<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBGEL:2017:5077</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2017-10-03T15:42:15</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2017-10-03</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Gelderland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Gelderland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2017-10-03</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">05/740448-16 + 05/117963-14 (TUL)</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Arnhem</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2017:5077">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2017:5077</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2017-10-03T15:33:32</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2017-10-03</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBGEL:2017:5077 Rechtbank Gelderland , 03-10-2017 / 05/740448-16 + 05/117963-14 (TUL)</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBGEL:2017:5077:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <parablock>
        <para>Medeplegen van witwassen, meermalen gepleegd.</para>
        <para>•	een gevangenisstraf voor de duur van 4 (vier) maanden;</para>
      </parablock>
      <para />
      <para>•	beveelt dat de tijd, door veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht;</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBGEL:2017:5077:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">RECHTBANK GELDERLAND</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Arnhem</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer	: 05/740448-16 + 05/117963-14 (TUL)</para>
      <para>Datum uitspraak	: 3 oktober 2017</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegenspraak</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">vonnis van de meervoudige kamer</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">de officier van justitie bij het arrondissementsparket Oost-Nederland</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte]
        </emphasis>
      </para>
      <para>geboren op [geboortedag] 1993 te [geboorteplaats] , wonende te [adres] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Raadsvrouw: mr. M.J.R. Roethof, advocaat te Arnhem.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 19 september 2017.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De inhoud van de tenlastelegging</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan verdachte is ten laste gelegd dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 01 augustus 2016  tot en met 17 oktober 2016, te Arnhem en/of te Velp, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, (telkens) van (een) voorwerp(en) de werkelijke aard, de herkomst, de  vindplaats, de vervreemding, de verplaatsing heeft verborgen en/of verhuld  en/of heeft verborgen en/of verhuld wie de rechthebbende op een voorwerp was en/of heeft verborgen en/of verhuld wie een voorwerp voorhanden heeft gehad, en/of (telkens)(een) voorwerp(en) verworven en/of voorhanden heeft gehad en/of overgedragen en/of omgezet en/of van (een) voorwerp(en) gebruik heeft gemaakt, immers heeft/hebben hij en/of zijn mededader(s) </para>
      <para>-een of meer personen bewogen tot het ter beschikking stellen van (een)  bankrekening(en) en/of bankpas(sen) en/of pincode(s) en/of </para>
      <para>-een of meer geldbedrag(en) (te weten meerdere met verf besmeurde  bankbiljetten) (in totaal ongeveer 22.830 euro, in ieder geval een groot geldbedrag) gestort en/of laten storten en/of vervolgens (direct weer) opgenomen en/of laten opnemen (gepind) </para>
      <para>terwijl hij (telkens) wist, althans redelijkerwijs had moeten vermoeden dat die voorwerpen/gelden geheel of gedeeltelijk, -onmiddellijk of middellijk - afkomstig waren uit enig misdrijf.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>
      <emphasis role="bold">2.	Overwegingen ten aanzien van het bewijs</emphasis>
      <footnote-ref linkend="_4d5e1819-ae2c-486b-8927-2f36c2151bf5" />
    </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft gesteld dat wettig en overtuigend bewezen kan worden dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het ten laste gelegde. De officier van justitie heeft naar voren gebracht dat het een feit van algemene bekendheid is dat geld dat wordt buitgemaakt bij een ram- of plofklank met verf besmeurd is. Gelet op de handelswijze van verdachte, te weten het gebruiken van een bankpas van een ander, kan worden bewezen dat verdachte er wetenschap van had dat het geld van een plofkraak afkomstig was. De gehele periode en het medeplegen kunnen bewezen worden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para>De verdediging heeft vrijspraak bepleit en heeft daartoe naar voren gebracht dat niet gezegd kan worden dat als geld besmeurd is met inkt, er dan geen twijfel over mogelijk is dat het geld afkomstig is van een plofkraak. Subsidiair heeft de verdediging aangevoerd dat medeplegen niet bewezen kan worden. Meer subsidiair kan enkel schuldwitwassen bewezen worden verklaard.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Beoordeling door de rechtbank </emphasis>
      </para>
      <para>Op 23 september 2016 is namens de [naam 12] aangifte gedaan van witwassen. Uit de aangifte komt naar voren dat in de periode augustus-september 2016 bij Rabobanken in Arnhem en omgeving diverse malen met donkere inkt besmeurde € 20 en € 50 bankbiljetten zijn afgestort. Deze bankbiljetten zijn afgestort in de stortautomaten met gebruikmaking van een [naam 12] bankpas. Direct na het storten werd geld opgenomen (gepind) bij de geldautomaten. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het betreft de volgende stortingen (en opnames):</para>
    </parablock>
    <orderedlist numeration="arabic">
      <listitem>
        <para>Rekeninghouder [naam 1] , geboren [geboortedatum 1] , rekeningnummer [rekeningnummer 1] : stortingen en opnames op 1 en 2 augustus en een storting op 4 augustus.</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>Rekeninghouder [naam 2] , geboren [geboortedatum 2] , rekeningnummer [rekeningnummer 2] : stortingen en opnames op 3 augustus en een overboeking naar rekeningnummer [rekeningnummer 3] van [naam 3] .</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>Rekeninghouder [naam 3] , geboren [geboortedatum 3] , rekeningnummer [rekeningnummer 4] : stortingen en opnames op 3 augustus.</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>Rekeninghouder [naam 4] geboren [geboortedatum 4] , rekeningnummer [rekeningnummer 5] : stortingen en een opname op 6 augustus.</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>Rekeninghouder [naam 5] , geboren [geboortedatum 5] , rekeningnummer [rekeningnummer 6] : stortingen en opnames op 6 augustus.</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>Rekeninghouder [naam 6] , geboren [geboortedatum 6] , rekeningnummer [rekeningnummer 7] : storting en poging tot opname op 29 augustus.</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>Rekeninghouder [naam 7] , geboren [geboortedatum 7] , rekeningnummer [rekeningnummer 8] : stortingen en opnames op 3 september en een storting en poging tot opname op 4 september.<footnote-ref linkend="_dca5eab2-5d51-4cd3-a613-d3ba0b765157" /></para>
      </listitem>
    </orderedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>Met betrekking tot voormelde stortingen wordt het volgende overwogen: </para>
    </parablock>
    <para>1. Medeverdachte [naam 1] is op de camerabeelden herkend als zijnde de persoon die de stortingen en opnames doet.<footnote-ref linkend="_1db69ca9-0fd1-467b-8dac-94fcee89b901" /></para>
    <para>2. [naam 2] heeft verklaard aangesproken te zijn door een jongen, genaamd [naam 1] , die vroeg of [naam 2] geld wilde verdienen. [naam 1] heeft gevraagd of [naam 2] zijn pinpas uit wilde lenen. [naam 2] zou daar € 600 of € 700 voor krijgen. [naam 2] heeft zijn Rabobankpas en pincode aan [naam 1] afgegeven.<footnote-ref linkend="_23b18457-020c-48cc-8827-b535d26401de" />Verdachte wordt herkend op de camerabeelden als zijnde de persoon die gebruik maakt van de bankpas van [naam 2] .<footnote-ref linkend="_fe9696c6-724d-4584-bbe3-e0c8b9e815e7" /></para>
    <para>3. Verdachte wordt herkend op de camerabeelden als zijnde de persoon die gebruik maakt van de bankpas van [naam 1] .<footnote-ref linkend="_ea0ab1cc-0517-42f4-a81b-7ddc9ebdf40d" /></para>
    <para>4. [naam 4] heeft verklaard onder bedreiging biljetten van € 20 en € 50 op zijn rekening te hebben moeten storten en gelijk weer op te nemen. [naam 4] heeft verdachte herkend als zijnde de persoon die hem opdracht heeft gegeven tot het storten en opnemen van het geld.<footnote-ref linkend="_07ab7c6b-a05d-46fd-87db-96a769394afc" /></para>
    <para>5. Medeverdachte [naam 1] is op de camerabeelden herkend als zijnde de persoon die de stortingen en opnames doet.<footnote-ref linkend="_9e6b01ce-5431-483d-8f98-6659d5fa669e" /></para>
    <para>6. Medeverdachte [medeverdachte] is op de camerabeelden herkend als zijnde de persoon die de storting en poging tot opname doet.<footnote-ref linkend="_2ddb4b86-b1b6-494e-a16b-41909438c129" /></para>
    <para>7. [naam 7] heeft verklaard via Tinder in contact te zijn gekomen met ‘ [verdachte] ’ en haar bankpas en pincode aan [verdachte] te hebben gegeven.<footnote-ref linkend="_cf1fa2ae-d943-476a-8456-9c5ea8a50716" /> [verdachte] is herkend als zijnde verdachte.<footnote-ref linkend="_95bfc606-e87f-4a26-9f7e-fd98bd68e121" /></para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Namens de [naam 12] is voorts aangifte gedaan van witwassen op 16 oktober 2016. Uit de aangifte komt naar voren dat op 16 oktober 2016 bij de [naam 12] in Velp (Gld) met donkerblauwe inkt besmeurde € 20 en € 50 bankbiljetten zijn afgestort. Daarbij is gebruik gemaakt van een [naam 12] bankpas behorend bij rekeningnummer [rekeningnummer 9] op naam van rekeninghouder [naam 8] . Een deel van het gestorte geld is direct opgenomen (gepind).<footnote-ref linkend="_8a090e18-f813-4dc1-999f-0143db6ea69e" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Uit het proces-verbaal met betrekking tot het uitkijken van de camerabeelden komt naar voren dat de uiterlijke kenmerken van de persoon die de storting doet sterk overeen komen met het signalement van verdachte.<footnote-ref linkend="_0d7b08d4-0391-41fd-bfb4-68eb9461be13" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Afkomstig uit enig misdrijf en wetenschap.</emphasis>
      </para>
      <para>De rechtbank overweegt dat voor een bewezenverklaring van witwassen is vereist dat het aannemelijk is dat het voorwerp - in onderhavig geval de bankbiljetten - afkomstig is uit enig misdrijf. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank is van oordeel dat nu sprake is van een grote hoeveelheid biljetten, welke kleine coupures (€ 20 en € 50) betroffen, die besmeurd waren met donkere verf, aannemelijk is dat het geld uit enig misdrijf afkomstig is. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bovendien geldt het volgende: uit het verhoor van [naam 9] komt naar voren dat [naam 9] ‘ [naam 10] ’ samen met verdachte is tegengekomen en dat [naam 10] een foto op zijn telefoon liet zien van een hele rij met briefjes van € 20. Deze zouden besmeurd zijn met inkt. [naam 10] vroeg of [naam 9] het geld wilde inleveren bij de [naam 12] . [naam 9] moest dan € 5000 storten en zou daarvan € 500 mogen houden. [naam 10] heeft gezegd dat het geld afkomstig was van plofkraken. Hij vroeg [naam 9] om meerdere mensen aan te leveren die hetzelfde konden doen.<footnote-ref linkend="_139a76bd-caf5-4ce0-bdf4-f40b2026b211" /> [naam 9] heeft ‘ [naam 10] ’ herkend als medeverdachte [medeverdachte] .<footnote-ref linkend="_c6e2165e-8fb1-456c-8b0a-fabef1f6f790" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank overweegt dat uit de bewijsmiddelen naar voren komt dat verdachte gebruik heeft gemaakt van de bankpassen van verschillende personen en op de bankrekeningen van die anderen met verf besmeurd geld heeft gestort en direct geld heeft opgenomen, dan wel anderen heeft gevraagd het geld te storten en direct daarna weer op te nemen. Voorts is verdachte in het bezit geweest van de bankpas en pincode van [naam 7] en is kort nadat verdachte in het bezit kwam van de bankpas, op de betreffende rekening met geld besmeurd verf gestort en zijn opnames gedaan. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Hiermee staat vast dat het van misdrijf afkomstig geld betrof en dat verdachte dat ook wist.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Medeplegen</emphasis>
      </para>
      <para>Uit het procesdossier komt naar voren dat verdachte en de medeverdachten [medeverdachte] en [naam 1] binnen een korte periode met verf besmeurde biljetten hebben gestort en geld hebben opgenomen.<footnote-ref linkend="_3d005c51-eca5-49e0-bf29-7cd6cc028a68" />De rechtbank acht gelet hierop bewezen dat verdachte het feit tezamen en in vereniging met anderen heeft gepleegd.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Bewezenverklaring</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Naar het oordeel van de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het ten laste gelegde heeft begaan, te weten dat: </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op <emphasis role="strike-through">één of</emphasis> meer tijdstippen in <emphasis role="strike-through">of omstreeks</emphasis> de periode van 01 augustus 2016 tot en met 17 oktober 2016, te Arnhem en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> te Velp, <emphasis role="strike-through">althans in Nederland,</emphasis> tezamen en in vereniging met een ander of anderen, <emphasis role="strike-through">althans alleen, (</emphasis>telkens<emphasis role="strike-through">)</emphasis> van <emphasis role="strike-through">(een)</emphasis> voorwerp<emphasis role="strike-through">(</emphasis>en<emphasis role="strike-through">)</emphasis> de werkelijke aard, de herkomst, <emphasis role="strike-through">de vindplaats, de vervreemding, de verplaatsing</emphasis> heeft verborgen en<emphasis role="strike-through">/of </emphasis>verhuld <emphasis role="strike-through">en/of heeft verborgen en/of verhuld wie de rechthebbende op een voorwerp was en/of heeft verborgen en/of verhuld wie een voorwerp voorhanden heeft gehad</emphasis>, en<emphasis role="strike-through">/of (</emphasis>telkens<emphasis role="strike-through">)(een)</emphasis> voorwerp<emphasis role="strike-through">(</emphasis>en<emphasis role="strike-through">) verworven en/of </emphasis>voorhanden heeft gehad en<emphasis role="strike-through">/of overgedragen en/of</emphasis> omgezet <emphasis role="strike-through">en/of van (een) voorwerp(en) gebruik heeft gemaakt</emphasis>, immers <emphasis role="strike-through">heeft/</emphasis>hebben hij en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> zijn mededader<emphasis role="strike-through">(</emphasis>s<emphasis role="strike-through">) </emphasis></para>
      <para>-<emphasis role="strike-through">een of</emphasis> meer personen bewogen tot het ter beschikking stellen van <emphasis role="strike-through">(</emphasis>een<emphasis role="strike-through">)</emphasis> bankrekening<emphasis role="strike-through">(en)</emphasis> en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> bankpas<emphasis role="strike-through">(sen)</emphasis> en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> pincode<emphasis role="strike-through">(s)</emphasis> en<emphasis role="strike-through">/of </emphasis></para>
      <para>-een <emphasis role="strike-through">of meer</emphasis> geldbedrag<emphasis role="strike-through">(en)</emphasis> (te weten meerdere met verf besmeurde bankbiljetten) (in totaal ongeveer 22.830 euro<emphasis role="strike-through">, in ieder geval een groot geldbedrag</emphasis>) gestort en/of laten storten en/of vervolgens (direct weer) opgenomen en/of laten opnemen (gepind) </para>
      <para>terwijl hij <emphasis role="strike-through">(</emphasis>telkens<emphasis role="strike-through">)</emphasis> wist, <emphasis role="strike-through">althans redelijkerwijs had moeten vermoeden</emphasis> dat die voorwerpen/gelden <emphasis role="strike-through">geheel of gedeeltelijk</emphasis>, -onmiddellijk of middellijk - afkomstig waren uit enig misdrijf.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voor zover er in de tenlastelegging kennelijke taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn die fouten verbeterd. Verdachte is daardoor niet in zijn verdediging geschaad.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Wat meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard, is niet bewezen. </para>
      <para>Verdachte moet daarvan worden vrijgesproken.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>De kwalificatie van het bewezenverklaarde</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het bewezenverklaarde levert op:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">Medeplegen van witwassen, meermalen gepleegd</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>De strafbaarheid van het feit</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het feit is strafbaar.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>De strafbaarheid van de verdachte</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte is strafbaar, nu geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>7</nr>Overwegingen ten aanzien van straf en/of maatregel</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft geëist dat verdachte ter zake van het ten laste gelegde zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 4 maanden met aftrek van de tijd in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht.</para>
      <para>De officier van justitie houdt bij zijn eis rekening met de ernst van het feit en met de grote rol van verdachte in het feit.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para>De verdediging heeft verzocht een straf gelijk aan het voorarrest op te leggen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Beoordeling door de rechtbank </emphasis>
      </para>
      <para>De rechtbank heeft bij de bepaling van de op te leggen straf gelet op de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard, de omstandigheden waaronder dit is begaan, mede gelet op de persoon en de omstandigheden van de verdachte zoals van een en ander bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken, waarbij onder meer is gelet op:</para>
      <para>-	het uittreksel uit het algemeen documentatieregister, gedateerd 10 augustus 2017.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank overweegt in het bijzonder het volgende.</para>
      <para>Verdachte heeft zich gedurende 2,5 maand bezig gehouden met witwassen. Hij heeft een aanzienlijk geldbedrag, waarvan hij wist dat het van misdrijf afkomstig was, gestort en laten storten, om vervolgens een bedrag te (laten) pinnen, waarmee hij heeft geprobeerd door misdrijf afkomstige (met verf besmeurde) biljetten ‘om te ruilen’ voor onbesmeurde biljetten. Door opbrengsten van misdrijven aan het zicht van justitie te onttrekken, zonder dat die illegale herkomst daarvan zichtbaar wordt, wordt de integriteit van het financieel en economisch verkeer aangetast. Verdachte heeft door zijn handelwijze bovendien een bijdrage geleverd aan het in stand houden van plofkraken. Zonder de mogelijkheden het vuile geld wit te wassen lonen die kraken namelijk niet meer. De rechtbank rekent dit de verdachte aan.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank is van oordeel dat, gelet op de aard en de ernst van het strafbare feit het opleggen van een forse straf aangewezen is. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Uit de justitiële documentatie van verdachte komt naar voren dat verdachte meerdere malen met politie en justitie in aanraking is gekomen en dat hij reeds eerder is veroordeeld voor witwassen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank houdt bij de afdoening van deze zaak rekening met de ernst van het gepleegde feit, de grote rol van verdachte in het feit en de justitiële documentatie van verdachte. Gelet hierop en gelet op rechterlijke uitspraken in vergelijkbare zaken oordeelt de rechtbank dat voor de afdoening van deze zaak een strafoplegging zoals geëist door de officier van justitie passend en geboden is. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">7a. 	De beoordeling van de civiele vordering(en), alsmede de gevorderde oplegging van de schadevergoedingsmaatregel</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ter terechtzitting heeft zich gemeld mr. [naam 11] , die namens de [naam 12] een vordering ter hoogte van € 487 als benadeelde partij heeft ingediend.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft verzocht de vordering van de benadeelde partij hoofdelijk toe te wijzen, met vermeerdering van de wettelijke rente, waarbij tevens de schadevergoedingsmaatregel wordt opgelegd. De vordering is voldoende onderbouwd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para>De verdediging heeft verzocht de vordering af te wijzen nu deze onvoldoende is onderbouwd en de vordering een onevenredige belasting van het strafproces oplevert. De schadevergoedingsmaatregel en de wettelijke rente kunnen niet worden opgelegd nu deze niet zijn gevorderd. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Beoordeling door de rechtbank </emphasis>
      </para>
      <para>De rechtbank is van oordeel dat, daargelaten dat noch uit het dossier, noch uit het verhandelde ter terechtzitting is gebleken dat [naam 11] gemachtigd is een vordering tot schadevergoeding namens [naam 12] in te dienen, de beoordeling van deze vordering een onevenredige belasting van het strafproces zal opleveren. Gelet op het voorgaande kan de benadeelde partij niet in haar vordering worden ontvangen en kan zij haar vordering slechts bij de burgerlijke rechter aanbrengen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">7a. 	De beoordeling van de vordering na voorwaardelijke veroordeling</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ten aanzien van de vordering na voorwaardelijke veroordeling vordert de officier van justitie de tenuitvoerlegging van de onder parketnummer 05/117963-14 voorwaardelijk opgelegde straf. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De verdediging heeft verzocht de proeftijd te verlengen. De verdediging heeft daartoe naar voren gebracht dat verdachte zijn leven op orde heeft en dat hem een allerlaatste kans moet worden geboden. Verdachte is bezig met een procedure omtrent het gezag en de omgang met zijn dochter. Detentie zou dit traject doorkruisen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Nu is bewezen dat verdachte zich binnen de proeftijd opnieuw heeft schuldig gemaakt aan een strafbaar feit, dient naar het oordeel van de rechtbank de bij vonnis van de politierechter van de rechtbank Gelderland van 25 februari 2015 (05/117963-14) voorwaardelijk opgelegde gevangenisstraf voor de duur van drie maanden ten uitvoer gelegd te worden. De rechtbank ziet geen reden daar in het onderhavige geval van af te wijken. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>8</nr>De toegepaste wettelijke bepalingen</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De beslissing is gegrond op de artikelen 10, 27, 47, 57 en 420bis van het Wetboek van Strafrecht.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>9</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verklaart bewezen dat verdachte het tenlastegelegde, zoals vermeld onder punt 3, heeft begaan;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven bewezen is verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verstaat dat het aldus bewezenverklaarde oplevert het strafbare feit zoals vermeld onder punt 4;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verklaart verdachte hiervoor strafbaar;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	veroordeelt verdachte wegens het bewezenverklaarde tot </para>
    </parablock>
    <para />
    <para> een <emphasis role="bold">gevangenisstraf</emphasis> voor de duur van <emphasis role="bold">4 (vier) maanden</emphasis>;</para>
    <para />
    <para> beveelt dat de tijd, door veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht; </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">De beslissing op de vordering van de benadeelde partij [naam 12]</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para> verklaart de <emphasis role="bold">benadeelde partij niet-ontvankelijk </emphasis>in haar vordering.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">De beslissing op de vordering na voorwaardelijke veroordeling (parketnummer 05/117963-14 )</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para> <emphasis role="bold">gelast de tenuitvoerlegging</emphasis> van de straf, voor zover voorwaardelijk opgelegd bij vonnis van politierechter van de rechtbank Gelderland, locatie Arnhem, van 25 februari 2015, te weten van: <emphasis role="bold">3 (drie) maanden gevangenisstraf</emphasis>.</para>
    <para />
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="3">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <colspec colname="colC" />
        <tbody>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Dit vonnis is gewezen door mr. L.C.P. Goossens (voorzitter), mr. I.D. Jacobs en mr. M.J. Wasmann, rechters, in tegenwoordigheid van mr. E.A. Sluijters, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 3 oktober 2017.</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
  <footnote id="_4d5e1819-ae2c-486b-8927-2f36c2151bf5" label="1">
    <para> Het bewijs is terug te vinden in het in de wettelijke vorm door verbalisant [verbalisant] van de politie Oost Nederland, district Gelderland-Midden, opgemaakte proces-verbaal, onderzoek ON3R01102 Smeurig, gesloten op 27 maart 2017 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_dca5eab2-5d51-4cd3-a613-d3ba0b765157" label="2">
    <para> Proces-verbaal van aangifte van [naam 11] namens [naam 12] , p. 76-84.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_1db69ca9-0fd1-467b-8dac-94fcee89b901" label="3">
    <para> Proces-verbaal van bevindingen, p. 89-90.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_23b18457-020c-48cc-8827-b535d26401de" label="4">
    <para> Proces-verbaal van verhoor verdachte [naam 2] , p. 518.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_fe9696c6-724d-4584-bbe3-e0c8b9e815e7" label="5">
    <para> Proces-verbaal van bevindingen, p. 93.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_ea0ab1cc-0517-42f4-a81b-7ddc9ebdf40d" label="6">
    <para> Proces-verbaal van bevindingen, p. 91-92.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_07ab7c6b-a05d-46fd-87db-96a769394afc" label="7">
    <para> Proces-verbaal van verhoor verdachte [naam 4] , p. 521-525.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_9e6b01ce-5431-483d-8f98-6659d5fa669e" label="8">
    <para> Proces-verbaal van bevindingen, p. 98-99.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_2ddb4b86-b1b6-494e-a16b-41909438c129" label="9">
    <para> Proces-verbaal van bevindingen, p. 99-102.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_cf1fa2ae-d943-476a-8456-9c5ea8a50716" label="10">
    <para> Proces-verbaal van bevindingen, p. 441.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_95bfc606-e87f-4a26-9f7e-fd98bd68e121" label="11">
    <para> Proces-verbaal van bevindingen, p. 445.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_8a090e18-f813-4dc1-999f-0143db6ea69e" label="12">
    <para> Proces-verbaal van aangifte van [naam 11] namens [naam 12] , p. 480.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_0d7b08d4-0391-41fd-bfb4-68eb9461be13" label="13">
    <para> Proces-verbaal van bevindingen, p. 103.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_139a76bd-caf5-4ce0-bdf4-f40b2026b211" label="14">
    <para> Proces-verbaal van verhoor [naam 9] . 283-284.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_c6e2165e-8fb1-456c-8b0a-fabef1f6f790" label="15">
    <para> Proces-verbaal van bevindingen, p. 291.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_3d005c51-eca5-49e0-bf29-7cd6cc028a68" label="16">
    <para> Proces-verbaal van bevindingen, p. 88-103.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>