<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBGEL:2016:664</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2018-02-21T14:33:18</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2016-02-08</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Gelderland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Gelderland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2016-02-05</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">05/860020-15</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Arnhem</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:relation rdfs:label="Formele relatie" ecli:resourceIdentifier="ECLI:NL:GHARL:2018:1638" psi:type="http://psi.rechtspraak.nl/hogerBeroep" psi:aanleg="http://psi.rechtspraak.nl/latereAanleg" psi:gevolg="http://psi.rechtspraak.nl/gevolg#(Gedeeltelijke) vernietiging en zelf afgedaan">Hoger beroep: ECLI:NL:GHARL:2018:1638, (Gedeeltelijke) vernietiging en zelf afgedaan</dcterms:relation>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2016:664">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2016:664</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2016-02-08T17:37:51</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2016-02-08</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBGEL:2016:664 Rechtbank Gelderland , 05-02-2016 / 05/860020-15</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBGEL:2016:664:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>De rechtbank Gelderland, zittingsplaats Arnhem, heeft een 24-jarige man uit Spankeren voor verkrachting veroordeeld tot een gevangenisstraf van 24 maanden, waarvan 12 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 3 jaren. Daarnaast moet verdachte schadevergoeding betalen aan het slachtoffer.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBGEL:2016:664:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">RECHTBANK GELDERLAND</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Arnhem</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer	: 05/860020-15</para>
      <para>Datum uitspraak	: 5 februari 2016</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegenspraak</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">vonnis van de meervoudige kamer</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">de officier van justitie bij het arrondissementsparket Oost-Nederland</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte]
        </emphasis>
      </para>
      <para>geboren op [geboortedatum] 1991 te [geboorteplaats] , wonende te [adres] , [woonplaats]</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Raadsman: mr. G.F. Schadd, advocaat te Arnhem.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de openbare terechtzitting van 22 januari 2016.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De inhoud van de tenlastelegging</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan verdachte is ten laste gelegd dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op of omstreeks 04 september 2014 te Arnhem door geweld of een andere feitelijkheid en/of bedreiging met geweld of een andere feitelijkheid, [slachtoffer] heeft gedwongen tot het ondergaan van een of meer handelingen die bestonden uit of mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer] , te weten het brengen van zijn penis in haar vagina, welk geweld of andere feitelijkheid en/of welke bedreiging met geweld of andere feitelijkheid hierin heeft/hebben bestaan dat verdachte opzettelijk die [slachtoffer] op een bed heeft getrokken en/of geduwd en/of voorbij is gegaan aan de verbale en fysieke uitingen van die [slachtoffer] dat zij het niet wilde en/of de broek van die [slachtoffer] naar beneden heeft getrokken en/of de benen van die [slachtoffer] heeft vast gepakt en/of tegen die [slachtoffer] heeft gezegd: "als je niet mee werkt, dan zorg ik dat je in duizenden euro schuld komt" en/of "Je kan beter meewerken. Het is maar 10 minuten", in elk geval (telkens) woorden van gelijke aard of strekking.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">2.	Overwegingen ten aanzien van het bewijs</emphasis>
        <footnote-ref linkend="_39d51c5b-2bfb-4f6d-a610-dfd103190db5" />
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">De feiten</emphasis>
      </para>
      <para>Op grond van de bewijsmiddelen wordt het volgende, dat verder ook niet ter discussie staat, vastgesteld.</para>
      <para>Op 4 september 2014 is verdachte in de woning van [slachtoffer] (hierna: aangeefster) te Arnhem geweest. Zij hebben daar seks gehad.<footnote-ref linkend="_22fdb0bc-4b48-4127-88d1-5a2bcaa313e4" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft gesteld dat wettig en overtuigend bewezen kan worden dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het ten laste gelegde feit. Uit het dossier volgt naar de mening van de officier van justitie dat verdachte aangeefster heeft verkracht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para>De raadsman heeft vrijspraak bepleit. Verdachte heeft ter terechtzitting erkend dat hij seks heeft gehad met aangeefster maar stelt dat aangeefster daarmee heeft ingestemd. Er was geen sprake van dwang. De raadsman is van mening dat er getwijfeld kan worden aan de juistheid van de verklaringen van aangeefster waardoor niet bewezen kan worden dat verdachte aangeefster heeft gedwongen tot het ondergaan van seks. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">De beoordeling door de rechtbank </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>In haar aangifte heeft aangeefster verklaard dat verdachte op 4 september 2014 om 4.30 uur à 5.00 uur ’s nachts voor haar deur stond. Ze werd eerst vijf keer gebeld, maar ze nam niet op. Vijf à tien minuten later stond verdachte voor de deur. Verdachte bleef bellen aan de deurbel en uiteindelijk heeft zij hem in haar woning gelaten. Eenmaal in de woning wilde verdachte bij aangeefster slapen maar dat wilde zij niet. Aangeefster heeft een paar keer gezegd dat hij moest gaan maar verdachte zei dat hij bij aangeefster wilde slapen. Aangeefster heeft gezegd dat hij in de logeerkamer kon slapen. Verdachte zei dat hij op de bank ging slapen en aangeefster ging met haar kleren aan terug in haar bed met de deur dicht. Na vijf minuten kwam verdachte in haar slaapkamer en zei hij “ik wil bij jou slapen, maakt toch niet uit”. Aangeefster zei dat ze het niet wilde. Aangeefster heeft verklaard dat verdachte toen in haar bed kwam liggen en dat zij eruit wilde. Verdachte trok aangeefster terug in bed en zei “kom hier slapen”. Aangeefster zei nog “ik wil het niet, ga jij maar op mijn bed slapen dan ga ik wel op de bank” en zij wilde meerdere keren weglopen. Nadat aangeefster drie keer geprobeerd had weg te komen, ging verdachte voor aangeefster zitten en trok hij haar broek naar beneden. Aangeefster wilde het niet en zette zich af. Maar het hielp niet. Verdachte hield haar benen vast. Aangeefster heeft verklaard dat zij een paar keer duidelijk op een harde toon heeft gezegd dat zij het niet wilde. Toen zei verdachte: “als je niet mee werkt, dan zorg ik dat je in duizenden euro schuld komt”. Toen schrok aangeefster heel erg. Toen heeft verdachte haar broek naar beneden getrokken en begon hij gewoon. Aangeefster heeft verklaard dat zij heeft geprobeerd haar been over hem heen te doen maar dat lukte niet. Verdachte zei “je kan beter meewerken, het is maar tien minuten”. Dat deed aangeefster niet en ze was heel erg boos, maar ze heeft hem niet geslagen. Aangeefster heeft op een boze toon tegen verdachte gezegd dat ze niet wilde dat hij in haar klaar zou komen en toen is verdachte over haar been klaargekomen.<footnote-ref linkend="_2eb40350-2a3a-42fd-899a-4f300b785883" /> Hij is met zijn piemel in haar geweest. Aangeefster had aan verdachte gevraagd of hij een papiertje kon pakken en dat gaf hij aan haar, een wc papiertje. Daarmee heeft aangeefster haar been schoongemaakt waarna zij het papiertje heeft weggegooid. Verdachte ging slapen in de logeerkamer, aangeefster ging douchen. Het was toen 06.00 uur. Aangeefster heeft toen haar ex-vriend geappt. Ze wilde met hem praten.<footnote-ref linkend="_278918dd-cfce-43a1-b758-12230c081e3d" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De getuige [getuige] , aangeefsters ex-vriend, heeft verklaard dat aangeefster hem die ochtend al gebeld had om 6.00 uur en dat dit niet normaal is. De getuige had deze oproep niet opgenomen en zag dat later. Hij merkte dat er iets aan de hand was met aangeefster en ze zei het ook. Aangeefster wilde iets vertellen aan hem maar kon het niet, aldus de getuige. De getuige dacht dat het iets te maken had met de telefoons en toen zei aangeefster dat ze verkracht was maar ze durfde niet te zeggen door wie. Dit was allemaal via de app gegaan. De getuige reed meteen naar haar toe.<footnote-ref linkend="_4bbd2324-18ef-4f6c-bec8-038ab9230440" /> Aangeefster was helemaal overstuur. De getuige herkende haar niet.<footnote-ref linkend="_76519f99-8451-4fc1-bec9-8169b7c8305e" /> Aangeefster heeft aan de getuige verteld dat verdachte had gezegd dat hij geen slaapplek had en haar kon afhelpen van de telefoons. Aangeefster wilde gewoon gaan slapen. Verdachte is eerst in het logeerbed gaan liggen en later kwam hij bij haar liggen. Aangeefster zei tegen de getuige dat ze had gezegd dat verdachte weg moest gaan maar het is toch gebeurd. Daar is aangeefster niet over in detail gegaan. Wat aangeefster wel zei, kwam erop neer dat ze echt niet wilde en dat hij daarna ook wegging en dat aangeefster nog geprobeerd had om de getuige te bereiken. De getuige heeft verklaard dat hij aangeefster echt goed kent en dat hij weet dat ze nooit bang is maar aangeefster was toen echt bang. Aangeefster was ook bang dat haar iets zou overkomen. De getuige heeft verklaard dat hij haar echt moest kalmeren.<footnote-ref linkend="_929efc92-a01a-4233-b76c-34fcb1751681" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank neemt in haar oordeelsvorming de verklaring van aangeefster tot uitgangspunt en ziet geen aanleiding voor enige twijfel aan de betrouwbaarheid en geloofwaardigheid van de verklaring, nu deze wordt ondersteund door de verklaring van de getuige Alli. De getuige neemt immers bepaald gedrag van aangeefster waar nadat verdachte bij aangeefster in de woning is geweest. Aangeefster was overstuur en bang, zo verklaart de getuige. Daarbij komt dat de getuige bevestigt dat aangeefster in de ochtend van 4 september 2014 contact met hem heeft gezocht.  </para>
      <para>
        <?linebreak?>De verklaring van aangeefster vindt voorts (deels) ondersteuning in de –telkens wisselende- verklaringen van verdachte zelf. Hij heeft ter terechtzitting namelijk erkend dat hij op 4 september 2014 in de woning van aangeefster seks met haar heeft gehad. De rechtbank constateert in dit verband dat verdachte zijn verklaring herhaalde malen heeft bijgesteld. Waar hij aanvankelijk, tijdens de politieverhoren, ontkende ooit in de woning van aangeefster te zijn geweest<footnote-ref linkend="_8048e5b3-6dbd-4c63-867d-8f2d004e8e9b" />, gaf hij, na te zijn geconfronteerd met getuigenverklaringen, te kennen daar wel te zijn geweest.<footnote-ref linkend="_905150e5-410a-483e-aa7d-f1585e250f10" /> Ook ontkende hij tijdens die verhoren ooit seks met aangeefster te hebben gehad en dat er sperma van hem gevonden zou kunnen zijn.<footnote-ref linkend="_fa63eaef-b0db-4e42-b36c-fb71ecf454f9" /> Bij het verhoor de volgende twee dagen ontkende hij wederom met haar seks te hebben gehad en tevens dat hij ooit ’s nachts bij haar langs was geweest.<footnote-ref linkend="_37fb5e48-68d5-487e-aefe-a7ec215d8d16" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het NFI heeft op 31 maart 2015 gerapporteerd inzake een DNA-onderzoek naar sporenmateriaal op het papieren doekje waarmee aangeefster zegt het sperma van verdachte van haar been te hebben geveegd.<footnote-ref linkend="_130e0e74-f0fa-4c91-a9dc-b0e72fff2a84" /> Op het papieren doekje zijn spermacellen aangetroffen, waarvan het DNA matcht (met een kans van minder dan 1 op 1 miljard dat een match met een willekeurige man optreedt) met het DNA-profiel van verdachte.<footnote-ref linkend="_a53a41b2-490a-4373-ba8b-a9baef53280b" /></para>
      <para>Naar aanleiding hiervan is verdachte opnieuw verhoord op 18 mei 2015, maar daarbij heeft hij zich op zijn zwijgrecht beroepen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het heeft er alle schijn van dat de erkenning van verdachte (eerst ter terechtzitting) dat hij  wel seks heeft gehad met aangeefster, enkel is ingegeven door het in de loop van het onderzoek beschikbaar gekomen DNA-bewijs. Wat daar ook van zij, gezien de aanvankelijk leugenachtige verklaringen van verdachte, hecht de rechtbank aan zijn lezing dat de seks de instemming van aangeefster had, tegenover de consistente andersluidende verklaringen van aangeefster, geen geloof. Klaarblijkelijk had verdachte door aanvankelijk aantoonbaar onjuist te verklaren, de bedoeling de dwang te verhullen. <?linebreak?>Gelet hierop gaat de rechtbank ervan uit dat sprake is geweest van dwang van de zijde van verdachte en acht de rechtbank de ten laste gelegde verkrachting van aangeefster wettig en overtuigend bewezen.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Bewezenverklaring</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Naar het oordeel van de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het tenlastegelegde heeft begaan, te weten dat: </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op <emphasis role="strike-through">of omstreeks</emphasis> 04 september 2014 te Arnhem door geweld <emphasis role="strike-through">of een andere feitelijkheid</emphasis> en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> bedreiging met <emphasis role="strike-through">geweld of </emphasis>een<emphasis role="strike-through"> andere </emphasis>feitelijkheid, [slachtoffer] heeft gedwongen tot het ondergaan van <emphasis role="strike-through">een of meer</emphasis> handelingen die bestonden uit <emphasis role="strike-through">of mede bestonden</emphasis> uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer] , te weten het brengen van zijn penis in haar vagina, welk geweld <emphasis role="strike-through">of andere feitelijkheid</emphasis> en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> welke bedreiging met <emphasis role="strike-through">geweld of </emphasis></para>
      <para>
        <emphasis role="strike-through">andere </emphasis>een feitelijkheid hierin <emphasis role="strike-through">heeft/</emphasis>hebben bestaan dat verdachte opzettelijk die [slachtoffer] op een bed heeft getrokken en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> geduwd en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> voorbij is gegaan aan de verbale en fysieke uitingen van die [slachtoffer] dat zij het niet wilde en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> de broek van die [slachtoffer] naar beneden heeft getrokken en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> de benen van die [slachtoffer] heeft vast gepakt en<emphasis role="strike-through">/o</emphasis>f tegen die [slachtoffer] heeft gezegd: "als je niet mee werkt, dan zorg ik dat je in duizenden euro schuld komt" en<emphasis role="strike-through">/o</emphasis>f "Je kan beter meewerken. Het is maar 10 minuten", in elk geval (telkens) woorden van gelijke aard of strekking.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voor zover er in de tenlastelegging kennelijke taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn die fouten verbeterd. Verdachte is daardoor niet in zijn verdediging geschaad.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Wat meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard, is niet bewezen. </para>
      <para>Verdachte moet daarvan worden vrijgesproken.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>De kwalificatie van het bewezenverklaarde</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het bewezenverklaarde levert op:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">Verkrachting</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>De strafbaarheid van het feit</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het feit is strafbaar.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>De strafbaarheid van de verdachte</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte is strafbaar, nu geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>7</nr>Overwegingen ten aanzien van straf en/of maatregel</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft geëist dat verdachte ter zake van het tenlastegelegde zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van twee jaren met aftrek van de tijd die verdachte in verzekering heeft doorgebracht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para>De raadsman heeft geen strafmaatverweer gevoerd. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">De beoordeling door de rechtbank </emphasis>
      </para>
      <para>De rechtbank heeft bij de bepaling van de op te leggen straf gelet op de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard, de omstandigheden waaronder dit is begaan, mede gelet op de persoon en de omstandigheden van de verdachte zoals van een en ander bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken, waarbij onder meer is gelet op:</para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>het uittreksel uit het algemeen documentatieregister, gedateerd 7 december 2015;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>een voorlichtingsrapportage van Reclassering Nederland, gedateerd 7 december 2015, betreffende verdachte. </para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank overweegt voorts dat verdachte ernstig inbreuk heeft gemaakt op de lichamelijke en psychische integriteit van aangeefster en op de gevoelens van veiligheid die de eigen woning normaal gesproken biedt. Verdachte heeft aangeefster verkracht, ondanks haar verbale en fysieke uitingen dat ze geen seks met hem wilde hebben. Het is een feit van algemene bekendheid dat slachtoffers van een verkrachting nog jarenlang last hebben van de psychische gevolgen daarvan. Dit is in het geval van aangeefster niet anders, zo blijkt uit haar schriftelijke slachtofferverklaring. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Uit het uittreksel uit het algemeen documentatieregister volgt dat verdachte eerder wegens geweldsdelicten is veroordeeld. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ten voordele van verdachte houdt de rechtbank rekening met de omstandigheid dat uit het rapport van de reclassering volgt dat verdachte geen financiële problemen heeft, geen problemen met middelengebruik heeft en werk heeft. Er zijn door de reclassering voorts<?linebreak?>- mede door de aanvankelijke ontkennende verklaringen van verdachte - geen andere problemen geconstateerd. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Gelet op de ernst van het feit en de persoonlijke omstandigheden van verdachte, zoals hiervoor weergegeven, zal de rechtbank, anders dan de officier van justitie heeft gevorderd, een gevangenisstraf voor de duur van vierentwintig maanden, waarvan twaalf maanden voorwaardelijk met een proeftijd van drie jaren opleggen. De voorwaardelijke straf dient ertoe verdachte ervan te weerhouden in de toekomst opnieuw strafbare feiten te plegen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">7a. 	De beoordeling van de civiele vordering, alsmede de gevorderde oplegging van de schadevergoedingsmaatregel</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De benadeelde partij [slachtoffer] heeft zich in het strafproces gevoegd ter verkrijging van schadevergoeding ter zake van het bewezen verklaarde feit. Gevorderd wordt een bedrag van € 3.517,68. Dit bedrag bestaat uit € 1.017,68 wegens immateriële schade en € 2.500 wegens materiële schade.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft verzocht de vordering toe te wijzen met de wettelijke rente en oplegging van de schadevergoedingsmaatregel. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para>Gelet op de bepleite vrijspraak heeft de verdediging verzocht om de benadeelde partij niet-ontvankelijk te verklaren in haar vordering.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">De beoordeling door de rechtbank </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Naar het oordeel van de rechtbank is, op grond van de bewijsmiddelen en wat verder ter terechtzitting met betrekking tot de vordering is gebleken, komen vast te staan dat de benadeelde partij als gevolg van het bewezen verklaarde feit tot een bedrag van € 3.517,68 schade heeft geleden, waarvoor verdachte naar burgerlijk recht aansprakelijk is. De vordering is door de verdediging inhoudelijk niet betwist. Nu de schadeposten naar het oordeel van de rechtbank voldoende zijn onderbouwd en redelijk voorkomen, kan de vordering in zijn geheel worden toegewezen. De gevorderde wettelijke rente is toewijsbaar vanaf 4 september 2014.  </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Gelet op het vorenstaande ziet de rechtbank aanleiding om aan verdachte op basis van het bepaalde in artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht de verplichting op te leggen tot betaling aan de Staat van het toe te wijzen bedrag ten behoeve van genoemde benadeelde partij.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>8</nr>De toegepaste wettelijke bepalingen</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De beslissing is gegrond op de artikelen 10, 14a, 14b, 14c, 24c, 27, 36f, en 242 van het Wetboek van Strafrecht.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>9</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verklaart bewezen dat verdachte het tenlastegelegde, zoals vermeld onder punt 3, heeft begaan;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven bewezen is verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verstaat dat het aldus bewezenverklaarde oplevert het strafbare feit zoals vermeld onder punt 4;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verklaart verdachte hiervoor strafbaar;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	veroordeelt verdachte wegens het bewezenverklaarde tot </para>
    </parablock>
    <para />
    <para> een <emphasis role="bold">gevangenisstraf</emphasis> voor de duur <emphasis role="bold">24 (vierentwintig)</emphasis> maanden;</para>
    <para />
    <para> bepaalt dat een gedeelte van de gevangenisstraf, groot 12 (twaalf) maanden, <emphasis role="bold">niet ten uitvoer zal worden gelegd</emphasis>, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, wegens niet nakoming van na te melden voorwaarde voor het einde van de proeftijd die op <emphasis role="underline">drie jaren</emphasis> wordt bepaald;</para>
    <para />
    <para> dat de veroordeelde zich voor het einde daarvan niet zal schuldig maken aan een strafbaar feit;</para>
    <para />
    <para> beveelt dat de tijd, door veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht. </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">De beslissing op de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer] .</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>veroordeelt verdachte ten aanzien van het bewezen verklaarde feit tot betaling van <emphasis role="bold">schadevergoeding</emphasis> aan de <emphasis role="bold">benadeelde partij [slachtoffer]</emphasis>, ten bedrage van <emphasis role="bold">€ 3.517,68</emphasis> (drieduizendvijfhonderdzeventien euro en achtenzestig eurocent) vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 4 september 2014 tot aan de dag der algehele voldoening en met betaling van de kosten van het geding en de tenuitvoerlegging door de benadeelde partij gemaakt, tot op heden begroot op nihil;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>legt aan veroordeelde de <emphasis role="bold">verplichting</emphasis> op <emphasis role="bold">om aan de Staat</emphasis>, ten behoeve van de benadeelde partij [slachtoffer] , een bedrag <emphasis role="bold">te betalen van € 3.517,68</emphasis> (drieduizendvijfhonderdzeventien euro en achtenzestig eurocent) vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 4 september 2014 tot aan de dag der algehele voldoening, met bepaling dat bij gebreke van betaling en verhaal van de hoofdsom 45 dagen hechtenis zal kunnen worden toegepast zonder dat de betalingsverplichting vervalt;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>bepaalt dat, indien veroordeelde heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de Staat daarmee de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij in zoverre komt te vervallen en andersom dat, indien veroordeelde heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij daarmee de verplichting tot betaling aan de Staat in zoverre komt te vervallen.</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="3">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <colspec colname="colC" />
        <tbody>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Dit vonnis is gewezen door mr. K.A.M. van Hoof (voorzitter), mr.  F.J.H. Hovens en mr. J.M.J.M. Doon, rechters, in tegenwoordigheid van mr. D.G. Wessels-Harmsen, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 5 februari 2016. </para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
  <footnote id="_39d51c5b-2bfb-4f6d-a610-dfd103190db5" label="1">
    <para> Het bewijs is terug te vinden in het in de wettelijke vorm door verbalisant [verbalisant] van de politie Eenheid Oost-Nederland, GLM KL/Leiding/Staf, opgemaakte proces-verbaal, dossiernummer PL0600-2015008211, gesloten op 17 februari 2015, en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_22fdb0bc-4b48-4127-88d1-5a2bcaa313e4" label="2">
    <para> Het proces-verbaal aangifte [slachtoffer] , tweede alinea, p. 23 en de verklaring verdachte, afgelegd ter terechtzitting van 22 januari 2016.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_2eb40350-2a3a-42fd-899a-4f300b785883" label="3">
    <para> Het proces-verbaal van aangifte [slachtoffer] , tweede alinea, p. 23.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_278918dd-cfce-43a1-b758-12230c081e3d" label="4">
    <para> Het proces-verbaal van aangifte [slachtoffer] , laatste alinea, p. 24.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_4bbd2324-18ef-4f6c-bec8-038ab9230440" label="5">
    <para> Het proces-verbaal van verhoor getuige [getuige] , zesde tot en met achtste alinea, p. 41</para>
  </footnote>
  <footnote id="_76519f99-8451-4fc1-bec9-8169b7c8305e" label="6">
    <para> Het proces-verbaal van verhoor getuige [getuige] , eerste alinea, p. 42.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_929efc92-a01a-4233-b76c-34fcb1751681" label="7">
    <para> Het proces-verbaal van verhoor getuige [getuige] , eerste, vierde, vijfde en zesde alinea, p. 42.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_8048e5b3-6dbd-4c63-867d-8f2d004e8e9b" label="8">
    <para> Het proces-verbaal van verhoor van verdachte d.d. 19 januari 2015, 13.00 uur, vijfde tot en met zevende alinea, p. 56.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_905150e5-410a-483e-aa7d-f1585e250f10" label="9">
    <para> Het proces-verbaal van verhoor van verdachte d.d. 19 januari 2015, 13.00 uur, achtste alinea, p. 59.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_fa63eaef-b0db-4e42-b36c-fb71ecf454f9" label="10">
    <para> Het proces-verbaal van verhoor van verdachte d.d. 19 januari 2015, 13.00 uur, negende en vijftiende alinea, p. 61.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_37fb5e48-68d5-487e-aefe-a7ec215d8d16" label="11">
    <para> Het proces-verbaal van verhoor van verdachte d.d. 20 januari 2015, p. 78 tot en met 79; het  proces-verbaal van verhoor van verdachte d.d. 21 januari 2015, derde alinea, p. 81.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_130e0e74-f0fa-4c91-a9dc-b0e72fff2a84" label="12">
    <para> Proces-verbaal van het intakegesprek met aangeefster, tweede alinea, p. 17.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_a53a41b2-490a-4373-ba8b-a9baef53280b" label="13">
    <para> Het NFI-rapport 31 maart 2015, p. 25 bij het aanvullend proces-verbaal van 18 mei 2015. Kenmerk aanvrager: PL0700-2014096750-7.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>