<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBGEL:2017:2168</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-02-24T17:18:32</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2017-04-18</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Gelderland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Gelderland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2017-03-30</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">05/880207-16</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Zutphen</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2017:2168">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2017:2168</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2017-04-18T12:25:38</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2017-04-18</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBGEL:2017:2168 Rechtbank Gelderland , 30-03-2017 / 05/880207-16</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBGEL:2017:2168:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>een werkstraf van 200 uur (alleen locatie Eibergen)</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBGEL:2017:2168:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">RECHTBANK GELDERLAND</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Zutphen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer	: 05/880207-16</para>
      <para>Datum uitspraak	: 30 maart 2017</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegenspraak</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">vonnis van de meervoudige kamer</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">de officier van justitie bij het arrondissementsparket Oost-Nederland</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte] ,</emphasis>
      </para>
      <para>geboren op [geboortedatum] 1995 te Wisch, </para>
      <para>wonende te [adres 1]</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Raadsvrouw: mr. A.R. de Witte, advocaat te Delden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen van 16 januari 2017, 10 maart 2017 en 16 maart 2017.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De inhoud van de tenlastelegging</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan verdachte is ten laste gelegd dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>1.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij in of omstreeks de periode van 1 januari 2014 tot en met 5 april 2016, te Eibergen, gemeente Berkelland en/of de gemeente Enschede en/of te Goor, gemeente Hof van Twente en/of de gemeente Aalten en/of te Terborg, gemeente Oude IJsselstreek, althans (in ieder geval) (elders) in Nederland, (telkens) tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, (telkens) al dan niet in de uitoefening van een beroep of bedrijf, meermalen, althans eenmaal (telkens) opzettelijk heeft geteeld en/of bereid en/of bewerkt en/of verwerkt en/of heeft verkocht en/of afgeleverd en/of verstrekt en/of vervoerd en/of (in elk geval) (telkens) opzettelijk aanwezig heeft gehad een (grote) hoeveelheid hennep en/of een (groot) aantal hennepplanten en/of hennepstekken en/of delen daarvan, te weten (onder meer): </para>
      <para>-In een pand aan de [adres 2] (in totaal (ongeveer) 178 vrouwelijke hennepplanten en/of 5192 hennepstekken) en/of </para>
      <para>-In een pand aan de [adres 3] (in totaal (ongeveer) 452 hennepplanten en/of (ongeveer) 20 kilogram (aan) hennep(toppen)) en/of </para>
      <para>-In een pand aan de [adres 4] (in totaal (ongeveer) 280 hennepplanten) en/of </para>
      <para>-In een pand aan de [adres 5] (een (zogenaamd) "wortelhok") en/of </para>
      <para>-In een pand aan de [adres 6] , </para>
      <para>althans (telkens) meer dan 30 gram van een materiaal bevattende hennep, zijnde hennep, (telkens) (een) middel(en) vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst II, dan wel aangewezen krachtens artikel 3a, vijfde lid van die wet en/of (een) middel(en) als bedoeld in artikel 1 lid 1 sub d van de Opiumwet vermeld op de bij die wet behorende lijst II; </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>2.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij in of omstreeks de periode van 1 januari 2014 tot en met 5 april 2016, te Eibergen, gemeente Berkelland en/of de gemeente Enschede en/of te Goor, gemeente Hof van Twente en/of de gemeente Aalten, (telkens) tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een hoeveelheid elektriciteit, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan Liander N.V. en/of Enexis B.V., in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) zich (telkens) de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft/hebben verschaft en/of de/het weg te nemen goed(eren) (telkens) onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak en/of verbreking; </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>3.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op of omstreeks 5 april 2016, te Westendorp, gemeente Oude IJsselstreek, een wapen van categorie I onder 7°, te weten een (zogenaamd) balletjespistool, zijnde een voorwerp dat/die voor wat betreft zijn vorm en afmetingen een sprekende gelijkenis vertoonde met een vuurwapen (te weten met een pistool, merk Walther, type Baby Gun), voorhanden heeft gehad; </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>4.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op of omstreeks 5 april 2016, te Westendorp, gemeente Oude IJsselstreek, een wapen van categorie I, onder 3, te weten een (zogenaamde) ploertendoder, voorhanden heeft gehad.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>
      <emphasis role="bold">2.	Overwegingen ten aanzien van het bewijs</emphasis>
      <footnote-ref linkend="_1426464f-ac57-4791-bf0d-7f2483801ebc" />
    </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Aanleiding onderzoek</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>In november 2015 is bij de politie een MMA-melding ontvangen over een mogelijke hennepkwekerij aan de [adres 2] , gelegen in de gemeente Berkelland<footnote-ref linkend="_78b418cd-8d89-4114-b2e5-6be67edd557d" />. Naar aanleiding van deze melding is een onderzoek gestart, waarbij onder meer observaties hebben plaatsgevonden en telefoongesprekken zijn getapt. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De officier van justitie heeft gesteld dat wettig en overtuigend bewezen kan worden dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan feit 1 (locaties Eibergen, Aalten en Terborg), feit 2 (locatie Eibergen), feit 3 en feit 4.</para>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De raadsvrouw heeft met betrekking tot de locatie Eibergen aangevoerd dat de pleegperiode dient te worden verkort, zowel bij feit 1 als bij feit 2. Bewezen kan worden een periode van </para>
      <para>1 juli 2015 tot en met 5 april 2016.</para>
      <para>Voor de overige locaties zou vrijspraak moeten volgen, voor zowel feit 1 als feit 2. Verdachte is weliswaar eenmaal op de locatie in Enschede geweest, maar zijn rol was niet zodanig dat van medeplegen kan worden gesproken. In Aalten is verdachte in totaal drie keer geweest, maar zijn handelingen (het plaatsen van een muurtje, het opruimen van rommel en het ophalen van goederen) zijn onvoldoende om de kwalificatie medeplegen te rechtvaardigen. </para>
      <para>Verdachte is een keer op de locatie in Terborg geweest, maar hij is de auto niet uit geweest. Van enige betrokkenheid bij een kwekerij of stekkerij is niet gebleken.</para>
      <para>Ten aanzien van feit 3 heeft de raadsvrouw aangevoerd dat niet wordt voldaan aan het bewustheidscriterium. Verdachte heeft het balletjespistool van zijn ouders gekregen toen hij tien jaar oud was. Het speelgoed is later in een la beland en verdachte wist niet eens meer dat hij het had.</para>
      <para>Feit 4 kan wettig en overtuigend worden bewezen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Beoordeling door de rechtbank </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Feit 1 en feit 2 (locatie [adres 2] )</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op 5 april 2016 is in de woning aan de [adres 2] een hennepstekkerij aangetroffen. In kweekruimte 1 stonden in totaal 576 hennepstekken en 178 moederplanten. In kweekruimte 2 zijn 4616 hennepstekken gevonden.<footnote-ref linkend="_5334171b-4ef4-4958-95a9-bfdec1062fe4" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Een fraudespecialist van Liander heeft op 5 april 2016 geconstateerd dat in de kelder van de woning aan de [adres 2] op de toevoerleiding voor de hoofdaansluitkast een illegale drie-fasen elektriciteitsaansluiting was gemaakt door middel van een illegale aftakmof. Deze illegale aansluiting liep buiten de meter om naar de hennepplantage en voorzag deze van elektriciteit. De afgenomen elektriciteit werd niet via de meter geregistreerd.<footnote-ref linkend="_c32272ed-d84e-42aa-9e90-53eaa2d504e8" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Medeverdachte [medeverdachte 1] heeft verklaard dat hij in januari 2015 in de woning aan de [adres 2] is gaan wonen. Eind januari/begin februari vertelde medeverdachte [medeverdachte 2] aan [medeverdachte 1] dat hij een hennepstekkerij wilde beginnen in de woning. Vanaf februari 2015 werd de hennepstekkerij ingericht, aldus [medeverdachte 1] . [medeverdachte 1] heeft verder verklaard dat in eerste instantie is begonnen met het kweken van moederplanten. Tussen februari 2015 en november 2015 stonden er alleen moederplanten, zo tussen de 150 en 200. In deze periode heeft [medeverdachte 1] henneptakken geknipt van de moederplanten. Hij en [verdachte] knipten zo’n 1000 stekjes per week. Vanaf november 2015 gebeurde ook het wortelen van de stekken aan de [adres 2] .<footnote-ref linkend="_4c6e919d-1375-4c06-826f-82f0b9836059" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte heeft verklaard dat hij door [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] ( [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] , rechtbank) is gevraagd om in de stekkerij te werken. Hij heeft geholpen met de opbouw en heeft samen met [medeverdachte 1] planten geknipt.<footnote-ref linkend="_b30951a1-0058-441f-87cf-49705de08def" /></para>
      <para>Naar het oordeel van de rechtbank is bewezen dat verdachte betrokken is geweest bij de hennepstekkerij op het adres [adres 2] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Over het aanvangsmoment van de periode, zoals dat in de tenlastelegging is vermeld, overweegt de rechtbank het volgende. Naar het oordeel van de rechtbank blijkt uit het dossier onvoldoende dat er in de periode vóór februari 2015 aan hennepteelt gerelateerde activiteiten hebben plaatsgevonden in de woning. Dit ligt anders voor de periode vanaf 1 februari 2015. De raadsvrouw heeft naar voren gebracht dat verdachte pas vanaf 1 juli 2015 strafbare handelingen heeft verricht. De rechtbank volgt haar hier niet in. De rechtbank ziet in de omstandigheid dat [medeverdachte 1] met ingang van 31 januari 2015 de contractant bij Liander was voor het betreffende perceel<footnote-ref linkend="_0eb33ea0-830c-486d-b565-aacf8e05412b" /> en het er alle schijn van heeft dat de stekkerij kort na zijn intrek in de woning is opgebouwd, waarbij verdachte heeft geholpen, voldoende reden om uit te gaan van 1 februari 2015 als begin van de pleegperiode. De rechtbank zal de periode in de bewezenverklaring niet aanpassen, maar bij de straftoemeting betrekken dat het gaat om een kortere periode dan ten laste is gelegd. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ten aanzien van de vraag of sprake is geweest van medeplegen overweegt de rechtbank als volgt. Naast de hierboven vermelde verklaring van [medeverdachte 1] over het ter beschikking stellen van de woning en het knippen en wortelen van de stekken acht de rechtbank ook diens verklaring dat ze met zijn drieën (waarbij de rechtbank begrijpt dat hiermee [medeverdachte 2] , [medeverdachte 1] en [verdachte] worden bedoeld) hebben afgesproken dat ze in de kelder een moederhok zouden gaan starten<footnote-ref linkend="_b50a57d0-3879-4f66-8db2-0e7c0e2387f8" /> van belang. [medeverdachte 1] heeft verder verklaard dat hij samen met [verdachte] gedeeltelijk heeft meegeholpen met de opbouw.<footnote-ref linkend="_24c3fd33-b7cd-4016-9ce8-f3b8f81c018b" /> [verdachte] heeft verklaard te hebben geholpen met de opbouw van de stekkerij en twee keer per week stekken te hebben geknipt, samen met [medeverdachte 1] . Daarnaast heeft hij stekjes weggebracht.<footnote-ref linkend="_e0cbafba-d39e-4bff-a849-c5b05676c09e" /> Hoewel [medeverdachte 2] wellicht als de leider kan worden gezien, zijn de activiteiten van zowel [medeverdachte 1] als [verdachte] van zodanig gewicht dat sprake is van de vereiste nauwe en bewuste samenwerking tussen [medeverdachte 2] , [medeverdachte 1] en [verdachte] . Daarom komt de rechtbank tot bewezenverklaring van het onderdeel medeplegen. Dit geldt niet voor de diefstal van de stroom. De rechtbank sluit niet dat verdachte heeft geweten van de diefstal van stroom. Voor wat betreft dit onderdeel van de tenlastelegging is echter niet gebleken van een dusdanige bewuste en nauwe samenwerking tussen verdachte en de medeverdachten [medeverdachte 2] en [medeverdachte 1] dat medeplegen kan worden bewezen. </para>
      <para>Naar het oordeel van de rechtbank kan ook het onderdeel ‘in de uitoefening van een beroep of bedrijf’ bewezen worden verklaard. De rechtbank wijst er allereerst op dat er op 5 april 2016 in de woning 178 moederplanten en 5192 hennepstekken zijn gevonden. Dergelijke aantallen overstijgen het aantal planten dat bij een gemiddelde thuiswerker staat ruimschoots. Verder vindt de rechtbank, naast de technische kwaliteit van de inrichting van de stekkerij en de kwekerij, van belang dat er werd geworteld en geknipt en dat gedurende een periode van ongeveer veertien maanden hennepteelt‑gerelateerde activiteiten in de woning zijn verricht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Feit 1 en feit 2 (locatie [adres 3] )</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op 5 april 2016 is een hennepkwekerij met planten aangetroffen in het bedrijfspand aan de [adres 3] . Verder is vastgesteld dat de stroomvoorziening illegaal werd afgenomen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank overweegt dat verdachte een keer op deze locatie is geweest om te knippen, een handeling die geen medeplegen, maar eerder medeplichtigheid oplevert. Maar nu medeplichtigheid niet ten laste is gelegd, zal verdachte worden vrijgesproken van betrokkenheid bij deze kwekerij en de diefstal van de stroom. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Feit 1 en feit 2 (locatie [adres 4] )</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op het adres [adres 4] is op 5 april 2016 een hennepkwekerij aangetroffen. Daarbij is geconstateerd dat de elektriciteit was verzwaard van 3x25 ampère naar 3x50 ampère en dat er een aansluiting was bijgeplaatst.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Van enige betrokkenheid van verdachte bij deze locatie is de rechtbank niet gebleken. Daarom wordt hij vrijgesproken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Feit 1 en feit 2 (locatie [adres 5] )</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op 5 april 2016 is geconstateerd dat er in het bedrijfspand aan de [adres 5] geen hennepkwekerij meer aanwezig was. Er was sprake van diefstal van stroom.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>In het dossier zitten aanwijzingen voor de juistheid van de conclusie dat er een zogeheten wortelhok in het pand heeft gezeten. Er zijn weliswaar materialen (vuilniszakken met takjes) vervoerd naar Aalten, maar de rechtbank ziet in het dossier geen bewijs voor gedragingen die ín het pand zouden zijn verricht, zoals ten laste is gelegd. Reeds daarom volgt een vrijspraak.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Feit 1 en feit 2 (locatie [adres 6] )</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ook met betrekking tot deze locatie ziet de rechtbank geen bewijs voor strafbare gedragingen die in het pand zouden zijn verricht. Verdachte wordt om die reden vrijgesproken.   </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Feit 3</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op 5 april 2016 is tijdens de doorzoeking van de slaapkamer van [verdachte] in de woning aan de [adres 7] een ploertendoder gevonden. Ook is een zwart gekleurd wapen, lijkend op een alarmpistool, gevonden. Bij het oppakken van het voorwerp was te voelen dat het wapen van plastic was.<footnote-ref linkend="_59de0010-c38a-4a37-903e-526e3d26ee94" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verbalisant [slachtoffers] heeft onderzoek gedaan naar het voorwerp en geconstateerd dat het inbeslaggenomen balletjespistool een wapen is in de zin van artikel 2, eerste lid, categorie I onder 7 van de Wet wapens en munitie, gelet op artikel 3 onder a van de Regeling wapens en munitie. Het voorwerp heeft grote overeenkomst met het echte pistool, merk Walther, type Baby Gun.<footnote-ref linkend="_5f1434df-212d-480f-8406-7a8832de33ce" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte heeft verklaard dat het balletjespistool van hem is.<footnote-ref linkend="_d4b54b73-8567-4018-ad7e-042f7c1f88e7" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Naar het oordeel van de rechtbank was bij verdachte sprake van een voldoende mate van bewustzijn ten aanzien van de aanwezigheid van het balletjespistool, dat in zijn slaapkamer is gevonden. Verdachte heeft verklaard dat hij dit balletjespistool als kind op de kermis van zijn ouders heeft gekregen. De rechtbank dient te beoordelen of het balletjespistool onder de zogenoemde Speelgoedrichtlijn (Richtlijn 2009/48 van het Europees parlement betreffende de veiligheid van speelgoed van 18 juni 2009) valt. In dit verband is van belang dat de rechtbank niet beschikt over de verpakking en verdachte heeft volstaan met een enkele, niet onderbouwde stelling. De rechtbank stelt vast dat in het proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [slachtoffers] niet is vermeld dat er een CE-keurmerk op het voorwerp is aangebracht. Volgens artikel 16 van de richtlijn dient speelgoed dat op de markt wordt aangeboden, te zijn voorzien van een dergelijk keurmerk. De rechtbank komt dan ook tot de conclusie dat het balletjespistool niet als speelgoed in de zin van de Speelgoedrichtlijn kan worden aangemerkt. Het voorhanden hebben hiervan is dan ook, mede gelet op de bevindingen van [slachtoffers] , strafbaar.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Feit 4 </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte is een bekennende verdachte als bedoeld in artikel 359 derde lid, laatste zin, van het Wetboek van Strafvordering en daarom wordt volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bewijsmiddelen:</para>
    </parablock>
    <para>- het proces-verbaal van bevindingen, p. 990-992;</para>
    <para>- het proces-verbaal van bevindingen, p. 1281;</para>
    <para>- het proces-verbaal van verhoor van verdachte, p. 2419-2420.	</para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Bewezenverklaring</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Naar het oordeel van de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het onder feit 1, feit 3 en feit 4 tenlastegelegde heeft begaan, te weten dat: </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>1.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij in <emphasis role="strike-through">of omstreeks</emphasis> de periode van 1 januari 2014 tot en met 5 april 2016, te Eibergen, gemeente Berkelland <emphasis role="strike-through">en/of de gemeente Enschede en/of te Goor, gemeente Hof van Twente en/of de gemeente Aalten en/of te Terborg, gemeente Oude IJsselstreek, althans (in ieder geval) (elders) in Nederland, (telkens)</emphasis> tezamen en in vereniging met <emphasis role="strike-through">een ander of </emphasis>anderen<emphasis role="strike-through">, althans alleen, (telkens) al dan niet</emphasis> in de uitoefening van een beroep of bedrijf, meermalen<emphasis role="strike-through">, althans eenmaal </emphasis>(telkens) opzettelijk heeft geteeld en/of bereid en/of bewerkt en/of verwerkt en/of heeft verkocht en/of afgeleverd en/of verstrekt en/of vervoerd <emphasis role="strike-through">en/of (in elk geval) (telkens) opzettelijk aanwezig heeft gehad een (grote) hoeveelheid hennep en/of</emphasis> een <emphasis role="strike-through">(</emphasis>groot<emphasis role="strike-through">)</emphasis> aantal hennepplanten en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> hennepstekken <emphasis role="strike-through">en/of delen daarvan, te weten (onder meer): </emphasis></para>
      <para>-In een pand aan de [adres 2] (in totaal <emphasis role="strike-through">(ongeveer)</emphasis> 178 vrouwelijke hennepplanten en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> 5192 hennepstekken) <emphasis role="strike-through">en/of </emphasis></para>
      <para>
        <emphasis role="strike-through">-In een pand aan de [adres 3] (in totaal (ongeveer) 452 hennepplanten en/of (ongeveer) 20 kilogram (aan) hennep(toppen)) en/of </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="strike-through">-In een pand aan de [adres 4] (in totaal (ongeveer) 280 hennepplanten) en/of </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="strike-through">-In een pand aan de [adres 5] (een (zogenaamd) "wortelhok") en/of </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="strike-through">-In een pand aan de [adres 6] , </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="strike-through">althans (telkens) meer dan 30 gram van een materiaal bevattende hennep,</emphasis> zijnde hennep, <emphasis role="strike-through">(telkens) (</emphasis>een<emphasis role="strike-through">)</emphasis> middel<emphasis role="strike-through">(en)</emphasis> vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst II, <emphasis role="strike-through">dan wel aangewezen krachtens artikel 3a, vijfde lid van die wet</emphasis> en/of <emphasis role="strike-through">(</emphasis>een<emphasis role="strike-through">)</emphasis> middel<emphasis role="strike-through">(en)</emphasis> als bedoeld in artikel 1 lid 1 sub d van de Opiumwet vermeld op de bij die wet behorende lijst II; </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>3.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op <emphasis role="strike-through">of omstreeks</emphasis> 5 april 2016, te Westendorp, gemeente Oude IJsselstreek, een wapen van categorie I onder 7°, te weten een (zogenaamd) balletjespistool, zijnde een voorwerp dat<emphasis role="strike-through">/die</emphasis> voor wat betreft zijn vorm en afmetingen een sprekende gelijkenis vertoonde met een vuurwapen (te weten met een pistool, merk Walther, type Baby Gun), voorhanden heeft gehad; </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>4.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op <emphasis role="strike-through">of omstreeks</emphasis> 5 april 2016, te Westendorp, gemeente Oude IJsselstreek, een wapen van categorie I, onder 3, te weten een (zogenaamde) ploertendoder, voorhanden heeft gehad.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voor zover er in de tenlastelegging kennelijke taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn die fouten verbeterd. Verdachte is daardoor niet in zijn verdediging geschaad.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Wat meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard, is niet bewezen. </para>
      <para>Verdachte moet daarvan worden vrijgesproken.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>De kwalificatie van het bewezenverklaarde</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het bewezenverklaarde levert op:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline italic">Ten aanzien van feit 1:</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">Medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 3 onder B van de Opiumwet gegeven verbod, meermalen gepleegd;</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Ten aanzien van feit 3:</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">Opzettelijk handelen in strijd met artikel 13 van de Wet wapens en munitie;</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Ten aanzien van feit 4:</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">Opzettelijk handelen in strijd met artikel 13 van de Wet wapens en munitie.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>De strafbaarheid van de feiten</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De feiten zijn strafbaar.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>De strafbaarheid van de verdachte</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte is strafbaar, nu geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>7</nr>Overwegingen ten aanzien van straf en/of maatregel</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De officier van justitie heeft geëist dat verdachte zal worden veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van zes maanden en een werkstraf van 200 uur.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De raadsvrouw heeft gemotiveerd naar voren gebracht dat er redenen zijn om het jeugdstrafrecht toe te passen. </para>
      <para>Bij de straftoemeting moet rekening worden gehouden met de omstandigheid dat verdachte zelf heeft aangegeven niet langer te willen meewerken. Ook zijn rol in het geheel is van belang. Verdachte was meer een loopjongen die in opdracht van anderen handelde. </para>
      <para>Verder dient mee te wegen dat de detentie veel impact op verdachte heeft gehad en hij een first offender is. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Beoordeling door de rechtbank </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft bij de bepaling van de op te leggen straf gelet op de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard, de omstandigheden waaronder dit is begaan, mede gelet op de persoon en de omstandigheden van de verdachte zoals van een en ander bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte is gedurende ruim een jaar betrokken geweest bij een hennepstekkerij/ hennepkwekerij. Dat hij zelf heeft besloten met zijn activiteiten te stoppen, maakt zijn gedragingen niet minder strafwaardig. Verder heeft verdachte verboden wapens voorhanden gehad.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank houdt er rekening mee dat verdachte niet eerder is veroordeeld. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>In het reclasseringsadvies van 27 mei 2016 is beschreven dat verdachte heeft gehandeld uit financiële motieven. Hij had tot medio 2015 studiefinanciering, maar zat daarna zonder vast inkomen. Door boetes, achterstanden en schulden raakte hij langzaam in de problemen. Hij heeft (deels) regelingen getroffen met zijn schuldeisers en zijn moeder draagt zorg voor de maandelijkse betalingen. Verdachte woont nog bij zijn ouders. Hij heeft een opleiding MBO Autotechniek afgerond. Verdachte weet dat hij verkeerd heeft gehandeld en lijkt hiervoor verantwoordelijkheid te willen nemen. Hij komt over als een man die functioneert op een gemiddeld verstandelijk niveau. Verdachte stelt zich coöperatief op en is sociaal vaardig. Van onderliggende psychische of psychiatrische problematiek lijkt geen sprake. Verdere reclasseringsbemoeienis lijkt niet geïndiceerd. Het recidiverisico is laag. </para>
      <para>Op 6 februari 2017 is een afloopbericht opgesteld, waarin is beschreven dat het toezicht goed is verlopen en het recidiverisico laag is. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank overweegt dat de reclassering heeft geconcludeerd dat afdoening middels het commune strafrecht passend is. Ook de rechtbank ziet geen grond voor het toepassen van het jeugdsanctierecht (artikel 77c van het Wetboek van Strafrecht). Dat verdachte mogelijk wat naïef is geweest, is daarvoor onvoldoende. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank komt tot oplegging van een lagere straf dan door de officier is geëist. Dat komt omdat de rechtbank minder feiten bewezen acht, daarnaast minder locaties bewezen zijn verklaard en de periode waarin verdachte strafbare gedragingen heeft gepleegd, korter is dan waar de officier van justitie bij het formuleren van zijn eis van uit is gegaan.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank ziet geen reden een voorwaardelijke gevangenisstraf op te leggen. Verdachte heeft zich in het kader van de schorsing al enige tijd aan voorwaarden moeten houden en dat is goed verlopen. Wel zal de rechtbank een werkstraf van 200 uur opleggen. Deze straf vindt zij passen bij de rol die verdachte heeft gespeeld in het geheel. De rechtbank heeft ook meegewogen dat verdachte een first offender is. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">8.	De vordering van de benadeelde partij (Enexis, feit 2, locatie [adres 3] )</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Enexis B.V. heeft zich als benadeelde partij gevoegd in het strafproces en een bedrag van </para>
      <para>€ 3.350,31 gevorderd. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De officier van justitie en de raadsvrouw hebben zich op het standpunt gesteld dat de benadeelde partij niet-ontvankelijk moet worden verklaard in de vordering.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank overweegt dat, nu verdachte is vrijgesproken van betrokkenheid bij de locatie [adres 3] , benadeelde partij Enexis niet-ontvankelijk moet worden verklaard in de vordering.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>9</nr>De toegepaste wettelijke bepalingen</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De beslissing is gegrond op de artikelen 22c, 22d, 27, 47, 57 en 91 van het Wetboek van Strafrecht, de artikelen 3 en 11 van de Opiumwet en de artikelen 13 en 55 van de Wet wapens en munitie.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>10</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verklaart bewezen dat verdachte de tenlastegelegde feiten, zoals vermeld onder punt 3, heeft begaan;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven bewezen is verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verstaat dat het aldus bewezenverklaarde oplevert de strafbare feiten zoals vermeld onder punt 4;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verklaart verdachte hiervoor strafbaar;</para>
    </parablock>
    <para />
    <para> veroordeelt verdachte wegens het bewezenverklaarde tot een <emphasis role="bold">werkstraf </emphasis>gedurende <emphasis role="bold">200 (tweehonderd) uur</emphasis> met bevel dat indien deze straf niet naar behoren wordt verricht vervangende hechtenis zal worden toegepast voor de duur van <emphasis role="bold">100 (honderd) dagen</emphasis>;</para>
    <para />
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>beveelt dat voor de tijd die door verdachte vóór de tenuitvoerlegging van de werkstraf in verzekering en voorlopige hechtenis is doorgebracht, bij de uitvoering van die straf uren in mindering worden gebracht volgens de maatstaf dat per dag in verzekering doorgebracht 2 uur in mindering wordt gebracht;<?linebreak?></para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>heft op het (geschorste) bevel voorlopige hechtenis;</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <para> verklaart <emphasis role="bold">benadeelde partij Enexis (feit 2) niet-ontvankelijk </emphasis>in de vordering.</para>
    <para />
    <para />
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="3">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <colspec colname="colC" />
        <tbody>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Dit vonnis is gewezen door mr. Y.M.J.I. Baauw (voorzitter), mr. C. Kleinrensink en </para>
              <para>mr. N.C. van Lookeren Campagne, rechters, in tegenwoordigheid van mr. M.C. Korevaar, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 30 maart 2017. </para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
  <footnote id="_1426464f-ac57-4791-bf0d-7f2483801ebc" label="1">
    <para> Het bewijs is terug te vinden in het in de wettelijke vorm door [verbalisant] , brigadier van de politie Oost‑Nederland, Politieteam Achterhoek-Oost opgemaakte proces-verbaal, dossiernummer 2015571758, gesloten op 23 juni 2016 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_78b418cd-8d89-4114-b2e5-6be67edd557d" label="2">
    <para> www.wikipedia.org </para>
  </footnote>
  <footnote id="_5334171b-4ef4-4958-95a9-bfdec1062fe4" label="3">
    <para> Proces-verbaal aantreffen hennepkwekerij, p. 1293-1296.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_c32272ed-d84e-42aa-9e90-53eaa2d504e8" label="4">
    <para> Aangifte door Liander, p. 238-240.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_4c6e919d-1375-4c06-826f-82f0b9836059" label="5">
    <para> Proces-verbaal van verhoor verdachte [medeverdachte 1] , p. 2329-2332.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_b30951a1-0058-441f-87cf-49705de08def" label="6">
    <para> Proces-verbaal van verhoor verdachte [verdachte] , p. 2404.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_0eb33ea0-830c-486d-b565-aacf8e05412b" label="7">
    <para> Proces-verbaal van bevindingen, p. 536.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_b50a57d0-3879-4f66-8db2-0e7c0e2387f8" label="8">
    <para> Proces-verbaal van verhoor verdachte [medeverdachte 1] , p. 2304.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_24c3fd33-b7cd-4016-9ce8-f3b8f81c018b" label="9">
    <para> Proces-verbaal van verhoor verdachte [medeverdachte 1] , p. 2309.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_e0cbafba-d39e-4bff-a849-c5b05676c09e" label="10">
    <para> Proces-verbaal van verhoor verdachte [verdachte] , p. 2404-2408.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_59de0010-c38a-4a37-903e-526e3d26ee94" label="11">
    <para> Proces-verbaal van bevindingen, p. 990-992.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_5f1434df-212d-480f-8406-7a8832de33ce" label="12">
    <para> Proces-verbaal van bevindingen, p. 1289.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_d4b54b73-8567-4018-ad7e-042f7c1f88e7" label="13">
    <para> Proces-verbaal van verhoor verdachte, p. 2419-2420.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>