<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBGEL:2018:4715</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2018-11-02T14:10:39</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2018-11-02</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Gelderland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Gelderland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2018-11-02</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">05/840319-17</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Arnhem</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2018:4715">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2018:4715</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2018-11-02T11:37:31</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2018-11-02</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBGEL:2018:4715 Rechtbank Gelderland , 02-11-2018 / 05/840319-17</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBGEL:2018:4715:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Vechtpartij op boot, geldboete, noodweer.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBGEL:2018:4715:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">RECHTBANK GELDERLAND</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Arnhem</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer	: 05/840319-17</para>
      <para>Datum uitspraak	: 2 november 2018</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegenspraak</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">vonnis van de meervoudige kamer</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">de officier van justitie bij het arrondissementsparket Oost-Nederland</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte]
        </emphasis>
      </para>
      <para>geboren op [geboortedatum] 1996 te [geboorteplaats] , wonende te [adres] , [woonplaats]</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>raadsman: mr. J.W. Schouten, advocaat te Arnhem.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen van 31 oktober 2017 en 19 oktober 2018.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De inhoud van de tenlastelegging</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan verdachte is ten laste gelegd dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>1.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Primair</para>
      <para>zij op of omstreeks 28 juli 2016 op een passagiersschip (van Smyrilline) en/of </para>
      <para>op de vaarroute van IJsland naar Denemarken, te IJsland en/of Denemarken, althans de Noord-Atlantische Oceaan en/of Noordzee openlijk, te weten op een voor het publiek toegankelijke plaats of in een voor het publiek toegankelijke ruimte, te weten de lounge/het café van passagiersschip Smyrilline, in vereniging geweld heeft gepleegd tegen [slachtoffer] , welk geweld bestond uit het </para>
    </parablock>
    <para>- duwen in/op/tegen het lichaam en/of </para>
    <para>- ( met kracht) vastpakken van een/de arm(en) en/of </para>
    <para>- ( meermalen) (met kracht) trekken aan de haren en/of </para>
    <para>- ( meermalen) (met kracht) stompen/slaan in/op/tegen het oog en/of de wenkbrauw en/of de lip en/of het (rechter) oor, althans het gezicht/hoofd; </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Subsidiair</para>
      <para>zij op of omstreeks 28 juli 2016 te op een passagiersschip (van Smyrilline) </para>
      <para>en/of op de vaarroute van IJsland naar Denemarken, te IJsland en/of Denemarken, althans de Noord-Atlantische Oceaan en/of Noordzee tezamen en in vereniging </para>
      <para>met een of meer anderen, althans alleen [slachtoffer] heeft mishandeld door - (meermalen) (met kracht) aan de haren te trekken en/of - (meermalen) (met kracht) in/op/tegen het oog en/of de wenkbrauw en/of de lip en/of het (rechter) oor, althans het gezicht/hoofd te stompen/slaan; </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para>
      <emphasis role="bold">2.	Overwegingen ten aanzien van het bewijs</emphasis>
      <footnote-ref linkend="_7b43cca3-96d0-4b09-9e43-37392f844279" />
    </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">De feiten</emphasis>
      </para>
      <para>Op grond van de bewijsmiddelen wordt het volgende, dat verder ook niet ter discussie staat, vastgesteld.</para>
      <para>Op 28 juli 2016 bevond verdachte zich op een passagiersschip van Smyrilline op de vaarroute van IJsland naar Denemarken. Op een gegeven moment is op het schip een vechtpartij uitgebroken waarbij verdachte aanwezig was.<footnote-ref linkend="_d3b5b38b-f3e4-4482-a8f3-b008fecfe57f" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft gesteld dat wettig en overtuigend bewezen kan worden geacht dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het primair ten laste gelegde.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para>De verdediging bepleit vrijspraak en voert daartoe aan dat er geen overtuigend bewijs is dat verdachte aangeefster heeft mishandeld. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Beoordeling door de rechtbank </emphasis>
      </para>
      <para>Ten aanzien van het primair ten laste gelegde:</para>
      <para>Het openlijk geweld tegen [slachtoffer] zou blijkens de aangifte zijn gepleegd door verdachte, [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] . De laatste twee zijn vrijgesproken van openlijke geweldpleging. [medeverdachte 2] omdat zij op het moment dat de ten laste gelegde geweldshandelingen zouden zijn gepleegd al niet meer bij het incident betrokken was, [medeverdachte 1] omdat er onvoldoende aanwijzingen zijn dat bij het vastpakken van de polsen van aangeefster zijn opzet was gericht op het gebruik van geweld. </para>
      <para>Nu de rechtbank deze twee verdachten heeft vrijgesproken, kan niet meer worden gesproken van openlijk geweld in vereniging. Verdachte zal dan ook worden vrijgesproken van het primair tenlastegelegde.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ten aanzien van het subsidiair ten laste gelegde:</para>
      <para>Aangeefster heeft verklaard dat verdachte haar tegen wenkbrauw, lip en tegen oor heeft geslagen. Verder heeft verdachte haar aan de haren getrokken.<footnote-ref linkend="_d7cb2e68-9c41-402b-9762-81098f28feb3" /></para>
      <para>De verklaring van aangeefster wordt ondersteund door de volgende bewijsmiddelen.</para>
    </parablock>
    <para>- Getuige [getuige 1] heeft verklaard dat hij heeft gezien dat verdachte “begon te meppen” en dat aangeefster door verdachte werd geslagen en aan de haren getrokken. “ [naam] was degene die het meeste deed”.<footnote-ref linkend="_7ec759b0-874a-4d5d-891b-9ff4f630766b" /></para>
    <para>- Getuige [getuige 2] heeft verklaard dat verdachte aangeefster aanviel. Getuige zag dat verdachte aan het haar van aangeefster trok. Ze zag een pluk haar op de grond liggen. Ze liep naar aangeefster en zag dat er een groot stuk haar was afgetrokken bij aangeefster.<footnote-ref linkend="_9a2fc1ca-a767-47b7-8373-9daca4144f31" /></para>
    <para>- In het dossier bevinden zich foto’s van aangeefster waarop te zien is dat zij een kale plek op het hoofd heeft.<footnote-ref linkend="_dd4cefef-4582-4621-988f-3a84d9ee647b" /></para>
    <para>- In het dossier bevindt zich een schrijven van huisartsenpraktijk Davids te Boxmeer met betrekking tot aangeefster waarin onder meer het volgende letsel staat beschreven: hoofd: haren eruit getrokken, li-zijde bijna geheel alle haren weg, kaal getrokken; li bovenarm: dorsale zijde hematoom; bult op hoofd, links bij kale plek. Bult op hoofd achter re-oor.<footnote-ref linkend="_f1edef0f-6de9-4f3d-8f63-d45cbfef73e4" /></para>
    <para>Op grond van het vorenstaande acht de rechtbank bewezen dat verdachte aangeefster heeft mishandeld.</para>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Bewezenverklaring</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Naar het oordeel van de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het subsidiair tenlastegelegde heeft begaan, te weten dat: </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Subsidiair</para>
      <para>zij op <emphasis role="strike-through">of omstreeks</emphasis> 28 juli 2016  op een passagiersschip (van Smyrilline) <emphasis role="strike-through">en/of</emphasis> op de vaarroute van IJsland naar Denemarken, <emphasis role="strike-through">te IJsland en/of Denemarken, althans de Noord-Atlantische Oceaan en/of Noordzee tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen</emphasis> [slachtoffer] heeft mishandeld door </para>
    </parablock>
    <para>- <emphasis role="strike-through">(meermalen) (</emphasis>met kracht<emphasis role="strike-through">)</emphasis> aan de haren te trekken en<emphasis role="strike-through">/of </emphasis></para>
    <para>- <emphasis role="strike-through">(</emphasis>meermalen<emphasis role="strike-through">) </emphasis>(met kracht) <emphasis role="strike-through">in/op/</emphasis>tegen <emphasis role="strike-through">het oog en/of</emphasis> de wenkbrauw en<emphasis role="strike-through">/of </emphasis>de lip en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> het (rechter)oor, <emphasis role="strike-through">althans het gezicht/hoofd</emphasis> te stompen/slaan; </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voor zover er in de tenlastelegging kennelijke taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn die fouten verbeterd. Verdachte is daardoor niet in zijn verdediging geschaad.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Wat meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard, is niet bewezen. </para>
      <para>Verdachte moet daarvan worden vrijgesproken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>De kwalificatie van het bewezenverklaarde</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het bewezenverklaarde levert op:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Subsidiair:</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">Mishandeling</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>De strafbaarheid van het feit</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het feit is strafbaar.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>De strafbaarheid van de verdachte</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte is strafbaar, nu geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>7</nr>Overwegingen ten aanzien van straf en/of maatregel</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft geëist dat verdachte ter zake van het primair tenlastegelegde zal worden veroordeeld tot betaling van een geldboete ten bedrage van 1200 euro, te vervangen door 22 dagen hechtenis, waarvan 600 euro, te vervangen door 12 dagen hechtenis voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para>De verdediging heeft de rechtbank verzocht rekening te houden met de rol van aangeefster [slachtoffer] en met de omstandigheid dat verdachte zich bereid heeft verklaard aan mediation deel te nemen, hetgeen niet is geëffectueerd omdat [slachtoffer] daar niet aan wilde deelnemen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Beoordeling door de rechtbank</emphasis>
      </para>
      <para>De rechtbank heeft bij de bepaling van de op te leggen straf gelet op de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard, de omstandigheden waaronder dit is begaan, mede gelet op de persoon en de omstandigheden van de verdachte zoals van een en ander bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken, waarbij onder meer is gelet op het uittreksel uit het algemeen documentatieregister, gedateerd 19 september 2018.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte heeft een ander mishandeld door die persoon te slaan en aan de haren te trekken. Daarbij heeft zij een grote pluk haar uit het hoofd van het slachtoffer getrokken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Gelet op het blanco strafblad van verdachte, het tijdsverloop en hetgeen doorgaans in vergelijkbare zaken wordt opgelegd zal de rechtbank aan verdachte een deels voorwaardelijke geldboete opleggen. De straf valt lager uit dan de eis omdat de rechtbank minder bewezen acht dan de officier van justitie. </para>
      <para>Nu het feit is gepleegd in 2016 acht de rechtbank een proeftijd van 1 jaar voldoende. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">7a. 	De beoordeling van de civiele vordering(en), alsmede de gevorderde oplegging van de schadevergoedingsmaatregel</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De benadeelde partij [slachtoffer] heeft zich in het strafproces gevoegd ter verkrijging van schadevergoeding. Gevorderd wordt een bedrag van € 3.858,83 waarvan € 2.500,- immateriële schade. Voorts vordert de benadeelde partij een bedrag van € 4.145,48 voor kosten rechtsbijstand. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De officier van justitie heeft verzocht de vordering van de benadeelde partij met betrekking tot de materiële schade toe te wijzen tot een bedrag van € 611,73, waarbij tevens de schadevergoedingsmaatregel ex artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht wordt opgelegd tot dit bedrag, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door 12 dagen hechtenis. Voor het overige heeft de officier van justitie verzocht dat de benadeelde partij niet-ontvankelijk zal worden verklaard in de vordering.</para>
      <para>Ten aanzien van de immateriële schade en de proceskosten refereert de officier van justitie zich aan het oordeel van de rechtbank.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para>Ten aanzien van het materiële gedeelte van de vordering betwist de verdediging het bedrag voor gereden kilometers van de ouders van benadeelde en voor huishoudelijke hulp. </para>
      <para>Ten aanzien van het immateriële gedeelte stelt de verdediging dat het causaal verband tussen de psychische klachten van de benadeelde partij niet is vastgesteld en dat het bedrag niet is onderbouwd. Voorts stelt de verdediging dat er sprake is van een mate van medeschuld.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Beoordeling door de rechtbank </emphasis>
      </para>
      <para>De rechtbank acht de gevorderde kosten voor gereden kilometers van de ouders van de benadeelde en de huishoudelijke hulp niet voor toewijzing vatbaar nu het causaal verband met het bewezenverklaarde feit onvoldoende is aangetoond.</para>
      <para>De overige reiskosten en de kosten voor lotion hoofdhuid komen de rechtbank niet onredelijk voor zodat zij deze zal toewijzen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan de benadeelde partij is door het bewezen verklaarde handelen tevens rechtstreeks nadeel toegebracht dat niet in vermogensschade bestaat. Dit is aan verdachte toe te rekenen. Aan de wettelijke vereisten, waaronder die genoemd in artikel 6:106 van het Burgerlijk Wetboek, is voldaan. </para>
      <para>Uit de door de benadeelde aangeleverde stukken volgt dat zij ook voordat het bewezenverklaarde feit zich voordeed reeds onder behandeling van een psycholoog was. De rechtbank kan daarom onvoldoende vaststellen in hoeverre de psychische klachten van de benadeelde een rechtstreeks gevolg zijn van het bewezenverklaarde feit. De rechtbank zal de hoogte van de immateriële schade naar billijkheid begroten op € 500,-. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Wat betreft het meer of anders gevorderde zal de benadeelde partij zal niet-ontvankelijk verklaard worden in haar vordering, nu de behandeling van dat deel van de vordering naar het oordeel van de rechtbank een onevenredige belasting van het strafgeding oplevert. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Gelet op het vorenstaande ziet de rechtbank aanleiding om aan verdachte op basis van het bepaalde in artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht de verplichting op te leggen tot betaling aan de Staat van het toe te wijzen bedrag ten behoeve van genoemde benadeelde partij. De rechtbank zal tevens de wettelijke rente toewijzen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De gevorderde en toegewezen rente is daarbij niet inbegrepen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Nu de benadeelde partij voor een groot deel in het ongelijk is gesteld in haar vordering tot schadevergoeding, ziet de rechtbank termen om de proceskosten te compenseren in die zin dat iedere partij haar eigen proceskosten draagt.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>8</nr>De toegepaste wettelijke bepalingen</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De beslissing is gegrond op de artikelen 14a, 14b, 14c, 23, 24c, 36f en 300 van het Wetboek van Strafrecht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>9</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	Spreekt verdachte vrij van het primair ten laste gelegde feit;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verklaart bewezen dat verdachte het subsidiair tenlastegelegde, zoals vermeld onder punt 3, heeft begaan;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven bewezen is verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verstaat dat het aldus bewezenverklaarde oplevert het strafbare feit zoals vermeld onder punt 4;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verklaart verdachte hiervoor strafbaar;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	veroordeelt verdachte wegens het bewezenverklaarde tot </para>
    </parablock>
    <para />
    <para> een <emphasis role="bold">geldboete</emphasis> van <emphasis role="bold">€ 750,- (zevenhonderdenvijftig euro)</emphasis> bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door <emphasis role="bold">15 (vijf) dagen hechtenis</emphasis>;</para>
    <para />
    <para> bepaalt, dat een gedeelte van deze geldboete groot <emphasis role="bold">€ 250,- (tweenhonderdenvijftig euro)</emphasis>, <emphasis role="bold">niet ten uitvoer zal worden gelegd</emphasis>, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, wegens niet nakoming van na te melden voorwaarde voor het einde van de <emphasis role="bold">proeftijd</emphasis> die op <emphasis role="bold">één jaar</emphasis> wordt bepaald;</para>
    <para />
    <para> dat de veroordeelde zich voor het einde daarvan niet zal schuldig maken aan een strafbaar feit;</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>	<emphasis role="bold">De beslissing op de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer]</emphasis></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>veroordeelt verdachte tot betaling van <emphasis role="bold">schadevergoeding</emphasis> aan de <emphasis role="bold">benadeelde partij [slachtoffer]</emphasis> van een bedrag van <emphasis role="bold">€ 941,73 (negenhonderdeenenveertig euro en drieënzeventig cent)</emphasis>, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 28 juli 2016 tot aan de dag der algehele voldoening; </para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>verklaart de <emphasis role="bold">benadeelde partij voor het overige niet-ontvankelijk</emphasis> in haar vordering;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>legt aan veroordeelde de <emphasis role="bold">verplichting</emphasis> op <emphasis role="bold">om aan de Staat</emphasis>, ten behoeve van de benadeelde partij [slachtoffer] , een bedrag <emphasis role="bold">te betalen van € 941,73 (negenhonderdeenenveertig euro en drieënzeventig cent)</emphasis>, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 28juli 2016 tot aan de dag der algehele voldoening, met bepaling dat bij gebreke van betaling en verhaal van de hoofdsom 18 dagen hechtenis zal kunnen worden toegepast zonder dat de betalingsverplichting vervalt;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>bepaalt dat, indien veroordeelde heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de Staat daarmee de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij in zoverre komt te vervallen en andersom dat, indien veroordeelde heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij daarmee de verplichting tot betaling aan de Staat in zoverre komt te vervallen;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>compenseert de proceskosten van partijen aldus, dat elke partij de eigen kosten draagt.</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="3">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <colspec colname="colC" />
        <tbody>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Dit vonnis is gewezen door mr. W.L.F. Prisse (voorzitter), mr. J.M. Hamaker en mr. S. Boot, rechters, in tegenwoordigheid van mr. C.T.P.M. van Aarssen, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 2 november 2018.</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
  <footnote id="_7b43cca3-96d0-4b09-9e43-37392f844279" label="1">
    <para> Het bewijs is terug te vinden in het in de wettelijke vorm door verbalisant [verbalisant] van de politie Oost Nederland, district Gelderland-Midden opgemaakte proces-verbaal, dossiernummer PL0600-2016621594, gesloten op 30 maart 2017 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_d3b5b38b-f3e4-4482-a8f3-b008fecfe57f" label="2">
    <para> Verklaring verdachte ter terechtzitting van 19 oktober 2018; proces-verbaal van aangifte, p. 8-10.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_d7cb2e68-9c41-402b-9762-81098f28feb3" label="3">
    <para> Proces-verbaal van aangifte, p. 10.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_7ec759b0-874a-4d5d-891b-9ff4f630766b" label="4">
    <para> Proces-verbaal van verhoor [getuige 1] , p. 20.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_9a2fc1ca-a767-47b7-8373-9daca4144f31" label="5">
    <para> Proces-verbaal van verhoor [getuige 2] , p. 22.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_dd4cefef-4582-4621-988f-3a84d9ee647b" label="6">
    <para> Foto’s, p. 13.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_f1edef0f-6de9-4f3d-8f63-d45cbfef73e4" label="7">
    <para> Brief huisartspraktijk p. 63.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>