<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBGEL:2017:1191</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2017-03-08T11:28:29</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2017-03-08</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Gelderland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Gelderland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2017-03-02</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">05/150249-16</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Arnhem</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2017:1191">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2017:1191</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2017-03-08T11:27:19</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2017-03-08</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBGEL:2017:1191 Rechtbank Gelderland , 02-03-2017 / 05/150249-16</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBGEL:2017:1191:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Een 49-jarige man uit Rheden is veroordeeld tot een werkstraf van 120 uren waarvan 40 uren voorwaardelijk voor de stalking van zijn ex-partner gedurende ongeveer drie maanden. De stalking is begonnen met het achterlaten van een roos met een briefje voor aangeefster in een restaurant waar zij met een vriendin aan het eten was. Daarna is de stalking verder gaan door het sturen van vele berichten door verdachte met name via what’s app. Ook nadat verdachte een belagingsbrief heeft ondertekend waarin staat dat aangeefster op geen enkele manier meer contact met hem wil behalve bij de overdrachtsmomenten van hun dochtertje, is hij doorgegaan met het sturen van berichten en het aanspreken van aangeefster op straat. De rechtbank rekent het verdachte aan dat hij met zijn handelen geheel voorbij is gegaan aan de gevoelens van aangeefster en slechts oog heeft gehad voor zichzelf en het uiten van zijn eigen gevoelens.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBGEL:2017:1191:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">RECHTBANK GELDERLAND</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Arnhem</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer	: 05/150249-16</para>
      <para>Datum uitspraak	: 2 maart 2017</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegenspraak</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">vonnis van de meervoudige kamer</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">de officier van justitie bij het arrondissementsparket Oost-Nederland</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte 1]
        </emphasis>
      </para>
      <para>geboren op [geboortedatum 1] 1968 te [geboorteplaats] , wonende te [adres] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen van </para>
      <para>18 oktober 2016 (politierechter) en 16 februari 2017 (meervoudige kamer).</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De inhoud van de tenlastelegging</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan verdachte is ten laste gelegd dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>1.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op één of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 01 juli 2015 tot en met 14 januari 2016 te Elst, gemeente Overbetuwe, althans in Nederland, </para>
      <para>wederrechtelijk stelselmatig opzettelijk inbreuk heeft gemaakt op de persoonlijke levenssfeer van [benadeelde] , in elk geval van een ander, met het oogmerk die [benadeelde] , in elk geval die ander te dwingen iets te doen, niet te doen, te dulden en/of vrees aan te jagen, door </para>
    </parablock>
    <para>- zich (meermalen) (hinderlijk) in de directe omgeving van de woning van die [benadeelde] op te houden en/of </para>
    <para>- die [benadeelde] op te zoeken en/of te volgen en/of die [benadeelde] op verschillende manieren in de gaten te houden en/of die [benadeelde] (op de openbare weg) aan te spreken en/of </para>
    <para>- die [benadeelde] vele email-berichten en/of whatsapp-berichten en/of sms-berichten te sturen; </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>2.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op één of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 09 februari 2016 tot en met 17 februari 2016 te Elst, gemeente Overbetuwe, althans in Nederland, </para>
      <para>wederrechtelijk stelselmatig opzettelijk inbreuk heeft gemaakt op de persoonlijke levenssfeer van [benadeelde] , in elk geval van een ander, met het oogmerk die [benadeelde] , in elk geval die ander te dwingen iets te doen, niet te doen, te dulden en/of vrees aan te jagen, door </para>
    </parablock>
    <para>- die [benadeelde] vele email-berichten te sturen en/of </para>
    <para>- de ouders van die [benadeelde] te bellen en/of </para>
    <para>- die [benadeelde] op te zoeken en/of te volgen en/of op te wachten en/of die [benadeelde] (op de openbare weg) aan te spreken.</para>
    <para />
    <para />
    <para>
      <emphasis role="bold">2.	Overwegingen ten aanzien van het bewijs</emphasis>
      <footnote-ref linkend="_681c3aa1-998e-45eb-8f0f-fcb8a280ad21" />
    </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">De feiten</emphasis>
      </para>
      <para>Verdachte is tot [datum] 2015 gehuwd geweest met [benadeelde] (hierna ook: [benadeelde] ). Uit deze relatie is op [geboortedatum 2] 2012 dochter [naam 1] geboren.<footnote-ref linkend="_dfc61e4e-2b65-4dd2-ba91-f545109aa165" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op 21 december 2015 is er door de politie een brief ‘aanzegging wederrechtelijkheid belaging’ uitgereikt aan verdachte, welke brief door verdachte is ondertekend. In deze brief verklaart [benadeelde] dat zij vanaf de dagtekening van de brief, 21 december 2015, op geen enkele wijze nog contact wil met verdachte, met uitzondering van het ophalen en wegbrengen van hun dochter [naam 1] op de openbare weg voor de woning, en dat eventueel noodzakelijke contacten met betrekking tot de kinderen, huisvesting, goederen, scheiding en dergelijke alleen via een advocaat of andere bemiddelaar dienen plaats te vinden. Verder staat in de brief vermeld dat de belaging tot op heden heeft bestaan uit het in of bij de woning komen, het telefonisch lastigvallen en het versturen van voicemail/sms-e-mailberichten en dat [benadeelde] verdachte persoonlijk op zijn gedrag heeft aangesproken. Ook is aan verdachte kenbaar gemaakt dat elk contact van verdachte, zowel direct als indirect, door [benadeelde] zal worden aangemerkt als een belagingshandeling en dat bij voortduring van deze handelingen de belaging het karakter van stelselmatigheid heeft en dat zij dit beschouwt als een inbreuk op haar persoonlijke levenssfeer, waarvan aangifte/klacht zal volgen bij de politie.<footnote-ref linkend="_ca90829f-7637-422f-a9c9-35b257114af4" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie stelt dat wettig en overtuigend bewezen kan worden geacht dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan beide tenlastegelegde feiten. Zij heeft zich op het standpunt gesteld dat als startpunt van de belaging moet worden gezien 20 november 2015. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para>Verdachte bekent dat hij in de maanden november 2015 tot en met februari 2016 veelvuldig contact heeft gezocht met zijn ex-partner [benadeelde] , maar ontkent dat hij de intentie had om haar op enige wijze lastig te vallen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Beoordeling door de rechtbank</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Ten aanzien van feit 1</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op 14 januari 2016 heeft [benadeelde] bij de politie een klacht ingediend omdat ze lastig werd gevallen door haar ex-partner (verdachte). Daarbij heeft ze uitdrukkelijk verzocht om tot vervolging van de dader over te gaan.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op 15 januari 2016 heeft [benadeelde] (hierna: aangeefster) aangifte gedaan van stalking door verdachte. In deze aangifte verklaart aangeefster dat verdachte haar vanaf november 2015 is gaan lastigvallen door haar – onder meer – ongevraagd op te zoeken (bij haar woning), te volgen en aan te spreken. Ook heeft zij vele WhatsApp- en sms-berichten van verdachte ontvangen, ook nadat de belagingsbrief was uitgereikt aan verdachte.<footnote-ref linkend="_96ae403f-cc4e-487a-b802-ded9732a6e07" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aangeefster heeft verklaard dat op 20 november 2015 er een roos was achter gelaten voor haar in het restaurant waar zij ging eten met haar buurvrouw. Aan de roos zat een kaartje met de tekst “wij houden van jou. Kusjes van mij en [naam 1] ”.</para>
      <para>Aangeefster heeft verklaard dat verdachte die avond bij haar aan de deur is geweest omdat hij boos was omdat hij had gehoord dat haar reactie op de roos niet leuk was geweest. Ze heeft de deur dicht gedaan en toen begon de ellende echt met berichten meermalen per dag, aldus aangeefster.<footnote-ref linkend="_6eda02cc-9d98-456a-b0da-f1eb277c4490" /></para>
      <para>Verdachte heeft hierover verklaard dat hij inderdaad die roos in het restaurant voor [benadeelde] had neergelegd en dat hij boos was geworden toen hij hoorde dat ze slecht over hem had gepraat. Daarna is het een beetje begonnen het gedoe, aldus verdachte.<footnote-ref linkend="_c11393cc-9797-4e2e-b14c-80328b616fc4" /></para>
      <para>Verdachte maakte gebruik van het telefoonnummer [telefoonnummer] .<footnote-ref linkend="_17687b4e-f5ee-4151-8cad-ac4b77de15ee" /> Vanaf dat nummer zijn op 20 november 2015 in totaal 74 berichten verzonden naar aangeefster. Aangeefster heeft daarop gereageerd met onder meer het bericht “stop met afdwingen”.<footnote-ref linkend="_bfa23e09-dd15-4010-b2d8-8d04a6edd3fa" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ook op 21 november 2015<footnote-ref linkend="_ad494d6b-0d7e-49e7-934c-8168206e636d" />, 5 december 2015<footnote-ref linkend="_f8075a00-d8e6-444a-8527-c72ec12fdd79" />, 14 december 2015<footnote-ref linkend="_8ed8ab29-7981-4b6a-a938-9ff42d1d7d9e" /> en 3 januari 2016<footnote-ref linkend="_889f2e3e-4ca7-413d-aca7-9bfac3ccab1d" /> zijn vanaf dit telefoonnummer diverse berichten verzonden aan aangeefster.<footnote-ref linkend="_011be268-e143-4fa9-af7e-63f23fa92ec9" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op 7 januari 2016 heeft aangeefster een bericht ontvangen met de tekst “ [benadeelde] ik blijf van je houden dat kan niemand bij me wegnemen. I miss you. Laat ik niks tussen komen want ik hou gewoon nog van jou.” <footnote-ref linkend="_4c7022fd-11ed-4bae-aaca-978f74374eb4" /> Verdachte heeft ter zitting erkend dat hij dit bericht heeft gestuurd.<footnote-ref linkend="_c9c1e01a-2ae9-44e6-88e2-2a2d29e4baf8" /> Ook is op die dag een foto van verdachte, aangeefster en hun dochter aan aangeefster gestuurd vanaf hetzelfde nummer.<footnote-ref linkend="_325dcb8d-975d-4872-95dd-7ec129639767" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aangeefster heeft verklaard dat op 8 januari 2016 een collega haar thuis heeft afgezet en wat met haar heeft gedronken. Om 22.30 uur begon verdachte met berichten sturen.<footnote-ref linkend="_ef117ced-16f1-40c0-be8a-46a9188e2be3" /> Verdachte heeft verklaard dat ze tegen hem hebben gezegd dat [benadeelde] met een mannelijk persoon naar binnen is gegaan en dat hij haar toen een sms’je heeft gestuurd. Hij stuurde haar dat hij zeker wist dat zij een ander had.<footnote-ref linkend="_15d4788b-6502-4e0f-915d-4e8272df8eb8" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Getuige [getuige 1] heeft gezien dat verdachte zich op 20 december 2015 ophield in de brandgang tussen de [straatnaam 1] en de [straatnaam 2] .<footnote-ref linkend="_fad2548a-5092-4257-b203-d0e65af53458" /> Deze brandgang bevindt zich aan de achterzijde van de woning van aangeefster.<footnote-ref linkend="_62bd0043-a4c0-4077-b91c-b63d9de010ac" /> Ook getuige [getuige 2] (de buurvrouw van aangeefster) is verdachte wel eens overdag tegengekomen in de brandgang achter de woningen.<footnote-ref linkend="_e464ceae-e464-4a49-9a36-5b0beac1524b" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Ten aanzien van feit 2</emphasis>
      </para>
      <para>Op 18 februari 2016 heeft [benadeelde] bij de politie een klacht ingediend omdat ze lastig werd gevallen door haar ex-partner (verdachte). Daarbij heeft ze uitdrukkelijk verzocht om tot vervolging van de dader over te gaan.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op 18 februari 2016 heeft [benadeelde] (hierna: aangeefster) aangifte gedaan van stalking door verdachte. In deze aangifte verklaart aangeefster dat verdachte haar vanaf 7 februari 2016 weer is gaan stalken door haar op – onder meer – 14, 15 en 16 februari 2016 e-mailberichten te sturen. Ze heeft ook verklaard dat ze verdachte op 17 februari 2016 zag in de Kruidvat en dat hij haar toen buiten op stond te wachten en haar aansprak.<footnote-ref linkend="_4f8648dc-dd8b-464b-ae92-9be00e6b0444" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Vanaf het e-mailadres <emphasis role="underline">[emailadres 1]</emphasis> (afzender: [naam 2] ) zijn op 8, 9, 11, 12, 13, 14, 15 en 16 februari 2016 (diverse) e-mailberichten verzonden aan het e-mailadres [emailadres 3] .<footnote-ref linkend="_430fedf9-f417-462a-a243-c2bffef9afa4" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte heeft op 19 februari 2016 bekend dat hij aangeefster de afgelopen tijd veel berichtjes heeft gestuurd (over hun dochter [naam 1] ) en dat hij aangeefster op 17 februari 2016 bij de Kruidvat heeft aangesproken.<footnote-ref linkend="_c05d98eb-3e92-4957-996f-8b71783dc51c" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Ten aanzien van de feiten 1 en 2</emphasis>
      </para>
      <para>Vooropgesteld moet worden dat bij de beoordeling of sprake is van belaging als bedoeld in artikel 285b, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht, van belang zijn de aard, de duur, de frequentie en de intensiteit van de gedragingen van de verdachte, de omstandigheden waaronder deze hebben plaatsgevonden en de invloed daarvan op het persoonlijk leven en de persoonlijke vrijheid van het slachtoffer.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Gelet op de inhoud van de hiervoor weergegeven bewijsmiddelen stelt de rechtbank het volgende vast. Gedurende de maanden november 2015 tot en met februari 2016 heeft verdachte diverse WhatsApp-/sms- en e-mailberichten verstuurd aan aangeefster. Ondanks dat aangeefster op 20 november 2015 aan de deur heeft laten weten dat zij de actie met de roos in het restaurant niet op prijs stelde en die avond, in antwoord op de vele berichten van verdachte, heeft gestuurd dat hij moet stoppen met afdwingen, is verdachte doorgegaan met het sturen van berichten aan aangeefster. Het incident met de roos bestempelt de rechtbank als een ernstige en intense inbreuk op de persoonlijke levenssfeer van aangeefster, met name omdat uit de gang van zaken is gebleken dat verdachte zich door anderen heeft laten informeren over de locatie waar aangeefster zich zou bevinden. Dit moment zal als aanvang van de belaging worden aangemerkt. </para>
      <para>Uiteindelijk heeft ook de belagingsbrief hem er niet van weerhouden om aangeefster berichten te blijven sturen. </para>
      <para>Niet alleen met de frequentie, maar ook met de inhoud van de berichten, heeft verdachte bij aangeefster angst gezaaid en daarmee een grote inbreuk gemaakt op haar persoonlijke levenssfeer. </para>
      <para>Dit geldt bijvoorbeeld voor zijn handelen op 8 januari 2016, waarbij hij een bericht heeft gestuurd over de aanwezigheid op dat moment van een mannelijke collega in de woning van aangeefster. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank is van oordeel dat de aard, de duur, de frequentie en de intensiteit van de hiervoor vastgestelde gedragingen van de verdachte, de omstandigheden waaronder deze hebben plaatsgevonden en de invloed daarvan op het persoonlijk leven en de persoonlijke vrijheid van aangeefster zodanig zijn geweest dat van een stelselmatige inbreuk op haar persoonlijke levenssfeer sprake is geweest. De rechtbank acht daarmee wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte zich meermalen aan de ten laste gelegde belaging schuldig heeft gemaakt, op de wijze zoals hierna onder “de bewezenverklaring” nader zal worden omschreven.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Bewezenverklaring</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Naar het oordeel van de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het onder 1 en 2 tenlastegelegde heeft begaan, te weten dat: </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>1.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op één of meer tijdstip(pen) in <emphasis role="strike-through">of omstreeks</emphasis> de periode van 20 november 2015 tot en met 14 januari 2016 te Elst, gemeente Overbetuwe, <emphasis role="strike-through">althans in Nederland, </emphasis></para>
      <para>wederrechtelijk stelselmatig opzettelijk inbreuk heeft gemaakt op de persoonlijke levenssfeer van [benadeelde] , <emphasis role="strike-through">in elk geval van een ander,</emphasis> met het oogmerk die [benadeelde] <emphasis role="strike-through">, in elk geval die ander</emphasis> te dwingen iets te doen, niet te doen, te dulden <emphasis role="strike-through">en/of vrees aan te jagen</emphasis>, door </para>
    </parablock>
    <para>- zich (meermalen) (hinderlijk) in de directe omgeving van de woning van die [benadeelde] op te houden en/of </para>
    <para>
      <emphasis role="strike-through">- die [benadeelde] op te zoeken en/of te volgen en/of die [benadeelde] op verschillende manieren in de gaten te houden en/of die [benadeelde] (op de openbare weg) aan te spreken</emphasis>en<emphasis role="strike-through">/of </emphasis></para>
    <para>- die [benadeelde] vele <emphasis role="strike-through">email-berichten en/of</emphasis> WhatsApp-berichten en/of sms-berichten te sturen; </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>2.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op één of meer tijdstip(pen) in <emphasis role="strike-through">of omstreeks</emphasis> de periode van 09 februari 2016 tot en met 17 februari 2016 te Elst, gemeente Overbetuwe, <emphasis role="strike-through">althans in Nederland, </emphasis></para>
      <para>wederrechtelijk stelselmatig opzettelijk inbreuk heeft gemaakt op de persoonlijke levenssfeer van [benadeelde] <emphasis role="strike-through">, in elk geval van een ander</emphasis>, met het oogmerk die [benadeelde] <emphasis role="strike-through">, in elk geval die ander</emphasis> te dwingen iets te doen, niet te doen, te dulden <emphasis role="strike-through">en/of vrees aan te jagen</emphasis>, door </para>
    </parablock>
    <para>- die [benadeelde] vele email-berichten te sturen en<emphasis role="strike-through">/of </emphasis></para>
    <para>
      <emphasis role="strike-through">- de ouders van die [benadeelde] te bellen en/of </emphasis>
    </para>
    <para>
      <emphasis role="strike-through">- die [benadeelde] op te zoeken en/of te volgen en/of op te wachten en/of</emphasis>die [benadeelde] (op de openbare weg) aan te spreken.</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Voor zover er in de tenlastelegging kennelijke taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn die fouten verbeterd. Verdachte is daardoor niet in zijn verdediging geschaad.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Wat meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard, is niet bewezen. </para>
      <para>Verdachte moet daarvan worden vrijgesproken.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>De kwalificatie van het bewezenverklaarde</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het bewezenverklaarde levert op:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Ten aanzien van de feiten 1 en 2 telkens:</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">Belaging, meermalen gepleegd</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>De strafbaarheid van het feit</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De feiten zijn strafbaar.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>De strafbaarheid van de verdachte</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte is strafbaar, nu geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>7</nr>Overwegingen ten aanzien van straf en/of maatregel</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft geëist dat verdachte ter zake van het onder 1 en 2 tenlastegelegde zal worden veroordeeld tot het verrichten van 150 uren werkstraf, te vervangen door 75 dagen hechtenis met aftrek van de tijd in inverzekeringstelling doorgebracht, en een gevangenisstraf voor de duur van 1 maand voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para>Verdachte vindt de geëiste werkstraf te hoog, aangezien hij door de opgelopen spanningen tussen hem en zijn ex(-schoonfamilie) genoodzaakt was om te verhuizen en hier kosten voor heeft moeten maken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Beoordeling door de rechtbank </emphasis>
      </para>
      <para>De rechtbank heeft bij de bepaling van de op te leggen straf gelet op de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard, de omstandigheden waaronder dit is begaan. Ook heeft de rechtbank gelet op de persoon en de omstandigheden van de verdachte zoals van een en ander bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken, waarbij onder meer is gelet op:</para>
    </parablock>
    <para>- het uittreksel uit het algemeen documentatieregister, gedateerd 5 januari 2017; en</para>
    <para>- een advies van Reclassering Nederland Adviesunit 1 Oost, gedateerd 4 oktober 2016.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft bij de straftoemeting in aanmerking genomen dat verdachte zich gedurende enkele maanden schuldig heeft gemaakt aan stalking van [benadeelde] (aangeefster), zijn ex-partner. Nadat de relatie tussen hen beiden was beëindigd is verdachte vanaf 20 november 2015 begonnen met haar lastig te vallen door zich in de buurt van haar woning op te houden en daarnaast vele e-mailberichten en whatsapp-berichten aan haar te sturen. Door te handelen zoals verdachte heeft gedaan, heeft hij in ernstige mate inbreuk gemaakt op de persoonlijke levenssfeer van aangeefster. Uit de slachtofferverklaring van aangeefster blijkt dat de gedragingen van verdachte gevoelens van angst en onrust bij haar hebben veroorzaakt. De rechtbank rekent het verdachte aan dat hij met zijn handelen geheel voorbij is gegaan aan de gevoelens van aangeefster en slechts oog heeft gehad voor zichzelf en het uiten van zijn eigen gevoelens. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>In het voordeel van verdachte houdt de rechtbank rekening met het feit dat verdachte niet eerder is veroordeeld voor het plegen van soortgelijke delicten en dat de stalking na februari 2016 is geëindigd. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Alles afwegende acht de rechtbank een werkstraf van 120 uren werkstraf, te vervangen door 60 dagen hechtenis, waarvan 40 uren voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren en met aftrek van de tijd in inverzekeringstelling doorgebracht, passend. Het voorwaardelijke deel van de straf dient ertoe verdachte ervan te weerhouden in de toekomst opnieuw een dergelijk feit te begaan. De rechtbank ziet geen aanleiding om aan het voorwaardelijke deel van de straf bijzondere voorwaarden te verbinden. Gelet op het feit dat verdachte een first offender is, acht de rechtbank het niet passend om een voorwaardelijke straf in de vorm van een gevangenisstraf – zoals door de officier van justitie geëist – op te leggen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">7a. 	De beoordeling van de civiele vordering(en), alsmede de gevorderde oplegging van de schadevergoedingsmaatregel</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De benadeelde partij [benadeelde] heeft zich in het strafproces gevoegd ter verkrijging van schadevergoeding ter zake van de onder 1 en 2 bewezenverklaarde feiten. Gevorderd wordt een bedrag van € 160,- aan materiële schade (schade camera-installatie)Bij de immateriële schade is geen bedrag ingevuld.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat de benadeelde partij niet-ontvankelijk moet worden verklaard in haar vordering, nu niet ten laste is gelegd en bewezen is verklaard dat verdachte de camera-installatie van [benadeelde] heeft vernield. De gevorderde immateriële schade acht de officier van justitie onvoldoende onderbouwd. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para>Verdachte heeft ontkend dat hij de camera-installatie van [benadeelde] heeft vernield. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Beoordeling door de rechtbank </emphasis>
      </para>
      <para>De rechtbank zal de benadeelde partij niet-ontvankelijk verklaren in haar vordering, nu niet ten laste is gelegd en bewezen is verklaard dat verdachte de camera-installatie van [benadeelde] heeft vernield. De post immateriële schade, waarbij geen bedrag is aangegeven, acht de rechtbank onvoldoende onderbouwd, zodat de rechtbank geen schatting kan maken van eventueel geleden schade. Dit bekent dat de benadeelde partij haar vordering slechts kan aanbrengen bij de burgerlijke rechter.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>8</nr>De toegepaste wettelijke bepalingen</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De beslissing is gegrond op de artikelen 14a, 14b, 14c, 22c, 22d, 27, 57 en 285b van het Wetboek van Strafrecht.</para>
    </parablock>
    <bridgehead role="bold">9. 	De beslissing</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verklaart bewezen dat verdachte het tenlastegelegde, zoals vermeld onder punt 3, heeft begaan;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven bewezen is verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verstaat dat het aldus bewezenverklaarde oplevert de strafbare feiten zoals vermeld onder punt 4;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verklaart verdachte hiervoor strafbaar;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	veroordeelt verdachte wegens het bewezenverklaarde tot </para>
    </parablock>
    <para />
    <para> een <emphasis role="bold">werkstraf </emphasis>gedurende <emphasis role="bold">120 (honderdtwintig) uren</emphasis>, met bevel dat indien deze straf niet naar behoren wordt verricht vervangende hechtenis zal worden toegepast voor de duur van 60 (zestig) dagen;</para>
    <para />
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>bepaalt, dat een gedeelte van de werkstraf groot <emphasis role="bold">40 (veertig) uren, niet ten uitvoer zal worden gelegd</emphasis>, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, wegens niet nakoming van na te melden voorwaarde voor het einde van de proeftijd die op twee jaren wordt bepaald;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>dat de veroordeelde zich voor het einde daarvan niet zal schuldig maken aan een strafbaar feit:</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>	de beslissing op de vordering van de <emphasis role="bold">benadeelde partij [benadeelde]</emphasis>:</para>
    </parablock>
    <para />
    <para> verklaart de <emphasis role="bold">benadeelde partij [benadeelde] niet-ontvankelijk </emphasis>in haar  vordering.</para>
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="3">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <colspec colname="colC" />
        <tbody>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para> Dit vonnis is gewezen door mr. S.H. Keijzer (voorzitter), mr. W.A. Holland en mr. J.M. Klep, rechters, in tegenwoordigheid van mr. A. Bril, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 2 maart 2017.</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
  <footnote id="_681c3aa1-998e-45eb-8f0f-fcb8a280ad21" label="1">
    <para> Het bewijs is terug te vinden in het in de wettelijke vorm door verbalisant [verbalisant] van de politie Oost Nederland, district Gelderland-Midden, opgemaakte proces-verbaal, dossiernummer PL0600-2016371034, gesloten op 27 juli 2016 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_dfc61e4e-2b65-4dd2-ba91-f545109aa165" label="2">
    <para> Proces-verbaal van aangifte [benadeelde] , p. 44.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_ca90829f-7637-422f-a9c9-35b257114af4" label="3">
    <para> Brief aanzegging wederrechtelijkheid belaging d.d. 21 december 2015, p. 224 t/m 226.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_96ae403f-cc4e-487a-b802-ded9732a6e07" label="4">
    <para> Proces-verbaal van aangifte, p. 44 t/m 49 en proces-verbaal van bevindingen, p. 164.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_6eda02cc-9d98-456a-b0da-f1eb277c4490" label="5">
    <para> Proces-verbaal van aangifte, p. 46 en verklaring verdachte afgelegd ter terechtzitting.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_c11393cc-9797-4e2e-b14c-80328b616fc4" label="6">
    <para> Proces-verbaal van verhoor verdachte, p, 187.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_17687b4e-f5ee-4151-8cad-ac4b77de15ee" label="7">
    <para> Proces-verbaal van verhoor van verdachte, p. 185.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_bfa23e09-dd15-4010-b2d8-8d04a6edd3fa" label="8">
    <para> Afschriften van berichten, p. 115 t/m 139 en proces-verbaal van aangifte, p. 46.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_ad494d6b-0d7e-49e7-934c-8168206e636d" label="9">
    <para> Afschriften van berichten, p. 108 en 109.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_f8075a00-d8e6-444a-8527-c72ec12fdd79" label="10">
    <para> Afschriften van berichten, p. 98 en 99 t/m 104.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_8ed8ab29-7981-4b6a-a938-9ff42d1d7d9e" label="11">
    <para> Afschriften van berichten, p. 106</para>
  </footnote>
  <footnote id="_889f2e3e-4ca7-413d-aca7-9bfac3ccab1d" label="12">
    <para> Afschriften van berichten, p. 59 en 60.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_011be268-e143-4fa9-af7e-63f23fa92ec9" label="13">
    <para> Proces-verbaal van aangifte [benadeelde] , p. 47 t/m 48.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_4c7022fd-11ed-4bae-aaca-978f74374eb4" label="14">
    <para> Afschrift van berichten, p. 62.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_c9c1e01a-2ae9-44e6-88e2-2a2d29e4baf8" label="15">
    <para> Verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_325dcb8d-975d-4872-95dd-7ec129639767" label="16">
    <para> Afschrift van berichten, p. 62.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_ef117ced-16f1-40c0-be8a-46a9188e2be3" label="17">
    <para> Proces-verbaal van aangifte, p. 47.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_15d4788b-6502-4e0f-915d-4e8272df8eb8" label="18">
    <para> Proces-verbaal van verhoor verdachte, p, 187.</para>
    <para />
  </footnote>
  <footnote id="_fad2548a-5092-4257-b203-d0e65af53458" label="19">
    <para> Proces-verbaal van verhoor van getuige [getuige 1] , p. 230.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_62bd0043-a4c0-4077-b91c-b63d9de010ac" label="20">
    <para> Proces-verbaal van aangifte [benadeelde] , p. 47.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_e464ceae-e464-4a49-9a36-5b0beac1524b" label="21">
    <para> Proces-verbaal van getuige [getuige 2] , p. 32.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_4f8648dc-dd8b-464b-ae92-9be00e6b0444" label="22">
    <para> Proces-verbaal van aangifte [benadeelde] , p. 143 t/m 145 en proces-verbaal van verhoor van aangeefster, p. 29.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_430fedf9-f417-462a-a243-c2bffef9afa4" label="23">
    <para> Afschriften van e-mailberichten, p. 147 t/m 162.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_c05d98eb-3e92-4957-996f-8b71783dc51c" label="24">
    <para> Proces-verbaal van verhoor van verdachte, p. 207, verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>