<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBGEL:2017:2521</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2017-05-08T15:43:02</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2017-05-08</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Gelderland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Gelderland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2017-05-08</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">05/740034-17</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Zutphen</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2017:2521">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2017:2521</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2017-05-08T09:09:58</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2017-05-08</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBGEL:2017:2521 Rechtbank Gelderland , 08-05-2017 / 05/740034-17</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBGEL:2017:2521:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Een man van 31 wordt door de rechtbank vrijgesproken van betrokkenheid bij een brand in Winterswijk. Het verwijt was dat hij deze brand zou hebben gesticht op 17 januari 2016, maar daarvoor is naar het oordeel van de rechtbank geen bewijs.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBGEL:2017:2521:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">RECHTBANK GELDERLAND</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Zutphen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer	: 05/740034-17</para>
      <para>Datum uitspraak	: 8 mei 2017</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegenspraak</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">vonnis van de meervoudige kamer</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">de officier van justitie bij het arrondissementsparket Oost-Nederland</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte] ,</emphasis>
      </para>
      <para>geboren op [geboortedag] 1985 te [geboorteplaats] . </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Raadsman: mr. M.M. Dezfouli, advocaat te 's-Gravenhage.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 24 april 2017.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De inhoud van de tenlastelegging</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan verdachte is, na wijziging van de tenlastelegging ter zitting, ten laste gelegd dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op of omstreeks 17 januari 2016 te Winterswijk, althans in Nederland, opzettelijk brand heeft gesticht in een kamer/woning aan de [adres] , immers heeft verdachte toen aldaar opzettelijk met een aansteker kleding, gehangen aan het bedframe of een deur, aangestoken, ten gevolge waarvan die kamer/woning geheel of gedeeltelijk is/zijn verbrand, in elk geval brand is ontstaan, terwijl daarvan gemeen gevaar voor die kamer/woning en/of naastgelegen kamer(s)/woning(en) en/of nabijgelegen kamer(s)/woning(en), in elk geval gemeen gevaar voor goederen en/of levensgevaar en/of gevaar voor zwaar lichamelijk letsel voor (een) (andere) bewoner(s) van voornoemde kamer(s)woning(en) aan de [adres] , in elk geval levensgevaar en/of gevaar voor zwaar lichamelijk letsel voor een ander of anderen, te duchten was. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>2</nr>Overwegingen ten aanzien van het bewijs</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Aanleiding onderzoek</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op 17 januari 2017 heeft een brand gewoed in een pand van het [naam] (hierna: [naam] ) aan de [adres] in Winterswijk. Verdachte wordt ervan verdacht die brand te hebben gesticht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De officier van justitie heeft gesteld dat wettig en overtuigend bewezen kan worden dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het tenlastegelegde feit. Zij heeft een gevangenisstraf voor de duur van drie jaar, waarvan één jaar voorwaardelijk, geëist. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De raadsman heeft aangevoerd dat er bij verdachte geen sprake is geweest van voorwaardelijk opzet. Hij heeft het risico op gevaar niet geaccepteerd. De psychiater is ook van mening dat verdachte verminderd toerekeningsvatbaar is. Verdachte moet dan ook niet strafbaar worden geacht. De raadsman heeft verder gewezen op de gevolgen van een veroordeling voor de verblijfsvergunning van verdachte.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Beoordeling door de rechtbank </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank overweegt dat in de tenlastelegging als pleegdatum is vermeld ’17 januari 2016’. Uit het dossier zou wellicht kunnen volgen dat een brand heeft plaatsgevonden op 17 januari 2017. Naar het oordeel van de rechtbank voert het veel te ver om te oordelen dat een incident dat een jaar later dan de in de tenlastelegging vermelde datum zou hebben plaatsgevonden, nog valt onder ‘omstreeks’. De rechtbank vindt de pleegdatum dusdanig cruciaal dat zij ook geen aanleiding ziet de in de tenlastelegging opgenomen datum aan te merken als een kennelijke stelfout die door de rechtbank kan worden verbeterd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Gelet op het bovenstaande wordt verdachte vrijgesproken. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Vordering van de benadeelde partij</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het [naam] heeft zich als benadeelde partij gevoegd in het strafproces en een bedrag van </para>
      <para>€ 28.780,70 gevorderd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank overweegt dat het [naam] vanwege de vrijspraak van verdachte niet-ontvankelijk moet worden verklaard in de vordering.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <para> spreekt verdachte vrij van het tenlastegelegde feit; </para>
    <para />
    <para> verklaart de <emphasis role="bold">benadeelde partij [naam] niet-ontvankelijk </emphasis>in de vordering. </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. T.C. Henniphof (voorzitter), mr. C. Kleinrensink en </para>
      <para>mr. R.M.A.G. van Valderen, rechters, in tegenwoordigheid van mr. M.C. Korevaar, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 8 mei 2017. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>mr. Kleinrensink en mr. Van Valderen zijn buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>