<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBGEL:2017:4337</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2017-08-21T15:14:31</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2017-08-21</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Gelderland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Gelderland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2017-08-21</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">05/840195-15</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Zutphen</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2017:4337">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2017:4337</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2017-08-21T15:12:51</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2017-08-21</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBGEL:2017:4337 Rechtbank Gelderland , 21-08-2017 / 05/840195-15</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBGEL:2017:4337:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Veroordeling tot een taakstraf van 180 uur en een voorwaardelijke gevangenisstraf van 2 maanden voor het exploiteren van een hennepkwekerij en diefstal van stroom. De aangebrachte ontnemingsvordering is toegewezen tot een bedrag van € 84.831,34.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBGEL:2017:4337:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">RECHTBANK GELDERLAND</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Zutphen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer	: 05/840195-15</para>
      <para>Datum uitspraak	: 21 augustus 2017</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verstek</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">vonnis van de meervoudige kamer</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">de officier van justitie bij het arrondissementsparket Oost-Nederland</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte] ,</emphasis>
      </para>
      <para>geboren op [geboortedag] 1995 te [geboorteplaats] , wonende te [adres 1] , [woonplaats] . </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 7 augustus 2017.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De inhoud van de tenlastelegging</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan verdachte is, na een wijziging van de tenlastelegging, ten laste gelegd dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>1.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op een of meer tijdstippen in de periode van 28 januari 2015 tot en met 10 </para>
      <para>februari 2015 te Zutphen, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, (telkens) in de uitoefening van een beroep of bedrijf, opzettelijk heeft geteeld en/of bereid en/of bewerkt en/of verwerkt en/of opzettelijk aanwezig heeft gehad (in een pand aan [adres 2] ) een hoeveelheid hennep en/of een groot aantal hennepplanten en/of delen daarvan, in elk geval een hoeveelheid van meer dan 30 gram van een materiaal bevattende hennep, zijnde hennep een middel vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst II, dan wel aangewezen krachtens artikel 3a, vijfde lid van die wet; terwijl dit gepleegde feit (mede) betrekking heeft op een grote hoeveelheid van een middel vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst II, dan wel aangewezen krachtens artikel 3a, vijfde lid van die wet, welke hoeveelheid meer bedraagt dan de bij algemene maatregel van bestuur bepaalde hoeveelheid van een middel (te weten 250 hennepplanten, althans meer dan 200 hennepplanten en/of delen daarvan);</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>2.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij in of omstreeks de periode van 10 september 2014 tot en met 10 februari </para>
      <para>2015 te Zutphen, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans </para>
      <para>alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening heeft weggenomen een </para>
      <para>hoeveelheid stroom/elektriciteit, in elk geval enig goed, geheel of ten dele </para>
      <para>toebehorende aan [slachtoffer] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan </para>
      <para>verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) </para>
      <para>zich de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft/hebben verschaft en/of </para>
      <para>de/het weg te nemen stroom/elektriciteit onder zijn/hun bereik heeft/hebben </para>
      <para>gebracht door middel van braak, verbreking en/of een valse sleutel (te weten </para>
      <para>het verbreken van de zegels van de hoofdaansluitkast en/of het verwijderen van het deksel van de hoofdaansluitkast en/of een gemaakte extra en/of illegale aansluiting voor elektriciteit buiten de elektriciteitsmeter om).</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para>
      <emphasis role="bold">2.	Overwegingen ten aanzien van het bewijs</emphasis>
      <footnote-ref linkend="_f7b345a5-8af2-4664-8d1a-729a838a7991" />
    </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Ten aanzien van feit 1 </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft gesteld dat kan worden bewezen dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het onder 1 ten laste gelegde feit. Op basis van de verklaring van getuige [getuige] en de verklaring van verdachte, vindt de officier van justitie dat kan worden bewezen dat sprake is van medeplegen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">De beoordeling door de rechtbank </emphasis>
      </para>
      <para>Er is sprake van een bekennende verdachte als bedoeld in artikel 359 derde lid, laatste zin van het Wetboek van Strafvordering en daarom wordt volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bewijsmiddelen:</para>
    </parablock>
    <para>- het proces-verbaal van aantreffen hennepkwekerij, p. 13 t/m 19;</para>
    <para>- het proces-verbaal van verhoor van getuige [getuige] , p. 207; en</para>
    <para>- het proces-verbaal van verhoor van verdachte, p. 66, p. 68, twaalfde alinea, p. 77, laatste alinea, p. 78, tweede alinea en p. 82.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Overweging</emphasis>
      </para>
      <para>Gelet op de aangetroffen situatie, te weten drie volledig ingerichte kweekruimtes, waar een groot aantal planten en/of stekjes hebben gestaan, is de rechtbank van oordeel dat in de uitoefening van een beroep of bedrijf is gewerkt. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Ten aanzien van feit 2</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft gesteld dat kan worden bewezen dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het onder 2 ten laste gelegde feit. Op basis van de verklaring van verdachte dat hij hulp heeft gehad, vindt de officier van justitie dat kan worden bewezen dat sprake is van medeplegen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">De beoordeling door de rechtbank </emphasis>
      </para>
      <para>Er is sprake van een bekennende verdachte als bedoeld in artikel 359 derde lid, laatste zin van het Wetboek van Strafvordering en daarom wordt volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bewijsmiddelen:</para>
    </parablock>
    <para>- het proces-verbaal van aangifte door [slachtoffer] , p. 154 t/m 156; en</para>
    <para>- het proces-verbaal van verhoor van verdachte, p. 75.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Overweging</emphasis>
        <?linebreak?>Verdachte heeft verklaard dat hij de elektriciteitsaansluiting van de hennepkwekerij zelf heeft aangelegd. Gelet op die verklaring en de overige bewijsmiddelen in het dossier, kan niet worden bewezen dat hij daarbij hulp heeft gehad. Daarom kan niet worden bewezen dat verdachte het onder 2 ten laste gelegde heeft medegepleegd. Verdachte zal ten aanzien van dat deel van de tenlastelegging worden vrijgesproken.   </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Bewezenverklaring</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Naar het oordeel van de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het onder 1 en 2 ten laste gelegde heeft begaan, te weten dat: </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>1.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij <emphasis role="strike-through">op een of meer tijdstippen</emphasis> in de periode van 28 januari 2015 tot en met 10 </para>
      <para>februari 2015 te Zutphen, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, <emphasis role="strike-through">althans alleen, (telkens)</emphasis> in de uitoefening van een beroep of bedrijf, opzettelijk heeft </para>
      <para>geteeld <emphasis role="strike-through">en/of bereid</emphasis> en/of bewerkt <emphasis role="strike-through">en/of verwerkt</emphasis> en/of opzettelijk aanwezig </para>
      <para>heeft gehad (in een pand aan [adres 2] ) een hoeveelheid hennep en/of een </para>
      <para>groot aantal hennepplanten en/of delen daarvan, <emphasis role="strike-through">in elk geval een hoeveelheid </emphasis></para>
      <para>
        <emphasis role="strike-through">van meer dan 30 gram van een materiaal bevattende hennep,</emphasis> zijnde hennep een middel vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst II<emphasis role="strike-through">, dan wel aangewezen krachtens artikel 3a, vijfde lid van die wet,</emphasis> terwijl dit gepleegde feit <emphasis role="strike-through">(mede)</emphasis> betrekking heeft op een grote hoeveelheid van een middel vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst II, <emphasis role="strike-through">dan wel aangewezen krachtens artikel 3a, vijfde lid van die wet,</emphasis> welke hoeveelheid meer bedraagt dan de bij algemene maatregel van bestuur bepaalde hoeveelheid van een middel (te weten 250 hennepplanten, althans meer dan 200 hennepplanten en/of delen daarvan);</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>2.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij in <emphasis role="strike-through">of omstreeks</emphasis> de periode van 10 september 2014 tot en met 10 februari </para>
      <para>2015 te Zutphen, <emphasis role="strike-through">tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans </emphasis></para>
      <para>
        <emphasis role="strike-through">alleen,</emphasis> met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening heeft weggenomen een </para>
      <para>hoeveelheid stroom/elektriciteit, <emphasis role="strike-through">in elk geval enig goed, geheel of ten dele </emphasis></para>
      <para>toebehorende aan [slachtoffer] , <emphasis role="strike-through">in elk geval aan een ander of anderen dan aan </emphasis></para>
      <para>
        <emphasis role="strike-through">verdachte en/of zijn mededader(s),</emphasis> waarbij verdachte <emphasis role="strike-through">en/of zijn mededader(s) </emphasis></para>
      <para>
        <emphasis role="strike-through">zich de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft/hebben verschaft en/of </emphasis>
      </para>
      <para>de/het weg te nemen stroom/elektriciteit onder zijn<emphasis role="strike-through">/hun</emphasis> bereik heeft<emphasis role="strike-through">/hebben </emphasis></para>
      <para>gebracht door middel van braak<emphasis role="strike-through">, verbreking en/of een valse sleutel</emphasis> (te weten </para>
      <para>het verbreken van de zegels van de hoofdaansluitkast en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> het verwijderen van het deksel van de hoofdaansluitkast en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> een gemaakte <emphasis role="strike-through">extra en/of</emphasis> illegale aansluiting voor elektriciteit buiten de elektriciteitsmeter om).</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Wat meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard, is niet bewezen. </para>
      <para>Verdachte moet daarvan worden vrijgesproken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>De kwalificatie van het bewezenverklaarde</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het bewezenverklaarde levert op:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Ten aanzien van feit 1:</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">Medeplegen van in de uitoefening van een beroep of bedrijf opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 3 onder B van de Opiumwet gegeven verbod, terwijl het feit betrekking heeft op een grote hoeveelheid van het middel.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Ten aanzien van feit 2:</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">Diefstal, waarbij de schuldige het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van braak. </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>De strafbaarheid van het feit</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De feiten zijn strafbaar.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>De strafbaarheid van de verdachte</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte is strafbaar, nu geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>7</nr>Overwegingen ten aanzien van straf en/of maatregel</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte ten aanzien van het onder 1 en 2 ten laste gelegde zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf van 4 maanden, met aftrek van de tijd die verdachte in verzekering heeft doorgebracht. Verdachte heeft justitiële documentatie, maar nog niet voor overtreding van de Opiumwet. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">De beoordeling door de rechtbank </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft bij de bepaling van de op te leggen straf gelet op de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard, de omstandigheden waaronder dit is begaan, mede gelet op de persoon en de omstandigheden van de verdachte zoals van een en ander bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken, waarbij onder meer is gelet op het uittreksel uit het algemeen documentatieregister, gedateerd 29 juni 2017.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank overweegt in het bijzonder het volgende. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte heeft samen met een ander of met anderen een hennepkwekerij gehad. In de hennepkwekerij hebben naar schatting ruim 700 planten gestaan. Verdachte heeft ten behoeve van de hennepkwekerij een illegale aansluiting gemaakt in de meterkast, waardoor gedurende ongeveer vijf maanden buiten de meter om stroom werd afgenomen. Het is een feit van algemene bekendheid dat door hennepkwekerijen een ernstig gevaar voor brand ontstaat, in dit geval ook voor het café dat zich onder de toen door verdachte gehuurde bovenwoning bevindt.  </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte is niet eerder ten aanzien van overtreding van de Opiumwet veroordeeld. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>In het bijzonder gelet op het feit dat verdachte op het gebied van de Opiumwet een first offender is, zal de rechtbank aan verdachte, anders dan door de officier van justitie is gevorderd, geen onvoorwaardelijke gevangenisstraf opleggen. De rechtbank acht een taakstraf van 180 uren passend en geboden en zal verdachte daartoe veroordelen. De tijd die verdachte in verzekering heeft doorgebracht, wordt daarop in mindering gebracht volgens de maatstaf dat per dag in verzekering doorgebracht 2 uur van de taakstraf zal worden afgetrokken. Als stok achter de deur zal daarnaast een voorwaardelijke gevangenisstraf van 2 maanden worden opgelegd. De proeftijd wordt bepaald op 2 jaren. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>8</nr>De toegepaste wettelijke bepalingen</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De beslissing is gegrond op de artikelen 10, 14a, 14b, 14c, 22c, 22d, 27, 47, 57, 91, 310 en 311 van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 3, 11 en 13 van de Opiumwet. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>9</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verklaart bewezen dat verdachte het tenlastegelegde, zoals vermeld onder punt 3, heeft begaan;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven bewezen is verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verstaat dat het aldus bewezenverklaarde oplevert het strafbare feit zoals vermeld onder punt 4;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verklaart verdachte hiervoor strafbaar;</para>
    </parablock>
    <para />
    <para> veroordeelt verdachte wegens het bewezenverklaarde tot een <emphasis role="bold">taakstraf </emphasis>gedurende <emphasis role="bold">180 (honderdtachtig) uren</emphasis>, met bevel dat indien deze straf niet naar behoren wordt verricht vervangende hechtenis zal worden toegepast voor de duur van 90 dagen;</para>
    <para />
    <para> beveelt dat voor de tijd die door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van de werkstraf in verzekering is doorgebracht, bij de uitvoering van die straf uren in mindering worden gebracht volgens de maatstaf dat per dag in verzekering doorgebracht 2 uur in mindering wordt gebracht;</para>
    <para />
    <para> een <emphasis role="bold">gevangenisstraf</emphasis> voor de duur van <emphasis role="bold">2 (twee) maanden</emphasis>;</para>
    <para />
    <para> bepaalt, dat deze gevangenisstraf <emphasis role="bold">niet ten uitvoer zal worden gelegd</emphasis>, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, wegens niet nakoming van na te melden voorwaarde voor het einde van de proeftijd die op twee jaren wordt bepaald;</para>
    <para />
    <para> de voorwaarde dat de veroordeelde zich voor het einde daarvan niet zal schuldig maken aan een strafbaar feit.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. C. Kleinrensink (voorzitter), mr Y.M.J.I. Baauw en </para>
      <para>mr. T.C. Henniphof, rechters, in tegenwoordigheid van mr. M. Kolkman, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 21 augustus 2017. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <footnote id="_f7b345a5-8af2-4664-8d1a-729a838a7991" label="1">
    <para> Het bewijs is terug te vinden in het in de wettelijke vorm door verbalisant [verbalisant] van de politie Oost Nederland, district Noord- en Oost-Gelderland, opgemaakte proces-verbaal, dossiernummer PL0600-2015013374, gesloten op 23 februari 2015 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>