<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBGEL:2018:2373</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2018-05-29T10:59:02</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2018-05-29</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Gelderland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Gelderland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2018-05-28</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">05/760020-17</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Arnhem</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2018:2373">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2018:2373</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2018-05-29T10:58:09</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2018-05-29</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBGEL:2018:2373 Rechtbank Gelderland , 28-05-2018 / 05/760020-17</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBGEL:2018:2373:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Vrijspraak van een 31-jarige militair voor het seksueel binnendringen en het plegen van ontuchtige handelingen bij iemand die in staat van bewusteloosheid, verminderd bewustzijn of lichamelijke onmacht verkeert. De militaire kamer vindt onvoldoende bevestiging in het dossier voor de verklaring van aangeefster dat zij sliep toen er een seksuele handeling werd gepleegd, en heeft onvoldoende de overtuiging dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het tenlastegelegde.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBGEL:2018:2373:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">RECHTBANK GELDERLAND</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Arnhem</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer	: 05/760020-17</para>
      <para>Datum uitspraak	: 28 mei 2018</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegenspraak</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">vonnis van de meervoudige militaire kamer</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">de officier van justitie bij het arrondissementsparket Oost-Nederland</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte]
        </emphasis>
      </para>
      <para>
        [geboortedatum] te [geboorteplaats] , </para>
      <para>wonende te [adres] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>raadsman: mr. B. Damen, advocaat te Maastricht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting van 14 mei 2018.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De inhoud van de tenlastelegging</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan verdachte is ten laste gelegd dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op of omstreeks 15 december 2016 te 't Harde, in ieder geval in Nederland, met [slachtoffer] , van wie verdachte, wist dat deze in staat van bewusteloosheid of verminderd bewustzijn verkeerde (die [slachtoffer] sliep na het nuttigen van een aanzienlijke hoeveelheid alcoholische drank), één of meer handelingen heeft gepleegd, die (mede) bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer] , te weten het brengen van zijn vingers tussen haar schaamlippen en het betasten van haar vagina; </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>althans, indien het vorenstaande onder 1 niet tot een veroordeling leidt:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op of omstreeks 15 december 2016 te 't Harde, in ieder geval in Nederland, met [slachtoffer] , van wie verdachte, wist dat deze in staat van bewusteloosheid of verminderd bewustzijn verkeerde (die [slachtoffer] sliep na het nuttigen van een aanzienlijke hoeveelheid alcoholische drank), één of meer ontuchtige handelingen heeft gepleegd, te weten het betasten van haar vagina. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>2</nr>Overwegingen ten aanzien van het bewijs</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft gesteld dat verdachte dient te worden vrijgesproken van het primair tenlastegelegde, nu niet kan worden bewezen dat verdachte bij aangeefster seksueel is binnengedrongen. Volgens de officier van justitie kan wel wettig en overtuigend bewezen worden dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het subsidiair tenlastegelegde. De officier van justitie heeft hierbij waarde gehecht aan de aangifte van [slachtoffer] en aan de WhatsApp-gesprekken die tussen [slachtoffer] en verdachte, en tussen [slachtoffer] en [getuige] hebben plaatsgevonden. Daarnaast heeft de officier van justitie naar voren gebracht dat zij de verklaring van verdachte over wat er die nacht is gebeurd ongeloofwaardig acht. </para>
      <para>De officier van justitie heeft geëist dat verdachte ter zake van het subsidiair tenlastegelegde tot een gevangenisstraf voor de duur van 6 maanden wordt veroordeeld. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para>De verdediging heeft zich op het standpunt gesteld dat verdachte integraal dient te worden vrijgesproken. Volgens de verdediging wordt de aangifte niet door enig ander bewijs ondersteund en heeft aangeefster over bepaalde aspecten wisselend verklaard. Het verhaal van verdachte is volgens de verdediging minstens even plausibel als het verhaal van aangeefster. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Beoordeling door de militaire kamer </emphasis>
      </para>
      <para>De militaire kamer overweegt dat zowel aangeefster als verdachte uitgebreid heeft verklaard over de gebeurtenissen van 15 december 2016. Wat uit beide verklaringen volgt is dat in de desbetreffende nacht verdachte met zijn vriendin in de kamer naast die van aangeefster sliep en dat beide kamers een toilet en een badkamer deelden. Hun verklaringen staan voor het overige echter lijnrecht tegenover elkaar. Aangeefster heeft verklaard dat zij die nacht alleen ging slapen met haar kleren nog aan. Zij werd wakker toen een persoon naast haar bed stond die zijn vinger in haar vagina probeerde te duwen. Die persoon is vervolgens weggegaan. Later kwam aangeefster er achter dat het verdachte was die die nacht op haar kamer was geweest. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte heeft verklaard dat zijn vriendin twee en een half jaar op de kamer van aangeefster heeft geslapen en dat hij ook in die periode bij zijn vriendin op die kamer heeft geslapen. Hij is ’s nachts naar het toilet gegaan en hij heeft vervolgens per ongeluk de kamer van aangeefster betreden in plaats van zijn eigen kamer. Hij is toen naast aangeefster gaan liggen, in de veronderstelling dat hij op de kamer van zijn vriendin was. Hij werd wakker door seksuele handelingen door aangeefster. Hierbij dacht hij dat het zijn vriendin was. Vervolgens zijn ze beiden verder gegaan met het plegen van seksuele handelingen. Aangeefster sliep toen niet en ze wisten beiden wat ze aan het doen waren, aldus verdachte. Uiteindelijk kwam verdachte er achter dat de desbetreffende vrouw niet zijn vriendin was en is hij de kamer uitgegaan. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De militaire kamer is van oordeel dat de verklaring van aangeefster dat zij sliep toen er een seksuele handeling werd gepleegd onvoldoende bevestiging vindt in het dossier. Daartoe overweegt de militaire kamer dat er geen steunbewijs voor haar verklaring is, terwijl de WhatsApp-gesprekken die zij met verdachte en [getuige] over deze nacht heeft gevoerd door de militaire kamer hiertoe onvoldoende overtuigend worden geacht. Hierbij hecht de militaire kamer er nog waarde aan dat uit het dossier volgt dat aangeefster die avond veel gedronken had en op dit soort momenten soms last had van black-outs, waardoor ze zich niet meer alles kan herinneren van wat er gebeurd is. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De militaire kamer is van oordeel dat de lezing van verdachte niet voldoende kan worden uitgesloten, en heeft onvoldoende de overtuiging dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het plegen van seksuele handelingen bij aangeefster terwijl zij sliep. De militaire kamer zal verdachte daarom vrijspreken van zowel het primair als het subsidiair tenlastegelegde.  </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">3. 	De beoordeling van de civiele vordering, alsmede de gevorderde oplegging van de schadevergoedingsmaatregel</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De benadeelde [slachtoffer] heeft zich in het strafproces gevoegd ter verkrijging van schadevergoeding ter zake van het ten laste gelegde feit. Gevorderd wordt een bedrag van </para>
      <para>€ 2.250,-.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Beoordeling door de militaire kamer </emphasis>
      </para>
      <para>De benadeelde partij zal niet-ontvankelijk worden verklaard in haar vordering, nu verdachte is vrijgesproken van het tenlastegelegde. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De meervoudige militaire kamer:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	spreekt verdachte vrij van het primair en subsidiair ten laste gelegde feit.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">De beslissing op de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer] .</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para> verklaart de <emphasis role="bold">benadeelde partij [slachtoffer] niet-ontvankelijk </emphasis>in haar vordering.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="3">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <colspec colname="colC" />
        <tbody>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Dit vonnis is gewezen door mr. P.C. Quak (voorzitter), en mr. J.B.J. Driessen, rechters, alsmede Kolonel mr. H.C.M. Snellen, militair lid, in tegenwoordigheid van mr. L. Ruizendaal-van der Veen, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 28 mei 2018.</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>