<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBGEL:2017:4889</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2017-09-22T11:07:45</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2017-09-22</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Gelderland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Gelderland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2017-09-21</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">05/820082-16</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Zutphen</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2017:4889">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2017:4889</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2017-09-22T11:07:05</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2017-09-22</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBGEL:2017:4889 Rechtbank Gelderland , 21-09-2017 / 05/820082-16</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBGEL:2017:4889:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>De rechtbank heeft een tractorchauffeur die op 18 april 2016 betrokken is geweest bij een zwaar ongeval op de Corleseweg te Winterswijk veroordeeld tot een werkstraf van 100 uur en een voorwaardelijke rijontzegging met een proeftijd van 2 jaar.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBGEL:2017:4889:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">RECHTBANK GELDERLAND</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Zutphen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer	: 05/820082-16</para>
      <para>Datum uitspraak	: 21 september 2017</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegenspraak</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">vonnis van de meervoudige kamer</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">de officier van justitie bij het arrondissementsparket Oost-Nederland</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte] ,</emphasis>
      </para>
      <para>geboren op [geboortedag] 1990 te [geboorteplaats] , </para>
      <para>wonende te [adres] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Raadsman: mr. R. Meelker, advocaat te Amersfoort.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 7 september 2017.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De inhoud van de tenlastelegging</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan verdachte is ten laste gelegd dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op of omstreeks 18 april 2016 in de gemeente Winterswijk, als  verkeersdeelnemer, namelijk als bestuurder van een motorrijtuig (landbouwtrekker met aanhangwagen), komende uit de richting Corle en/of gaande in de richting van Winterswijk, daarmede rijdende over de weg, de </para>
      <para>Corleseweg, </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zeer, althans aanmerkelijk, onvoorzichtig, onoplettend en/of onachtzaam heeft gereden, hierin bestaande dat verdachte, </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>terwijl het zicht op die weg (de Corleseweg) voor hem, verdachte niet belemmerd of gehinderd werd </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in strijd met artikel 22 aanhef, onder C van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990, met een snelheid van ongeveer 40 kilometer per uur, althans met een grotere snelheid dan de aldaar maximum voor hem, verdachte geldende snelheid van 25 kilometer per uur aldaar heeft gereden </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>en/of in strijd met artikel 19 van voormeld reglement niet de snelheid van dat door hem, verdachte bestuurde motorrijtuig (landbouwtrekker met aanhangwagen) op zodanige wijze heeft geregeld dat hij, verdachte in staat was dat door hem bestuurde motorrijtuig (landbouwtrekker met aanhangwagen) tot stilstand te brengen binnen de afstand waarover hij, verdachte die weg (de Corleseweg) kon overzien en waarover deze vrij was en/of </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>terwijl hij, verdachte een op die weg (de Corleseweg) rijdend, toen dicht uit tegenovergestelde richting genaderd zijnd ander motorrijtuig (personenauto) had waargenomen, </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>met die snelheid een in die weg gelegen en met een in zijn, verdachtes rijrichting gekeerd bord J17 van bijlage 1 van voormeld reglement aangegeven wegversmalling is genaderd, waarbij hij, verdachte de snelheid van dat motorrijtuig (landbouwtrekker met aanhangwagen) niet heeft teruggebracht en/of </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>die wegversmalling met die snelheid of nagenoeg die snelheid is op- of ingereden en/of frontaal is gebotst, althans in aanrijding is gekomen met dat hem, verdachte uit tegenovergestelde richting toen dicht genaderd zijnde andere motorrijtuig(personenauto), </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>en aldus zich zodanig heeft gedragen dat een aan zijn schuld te wijten verkeersongeval heeft plaatsgevonden, waardoor een ander (genaamd [slachtoffer] ) zwaar lichamelijk letsel of zodanig lichamelijk letsel werd toegebracht, dat daaruit tijdelijke ziekte of verhindering in de uitoefening van de normale bezigheden is ontstaan; </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>althans, indien het vorenstaande onder 1 niet tot een veroordeling leidt:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op of omstreeks 18 april 2016 in de gemeente Winterswijk, als bestuurder van een motorrijtuig (landbouwtrekker met aanhangwagen), komende uit de richting Corle en/of gaande in de richting van Winterswijk en </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>daarmee over de weg, de Corleseweg,in strijd met artikel 22 aanhef, onder C van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990, met een snelheid van ongeveer 40 kilometer per uur, althans met een grotere snelheid dan de aldaar maximum voor hem, verdachte geldende snelheid van 25 kilometer per uur heeft gereden en/of </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>terwijl hij, verdachte een op die weg (de Corleseweg) rijdend, toen dicht uit tegenovergestelde richting genaderd zijnd ander motorrijtuig (personenauto) had waargenomen, </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>met die snelheid een in die weg gelegen en met een in zijn, verdachtes rijrichting gekeerd bord J17 van bijlage 1 van voormeld reglement aangegeven wegversmalling is genaderd, waarbij hij, verdachte de snelheid van dat motorrijtuig (landbouwtrekker met aanhangwagen) niet heeft teruggebracht en/of </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>die wegversmalling met die snelheid of nagenoeg die snelheid is op- of ingereden en/of frontaal is gebotst, althans in aanrijding is gekomen met dat hem, verdachte uit tegenovergestelde richting toen dicht genaderd zijnde andere motorrijtuig (personenauto), </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>door welke gedraging(en) van verdachte gevaar op die weg werd veroorzaakt, althans kon worden veroorzaakt, en/of het verkeer op die weg werd gehinderd, althans kon worden gehinderd; </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">2.	Overwegingen ten aanzien van het bewijs</emphasis>
        <footnote-ref linkend="_5fc34b8c-721e-4dcf-a7b3-622813981eb3" />
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Aanleiding onderzoek</emphasis>
      </para>
      <para>Op 18 april 2016 heeft er een ongeluk plaatsgevonden op de Corleseweg te Winterswijk. Een tractor met daarachter een gevulde giertank en een personenauto zijn frontaal op elkaar gebotst in een wegversmalling. De bestuurster van de personenauto is met verwondingen naar het ziekenhuis overgebracht. Er is onderzoek gedaan naar de toedracht van het ongeval, waaronder technisch sporenonderzoek. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft gesteld dat wettig en overtuigend bewezen kan worden dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het primair tenlastegelegde feit, met dien verstande dat hij bewezen acht dat verdachte aanmerkelijk onvoorzichtig, onoplettend en onachtzaam heeft gereden. Ter terechtzitting heeft de officier van justitie daartoe de bewijsmiddelen opgesomd en toegelicht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para>Met een toelichting als vermeld in de pleitnotitie heeft de raadsman aangevoerd dat er naar zijn mening algehele vrijspraak dient te volgen. Er kan niet bewezen worden dat verdachte te hard zou hebben gereden. Bovendien dwingt de aanwezigheid van het geplaatste waarschuwingsbord niet tot snelheidsvermindering. Desondanks heeft verdachte wel zijn snelheid geminderd door het gas los te laten. Schuld aan de gedraging ontbreekt omdat de vrije ruimte die verdachte ter beschikking stond werd ontnomen door het rijgedrag van de bestuurster van de auto. De bestuurster wekte namelijk de indruk voorrang aan verdachte te verlenen, maar is uiteindelijk toch doorgereden en heeft niet meer geremd kort voordat de botsing plaatsvond. </para>
      <para>Aan het gevaarscriterium van artikel 5 van de Wegenverkeerswet is niet voldaan, nu het gevaar niet is veroorzaakt door verdachte maar door het inrijden van de wegversmalling door de tegenligger. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Beoordeling door de rechtbank </emphasis>
      </para>
      <para>De verdachte heeft ter terechtzitting van 7 september 2017 verklaard dat hij op 18 april 2016 met een tractor met daarachter een gevulde gierkar reed over de Corleseweg in de gemeente Winterswijk. Hij was al vaker over die weg gereden en kende daar de verkeerssituatie. Hij was op de hoogte van het feit dat de maximumsnelheid voor de tractor waarmee hij reed officieel maximaal 25 kilometer per uur bedraagt. Hij reed op dat moment wel harder. Hij weet niet of hij op dat moment exact 40 kilometer per uur heeft gereden. Als er door technisch onderzoek is vastgesteld dat hij 40 kilometer per uur heeft gereden, zou dat kunnen zijn. Aan de snelheid van de tractor is niet te horen hoe hard er mee gereden wordt omdat het een zogenaamde vario tractor betreft die altijd op hetzelfde toerental rijdt, ook als er afgeremd wordt of gas bij gegeven wordt. Verdachte kon de wegversmalling al op afstand zien. De wegversmalling heeft geen voorrangsregeling. Bestuurders moeten elkaar voorrang geven. Verdachte zag twee tegenliggers die de wegversmalling al waren gepasseerd. Hij heeft voordat hij de twee auto’s passeerde het rijpedaal losgelaten, waardoor de tractor “al rollend” doorreed. De snelheid loopt daardoor iets terug, vergelijkbaar met de situatie waarbij in een auto de koppeling wordt ingetrapt. Nadat de twee tegenliggers waren gepasseerd, zag verdachte aan de andere kant van de wegversmalling een auto naderen. Die auto ging naar rechts en reed stapvoets. Verdachte reed op dat moment al op het midden van de weg om de wegversmalling te passeren. Toen hij de wegversmalling inreed probeerde de bestuurster van de andere auto alsnog de wegversmalling te passeren. Verdachte heeft toen hard geremd, maar kon een botsing niet meer voorkomen.<footnote-ref linkend="_c29295ac-604c-4c83-b2de-89cfac8dc5b5" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <para>
        [slachtoffer] is gehoord. Zij heeft verklaard dat zij op 18 april 2016 reed over de Corleseweg in de gemeente Winterswijk. Zij naderde een wegversmalling waarvan haar bekend is dat daar geen voorrangsregeling op zit. Zij is op dat punt altijd voorzichtig. Zij zag dat van de andere kant een grote tractor kwam aanrijden. Zij heeft mogelijk wel snelheid verminderd maar stond niet nagenoeg stil. Zij zag dat zij nog door de wegversmalling kon komen en is daarom door gereden. Zij heeft toen een aanrijding met de tractor gehad. Zij heeft door de aanrijding onder andere opgelopen een hersenbloeding, een schedelbreuk, een breuk in de neusschot en een gebroken pols.<footnote-ref linkend="_d617d278-025d-4d18-b297-3a4e7fd952b1" /></para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Uit de over [slachtoffer] opgemaakte geneeskundige verklaring blijkt: </para>
      </parablock>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>als geconstateerd letsel: hoofdwond frontaal, borstwond; intra articulaire radiusfractuur (polsfractuur); open sinus frontalis art en post/dors fractuur links (breuk linker oogkas); frontale impressiefractuur (breuk voorzijde schedel<emphasis role="italic">); </emphasis>orbitaddifractuur (neusfractuur).</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>van belang zijnde operatie: operatieve polsbreuk links.</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>geschatte geneesduur: altijd moeilijk te voorspellen: enkele weken/maanden.<footnote-ref linkend="_7bec865a-cdb2-47fd-881c-d0e17e609432" /></para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
      <parablock>
        <para>De getuige [getuige] heeft – zakelijk weergegeven – verklaard dat hij het ongeval heeft zien gebeuren. Hij stond op ongeveer 50 tot 80 meter van de wegversmalling. Hij schat dat de tractor ongeveer 40 kilometer per uur reed.<footnote-ref linkend="_150c93fd-1e93-45a0-9182-176d5b9a81b6" /></para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Er is een proces-verbaal van VerkeersOngevalAnalyse opgemaakt. Daarin wordt vermeld dat de beide voertuigen gelijktijdig de wegversmalling zijn ingereden, waardoor de voertuigen frontaal op elkaar zijn gebotst. De personenauto werd door de tractor teruggedrukt en op dat moment werd er door de bestuurder van de tractor een noodremming ingezet. Er is een remblokkeerspoor van de tractor op het wegdek aangetroffen, welke werd afgetekend door het linker achterwiel van de tractor. Aan de hand van gemaakte indicatieve snelheidsberekening blijkt dat de tractor aan het begin van dit afgetekende remblokkeerspoor waarschijnlijk heeft gereden met een snelheid van ongeveer 40 kilometer per uur.<footnote-ref linkend="_0fd07fd7-3887-4897-a2c9-dae9eddee92c" /></para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De vraag die beantwoord moet worden is of verdachte door zijn verkeersgedrag artikel 6 van de Wegenverkeerswet 1994 (hierna: WVW), zoals primair ten laste is gelegd, heeft overtreden. Om tot het oordeel te komen dat sprake is van schuld in de zin van artikel 6 WVW, is vereist dat het rijgedrag van verdachte zeer of aanmerkelijk onoplettend, onvoorzichtig of onachtzaam was. Daarvoor moet beoordeeld worden of sprake was van minst genomen een aanmerkelijke mate van verwijtbare onvoorzichtigheid. Daarbij geldt dat in zijn algemeenheid niet valt aan te geven of één verkeersovertreding voldoende kan zijn voor bewezenverklaring van schuld in de hiervoor bedoelde zin. Gekeken moet worden naar het geheel van gedragingen van verdachte, naar de aard en de concrete ernst van de verkeersovertreding en ook naar de omstandigheden waaronder die overtreding is begaan. Daarnaast geldt dat niet enkel uit de ernst van de gevolgen van het verkeersgedrag kan worden afgeleid dat sprake is van schuld in de zin van artikel 6 WVW. </para>
        <para>De wegversmalling op de Corleseweg wordt aangeven met een voor verdachte zichtbaar bord J17.<footnote-ref linkend="_b0222410-689b-48a4-836b-19f0c435647d" /> Verdachte heeft gezien dat hem voor de wegversmalling een auto tegemoet kwam rijden. Gezien de uiteindelijke botspositie (over het midden aan de zijde van verdachte) moet de auto ook eerder dan verdachte de wegversmalling zijn ingereden. Een gelijkwaardige wegversmalling vereist dat de bestuurder van een voertuig zijn snelheid zodanig aanpast dat hij kan anticiperen op dat wat voor hem op de weg gebeurt. En daarmee ook dat hij tijdig kan stoppen, voor het geval hem geen voorrang zou worden verleend. Voor verdachte geldt dit des te meer omdat hij in een bijzonder zware combinatie van tractor en giertank reed en van hem extra zorgvuldigheid mocht worden verwacht. </para>
        <para>Desondanks is verdachte al ruim voor de wegversmalling op het midden van de weg gaan rijden om deze door te kunnen rijden. Als verdachte dit “al rollend” heeft gedaan heeft dit nauwelijks snelheid beperkend gewerkt, aangezien uit onderzoek is gebleken dat verdachte op het moment waarop de frontale botsing plaatsvond met een snelheid van ongeveer 40 kilometer per uur heeft gereden. Dit betreft een overschrijding van de voor hem toegestane snelheid met ongeveer 60%. Verdachte heeft dus niet met een zodanig veilige snelheid gereden dat hij nog tijdig en dus voor de wegversmalling had kunnen stoppen. </para>
        <para>Samenvattend kan gesteld worden dat verdachte met een uitzonderlijk zwaar voertuig fors te hard reed, dat hij in het midden van de weg is blijven rijden en dat hij zich onvoldoende ervan heeft vergewist dat hij voorrang zou krijgen. Hij kon niet meer tijdig reageren op wat er voor hem op de weg gebeurde. Daaraan doet een mogelijk gegeven voorrangssignaal, namelijk dat de tegenligger volgens verdachte rechts van weg zou hebben gestaan, niet af.</para>
        <para>De rechtbank is van oordeel dat het geheel van de gedragingen van verdachte en de aard en de ernst daarvan zodanig zijn dat gesproken kan worden van aanmerkelijk onvoorzichtigheid en/of onoplettend en/of onachtzaam rijgedrag en daarmee van schuld in de zin van artikel 6 WVW. Gezien de aard van het letsel en de lange duur van herstel<footnote-ref linkend="_3e36784e-1357-4004-b26a-95be52933a27" /> is de rechtbank van oordeel dat sprake is van zwaar lichamelijk letsel. </para>
        <para>De rechtbank acht het primair ten laste gelegde feit wettig en overtuigend bewezen.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Bewezenverklaring</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Naar het oordeel van de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het primair tenlastegelegde heeft begaan, te weten dat: </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op <emphasis role="strike-through">of omstreeks</emphasis> 18 april 2016 in de gemeente Winterswijk, als verkeersdeelnemer, namelijk als bestuurder van een motorrijtuig (landbouwtrekker met aanhangwagen), komende uit de richting Corle en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> gaande in de richting van Winterswijk, daarmede rijdende over de weg, de </para>
      <para>Corleseweg, </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="strike-through">zeer, althans</emphasis> aanmerkelijk, onvoorzichtig, onoplettend en/of onachtzaam heeft gereden, hierin bestaande dat verdachte, </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>terwijl het zicht op die weg (de Corleseweg) voor hem, verdachte niet belemmerd of gehinderd werd </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in strijd met artikel 22 aanhef, onder C van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990, met een snelheid van ongeveer 40 kilometer per uur, <emphasis role="strike-through">althans met een grotere snelheid dan de aldaar maximum voor hem, verdachte geldende snelheid van 25 kilometer per uur</emphasis> aldaar heeft gereden en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in strijd met artikel 19 van voormeld reglement niet de snelheid van dat door hem, verdachte bestuurde motorrijtuig (landbouwtrekker met aanhangwagen) op zodanige wijze heeft geregeld dat hij, verdachte in staat was dat door hem bestuurde motorrijtuig (landbouwtrekker met aanhangwagen) tot stilstand te brengen binnen de afstand waarover hij, verdachte die weg (de Corleseweg) kon overzien en waarover deze vrij was en<emphasis role="strike-through">/of </emphasis></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>terwijl hij, verdachte een op die weg (de Corleseweg) rijdend, toen dicht uit tegenovergestelde richting genaderd zijnd ander motorrijtuig (personenauto) had waargenomen, </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>met die snelheid een in die weg gelegen en met een in zijn, verdachtes rijrichting gekeerd bord J17 van bijlage 1 van voormeld reglement aangegeven wegversmalling is genaderd, waarbij hij, verdachte de snelheid van dat motorrijtuig (landbouwtrekker met aanhangwagen) niet heeft teruggebracht en<emphasis role="strike-through">/of </emphasis></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>die wegversmalling met <emphasis role="strike-through">die snelheid of</emphasis> nagenoeg die snelheid is <emphasis role="strike-through">op- of</emphasis> ingereden en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> frontaal is gebotst<emphasis role="strike-through">, althans in aanrijding is gekomen</emphasis> met dat hem, verdachte, uit tegenovergestelde richting toen dicht genaderd zijnde andere motorrijtuig (personenauto), </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>en aldus zich zodanig heeft gedragen dat een aan zijn schuld te wijten verkeersongeval heeft plaatsgevonden, waardoor een ander (genaamd [slachtoffer] ) zwaar lichamelijk letsel <emphasis role="strike-through">of zodanig lichamelijk letsel</emphasis> werd toegebracht<emphasis role="strike-through">, dat daaruit tijdelijke ziekte of verhindering in de uitoefening van de normale bezigheden is ontstaan</emphasis>.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Wat meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard, is niet bewezen. </para>
      <para>Verdachte moet daarvan worden vrijgesproken.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>De kwalificatie van het bewezenverklaarde</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het bewezenverklaarde levert op:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Overtreding van artikel 6 van de Wegenverkeerswet 1994,  terwijl het een ongeval betreft waardoor een ander zwaar lichamelijk letsel wordt toegebracht.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>De strafbaarheid van het feit</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het feit is strafbaar.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>De strafbaarheid van de verdachte</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte is strafbaar, nu geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>7</nr>Overwegingen ten aanzien van straf en/of maatregel</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft geëist dat verdachte ter zake van het primair tenlastegelegde zal worden veroordeeld tot:</para>
    </parablock>
    <para />
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>een werkstraf van 100 uur subsidiair 50 dagen hechtenis;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>een ontzegging van de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen voor de door van 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar.</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para>Ter toelichting op de eis heeft de officier van justitie aangevoerd dat verdachte met een grote combinatie en met een veel te hoge snelheid een gelijkwaardige wegversmalling is genaderd en ingereden en daardoor een ernstig ongeval heeft veroorzaakt. Het slachtoffer heeft ernstig letsel opgelopen. Gelet op het vrijwel blanco strafblad en de persoonlijke omstandigheden van verdachte is de geëiste straf lager dan de oriëntatiepunten die door de rechtbank in vergelijkbare gevallen worden gehanteerd. </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para>De raadsman heeft naast de bepleite vrijspraak subsidiair aangevoerd dat verdachte niet eerder bij een aanrijding betrokken is geweest. Hij is voor zijn werk afhankelijk van zijn rijbewijs. Verzocht wordt om een geldboete op te leggen en eventueel een voorwaardelijke ontzegging van de bevoegdheid om tractoren te mogen besturen, met een proeftijd van maximaal een half jaar.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Beoordeling door de rechtbank </emphasis>
      </para>
      <para>De rechtbank heeft bij de bepaling van de op te leggen straf gelet op de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard, de omstandigheden waaronder dit is begaan, mede gelet op de persoon en de omstandigheden van de verdachte zoals van een en ander bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte is met een zware tractor-combinatie met fors te hoge snelheid een wegversmalling ingereden. Hij heeft zich er onvoldoende van vergewist dat hij voorrang zou krijgen en reed zo hard dat hij niet meer op tijd kon stoppen toen bleek dat hij die voorrang niet kreeg. Verdachte rijdt al jaren op een tractor en zou zich meer dan een ander bewust moeten zijn van de kracht van zijn combinatie. Bij een ongeval zal een tegenligger vrijwel altijd veel en ook meer schade oplopen dan de combinatie waarin verdachte reed. De rechtbank rekent het verdachte aan dat hij door zijn verkeersgedrag de veiligheid van een ander in gevaar heeft gebracht, welk gevaar zich voor het slachtoffer ook heeft verwezenlijkt doordat het slachtoffer zwaar lichamelijk letsel heeft opgelopen. Uit de schriftelijke slachtofferverklaring blijkt dat het slachtoffer daar nu ook nog steeds hinder van ondervindt in haar dagelijkse leven. </para>
      <para>Anderzijds houdt de rechtbank er rekening mee dat verdachte niet eerder met politie en justitie in aanraking is geweest voor een soortgelijk feit, dat verdachte voor zijn levensonderhoud erg afhankelijk is van zijn rijbewijs en dat verdachte zich, gelet op zijn houding ter terechtzitting, de gevolgen voor het slachtoffer aantrekt en dat hij betreurt dat goed contact niet tot stand is gekomen.  </para>
      <para>De door de officier van justitie gevorderde straf is lichter dan doorgaans in min of meer vergelijkbare zaken wordt geëist, maar gelet op voornoemde omstandigheden ziet de rechtbank geen aanleiding hier van af te wijken. Voor een verdergaande matiging ziet de rechtbank evenmin aanleiding. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>8</nr>De toegepaste wettelijke bepalingen</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De beslissing is gegrond op de artikelen 14a, 14b, 14c, 22c, 22d en 91 van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 6, 175 en 179 van de Wegenverkeerswet 1994.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>9</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <para> verklaart bewezen dat verdachte het tenlastegelegde, zoals vermeld onder punt 3, heeft begaan;</para>
    <para />
    <para> verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven bewezen is verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij;</para>
    <para />
    <para> verstaat dat het aldus bewezenverklaarde oplevert het strafbare feit zoals vermeld onder punt 4;</para>
    <para />
    <para> verklaart verdachte hiervoor strafbaar;</para>
    <para />
    <para> veroordeelt verdachte wegens het bewezenverklaarde tot een <emphasis role="bold">werkstraf </emphasis>gedurende <emphasis role="bold">100 (éénhonderd) uren</emphasis>, met bevel dat indien deze straf niet naar behoren wordt verricht vervangende hechtenis zal worden toegepast voor de duur van <emphasis role="bold">50 (vijftig) dagen</emphasis>;</para>
    <para />
    <para> ontzegt verdachte de <emphasis role="bold">bevoegdheid motorrijtuigen</emphasis> te besturen voor de duur van <emphasis role="bold">6 (zes) maanden;</emphasis></para>
    <para />
    <para> bepaalt dat deze ontzegging van de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, op grond dat veroordeelde zich vóór het einde van een proeftijd van 2 jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.</para>
    <para />
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="3">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <colspec colname="colC" />
        <tbody>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Dit vonnis is gewezen door mr. M.G.J. Post (voorzitter), mr. E.M. Vermeulen en mr. T.C. Henniphof, rechters, in tegenwoordigheid van A.B.M. Jansen, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 21 september 2017.</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Mr. Vermeulen is buiten staat mede te ondertekenen.</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
  <footnote id="_5fc34b8c-721e-4dcf-a7b3-622813981eb3" label="1">
    <para> Het bewijs is terug te vinden in het in de wettelijke vorm door [verbalisant] van de politie Oost Nederland, district Noord- en Oost-Gelderland, opgemaakte proces-verbaal, dossiernummer PL0600-2016190675-1, gesloten op 13 juli 2016 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld</para>
  </footnote>
  <footnote id="_c29295ac-604c-4c83-b2de-89cfac8dc5b5" label="2">
    <para> Verklaring van verdachte ter terechtzitting van 7 september 2017</para>
  </footnote>
  <footnote id="_d617d278-025d-4d18-b297-3a4e7fd952b1" label="3">
    <para> Verklaring van [slachtoffer] , p. 11-12</para>
  </footnote>
  <footnote id="_7bec865a-cdb2-47fd-881c-d0e17e609432" label="4">
    <para> Geneeskundige verklaring d.d. 10 juni 2017, pag. 14</para>
  </footnote>
  <footnote id="_150c93fd-1e93-45a0-9182-176d5b9a81b6" label="5">
    <para> Verklaring van de getuige [getuige] , p 15</para>
  </footnote>
  <footnote id="_0fd07fd7-3887-4897-a2c9-dae9eddee92c" label="6">
    <para> Proces-verbaal VerkeersOngevalAnalyse, pag. 21 en verder</para>
  </footnote>
  <footnote id="_b0222410-689b-48a4-836b-19f0c435647d" label="7">
    <para> PV Verkeersongevallenanalyse, p. 7 van 26</para>
  </footnote>
  <footnote id="_3e36784e-1357-4004-b26a-95be52933a27" label="8">
    <para> Schriftelijke slachtofferverklaring van [slachtoffer]</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>