<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBGEL:2017:72</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2017-01-04T08:14:53</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2017-01-04</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Gelderland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Gelderland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2017-01-03</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">05/720273-16</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Arnhem</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2017:72">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2017:72</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2017-01-04T08:10:36</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2017-01-04</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBGEL:2017:72 Rechtbank Gelderland , 03-01-2017 / 05/720273-16</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBGEL:2017:72:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Vrijspraak van poging tot doodslag of zware mishandeling. Veroordeling tot een geldboete voor mishandeling.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBGEL:2017:72:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">RECHTBANK GELDERLAND</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Arnhem</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer	: 05/720273-16</para>
      <para>Datum uitspraak	: 3 januari 2017</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegenspraak</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">vonnis van de meervoudige kamer</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">de officier van justitie bij het arrondissementsparket Oost-Nederland</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte]
        </emphasis>
      </para>
      <para>geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats] , wonende te [adres]</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>raadsvrouw: mr. E. Schurink, advocaat te Winterswijk.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 20 december 2016.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De inhoud van de tenlastelegging</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan verdachte is ten laste gelegd dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>1.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Primair</para>
      <para>zij op of omstreeks 09 september 2016 te Voorst ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om [slachtoffer] opzettelijk van het leven te beroven, - die [slachtoffer] meermalen, althans eenmaal, met een mes, althans een daarop </para>
      <para>gelijkend scherp en/of puntig voorwerp in de borst(streek) en/of in de </para>
      <para>schouder, althans in het (boven)lichaam, en/of in het hoofd en/of in de arm </para>
      <para>heeft gestoken , terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>althans, indien het vorenstaande onder 1 niet tot een veroordeling leidt:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Subsidiair</para>
      <para>zij op of omstreeks 09 september 2016 te Voorst ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om aan [slachtoffer] opzettelijk zwaar lichamelijk letsel toe te brengen </para>
    </parablock>
    <para>- die [slachtoffer] meermalen althans eenmaal, met een mes, althans een daarop </para>
    <para>gelijkend scherp en/of puntig voorwerp in de borst(streek) en/of de schouder, althans in het (boven)lichaam, en/of in het hoofd en/of in de arm heeft gestoken en/of geprikt en/of </para>
    <para>- die [slachtoffer] meermalen, althans eenmaal, met een mes, althans een daarop </para>
    <parablock>
      <para>gelijkend scherp en/of puntig voorwerp in de hand, (met kracht) heeft </para>
      <para>vastgepakt en/of heeft geduwd en/of heeft geslagen, waarbij die [slachtoffer] </para>
      <para>met voornoemd mes, althans het daarop gelijkende scherpe en/of puntige </para>
      <para>voorwerp, in de borst(streek) en/of de schouder, althans in het </para>
      <para>(boven)lichaam, en/of in het hoofd en/of in de arm is geraakt, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid; </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Meer Subsidiair</para>
      <para>zij op of omstreeks 09 september 2016 te Voorst [slachtoffer] heeft mishandeld door </para>
    </parablock>
    <para>- die [slachtoffer] meermalen, althans eenmaal, met een mes, althans een daarop </para>
    <para>gelijkend scherp en/of puntig voorwerp in de borst(streek) en/of de schouder, althans in het (boven)lichaam, en/of in het hoofd en/of in de arm te steken en/of te prikken en/of </para>
    <para>- die [slachtoffer] meermalen, althans eenmaal, met een mes, althans een daarop </para>
    <parablock>
      <para>gelijkend scherp en/of puntig voorwerp in de hand, (met kracht) vast te pakken </para>
      <para>en/of te duwen en/of te slaan, waarbij die [slachtoffer] met voornoemd mes, </para>
      <para>althans het daarop gelijkende scherpe en/of puntige voorwerp, in de </para>
      <para>borst(streek) en/of de schouder, althans in het (boven)lichaam, en/of in het </para>
      <para>hoofd en/of in de arm is geraakt;</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para>
      <emphasis role="bold">2.	Overwegingen ten aanzien van het bewijs</emphasis>
      <footnote-ref linkend="_ec15e192-a176-41c9-958c-9dcbd0cc51e9" />
    </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">De feiten</emphasis>
        <?linebreak?>Op 9 september 2016 vindt in Voorst een vechtpartij plaats tussen de verdachte en slachtoffer [slachtoffer] (verdachtes schoonzus), naar aanleiding van eerdere incidenten. Hierbij pakken verdachte en het slachtoffer elkaar  over en weer bij de haren en bij het lichaam vast en duwen en slaan zij elkaar. Verdachte heeft hierbij een mes in haar handen. Het slachtoffer heeft steek- dan wel snijwonden opgelopen aan haar bovenlichaam, waaronder één waarbij haar lever is geraakt.<footnote-ref linkend="_9b1cb774-51bb-4e06-aec1-418450013b99" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft gesteld dat wettig en overtuigend bewezen kan worden geacht dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan de primair tenlastegelegde poging doodslag. Zij heeft hiertoe – kort en zakelijk weergegeven – aangevoerd dat verdachte door in het bovenlichaam van het slachtoffer te steken met het mes voorwaardelijk opzet heeft gehad op potentieel dodelijk letsel. Hierbij is volgens de officier van justitie geen sprake geweest van zelfverdediging (noodweer, dan wel noodweerexces) van de zijde van verdachte. De verklaring van verdachte, inhoudende dat zij zich niet bewust was van het feit dat zij tijdens het gevecht een mes in haar handen had, acht de officier van justitie ongeloofwaardig. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para>De raadsvrouw heeft vrijspraak van het primair en subsidiair tenlastegelegde bepleit. Zij heeft hiertoe – kort en zakelijk weergegeven – aangevoerd dat uit de bewijsmiddelen niet  volgt dat verdachte (voorwaardelijk) opzet heeft gehad op de dood van het slachtoffer, dan wel op het toebrengen van zwaar lichamelijk letsel bij het slachtoffer. De verdachte is zich immers niet bewust geweest van het feit dat zij een mes vast had.<?linebreak?>De raadsvrouw heeft zich ten aanzien van het meer subsidiair tenlastegelegde gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Beoordeling door de rechtbank </emphasis>
      </para>
      <para>
        <?linebreak?>Verdachte heeft zowel bij haar telefonische melding aan het noodnummer 112 als in de politieverhoren en ter terechtzitting telkens verklaard dat zij is aangevallen door het slachtoffer terwijl zij haar afwasmachine aan het uitruimen was, dat tussen hen een gevecht ontstond waaraan zij zelf deelnam en dat het gevecht ten einde kwam op het moment dat zij in de gaten had dat het slachtoffer erg bloedde. Vrijwel meteen daarna zag zij dat zij een mes vast had. Verdachte heeft ook telkens verklaard dat dit moment het eerste moment was waarop zij zich daarvan bewust was. Het was niet haar bedoeling om het slachtoffer om het leven te brengen of haar letsel toe te brengen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Sprake van (voorwaardelijk) opzet op dodelijk of zwaar letsel?  </emphasis>
        <?linebreak?>Het springende punt in deze kwestie is of verdachte zich bewust was van het feit dat zij een mes in haar handen had op het moment dat zij in gevecht raakte en was met het slachtoffer.<?linebreak?></para>
      <para>De rechtbank overweegt als volgt. <?linebreak?>Verdachte heeft, bij herhaling en consistent, verklaard dat zij zich voor en tijdens het gevecht niet bewust was van het feit dat zij een mes in haar handen hield. Het procesdossier biedt geen concrete aanknopingspunten voor gerede twijfel aan verdachtes verklaringen op dit punt. In ieder geval is het enkele feit dat het slachtoffer verwondingen heeft opgelopen door een mes niet doorslaggevend. Het slachtoffer was zich overigens ook niet bewust van het feit dat verdachte een mes in haar handen hield, dus uit haar verklaring kan niet het tegendeel worden afgeleid. Gelet op deze stand van zaken heeft de rechtbank niet de overtuiging dat verdachte opzettelijk een mes heeft gehanteerd, zodat de vraag of zij daarmee de kans op de dood of zwaar lichamelijk letsel van het slachtoffer heeft aanvaard onbesproken kan blijven. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Conclusie </emphasis>
        <?linebreak?>De rechtbank zal verdachte om voormelde redenen vrijspreken van het primair en subsidiair tenlastegelegde. Gezien het reeds beschreven handelen van verdachte, inhoudende het vastpakken, duwen en slaan van het slachtoffer, acht de rechtbank het meer subsidiair tenlastegelegde (de mishandeling) wel wettig en overtuigend bewezen. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Bewezenverklaring</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Naar het oordeel van de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het meer subsidiair tenlastegelegde heeft begaan, te weten dat: </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zij op <emphasis role="strike-through">of omstreeks</emphasis> 9 september 2016 te Voorst [slachtoffer] heeft mishandeld door </para>
    </parablock>
    <para>
      <emphasis role="strike-through">- die [slachtoffer] meermalen, althans eenmaal, met een mes, althans een daarop </emphasis>
    </para>
    <bridgehead role="strike-through">gelijkend scherp en/of puntig voorwerp in de borst(streek) en/of de schouder, althans in het (boven)lichaam, en/of in het hoofd en/of in de arm te steken en/of te prikken en/of </bridgehead>
    <para>- die [slachtoffer] meermalen<emphasis role="strike-through">, althans eenmaal, met een mes, althans een daarop </emphasis></para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="strike-through">gelijkend scherp en/of puntig voorwerp in de hand,</emphasis> (met kracht) vast te pakken </para>
      <para>en/of te duwen en/of te slaan<emphasis role="strike-through">, waarbij die [slachtoffer] met voornoemd mes, </emphasis></para>
      <para>
        <emphasis role="strike-through">althans het daarop gelijkende scherpe en/of puntige voorwerp, in de </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="strike-through">borst(streek) en/of de schouder, althans in het (boven)lichaam, en/of in het </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="strike-through">hoofd en/of in de arm is geraakt</emphasis>;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voor zover er in de tenlastelegging kennelijke taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn die fouten verbeterd. Verdachte is daardoor niet in zijn verdediging geschaad.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Wat meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard, is niet bewezen. </para>
      <para>Verdachte moet daarvan worden vrijgesproken.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>De kwalificatie van het bewezenverklaarde</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het bewezenverklaarde levert op:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Ten aanzien van het meer subsidiaire feit:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">Mishandeling </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>De strafbaarheid van het feit</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het feit is strafbaar.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>De strafbaarheid van de verdachte</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte is strafbaar, nu geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>7</nr>Overwegingen ten aanzien van straf </title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft geëist dat verdachte ter zake van het primair tenlastegelegde zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van drie jaren, waarvan één jaar voorwaardelijk met een proeftijd van drie jaren, met als bijzondere voorwaarden een meldplicht en een ambulante behandelverplichting, met aftrek van de tijd in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht. De officier van justitie heeft tevens geëist dat wordt bevolen dat de bijzondere voorwaarden dadelijk uitvoerbaar zijn. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para>De raadsvrouw heeft ingeval van een bewezenverklaring van het primair of subsidiair tenlastegelegde bepleit dat aan verdachte enkel een voorwaardelijke gevangenisstraf wordt opgelegd zonder ambulante behandelverplichting. In geval van een bewezenverklaring van het meer subsidiaire heeft de raadsvrouw bepleit dat een al dan niet geheel voorwaardelijke werkstraf aan verdachte dient te worden opgelegd. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Beoordeling door de rechtbank </emphasis>
      </para>
      <para>De rechtbank heeft bij de bepaling van de op te leggen straf gelet op de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard, de omstandigheden waaronder dit is begaan, mede gelet op de persoon en de omstandigheden van de verdachte zoals van een en ander bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken, waarbij onder meer is gelet op:</para>
    </parablock>
    <para>- het uittreksel uit het algemeen documentatieregister, gedateerd 8 november 2016;</para>
    <para>- een voorlichtingsrapportage van Reclassering Nederland, gedateerd 19 december 2016.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft bij de keuze tot het opleggen van een straf en bij de vaststelling van de duur of hoogte daarvan in het bijzonder het volgende laten meewegen. Alhoewel de situatie op 9 september 2016, waarbij het slachtoffer meermalen is geraakt met een mes, een enorme impact heeft gehad op het slachtoffer en haar omgeving, kan dit verdachte niet worden verweten in strafrechtelijke zin. Wat blijft staan is dat zij zich heeft schuldig gemaakt aan mishandeling van haar schoonzus. Verdachte heeft haar schoonzus vastgepakt, geduwd en geslagen. De rechtbank weegt hierbij echter  mee dat verdachte in de ontstane vechtpartij niet de agressor was. Ook weegt de rechtbank mee dat verdachte niet eerder is veroordeeld wegens een strafbaar feit.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Alles overziende komt de rechtbank tot een aanzienlijk lagere straf dan geëist door de officier van justitie.  De rechtbank zal aan verdachte een geldboete van € 300,00 opleggen. Daarop zal de tijd die verdachte reeds in verzekering en voorlopige hechtenis heeft doorgebracht in mindering worden gebracht volgens de maatstaf dat één dag gelijk staat aan € 50,00. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het in beslag genomen en nog niet teruggegeven voorwerp, te weten een mes, volgens opgave van verdachte aan haar toebehorend, dient aan verdachte te worden teruggegeven. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>8</nr>De toegepaste wettelijke bepalingen</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De beslissing is gegrond op de artikelen 23, 24, 24c, 27 en 300 van het Wetboek van Strafrecht.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>9</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	Spreekt verdachte vrij van primair en subsidiair tenlastegelegde feit. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verklaart bewezen dat verdachte het tenlastegelegde feit, zoals vermeld onder punt 3, heeft begaan;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven bewezen is verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verstaat dat het aldus bewezenverklaarde oplevert het strafbare feit zoals vermeld onder punt 4;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verklaart verdachte hiervoor strafbaar;</para>
    </parablock>
    <para />
    <para> veroordeelt verdachte wegens het bewezenverklaarde tot een <emphasis role="bold">geldboete</emphasis> van <emphasis role="bold">€ 300,00 (driehonderd euro)</emphasis>, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door 6 dagen <emphasis role="bold">hechtenis</emphasis>;</para>
    <para />
    <para> bepaalt, dat de tijd, door veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde geldboete in mindering zal worden gebracht volgens de maatstaf van € 50,00 per dag;</para>
    <para />
    <para> bepaalt dat moet worden teruggegeven aan verdachte het in beslag genomen, nog niet teruggegeven voorwerp, te weten: </para>
    <para>- Mes (kleur zwart).</para>
    <para />
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="3">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <colspec colname="colC" />
        <tbody>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Dit vonnis is gewezen door mr. D.S.M. Bak (voorzitter), mr. C.J.M. van Apeldoorn en mr. H.C. Leemreize, rechters, in tegenwoordigheid van mr. A. Diebels, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 3 januari 2017.</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Mrs. D.S.M. Bak, H.C. Leemreize en A. Diebels zijn buiten staat om deze uitspraak te ondertekenen,</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <footnote id="_ec15e192-a176-41c9-958c-9dcbd0cc51e9" label="1">
    <para> Het bewijs is terug te vinden in het in de wettelijke vorm door [verbalisant] van de politie Oost Nederland, district Noord- en Oost-Gelderland, opgemaakte proces-verbaal, dossiernummer 2016445949, gesloten op 20 oktober 2016 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_9b1cb774-51bb-4e06-aec1-418450013b99" label="2">
    <para> Het proces-verbaal van verhoor van [slachtoffer] , p. 69-71, het proces-verbaal van verhoor van [slachtoffer] , p. 73-79, het proces-verbaal van verhoor verdachte, p. 210-211, het proces-verbaal van verhoor verdachte, p. 214-217, het proces-verbaal van verhoor verdachte p. 224-226 en de verklaring van verdachte ter terechtzitting van 20 december 2016. </para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>