<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBGEL:2018:3326</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2018-07-27T13:24:57</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2018-07-27</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Gelderland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Gelderland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2018-07-27</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">05/740076-18</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Arnhem</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2018:3326">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2018:3326</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2018-07-27T10:59:33</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2018-07-27</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBGEL:2018:3326 Rechtbank Gelderland , 27-07-2018 / 05/740076-18</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBGEL:2018:3326:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Gevangenisstraf en deels voorwaardelijke werkstraf voor het plegen van ontuchtige handelingen met een 15-jarige jongen, waaronder het seksueel binnendringen van het lichaam.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBGEL:2018:3326:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">RECHTBANK GELDERLAND</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Arnhem</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer	: 05/740076-18</para>
      <para>Datum uitspraak	: 27 juli 2018</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegenspraak</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">vonnis van de meervoudige kamer</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">de officier van justitie bij het arrondissementsparket Oost-Nederland</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte]
        </emphasis>
      </para>
      <para>geboren op [geboortedatum 1] 1995 te [geboorteplaats] , wonende te [adres] , [woonplaats]</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>raadsman: mr. G. Altena, advocaat te Arnhem.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 13 juli 2018.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De inhoud van de tenlastelegging</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan verdachte is ten laste gelegd dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij (op een of meer tijdstippen) op of omstreeks 18 oktober 2017, althans in of omstreeks de periode van 16 oktober 2017 tot 24 november 2017 in de gemeente Arnhem, met [slachtoffer] , geboren op [geboortedatum 2] , die de leeftijd van twaalf jaren maar nog niet die van zestien jaren had bereikt, (telkens) buiten echt, een of meer ontuchtige handelingen heeft gepleegd, die bestonden uit of mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer] , te weten het meermalen, althans éénmaal, duwen/drukken/brengen/houden van zijn, verdachtes, penis in de mond en/of anus van die [slachtoffer] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>
      <emphasis role="bold">2.	Overwegingen ten aanzien van het bewijs</emphasis>
      <footnote-ref linkend="_d0bdfda9-df35-47a6-99a3-d62489e19ddc" />
    </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Er is sprake van een bekennende verdachte als bedoeld in artikel 359, derde lid, laatste zin van het Wetboek van Strafvordering en daarom wordt volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bewijsmiddelen:</para>
    </parablock>
    <para>- de verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting van 13 juli 2018;</para>
    <para> het proces-verbaal van aangifte van [aangever] , p. 46-50;</para>
    <para>- het proces-verbaal van verhoor van getuige [getuige] , p. 51-58 en</para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Bewezenverklaring</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Naar het oordeel van de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte <emphasis role="bold">het ten laste gelegde </emphasis>heeft begaan, te weten dat: </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij <emphasis role="strike-through">(op een of</emphasis> meer tijdstippen<emphasis role="strike-through">)</emphasis> op <emphasis role="strike-through">of omstreeks</emphasis> 18 oktober 2017<emphasis role="strike-through">, althans in of omstreeks de periode van 16 oktober 2017 tot 24 november 2017</emphasis> in de gemeente Arnhem, met [slachtoffer] , geboren op [geboortedatum 2] , die de leeftijd van twaalf jaren maar nog niet die van zestien jaren had bereikt, <emphasis role="strike-through">(</emphasis>telkens<emphasis role="strike-through">)</emphasis> buiten echt, <emphasis role="strike-through">een of meer</emphasis> ontuchtige handelingen heeft gepleegd, die bestonden uit <emphasis role="strike-through">of mede bestonden uit</emphasis> het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer] , te weten het meermalen, <emphasis role="strike-through">althans éénmaal, duwen/drukken/</emphasis>brengen<emphasis role="strike-through">/houden</emphasis> van zijn, verdachtes, penis in de mond en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> anus van die [slachtoffer] ;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Wat meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard, is niet bewezen. </para>
      <para>Verdachte moet daarvan worden vrijgesproken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>De kwalificatie van het bewezenverklaarde</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het bewezenverklaarde levert op:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">Met iemand die de leeftijd van twaalf jaren, maar nog niet die van zestien jaren heeft bereikt, buiten echt, ontuchtige handelingen plegen die bestaan uit of mede bestaan uit het seksueel binnendringen van het lichaam, meermalen gepleegd.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>De strafbaarheid van het feit</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het feit is strafbaar.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>De strafbaarheid van de verdachte</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte is strafbaar, nu geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>7</nr>Overwegingen ten aanzien van straf en/of maatregel</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft geëist dat verdachte wordt veroordeeld tot een werkstraf voor de duur van 200 uur en een gevangenisstraf voor de duur van 180 dagen waarvan 179 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van drie jaren, met als bijzondere voorwaarden een meldplicht en een ambulante behandelverplichting, met aftrek van de tijd in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para>De verdediging heeft verzocht geen (on)voorwaardelijke gevangenisstraf op te leggen, maar te volstaan met de oplegging van een geheel of grotendeels voorwaardelijke werkstraf, met daaraan de bijzondere voorwaarden gekoppeld zoals door de reclassering geadviseerd.  </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Beoordeling door de rechtbank</emphasis>
      </para>
      <para>De rechtbank heeft bij de bepaling van de op te leggen straf gelet op de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard, de omstandigheden waaronder dit is begaan, mede gelet op de persoon en de omstandigheden van de verdachte zoals van een en ander bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken, waarbij onder meer is gelet op:</para>
    </parablock>
    <para>- het uittreksel uit het algemeen documentatieregister, gedateerd 12 juni 2018 en </para>
    <para>- een voorlichtingsrapportage van Reclassering Nederland, gedateerd 10 juli 2018.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft bij de straftoemeting in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen. Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het plegen van ontuchtige handelingen met een 15-jarige jongen. Deze handelingen bestonden onder meer uit het seksueel binnendringen van het lichaam. Verdachte was op de hoogte van de jeugdige leeftijd van de jongen. Verdachte was op dat moment 22 jaar oud en er was dus sprake van een aanmerkelijk leeftijdsverschil tussen hem en de jongen. Ten tijde van het feit was verdachte bovendien werkzaam als onderwijsassistent. Vanuit zijn beroep had verdachte moeten weten dat jongens van vijftien erg kwetsbaar zijn. Door zijn handelen heeft verdachte inbreuk gemaakt op de lichamelijke en seksuele integriteit van de jongen. Dit wordt in het algemeen als zeer ingrijpend ervaren en kan nadelige psychische gevolgen van mogelijk langere duur met zich brengen, onder meer in de vorm van een verstoring van de seksuele ontwikkeling en het vertrouwen in anderen. Dit is niet anders wanneer niet tegen de wil van de jeugdige is gehandeld. Jeugdigen kunnen de impact van hun handelen namelijk nog niet (goed) overzien. Op jeugdige leeftijd moeten kinderen in hun eigen tempo leren omgaan met de ontwikkeling op seksueel gebied. Daarbij moeten zij beschermd worden tegen personen die door hun leeftijd overwicht op hen hebben. Dat is de reden dat de wetgever seksueel contact tussen volwassenen en kinderen onder de zestien strafbaar heeft gesteld.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De reclassering schat het recidiverisico in als matig en adviseert een meldplicht en een ambulante behandeling op te leggen in het kader van bijzondere voorwaarden om dit recidiverisico te verminderen. De rechtbank zal dit advies overnemen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>In het voordeel van verdachte houdt de rechtbank rekening met de omstandigheid dat verdachte niet eerder is veroordeeld wegens strafbare feiten. Daarnaast houdt de rechtbank rekening met het feit dat verdachte ter terechtzitting zijn oprechte spijt en berouw heeft getoond en er blijk van heeft gegeven dat hij inzicht heeft in de strafbaarheid en gevolgen van zijn handelen. Ter zitting heeft verdachte ook een open houding getoond ten aanzien van de door de reclassering geadviseerde bijzondere voorwaarden en zich bereid verklaard hieraan mee te werken. Daarnaast houdt de rechtbank rekening met de omstandigheid dat verdachte ook door het feit is getroffen. Hij heeft zijn baan opgezegd, is met zijn studie gestopt en kan zijn droom om leraar te worden – weliswaar door zijn eigen toedoen – niet meer verwezenlijken. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank waardeert de persoonlijke omstandigheden van verdachte anders dan de officier van justitie en komt, gelet op deze omstandigheden en op uitspraken in (enigszins) vergelijkbare zaken tot de volgende strafoplegging.</para>
      <para>De rechtbank legt aan verdachte een werkstraf op voor de duur van 200 uur, waarvan 100 uur voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren, met als bijzondere voorwaarden een meldplicht en een ambulante behandelverplichting. Daarnaast legt de rechtbank een gevangenisstraf op voor de duur van één dag, met aftrek van de tijd die verdachte in verzekering heeft doorgebracht. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>8</nr>De toegepaste wettelijke bepalingen</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De beslissing is gegrond op de artikelen 14a, 14b, 14c, 14d, 22c, 22d, 57 en 245 van het Wetboek van Strafrecht.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>9</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verklaart bewezen dat verdachte het ten laste gelegde, zoals vermeld onder punt 3, heeft begaan;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven bewezen is verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verstaat dat het aldus bewezenverklaarde oplevert het strafbare feit zoals vermeld onder punt 4;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verklaart verdachte hiervoor strafbaar;</para>
    </parablock>
    <para />
    <para> <emphasis role="underline">veroordeelt</emphasis> verdachte wegens het bewezenverklaarde tot een <emphasis role="bold">gevangenisstraf</emphasis> voor de duur van <emphasis role="bold">1 (één) dag</emphasis>;</para>
    <para> <emphasis role="underline">beveelt</emphasis> dat de tijd, door veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht;</para>
    <para />
    <para> <emphasis role="underline">veroordeelt</emphasis> verdachte daarnaast wegens het bewezenverklaarde tot een <emphasis role="bold">werkstraf</emphasis> voor de duur van <emphasis role="bold">200 (tweehonderd) uur</emphasis>;</para>
    <para />
    <para> <emphasis role="underline">bepaalt</emphasis> dat een gedeelte van de werkstraf groot <emphasis role="bold">100 (honderd) uur</emphasis>, <emphasis role="bold">niet ten uitvoer zal worden gelegd</emphasis>, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, wegens niet nakoming van na te melden voorwaarden voor het einde van de proeftijd die op <emphasis role="bold">twee jaren</emphasis> wordt bepaald;</para>
    <para />
    <para> de algemene voorwaarden dat de veroordeelde:</para>
    <parablock>
      <para>- zich voor het einde daarvan niet zal schuldig maken aan een strafbaar feit;</para>
      <para>- ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit zijn medewerking zal verlenen aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 Wet op de identificatieplicht ter inzage zal aanbieden;</para>
      <para>- zijn medewerking zal verlenen aan het door Reclassering Nederland te houden toezicht, bedoeld in artikel 14d, tweede lid, van het Wetboek van Strafrecht, de medewerking aan huisbezoeken daaronder begrepen.</para>
    </parablock>
    <para> de bijzondere voorwaarden dat de veroordeelde:</para>
    <parablock>
      <para>-	zich binnen vijf werkdagen na het onherroepelijk worden van het vonnis, tussen 09:00 uur en 11:00 uur, zal melden bij Reclassering Nederland, Nieuwe Oeverstraat 65 te Arnhem (088-8041401). Hierna moet betrokkene zich blijven melden zo frequent en zolang de reclassering dat noodzakelijk acht;</para>
      <para>-	zich zal laten behandelen bij forensische polikliniek Kairos of soortgelijke ambulante (forensische) zorginstelling, zulks ter beoordeling van de reclassering, waarbij betrokkene zich zal houden aan de aanwijzingen die hem in het kader van die behandeling door of namens de instelling/behandelaar zullen worden gegeven, zolang de reclassering dit noodzakelijk acht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para> geeft opdracht aan de Reclassering Nederland tot het houden van toezicht op de naleving van voormelde bijzondere voorwaarde(n) en de veroordeelde ten behoeve daarvan te begeleiden (artikel 14d, tweede lid, van het Wetboek van Strafrecht).</para>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="3">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <colspec colname="colC" />
        <tbody>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Dit vonnis is gewezen door mr. W.L.F. Prisse (voorzitter), mr. D.S.M. Bak en mr. J.H. Steverink, rechters, in tegenwoordigheid van L.H.M. van Keulen en mr. A.I. Warringa, griffiers, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 27 juli 2018.</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>mr. W.L.P. Prisse en mr. D.S.M. Bak zijn buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
  <footnote id="_d0bdfda9-df35-47a6-99a3-d62489e19ddc" label="1">
    <para> Het bewijs is terug te vinden in het in de wettelijke vorm door verbalisanten van de politie Oost Nederland, team Zeden, opgemaakte proces-verbaal, dossiernummer PL0600-2017541591, gesloten op 1 februari 2018 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>