<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBGEL:2017:5413</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-03-22T10:47:53</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2017-10-18</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Gelderland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Gelderland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2017-10-25</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/05/294189 / HZ ZA 15-517</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Zutphen</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:relation rdfs:label="Formele relatie" ecli:resourceIdentifier="ECLI:NL:GHARL:2019:6377" psi:type="http://psi.rechtspraak.nl/hogerBeroep" psi:aanleg="http://psi.rechtspraak.nl/latereAanleg">Hoger beroep: ECLI:NL:GHARL:2019:6377</dcterms:relation>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>AR 2017/5568</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2017:5413">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2017:5413</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2017-10-25T11:17:36</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2017-10-26</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBGEL:2017:5413 Rechtbank Gelderland , 25-10-2017 / C/05/294189 / HZ ZA 15-517</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBGEL:2017:5413:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Eindvonnis in zaak over gebrekkige/gebrekkig aangelegde luchtwasser. Berekening schadevergoeding.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBGEL:2017:5413:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="8624cc14-ae67-4190-bd87-c9d792a5b7d6" depth="2" width="13" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="4b60f252-e4bd-4d46-943d-1eac0b22a31c" depth="2" width="523" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>vonnis</para>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK GELDERLAND</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team kanton en handelsrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Zutphen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer / rolnummer: C/05/294189 / HZ ZA 15-517</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van 25 oktober 2017</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de maatschap </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [maatschap]
        </emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te [vestiginsplaats],</para>
      <para>eiseres,</para>
      <para>advocaat mr. P.G.F.M. van Oss te Ermelo,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">DORSET FARMSYSTEMS B.V.</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te Varsseveld,</para>
      <para>gedaagde,</para>
      <para>advocaat mr. J.M. de Vries te Eindhoven.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Partijen zullen hierna [maatschap] en Dorset Farmsystems B.V. genoemd worden.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>het tussenvonnis van 7 juni 2017</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de akte uitlating tevens akte vermeerdering eis van [maatschap]</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de antwoordakte van Dorset Farmsystems B.V.</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Ten slotte is vonnis bepaald.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>2</nr>De verdere beoordeling</title>
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>Bij tussenvonnis van 7 juni 2017 is [maatschap] in de gelegenheid gesteld haar schadevordering opnieuw te onderbouwen met inachtneming van de beslissingen van de rechtbank, waarop Dorset Farmsystems B.V. bij antwoordakte heeft kunnen reageren.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>Zowel [maatschap] als Dorset Farmsystems B.V. heeft bezwaar gemaakt tegen beslissingen in het tussenvonnis van 7 juni 2017. Zij hebben medegedeeld dat zij hun kritiek zullen bewaren tot een eventueel hoger beroep. De rechtbank zal de bezwaren dan ook voor kennisgeving aannemen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>
        [maatschap] heeft aan de hand van het door DLV opgestelde deskundigenbericht (productie 13 bij dagvaarding) een uitsplitsing van de schadeposten gemaakt naar aanleiding van het eerste incident en het tweede incident. Totaal heeft zij haar schade met betrekking tot het eerste incident op € 26.873,83 inclusief btw berekend, zijnde € 23.874,68 exclusief btw. Voorts heeft [maatschap] in verband met het feit dat hij veel eigen tijd en arbeid heeft moeten investeren in het opruimen van de kadavers en de opsporing van de oorzaak van de vergiftiging een aanvulling opgesteld, die sluit op een bedrag € 1.040,00 voor het eerste incident. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <parablock>
        <para>Dorset Farmsystems B.V. stelt voorop dat tussen partijen vaststaat dat de door [maatschap] gevorderde schade als indirecte schade in de zin van de polisvoorwaarden kan worden aangemerkt. Uitgaande van de beslissingen van de rechtbank dient van de eerste schade tot maximaal het factuurbedrag te worden vergoed. Dorset Farmsystems B.V. is niet gehouden om enig deel van de tweede schade te vergoeden, zodat dit deel volledig voor rekening van [maatschap] dient te blijven, aldus Dorset Farmsystems B.V.</para>
        <para>Wat betreft de verschillende posten heeft Dorset Farmsystems B.V. de gestelde bedragen verminderd met de bedragen die zien op werkzaamheden die samenhangen met het tweede incident van 28 januari 2014. Dat betreft de kosten van de dierenarts, de werkzaamheden van [naam] die in 2015 zijn gefactureerd en daarom deels op de tweede schade zien. Tot slot maakt Dorset Farmsystems B.V. bezwaar dat de kosten van het deskundigenbericht van DLV ten bedrage van € 9.680,00 geheel ten laste van het eerste incident worden gebracht, terwijl het beide incidenten betreft. Voorzover [maatschap] aanspraak maakt op “eigen schade”, voert Dorset Farmsystems B.V. aan dat deze schade niet voor vergoeding in aanmerking komt, omdat het kosten betreft die zien op werkzaamheden van [maatschap] die ter uitoefening van de schadebeperkingsplicht jegens Dorset Farmsystems B.V. zijn uitgevoerd. Voorts wordt betwist dat “eigen tijd” zonder meer economische waarde kan worden gegeven en wordt de hoogte van het bedrag per uur en de omvang van het tijdsbeslag betwist. Tot slot komt deze schade, zijnde bedrijfsschade, op grond van artikel 8 lid 2 van de AV niet voor vergoeding in aanmerking.</para>
        <para>Dorset Farmsystems B.V. komt uit op een bedrag van € 21.670,07 inclusief btw, hetgeen volgens Dorset Farmsystems B.V. betekent dat zij maximaal een bedrag van € 19.386,23 exclusief btw aan [maatschap] hoeft te betalen. [maatschap] kan immers de btw verrekenen.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5.</nr>
      <para>In het tussenvonnis van 7 juni 2017 (rov. 2.11) heeft de rechtbank geoordeeld dat een exoneratiebeding waarbij de schadevergoeding wordt beperkt tot de hoogte van het factuurbedrag, is geoorloofd. De kosten van de Dorset Biologisch Luchtwas systeem Combi met Dorset Denitrificatiesysteem bedragen totaal € 83.000,00 exclusief btw (€ 64.33,00 en € 18.667,00). De gevorderde schadebedragen blijven daar ruimschoots onder.</para>
      <para />
      <paragroup>
        <nr>2.5.1.</nr>
        <para>Wat betreft de door Dorset Farmsystems B.V. aangevoerde bezwaren, slagen de bezwaren voor zover bedragen betrekking hebben op het tweede incident. Uitgaande van de mogelijkheid van [maatschap] om de btw te verrekenen, heeft dit tot gevolg dat de kosten van de dierenartsen worden vastgesteld op € 1.232,44 exclusief btw, de kosten van [naam] op € 173,75 exclusief btw en de kosten van de deskundigen op € 4.000,00 exclusief btw. In totaal komt een bedrag van € 19.386,63 voor toewijzing in aanmerking.</para>
        <para />
      </paragroup>
      <paragroup>
        <nr>2.5.2.</nr>
        <para>Het beroep van Dorset Farmsystems B.V. op artikel 8 lid 2 van de Algemene Voorwaarden met betrekking tot de ‘bedrijfsschade’ heeft de rechtbank bij vonnis van 7 juni 2017 reeds naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar geoordeeld. Tevens is onjuist de stelling van Dorset Farmsystems B.V. dat kosten van [maatschap] voor eigen uren, als zijnde werkzaamheden van [maatschap] ter uitoefening van de schadebeperkingsplicht jegens Dorset Farmsystems B.V., niet voor vergoeding in aanmerking komen. Hiervoor geldt artikel 6:96 lid 2 sub a BW als grondslag voor vergoeding van deze kosten. Bovendien heeft [maatschap] deze kosten niet aangeduid als samenhangend met een schadebeperkingsplicht jegens Dorset Farmsystems B.V., maar als schade door het overlijden van varkens als gevolg van de tekortkoming van Dorset Farmsystems B.V. Het aantal opgevoerde uren voor de op zich niet betwiste werkzaamheden komt de rechtbank aannemelijk voor. Hetzelfde geldt voor het gestelde uurloon van € 40,00. [maatschap] heeft haar eis vermeerderd conform productie 2. Uitgaande van deze productie 2 komt een bedrag van € 1.040,00 voor vergoeding in aanmerking. De overige uren hangen samen met het tweede incident en zullen worden afgewezen. In totaal komt hiermee een bedrag van € 20.426,63 (€ 19.386,63 + € 1.040,00) voor vergoeding in aanmerking.</para>
        <para />
      </paragroup>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.6.</nr>
      <para>Aangezien een schadebedrag wordt toegewezen op de grondslag van een toerekenbare tekortkoming van Dorset Farmsystems B.V. jegens [maatschap], heeft [maatschap] geen belang bij de gevorderde verklaring voor recht.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.7.</nr>
      <para>Dorset Farmsystems B.V. zal als de grotendeels in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. Omdat een deel van het gevorderde bedrag wordt afgewezen, begroot de rechtbank de proceskosten aan de zijde van [maatschap] op basis van het toegewezen bedrag op: </para>
      <para>- dagvaarding	€ 	87,42</para>
      <para>- griffierecht		1.909,00</para>
      <para>- getuigenkosten		333,68</para>
      <para>- salaris advocaat	<emphasis role="underline">	2.605,55</emphasis> (4,5 punten × tarief € 579,00)</para>
      <para>Totaal	€ 	4.935,60</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>3</nr>De beslissing</title>
    <para>De rechtbank</para>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>veroordeelt Dorset Farmsystems B.V. om aan [maatschap] te betalen een bedrag van € 20.426,63 (twintig duizendvierhonderdzesentwintig euro en drieënzestig eurocent), vermeerderd met de wettelijke rente als bedoeld in art. 6:119 BW over het toegewezen bedrag met ingang van 4 december 2015 tot de dag van volledige betaling,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>veroordeelt Dorset Farmsystems B.V. in de proceskosten, aan de zijde van [maatschap] tot op heden begroot op € 4.935,60,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>verklaart dit vonnis wat betreft de onder 3.1 en 3.2 genoemde beslissingen uitvoerbaar bij voorraad,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4.</nr>
      <para>wijst het meer of anders gevorderde af.</para>
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit vonnis is gewezen door mr. J.A.M. Strens-Meulemeester en in het openbaar uitgesproken op 25 oktober 2017.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>