<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBGEL:2016:5774</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2016-10-31T08:35:53</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2016-10-31</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Gelderland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Gelderland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2016-10-28</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">05/181139-15</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Arnhem</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2016:5774">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2016:5774</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2016-10-31T08:34:47</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2016-10-31</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBGEL:2016:5774 Rechtbank Gelderland , 28-10-2016 / 05/181139-15</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBGEL:2016:5774:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Een vrijspraak en twee veroordelingen voor openlijke geweldpleging in het uitgaansgebied in Nijmegen</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBGEL:2016:5774:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">RECHTBANK GELDERLAND</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Arnhem</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer	: 05/181139-15</para>
      <para>Datum uitspraak	: 28 oktober 2016</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegenspraak</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">vonnis van de meervoudige kamer</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">de officier van justitie bij het arrondissementsparket Oost-Nederland</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte]
        </emphasis>
      </para>
      <para>geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats] , wonende te [adres] , [woonplaats] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>raadsman: mr. P. van Zon, advocaat te 's-Hertogenbosch.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 14 oktober 2016.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De inhoud van de tenlastelegging</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan verdachte is ten laste gelegd dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op of omstreeks 26 juni 2015, in de gemeente Nijmegen, </para>
      <para>met een ander op of aan de openbare weg, te weten de "Molenstraat" openlijk in vereniging geweld heeft gepleegd tegen [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] , </para>
      <para>welk geweld bestond uit het </para>
    </parablock>
    <para>- indringen op en/of aanvallen van voornoemde [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] en/of </para>
    <para>- meermalen, althans eenmaal, slaan en/of stompen in/op/tegen het gezicht/hoofd van <?linebreak?>  voornoemde [slachtoffer 1] , waarbij voornoemde [slachtoffer 1] al dan niet op de grond lag en/of </para>
    <para>- meermalen, althans eenmaal, (met kracht) slaan en/of stompen in/op/tegen het gezicht/hoofd <?linebreak?>  van voornoemde [slachtoffer 2] en/of het naar de grond slaan/brengen van voornoemde [slachtoffer 2] <?linebreak?>  en/of </para>
    <para>- trappen/schoppen in/op/tegen het hoofd, en/althans (elders) in/op/tegen het lichaam van <?linebreak?>  voornoemde [slachtoffer 2] ;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling leidt:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op of omstreeks 26 juni 2015, in de gemeente Nijmegen, </para>
      <para>tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen </para>
      <para>een persoon genaamd [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] heeft/hebben mishandeld door </para>
    </parablock>
    <para>- voornoemde [slachtoffer 1] meermalen, althans eenmaal, (met kracht) in/op/tegen het <?linebreak?>  gezicht/hoofd heeft geslagen en/of gestompt, waarbij voornoemde [slachtoffer 1] al dan niet op de <?linebreak?>  grond lag en/of </para>
    <para>- voornoemde [slachtoffer 2] (met kracht) in/op/tegen het gezicht heeft geslagen en/of gestompt <?linebreak?>  en/of voornoemde [slachtoffer 2] naar/tegen de grond heeft geslagen en/of gebracht en/of </para>
    <para>- voornoemde [slachtoffer 2] (met kracht) in/op/tegen het gezicht/hoofd heeft getrapt/geschopt <?linebreak?>  en/althans (elders) in/op/tegen het lichaam heeft getrapt en/of geschopt.</para>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>2</nr>Overwegingen ten aanzien van het bewijs</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft gesteld dat wettig en overtuigend bewezen kan worden dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het primair tenlastegelegde feit, te weten openlijke geweldpleging. Vaststaat dat verdachte samen met zijn vrienden/medeverdachten [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] en getuige [getuige 1] naar de [naam] is gegaan en dat daar vervolgens een gevecht is ontstaan. Verdachte heeft hieraan deelgenomen. In dit verband wijst de officier van justitie op de verklaringen van de getuigen [getuige 2] en [getuige 3] . Zij hebben beiden verklaard over een jongen met een getint uiterlijk die gewelddadig was. Dit in combinatie met het feit dat de groep van verdachte uit vier jongens bestond waarvan verdachte de enige is met een getint uiterlijk, is voldoende om te kunnen bewijzen dat verdachte heeft deelgenomen aan het openlijk geweld. Niet bewezen kan worden dat verdachte de – door de officier van justitie als zodanig aangeduide – ‘doodschop’ heeft uitgedeeld. Hierover bestaat op basis van het dossier onvoldoende duidelijkheid. De officier van justitie weegt dit mee in zijn strafeis. Daarnaast houdt hij rekening met het (geringe) aandeel dat verdachte in het geheel heeft gehad. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De officier van justitie heeft geëist dat verdacht wordt veroordeeld tot het verrichten van 120 uren werkstraf, te vervangen door 60 dagen hechtenis.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para>De verdediging heeft vrijspraak bepleit, nu de rechtbank op basis van de bewijsmiddelen niet de overtuiging kan bekomen dat verdachte heeft deelgenomen aan de openlijke geweldpleging. De voor verdachte belastende verklaringen betreffen de getuigenverklaringen van [getuige 2] en van [getuige 3] . [getuige 2] heeft verklaard dat een licht getinte jongen zou hebben geslagen en [getuige 3] heeft verklaard over een getinte jongen die de ‘doodschop’ heeft gegeven en omschrijft zijn uiterlijk als Mediterraan. De laatstgenoemde omschrijving past niet bij het uiterlijk van verdachte. Daarnaast kan niet worden bewezen dat verdachte deze schop heeft uitgedeeld, nu zich in het dossier op dit punt verschillende (tegenstrijdige) verklaringen bevinden. Het enige dat in de richting van verdachte wijst is de omschrijving van een licht getinte jongen. Voor het overige bevat het dossier tegenstrijdige verklaringen en wordt de stelling dat verdachte de getinte jongen zou zijn die heeft deelgenomen aan het openlijk geweld niet door andere bewijsmiddelen ondersteund. Gelet hierop dient verdachte te worden vrijgesproken. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Beoordeling door de rechtbank </emphasis>
      </para>
      <para>De rechtbank is van oordeel dat verdachte dient te worden vrijgesproken. Op grond van de wettige bewijsmiddelen heeft de rechtbank niet de overtuiging bekomen dat verdachte een aandeel heeft gehad in de openlijke geweldpleging. </para>
      <para>Door de getuigen [getuige 2] en [getuige 3] is verklaard dat zij hebben gezien dat een getinte jongen geweldshandelingen heeft verricht. [getuige 2] heeft verklaard dat een licht getinte jongen met een beige jas heeft geslagen. Door [getuige 3] is verklaard dat een getinte jongen met lichte kleding de zogenoemde ‘doodschop’ heeft uitgedeeld. De rechtbank is met de officier van justitie en de verdediging van oordeel dat op basis van het onderliggende dossier, en de daarin tegenstrijdige verklaringen omtrent dit punt, niet bewezen kan worden dat verdachte deze schop heeft gegeven. Behalve het door getuige [getuige 2] gegeven signalement van de dader bevinden zich in het dossier onvoldoende bewijsmiddelen voor de stelling dat verdachte geweld heeft gepleegd. Daar komt bij dat getuige [getuige 1] ter terechtzitting heeft verklaard dat verdachte gedurende het geweldsincident bij hem was en dat hij niet heeft gezien dat verdachte geweld heeft gebruikt. Gelet op het voorgaande heeft de rechtbank niet de overtuiging dat verdachte heeft deelgenomen aan de openlijke geweldpleging dan wel op enige wijze geweld tegen [slachtoffer 1] of [slachtoffer 2] heeft gebruikt. De rechtbank zal hem daarom vrijspreken van het primair en subsidiair tenlastegelegde feit. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">3. 	De beoordeling van de civiele vordering, alsmede de gevorderde oplegging van de schadevergoedingsmaatregel</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De benadeelde partij [slachtoffer 1] heeft zich in het strafproces gevoegd ter verkrijging van schadevergoeding ter zake van het (primair en subsidiair) tenlastegelegde feit. Gevorderd wordt een bedrag van € 1.335,00. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De officier van justitie heeft verzocht de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 1] geheel toe te wijzen, waarbij tevens de schadevergoedingsmaatregel ex artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht wordt opgelegd en dient te worden bepaald dat verdachte hoofdelijk aansprakelijk is voor de vordering. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De verdediging heeft verzocht de benadeelde partij niet-ontvankelijk te verklaren in zijn vordering, nu vrijspraak is bepleit. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank overweegt als volgt. De benadeelde partij zal niet-ontvankelijk worden verklaard in zijn vordering, nu verdachte wordt vrijgesproken van het primair en subsidiair tenlastegelegde feit. De benadeelde partij kan derhalve zijn vordering ten aanzien van verdachte slechts aanbrengen bij de burgerlijke rechter. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">spreekt verdachte vrij</emphasis> van het primair en subsidiair tenlastegelegde feit.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Beslissing op de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 1]</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="underline">verklaart</emphasis> de benadeelde partij [slachtoffer 1] <emphasis role="underline">niet-ontvankelijk </emphasis>in zijn vordering.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="3">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <colspec colname="colC" />
        <tbody>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Dit vonnis is gewezen door mr. M.C. Gerritsen (voorzitter), mr. L.C.P. Goossens en mr. H.C. Leemreize, rechters, in tegenwoordigheid van mr. M.E. Bongers, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 28 oktober 2016.</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>