strike-through">(</emphasis>vervolgens<emphasis role="strike-through">)</emphasis> de bestuurder van een ander motorrijtuig (bromfiets) toen aldaar tegen de triangel <emphasis role="strike-through">en/of de voorzijde</emphasis> van die <emphasis role="strike-through">(</emphasis>aan die voorzijde<emphasis role="strike-through">)</emphasis> overlichte aanhangwagen gebotst of aangereden en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> ten val gekomen, en aldus zich zodanig heeft gedragen dat een aan zijn schuld te wijten verkeersongeval heeft plaatsgevonden, waardoor een ander (genaamd [slachtoffer] ) zwaar lichamelijk letsel <emphasis role="strike-through">of zodanig lichamelijk letsel </emphasis>werd  toegebracht<emphasis role="strike-through">, dat daaruit tijdelijke ziekte of verhindering in de uitoefening van de normale bezigheden is ontstaan</emphasis>.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Wat meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard, is niet bewezen. </para>
      <para>Verdachte moet daarvan worden vrijgesproken.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>De kwalificatie van het bewezenverklaarde</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het bewezenverklaarde levert op:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">Overtreding van artikel 6 van de Wegenverkeerswet 1994, terwijl het een ongeval betreft waardoor een ander lichamelijk letsel wordt toegebracht</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>De strafbaarheid van het feit</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het feit is strafbaar.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>De strafbaarheid van de verdachte</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte is strafbaar, nu geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>7</nr>Overwegingen ten aanzien van straf en/of maatregel</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft geëist dat verdachte wordt veroordeeld tot het verrichten van 120 uren werkstraf, te vervangen door 60 dagen hechtenis en tot oplegging van een ontzegging van de rijbevoegdheid voor de duur van 6 maanden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para>De raadsman heeft verzocht dat bij strafoplegging rekening wordt gehouden met het tijdsverloop, zijn ongerustheid rond het al dan niet blijven leven van het slachtoffer, de leeftijd van zijn cliënt en diens werkzaamheden als beroepschauffeur.  </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Beoordeling door de rechtbank</emphasis>
      </para>
      <para>De rechtbank heeft bij de bepaling van de op te leggen straf gelet op de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard, de omstandigheden waaronder dit is begaan, mede gelet op de persoon en de omstandigheden van de verdachte zoals van een en ander bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken, waarbij onder meer is gelet op het uittreksel uit het algemeen documentatieregister, gedateerd 6 september 2018. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het veroorzaken van zwaar lichamelijk letsel bij een ander in het verkeer door zijn (grotendeels) op de weg geparkeerde aanhangwagen niet te voorzien van in werking zijnde verlichting. Het slachtoffer is op zijn scooter tegen de uit de aanhangwagen stekende triangel in volle vaart aan gereden en heeft daarbij ernstig letsel opgelopen. Het slachtoffer en zijn familie hebben daarna weken lang gevreesd voor zijn leven. Het slachtoffer zal de gevolgen voor het bij hem ontstane letsel nog lang en zelfs permanent ondervinden. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank weegt in het voordeel van verdachte mee dat in de tijd gelegen tussen het bewezenverklaarde en zijn berechting twee jaren zijn verstreken. Dit heeft buiten de invloedssfeer van verdacht gelegen. Daarnaast weegt de rechtbank in het voordeel van verdachte mee dat de bewezenverklaring van dit feit weliswaar een letsel door schuld in het verkeer betreft, maar dat verdachte dit niet heeft veroorzaakt door actief handelen, maar door na te laten, hetgeen de zaak onderscheidt van andere zaken waarin eenzelfde bewezenverklaring volgt. </para>
      <para>De rechtbank acht een werkstraf zoals door de officier van justitie is geëist een passende straf. De rechtbank merkt daarbij op dat in de uitvoering van deze werkstraf, gelet op de leeftijd van verdachte, een passende invulling zal moeten worden gevonden. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank zal aan verdachte ook een ontzegging van de rijbevoegdheid opleggen voor de duur van 6 maanden. Gelet op het door de raadsman verzochte en het door de rechtbank hiervoor overwogene zal de rechtbank deze ontzegging – anders dan de officier van justitie – gedeeltelijk voorwaardelijk opleggen. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>8</nr>De toegepaste wettelijke bepalingen</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De beslissing is gegrond op de artikelen 14a, 14b, 14c, 22c en 22d van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 6, 175 en 179 van de Wegenverkeerswet 1994. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>9</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verklaart bewezen dat verdachte het tenlastegelegde, zoals vermeld onder punt 3, heeft begaan;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven bewezen is verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verstaat dat het aldus bewezenverklaarde oplevert het strafbare feit zoals vermeld onder punt 4;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verklaart verdachte hiervoor strafbaar;</para>
    </parablock>
    <para />
    <para> veroordeelt verdachte wegens het bewezenverklaarde tot een <emphasis role="bold">werkstraf </emphasis>gedurende <emphasis role="bold">120 (honderdtwintig) uren</emphasis>, met bevel dat indien deze straf niet naar behoren wordt verricht vervangende hechtenis zal worden toegepast voor de duur van 60 (zestig) dagen;</para>
    <para />
    <para> ontzegt verdachte de <emphasis role="bold">bevoegdheid motorrijtuigen</emphasis> te besturen voor de duur van <emphasis role="bold">6 (zes) maanden</emphasis>;</para>
    <para />
    <para> bepaalt, dat een gedeelte van deze bijkomende straf groot <emphasis role="bold">3 (drie) maanden</emphasis>, <emphasis role="bold">niet ten uitvoer zal worden gelegd</emphasis>, tenzij de rechter later anders mocht gelasten op grond dat veroordeelde zich vóór het einde van een proeftijd van 2 jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.</para>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para>Dit vonnis is gewezen door mr. F.J.H. Hovens (voorzitter), mr. W. Bruins en mr. Y.H.M. Marijs, rechters, in tegenwoordigheid van mr. A. Diebels, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 2 november 2018.</para>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
  <footnote id="_ca1c6444-83b1-4e4f-bf33-05fab5a419e9" label="1">
    <para> Het bewijs is terug te vinden in het in de wettelijke vorm door [verbalisant] van de politie Eenheid Oost Nederland, district Gelderland-Zuid, Basisteam De Waarden, opgemaakte proces-verbaal, dossiernummer PL0600-2016548630, gesloten op 19 oktober 2017 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_4421a937-c779-4db2-916a-cf91c4521885" label="2">
    <para> Het proces-verbaal aanrijding misdrijf, p. 15-16, het proces-verbaal verkeersongevallenanalyse, p. 26-27 en 46 en de verklaring van de verdachte zoals afgelegd ter terechtzitting van 19 oktober 2018. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_2a7ec9eb-c526-47e7-bad6-d80f5b39c1df" label="3">
    <para> De nagekomen en als bijlage aan het procesdossier toegevoegde geneeskundige verklaring betreffende [slachtoffer] . </para>
  </footnote>
  <footnote id="_501b2237-fbcd-4a0e-ab68-dc1c98dd4c05" label="4">
    <para> Het proces-verbaal van verhoor van [slachtoffer] , p. 5-6. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_2d4adf02-f1f6-4ad0-be2e-e503d0fcafd6" label="5">
    <para> Het proces-verbaal van verhoor getuige [getuige] , p. 3. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_bbfe7221-7565-49cf-b765-a9cfc7defefc" label="6">
    <para> Het proces-verbaal van bevindingen, p. 7. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_1ecbc6de-b887-48cb-ab87-bfcb1cf926fa" label="7">
    <para> Het proces-verbaal van bevindingen, p. 8.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>