<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBGEL:2018:4098</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2018-09-26T09:16:32</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2018-09-25</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Gelderland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Gelderland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2018-09-20</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">05/780065-16</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Arnhem</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2018:4098">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2018:4098</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2018-09-26T09:15:19</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2018-09-26</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBGEL:2018:4098 Rechtbank Gelderland , 20-09-2018 / 05/780065-16</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBGEL:2018:4098:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Veroordeling voor medeplegen valsheid in geschrift. Geldboete € 2.500,-. Vrijspraak (medeplegen) oplichting. Benadeelde partij niet-ontvankelijk.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBGEL:2018:4098:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">RECHTBANK GELDERLAND</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Arnhem</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer	: 05/780065-16</para>
      <para>Datum uitspraak	: 20 september 2018</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegenspraak</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">vonnis van de meervoudige kamer</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">de officier van justitie bij het arrondissementsparket Oost-Nederland</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte]
        </emphasis>
      </para>
      <para>geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats] , wonende te [woonplaats] ),</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>raadsvrouw: mr. A.C. van der Hulst, advocaat te Amsterdam.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen</para>
      <para>van 14 juli 2016 en 6 september 2018.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De inhoud van de tenlastelegging</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan verdachte is, na een door de rechtbank toegewezen vordering wijziging tenlastelegging, ten laste gelegd dat: </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>1.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op één of meerdere tijdstip(pen) gelegen in of omstreeks de periode van 2 februari 2011 tot en met 1 juni 2011 </para>
      <para>in Gaanderen, gemeente Doetinchem, en/of in Doetinchem, althans (elders) in Nederland, </para>
      <para>en/of in Schwetzingen en/of Heidelberg, althans (elders) in Duitsland, </para>
      <para>tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, </para>
      <para>met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen, door het aannemen van een valse naam en/of een valse hoedanigheid en/of door een of meer listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, Verzekeringmaatschappij [benadeelde] </para>
      <para>heeft bewogen tot de afgifte van een geldbedrag van 25.000 euro, althans tot afgifte van enig geldbedrag, te weten de uitkering van enig schadebedrag immers heeft hij, verdachte, en/of zijn mededader(s) met vorenomschreven oogmerk, -zakelijk weergegeven- valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid: </para>
      <para>-een schadeformulier ingevuld of laten invullen en/of ondertekend of laten ondertekenen en/of voorzien van (een) handtekening of laten voorzien van een handtekening en/of dit schadeformulier (vervolgens) doen toekomen of verzonden, in elk geval ingediend of laten indienen aan/bij Verzekeringsmaatschappij [benadeelde] en/of </para>
      <para>-in dit schadeformulier aangegeven en/of laten aangeven dat een paard genaamd [naam 2] is overleden en/of </para>
      <para>-een schrijven/brief, opgemaakt door hem, verdachte (dierenarts [verdachte] ), gedateerd op 15 maart 2011, overlegd of laten overleggen en/of verzonden of laten verzenden aan Verzekeringsmaatschappij [benadeelde] , waaruit zou blijken dat een paard genaamd [naam 2] een gebroken been zou hebben gehad en dat na constatering daarvan het genoemde paard zou zijn gedood waardoor voornoemde Verzekeringsmaatschappij [benadeelde] werd bewogen tot bovenomschreven afgifte; </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>2.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op één of meerdere tijdstip(pen) gelegen in of omstreeks de periode van 2 februari 2011 tot en met 1 juni 2011, </para>
      <para>in Gaanderen, gemeente Doetinchem, en/of in Doetinchem althans (elders) in Nederland, </para>
      <para>en/of in Schwetzingen en/of Heidelberg, althans (elders) in Duitsland, </para>
      <para>tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, </para>
      <para>een geschrift, namelijk een brief van hem, verdachte (dierenarts [verdachte] ), aan [naam 6] (gedateerd op 15 maart 2011), althans een geschrift, dat bestemd was om tot bewijs van enig feit te dienen, te weten het overlijden van een paard genaamd [naam 2] op 1 februari 2011, met het oogmerk om dat geschrift als echt en onvervalst te gebruiken en/of door anderen te doen gebruiken valselijk heeft opgemaakt en/of heeft doen opmaken en/of heeft vervalst en/of heeft doen vervalsen, bestaande die valsheid of vervalsing hierin dat valselijk, immers opzettelijk in strijd met de waarheid, in die brief is opgenomen dat een paard genaamd [naam 2] is overleden op 1 februari 2011 alsmede dat verdachte het betreffende paard die dag onderzocht heeft ‘im Stall der [naam 4] ’ en/of naar aanleiding van dat onderzoek het paard is gedood.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">2.	Overwegingen ten aanzien van het bewijs</emphasis>
        <footnote-ref linkend="_2b1e99c6-479e-4db7-9c7b-97c114b92dab" />
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">Feit 1</emphasis>
      </para>
      <para>Met de officier van justitie en de verdediging is de rechtbank van oordeel dat het onder 1 ten laste gelegde niet wettig en overtuigend is bewezen, zodat de verdachte daarvan zal worden vrijgesproken. Naar het oordeel van de rechtbank kan het opzet op de oplichting van de verzekeringsmaatschappij niet worden bewezen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">Feit 2</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="underline">De feiten</emphasis>
      </para>
      <para>Op grond van de bewijsmiddelen wordt het volgende, dat niet ter discussie staat, vastgesteld.</para>
      <para>Verdachte heeft te Heidelberg een overlijdensattest opgesteld betreffende een paard genaamd [naam 2] (hierna: [naam 2] . Hierin is opgenomen dat hij het paard op 1 februari 2011 orthopedisch heeft onderzocht in de stal van de [naam 4] in Fussgonheim, Duitsland, en dat het paard op die dag is gedood naar aanleiding van de diagnose.<footnote-ref linkend="_038b46a5-406e-4a58-b06e-e21d420e449f" /></para>
      <para>Op 2 februari 2011 heeft medeverdachte [naam 6] , thans genaamd [naam 5] , namens [naam 6] Stables (hierna: [naam 6] ) bij [benadeelde] (hierna: [benadeelde] ) een schadeclaim ingediend in verband met het overlijden van het paard [naam 2] doormiddel van een schadeformulier dat is ondertekend te Gaanderen.<footnote-ref linkend="_884ab69f-b5fc-4838-ba6d-75830adf8901" /> [naam 6] heeft op verzoek van [benadeelde] onder andere het bovengenoemde overlijdensattest van [naam 2] overgelegd.<footnote-ref linkend="_9f79ae64-82d0-4fae-87e9-5b078e7f2b58" /> [benadeelde] heeft op 1 juni 2011 het maximale schadebedrag (per gebeurtenis) van € 25.000,- uitgekeerd.<footnote-ref linkend="_967cc85c-9986-4c71-bd34-401a3e0b0a40" /> [naam 7] , eigenaar van [naam 8] , heeft het paard [naam 2] gekocht in Frankrijk op 27 augustus 2003 en verkocht aan [naam 9] op 10 september 2012.<footnote-ref linkend="_259a2659-b90b-44f7-be7e-7b67a660e94f" /> [naam 9] heeft het paard verkocht aan [naam 10] . [naam 10] heeft het weer doorverkocht aan [naam 11] uit Amerika.<footnote-ref linkend="_978a8556-4f0f-4e41-b2c2-230f41289a5b" /> Op 3 oktober 2012 heeft een dierenarts onderzoek gedaan naar het paard Papillion met het chip-nummer 528210000749482, ten behoeve van het transport naar Amerika.<footnote-ref linkend="_d521fe05-6de4-4232-b0e8-0cb7fbd9d729" /> Dit chipnummer komt overeen met het chipnummer dat handgeschreven op het kopie paspoort van [naam 2] staat<footnote-ref linkend="_08e22033-c342-42e8-82ea-19dabea3ca2a" /> en de aanvraag hengstenkeuring van [naam 7] .<footnote-ref linkend="_f7d3cc73-ae1b-486f-a574-653beacb9854" /> Dit chipnummer is ook bekend bij het KWPN.<footnote-ref linkend="_ebb3cd4e-a0fa-4f3b-9b56-b24fe6a801af" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft gesteld dat wettig en overtuigend bewezen kan worden geacht dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het onder feit 2 ten laste gelegde.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para>De verdediging is van mening dat verdachte dient te worden vrijgesproken, omdat van het vereiste oogmerk tot de misleiding geen sprake is. Er valt niet te bewijzen dat verdachte opzettelijk in strijd met de waarheid in het attest heeft opgenomen dat het paard is overleden. Verdachte is er op basis van de aan hem verstrekte informatie door medeverdachte [naam 12] van uit gegaan dat het paard moest en zou worden afgemaakt. Hij heeft om [naam 12] een gunst te bewijzen de verklaring opgesteld.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Beoordeling door de rechtbank </emphasis>
      </para>
      <para>De rechtbank stelt op basis van bovenstaande feiten vast dat [naam 2] niet dood is, althans niet gedood is op 1 februari 2011.</para>
      <para>Verdachte heeft verklaard dat hij [naam 2] op 1 februari 2011 niet heeft onderzocht, niet in de stal van de [naam 4] te Duitsland en ook niet in Nederland.<footnote-ref linkend="_67024a95-cfb2-4270-ba90-2a1daa5d3e13" /> De assistent-dierenarts van verdachte, [naam 13] , heeft dit bevestigd.<footnote-ref linkend="_1d421cab-6571-4ebf-a502-bcd2d4356b95" /></para>
      <para>Verdachte heeft verder verklaard dat [naam 6] hem heeft gebeld op 1 februari 2011 met de mededeling dat hij in zijn stal een paard met een gebroken been had en een hij certificaat van een gespecialiseerde dierenarts nodig had. De röntgenfoto’s die [naam 6] hem vervolgens toestuurde heeft hij medisch beoordeeld en hij heeft aangegeven dat het paard niet verder kon leven.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Uit de verklaring van verdachte leidt de rechtbank af dat de inhoud van het overlijdensattest in strijd met de waarheid is en dat dit aldus vals is opgemaakt. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte heeft ter terechtzitting verklaard dat hij wist dat het overlijdensattest nodig was voor de eigenaar van het paard en voor de verzekeraar. In de e-mail van 8 maart 2011 aan verdachte heeft [naam 6] informatie over het paard gegeven, zoals de naam, het levensnummer, de geboortedatum, de dag van de gebeurtenis (1 februari 2010), welk been het betrof en dat [naam 6] met het paard naar de plaats van verdachte is gekomen.<footnote-ref linkend="_52a23d73-8b88-4f9c-a37e-8873fe82c41f" /> In de reactie van verdachte in de e-mail van 9 maart 2011 staat: </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">“Hello my friend, I just have one question for the case, that the insurance will have any questions about the fact, what we did with the death horse? Isn’t it easier if we wrote that I was at your place?”</emphasis>
        <footnote-ref linkend="_085e312a-f775-47d7-8d90-778585ab3033" />
      </para>
      <para>Uit deze e-mail blijkt dat verdachte met [naam 6] informatie afstemt over de inhoud van het attest in verband met eventuele vragen van de verzekeraar. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Gelet op het feit dat het overlijdensattest dateert van 15 maart 2011, is de inhoud van het overlijdensattest voorafgaand bewust en in nauwe samenspraak opgesteld ten behoeve van de van [naam 6] , zodat hij dit kon gebruiken. Door [naam 6] is informatie doorgegeven en er heeft overleg plaatsgevonden over wat er in het attest moest worden opgenomen over de plaats van het onderzoek. </para>
      <para>Dat er geknipt en geplakt is uit een eerder standaarddocument – zoals door de verdediging betoogd – is daarmee ongeloofwaardig. Naar het oordeel van de rechtbank heeft verdachte in het overlijdensattest opzettelijk informatie opgenomen die in strijd is met de waarheid.</para>
      <para>Gelet hierop en gelet op het feit dat verdachte wist dat het overlijdensattest mogelijk gebruikt ging worden voor de verzekering, is de rechtbank van oordeel dat verdachte het oogmerk heeft gehad dat het overlijdensattest als echt en onvervalst door [naam 12] gebruikt zou gaan worden. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank acht dan ook wettig en overtuigend bewezen dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het onder feit 2 ten laste gelegde.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Bewezenverklaring</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Naar het oordeel van de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het onder feit 2 tenlastegelegde heeft begaan, te weten dat: </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>2.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op één of meerdere tijdstip<emphasis role="strike-through">(</emphasis>pen<emphasis role="strike-through">)</emphasis> gelegen in <emphasis role="strike-through">of omstreeks</emphasis> de periode van 2 februari 2011 tot en met 1 juni 2011, </para>
      <para>in Gaanderen, gemeente Doetinchem, <emphasis role="strike-through">en/of in Doetinchem</emphasis> althans <emphasis role="strike-through">(elders)</emphasis> in Nederland, </para>
      <para>en/of in Schwetzingen en/of Heidelberg, althans <emphasis role="strike-through">(elders)</emphasis> in Duitsland, </para>
      <para>tezamen en in vereniging met een ander of anderen<emphasis role="strike-through">, althans alleen, </emphasis></para>
      <para>een geschrift, namelijk </para>
      <para>een brief van hem, verdachte (dierenarts [verdachte] ), aan [naam 6] (gedateerd op 15 maart 2011), </para>
      <para>althans een geschrift, dat bestemd was om tot bewijs van enig feit te dienen, te weten het overlijden van een paard genaamd [naam 2] op 1 februari 2011, </para>
      <para>met het oogmerk om dat geschrift als echt en onvervalst <emphasis role="strike-through">te gebruiken en/of</emphasis> door een andere<emphasis role="strike-through">n</emphasis> te doen gebruiken </para>
      <para>valselijk heeft opgemaakt <emphasis role="strike-through">en/of heeft doen opmaken en/of heeft vervalst en/of heeft doen vervalsen, </emphasis></para>
      <para>bestaande die valsheid of vervalsing hierin dat valselijk, immers opzettelijk in strijd met de waarheid, in die brief is opgenomen <emphasis role="strike-through">dat een paard genaamd [naam 2] is overleden op 1 februari 2011 alsmede</emphasis> dat verdachte het betreffende paard die dag onderzocht heeft ‘im Stall der [naam 4] ’ <emphasis role="strike-through">en/of naar aanleiding van dat onderzoek het paard is gedood</emphasis>.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voor zover er in de tenlastelegging kennelijke taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn die fouten verbeterd. Verdachte is daardoor niet in zijn verdediging geschaad.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Wat meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard, is niet bewezen. </para>
      <para>Verdachte moet daarvan worden vrijgesproken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>De kwalificatie van het bewezenverklaarde</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het bewezenverklaarde levert op:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Ten aanzien van feit 2:</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">Medeplegen van valsheid in geschrift.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>De strafbaarheid van het feit</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het feit is strafbaar.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>De strafbaarheid van de verdachte</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte is strafbaar, nu geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>7</nr>Overwegingen ten aanzien van straf en/of maatregel</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft geëist dat verdachte ter zake van het onder 2 tenlastegelegde zal worden veroordeeld tot het verrichten van 100 uren werkstraf waarvan 50 uren voorwaardelijk.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para>De verdediging heeft verzocht, in het geval de rechtbank tot een veroordeling komt, een (voorwaardelijke) geldboete op te leggen. Betoogd is dat de redelijke termijn als bedoeld in art. 6, eerste lid, Europees Verdrag tot bescherming van de Rechten van de Mens en de fundamentele vrijheden (EVRM) is overschreden en dat deze overschrijding moet worden verdisconteerd in de strafoplegging. Er is volgens de verdediging geen sprake van bijzondere omstandigheden die kunnen maken dat een langere termijn dan twee jaar voor redelijk kan worden gehouden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Beoordeling door de rechtbank</emphasis>
      </para>
      <para>De rechtbank heeft bij de bepaling van de op te leggen straf gelet op de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard. Ook heeft de rechtbank gelet op de omstandigheden waaronder dit is begaan. De rechtbank heeft mede gelet op de persoon en de omstandigheden van de verdachte zoals van een en ander bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken, waarbij onder meer is gelet op het uittreksel uit het algemeen documentatieregister, gedateerd 20 juli 2018.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte heeft zich samen met een ander schuldig gemaakt aan valsheid in geschrift. Hij heeft als dierenarts valse informatie opgenomen in een overlijdensattest van een paard. Door de handelswijze van verdachte werd het een ander mogelijk gemaakt om een verzekeringsmaatschappij op te lichten. De rechtbank vindt dit een ernstig feit. De rechtbank neemt daarbij mede in aanmerking dat verdachte als dierenarts een zekere autoriteit geniet en dat hij in Duitsland in zijn hoedanigheid geregeld als getuige-deskundige optreedt voor de Duitse rechtbank. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Uit de justitiële documentatie van verdachte blijkt dat hij eerder met politie en justitie in aanraking is gekomen. De rechtbank weegt ten voordele van verdachte mee dat hij in Nederland niet eerder is veroordeeld voor (soortgelijke) strafbare feiten.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank overweegt met betrekking tot de aanvang van de redelijke termijn en het procesverloop in deze zaak het volgende. Naar aanleiding van een rechtshulpverzoek is verdachte op 10 juli 2015 telefonisch door de Duitse politie als verdachte gehoord. De strafzaak is op 14 juli 2016 behandeld op zitting. In verband met de onderzoekswensen in de zaak van medeverdachte [naam 12] , en de beslissing van de rechtbank om de zaken gelijktijdig af te doen, is de zaak aangehouden voor onbepaalde tijd. De strafzaak is op 6 september 2018 voortgezet en op 20 september 2018 is vonnis gewezen. Dat is 38 maanden en 10 dagen later. Daarmee is de redelijke termijn met 14 maanden en 10 dagen overschreden.</para>
      <para>De rechtbank houdt in de strafoplegging rekening met deze overschrijding van de redelijke termijn.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Gelet op de grote reisafstand tussen de woonplaats van verdachte en Nederland is een werkstraf in dit geval volgens de rechtbank niet passend. Alles afwegende, acht de rechtbank de oplegging van een geldboete van € 2.500,00 een passende en geboden reactie op het bewezenverklaarde. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">7a. 	De beoordeling van de civiele vordering(en), alsmede de gevorderde oplegging van de schadevergoedingsmaatregel</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De benadeelde partij [benadeelde] heeft zich in het strafproces gevoegd ter verkrijging van schadevergoeding ter zake van het onder 1 ten laste gelegde feit. Gevorderd wordt een bedrag van € 73.631,51.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft verzocht de vordering van de benadeelde partij [benadeelde] af te wijzen, omdat de gevorderde schade in een te ver verwijderd verband van de gepleegde feiten staat.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para>De verdediging is, gelet op de verzochte vrijspraak, van mening dat de vordering van de benadeelde partij in zijn geheel niet-ontvankelijk dient te worden verklaard.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Beoordeling door de rechtbank </emphasis>
      </para>
      <para>De benadeelde partij zal niet-ontvankelijk worden verklaard in haar vordering, nu verdachte is vrijgesproken van het onder 1 tenlastegelegde. De benadeelde partij kan haar vordering eventueel aanbrengen bij de burgerlijke rechter. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>8</nr>De toegepaste wettelijke bepalingen</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De beslissing is gegrond op de artikelen 23, 24, 24a, 47 en 225 van het Wetboek van Strafrecht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>9</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	spreekt verdachte vrij van het onder 1 tenlastegelegde feit;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verklaart bewezen dat verdachte de overige tenlastegelegde feiten, zoals vermeld onder punt 3, heeft begaan;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven bewezen is verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verstaat dat het aldus bewezenverklaarde oplevert het strafbare feit zoals vermeld onder punt 4;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verklaart verdachte hiervoor strafbaar;</para>
    </parablock>
    <para />
    <para> veroordeelt verdachte wegens het bewezenverklaarde tot een <emphasis role="bold">geldboete</emphasis> van <emphasis role="bold">€ 2.500,- (tweeduizend vijfhonderd euro),</emphasis> bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door <emphasis role="bold">35 dagen hechtenis</emphasis>;</para>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>	<emphasis role="bold">De beslissing op de vordering van de benadeelde partij [benadeelde] .</emphasis></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para> verklaart de benadeelde partij [benadeelde] niet-ontvankelijk in haar vordering.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="3">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <colspec colname="colC" />
        <tbody>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Dit vonnis is gewezen door mr. S.H. Keijzer (voorzitter), mr. J.M. Klep en mr. J.H. Steverink, rechters, in tegenwoordigheid van mr. J.M.P. van der Meulen en mr. C.T.P.M. van Aarssen, griffiers, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 20 september 2018.</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>mr. C.T.P.M. van Aarssen is buiten staat om dit vonnis mede te ondertekenen.</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
  <footnote id="_2b1e99c6-479e-4db7-9c7b-97c114b92dab" label="1">
    <para> Het bewijs is terug te vinden in de in de wettelijke vorm door verbalisanten van de politie Oost Nederland, Team Financieel-economische Criminaliteit, opgemaakte processen-verbaal, onderzoek ONRBB15001 (onderzoek Keyboard), en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het betreffende zaaksdossier, tenzij anders vermeld.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_038b46a5-406e-4a58-b06e-e21d420e449f" label="2">
    <para> Overlijdensattest opgesteld door verdachte d.d. 15 maart 2011 (A01.01-008), p. 47.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_884ab69f-b5fc-4838-ba6d-75830adf8901" label="3">
    <para> Schadeformulier d.d. 2 februari 2011 (A01.01-004), p. 34-36.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_9f79ae64-82d0-4fae-87e9-5b078e7f2b58" label="4">
    <para> Rapport van Interlloyd Survey B.V. d.d. 6 mei 2011 (A.01.01-005), p. 39.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_967cc85c-9986-4c71-bd34-401a3e0b0a40" label="5">
    <para> Proces-verbaal aangifte d.d. 13 januari 2015 (A01.01), p. 19.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_259a2659-b90b-44f7-be7e-7b67a660e94f" label="6">
    <para> Proces-verbaal van verhoor [naam 7] d.d. 1 mei 2015 (G01.01), p. 160-162; factuur aankoop [naam 2] d.d. 27 januari 2003 (AH002-007), p. 52; factuur verkoop [naam 2] d.d. 10 september 2012(AH002-014), p. 54.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_978a8556-4f0f-4e41-b2c2-230f41289a5b" label="7">
    <para> (aanvullend) proces-verbaal van bevindingen 2 december 2016 (AH085).</para>
  </footnote>
  <footnote id="_d521fe05-6de4-4232-b0e8-0cb7fbd9d729" label="8">
    <para> Health certification for horses into the United States of America, opgesteld door [naam 14] , ambtelijk dierenarts, Landkreis Cloppenburg, Bijlage bij (aanvullend) proces-verbaal van bevindingen 2 december 2016 (AH085).</para>
  </footnote>
  <footnote id="_08e22033-c342-42e8-82ea-19dabea3ca2a" label="9">
    <para> Kopie paspoort [naam 2] (AH002-006), AH-dossier, p. 26</para>
  </footnote>
  <footnote id="_f7d3cc73-ae1b-486f-a574-653beacb9854" label="10">
    <para> Aanvraag hengstenkeuring van [naam 7] (AH002-009), AH-dossier, p. 31.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_ebb3cd4e-a0fa-4f3b-9b56-b24fe6a801af" label="11">
    <para> AH047-002), AH-dossier, p 600.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_67024a95-cfb2-4270-ba90-2a1daa5d3e13" label="12">
    <para> proces-verbaal getuigenverhoor [verdachte] bij de rechter-commissaris d.d. 18 april 2017; verklaringen verdachte afgelegd ter terechtzitting d.d. 6 september 2018.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_1d421cab-6571-4ebf-a502-bcd2d4356b95" label="13">
    <para> Schriftelijke verklaring van [naam 13] , dierenarts, d.d. 2 december 2016.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_52a23d73-8b88-4f9c-a37e-8873fe82c41f" label="14">
    <para> E-mail van [naam 6] d.d. 8 maart 2011 (B.02.03.00-005), p. 141.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_085e312a-f775-47d7-8d90-778585ab3033" label="15">
    <para> E-mail van verdachte d.d. 9 maart 2011 (B.02.03.00-006), p. 142.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>