<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBGEL:2016:2635</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2016-05-13T15:51:12</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2016-05-13</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Gelderland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Gelderland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2016-05-13</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">05/841362-15</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Zutphen</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2016:2635">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2016:2635</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2016-05-13T15:50:16</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2016-05-13</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBGEL:2016:2635 Rechtbank Gelderland , 13-05-2016 / 05/841362-15</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBGEL:2016:2635:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <parablock>
        <para>De rechtbank heeft een verdachte die zich schuldig heeft gemaakt aan dronken rijden en het plegen van een aantal vernielingen veroordeeld tot 2 maanden gevangenisstraf en het betalen van schade die hij heeft aangericht.</para>
        <para>De verdachte is vrijgesproken van een mishandeling. Daarvan is naar het oordeel van de rechtbank geen sprake geweest, aangezien de aangever heeft verklaard dat hij door de beschermende kleding geen pijn heeft ervaren. </para>
        <para>Voor een ander aan verdachte ten laste gelegd feit is het openbaar ministerie ter zitting van 29 april niet-ontvankelijk verklaard. Verdachte had voor dat feit bericht ontvangen dat hij daar niet voor vervolgd zou worden.</para>
      </parablock>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBGEL:2016:2635:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">RECHTBANK GELDERLAND</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Zutphen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer	: 05/841362-15</para>
      <para>Datum uitspraak	: 13 mei 2016</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegenspraak</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">vonnis van de meervoudige kamer</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">de officier van justitie bij het arrondissementsparket Oost-Nederland</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte] ,</emphasis>
      </para>
      <para>geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats] , wonende te [adres 1] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Raadsman: mr. P.R.M. Noppen, advocaat te Arnhem.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 29 april 2016.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Ontvankelijkheid van het openbaar ministerie</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De raadsman heeft ter terechtzitting van 29 april 2016 een preliminair verweer gevoerd ten aanzien van het onder 4 ten laste gelegde feit, namelijk dat het openbaar ministerie voor dit feit niet-ontvankelijk verklaard dient te worden. De verdachte heeft voor dit feit een sepotbeslissing toegezonden gekregen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft het openbaar ministerie ter terechtzitting van 29 april 2016 ten aanzien van het onder 4 ten laste gelegde feit niet-ontvankelijk verklaard.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De inhoud van de tenlastelegging</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan verdachte is ten laste gelegd dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>1.</para>
      <para>hij op één of meerdere tijdstippen op of omstreeks 18 december 2015 te </para>
      <para>Doesburg opzettelijk en wederrechtelijk één of meerdere ruiten (van één of </para>
      <para>meerdere portieken van de flats gelegen aan de [straat] ) en/of één of </para>
      <para>meerdere fiets(en), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende </para>
      <para>aan [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] (vernieling kinderfiets) en/of </para>
      <para>
        [slachtoffer 3] (vernieling van een kinderfiets merk Batavus Snake en/of een </para>
      <para>kinderfiets van het merk Gazelle) en/of [slachtoffer 4] (vernieling dames fiets </para>
      <para>merk Batavus) en/of [slachtoffer 5] (vernieling van een fiets), in elk geval aan een </para>
      <para>ander of anderen dan aan verdachte, heeft vernield en/of beschadigd en/of </para>
      <para>onbruikbaar gemaakt;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>2.</para>
      <para>hij op of omstreeks 18 december 2015 te Doesburg, een ambtenaar, [slachtoffer 6] , gedurende en/of terzake van de rechtmatige </para>
      <para>uitoefening van zijn bediening heeft mishandeld door één of meerdere malen (met kracht) op/tegen/in de knie </para>
      <para>en/of de buik en/of het lichaam van deze [slachtoffer 6] te trappen en/of te schoppen </para>
      <para>en/of te stompen en/of te slaan; </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>3.</para>
      <para>hij op of omstreeks 26 januari 2016 te Deventer wederrechtelijk is </para>
      <para>binnengedrongen in een pand gelegen aan de [adres 2] en in gebruik bij </para>
      <para>
        [slachtoffer 7] , althans bij een ander of anderen dan bij verdachte; </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>5. ( is op de dagvaarding genummerd als 6)</para>
    <parablock>
      <para>hij op of omstreeks 18 december 2015 te Doesburg als bestuurder van een</para>
      <para>voertuig, (een personenauto), dit voertuig heeft bestuurd, na zodanig gebruik</para>
      <para>van alcoholhoudende drank, dat het alcoholgehalte van zijn adem bij een</para>
      <para>onderzoek, als bedoeld in artikel 8, tweede lid, aanhef en onder a van de</para>
      <para>Wegenverkeerswet 1994, 265 microgram, in elk geval hoger dan 220 microgram,</para>
      <para>alcohol per liter uitgeademde lucht bleek te zijn.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para>
      <emphasis role="bold">3.	Overwegingen ten aanzien van het bewijs</emphasis>
      <footnote-ref linkend="_2d30e641-f332-483c-b606-2bff075f9c40" />
    </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Aanleiding onderzoek</emphasis>
      </para>
      <para>Op 18 december 2015 kreeg een motoragent een melding van huiselijk geweld. Hij is naar het opgegeven adres gegaan. Toen hij daar aankwam kwam een man op hem afstormen. De man, verdachte, is kort daarna aangehouden. Uit onderzoek bleek dat verdachte die avond vernielingen had gepleegd. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft gesteld dat wettig en overtuigend bewezen kan worden geacht dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan de onder 1, 2, 3 en 5 ten laste gelegde feiten. Ter terechtzitting heeft de officier van justitie de bewijsmiddelen opgesomd en toegelicht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para>De raadsman heeft aangevoerd dat het onder 1 ten laste gelegde feit, gelet op de bekennende verklaring van verdachte, bewezen kan worden verklaard, met uitzondering van de vernieling van een fiets van [slachtoffer 5] omdat een aangifte ontbreekt. Voor deze vernieling dient vrijspraak te volgen.</para>
      <para>Ten aanzien van het onder 2 ten laste gelegde feit dient vrijspraak te volgen nu niet bewezen kan worden dat het slachtoffer pijn en/of letsel heeft ondervonden. Er is bovendien geen bewijsmiddel in het dossier waaruit blijkt dat aangever [slachtoffer 6] een “onaangenaam gevoel” heeft ervaren, bijvoorbeeld omdat er bloedspetters van verdachte op hem terecht zijn<?linebreak?>gekomen.</para>
      <para>Ten aanzien van feit 3 dient vrijspraak te volgen. Het pand stond leeg, was feitelijk al prijs gegeven en was niet voorzien van borden met de tekst verboden toegang. Het was daarom niet een plek waar verdachte zich niet op zou mogen houden. </para>
      <para>Het onder 5 ten laste gelegde feit kan bewezen worden verklaard aangezien verdachte daarover een bekennende verklaring heeft afgelegd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Beoordeling door de rechtbank </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Feit 1:</para>
      <para>Verdachte ontkent een fiets van [slachtoffer 5] te hebben vernield. Er is geen aangifte gedaan door [slachtoffer 5] en er is ook overigens geen bewijsmiddel in het dossier aanwezig waaruit blijkt dat verdachte die fiets zou hebben vernield. Verdachte dient voor dit feit (partieel) vrijgesproken te worden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voor de overige onder 1 ten laste gelegde feiten is er sprake van een bekennende verdachte als bedoeld in artikel 359 derde lid, laatste zin van het Wetboek van Strafvordering en daarom wordt volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bewijsmiddelen:</para>
    </parablock>
    <para>- het proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer 1] , p. 31;</para>
    <para>- het proces-verbaal van aangifte door [slachtoffer 3] , p. 20;</para>
    <para>- het proces-verbaal van aangifte door [slachtoffer 2] , p. 24;</para>
    <para>- het proces-verbaal van aangifte door [slachtoffer 4] , p. 27;</para>
    <para>- de verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting van 29 april 2016.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Feit 2:</para>
      <para>
        [slachtoffer 6] heeft aangifte gedaan. Hij heeft verklaard dat verdachte op 18 december 2015 te Doesburg op hem af kwam stormen en hem trapte en sloeg. Hij heeft geen pijn gevoeld. Hij droeg een dik motorpak met bescherming. Hij heeft zich wel zorgen gemaakt over het feit dat hij bloedspetters van verdachte op zijn gezicht kreeg.<footnote-ref linkend="_6600dd88-6715-4cdf-a54d-af3856f98b6e" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte heeft ter terechtzitting verklaard dat hij [slachtoffer 6] op 18 december 2015 te Doesburg heeft geschopt en geslagen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Mishandeling bestaat in het opzettelijk toebrengen van pijn of letsel. Daarvan is naar het oordeel van de rechtbank in dit geval geen sprake geweest, nu aangever heeft verklaard dat hij door de beschermende kleding geen pijn heeft ervaren. Ook blijkt niet uit de processtukken dat [slachtoffer 6] letsel is toegebracht. </para>
      <para>De officier van justitie heeft aangevoerd dat het feit bewezen verklaard kan worden omdat aangever een “onaangenaam gevoel” heeft ervaren omdat er bloedspetters van verdachte op hem terecht zijn gekomen. </para>
      <para>Dat is echter niet in de tenlastelegging tot uitdrukking gebracht, zodat verdachte ook om die reden voor het onder 2 ten laste gelegde feit vrijgesproken dient te worden.</para>
      <para>
        <?linebreak?>Feit 3:</para>
      <para>
        [slachtoffer 7] heeft aangifte gedaan. Hij heeft – zakelijk weergegeven – verklaard dat hij in de nacht van 27 januari 2016 te horen kreeg dat er onbekenden in zijn pand aan de [adres 2] te Deventer waren geweest. Het slooppand was volledig afgesloten. Hij had niemand toestemming gegeven dat pand te betreden.<footnote-ref linkend="_adb791bc-6f02-4570-864d-41af37aeb8f8" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De verdachte heeft ter terechtzitting van 29 april 2016 verklaard dat hij op 27 januari 2016 door een kapot raam het pand aan de [adres 2] te Deventer is binnengegaan. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Er is een proces-verbaal van aanhouding opgemaakt. Daaruit blijkt dat de verbalisant zich op 27 januari 2016 omstreeks 01.00 uur bevond in het pand aan de [adres 2] in Deventer. Hij en zijn collega’s hadden het pand betreden. In het pand zag hij wat bewegen  op een verhoging. Hij riep “politie”. De man stond op en deed zijn handen omhoog. De man is toen aangehouden. Dit betrof verdachte.<footnote-ref linkend="_709e62d4-4842-4677-83de-a2391727abeb" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank is op grond van de aangifte en het proces-verbaal van aanhouding van oordeel dat er sprake is geweest van het wederrechtelijk binnendringen in het pand door verdachte. Er is niet gebleken van enig eigen, aan het objectieve recht te ontlenen bevoegdheid van de verdachte om in dit pand te verblijven. Uit de omstandigheid dat verdachte zich had verstopt toen de politie het pand betrad, kan worden afgeleid dat verdachte wist dat hij het pand niet mocht betreden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank acht het onder 3 ten laste gelegde feit wettig en overtuigend bewezen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Feit 5:</para>
      <para>Voor het onder 5 ten laste gelegde feit is er sprake van een bekennende verdachte als bedoeld in artikel 359 derde lid, laatste zin van het Wetboek van Strafvordering en daarom wordt volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bewijsmiddelen:</para>
    </parablock>
    <para>- het proces-verbaal van bevindingen<footnote-ref linkend="_d2bf7b16-a268-4d8d-bcff-1c89da5719c7" />;</para>
    <para>- het op naam van verdachte staande formulier van ademanalyse d.d. 19 december 2015 met als ademonderzoekresultaat 265 ugl;</para>
    <para>- de verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting van 29 april 2016.</para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>Bewezenverklaring</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Naar het oordeel van de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte de onder 1, 3, en 5 tenlastegelegde feiten heeft begaan, te weten dat: </para>
      <para>1.</para>
      <para>hij op <emphasis role="strike-through">één of</emphasis> meerdere tijdstippen op <emphasis role="strike-through">of omstreeks</emphasis> 18 december 2015 te </para>
      <para>Doesburg opzettelijk en wederrechtelijk <emphasis role="strike-through">één of</emphasis> meerdere ruiten (van één of </para>
      <para>meerdere portieken van de flats gelegen aan de [straat] ) en<emphasis role="strike-through">/of één of </emphasis></para>
      <para>meerdere fiets<emphasis role="strike-through">(</emphasis>en<emphasis role="strike-through">)</emphasis>, <emphasis role="strike-through">in elk geval enig goed, geheel of ten dele</emphasis> toebehorende </para>
      <para>aan [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] (vernieling kinderfiets) en/of </para>
      <para>
        [slachtoffer 3] (vernieling van een kinderfiets merk Batavus Snake en/of een </para>
      <para>kinderfiets van het merk Gazelle) en/of [slachtoffer 4] (vernieling dames fiets </para>
      <para>merk Batavus) <emphasis role="strike-through">en/of [slachtoffer 5] (vernieling van een fiets)</emphasis>, <emphasis role="strike-through">in elk geval aan een </emphasis></para>
      <para>
        <emphasis role="strike-through">ander of anderen dan aan verdachte,</emphasis> heeft vernield en/of beschadigd <emphasis role="strike-through">en/of </emphasis></para>
      <para>
        <emphasis role="strike-through">onbruikbaar gemaakt</emphasis>;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>3.</para>
      <para>hij <emphasis role="strike-through">op of</emphasis> omstreeks 26 januari 2016 te Deventer wederrechtelijk is binnengedrongen in een pand gelegen aan de [adres 2] en in gebruik bij [slachtoffer 7] <emphasis role="strike-through">, althans bij een ander of anderen dan bij verdachte</emphasis>; </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>5. (is op de dagvaarding genummerd als 6)</para>
      <para>hij op <emphasis role="strike-through">of omstreeks</emphasis> 18 december 2015 te Doesburg als bestuurder van een</para>
      <para>voertuig, (een personenauto), dit voertuig heeft bestuurd, na zodanig gebruik</para>
      <para>van alcoholhoudende drank, dat het alcoholgehalte van zijn adem bij een</para>
      <para>onderzoek, als bedoeld in artikel 8, tweede lid, aanhef en onder a van de</para>
      <para>Wegenverkeerswet 1994, 265 microgram<emphasis role="strike-through">, in elk geval hoger dan 220 microgram,</emphasis></para>
      <para>alcohol per liter uitgeademde lucht bleek te zijn.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voor zover er in de tenlastelegging kennelijke taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn die fouten verbeterd. Verdachte is daardoor niet in zijn verdediging geschaad.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Wat meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard, is niet bewezen. </para>
      <para>Verdachte moet daarvan worden vrijgesproken.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>De kwalificatie van het bewezenverklaarde</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het bewezenverklaarde levert op:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Ten aanzien van feit 1:</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">Opzettelijk en wederrechtelijk enig goed dat geheel of ten dele aan een ander toebehoort vernielen en beschadigen, meermalen gepleegd</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Ten aanzien van feit 2</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">In een besloten lokaal, bij een ander in gebruik, wederrechtelijk binnendringen</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Ten aanzien van feit 5</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">Overtreding van artikel 8 van de Wegenverkeerswet 1994</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>De strafbaarheid van het feit</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De feiten zijn strafbaar.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>7</nr>De strafbaarheid van de verdachte</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte is strafbaar, nu geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>8</nr>Overwegingen ten aanzien van straf en/of maatregel</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft geëist dat verdachte ter zake van het onder 1, 2, 3 en 5 ten laste gelegde zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 3 maanden, met aftrek overeenkomstig artikel 27 van het Wetboek van Strafrecht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ter toelichting op de eis heeft de officier van justitie aangevoerd dat verdachte een aantal voor de betrokken slachtoffers vervelende feiten heeft gepleegd. Gelet op de ernst van de feiten en gelet op de tijd die verdachte reeds in voorlopige hechtenis heeft doorgebracht volstaat deze eis.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para>Naast de bepleite vrijspraak voor feit 2 heeft de raadsman verzocht om geen langere gevangenisstraf op te leggen dan de duur die verdachte reeds in voorlopige hechtenis heeft doorgebracht. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Beoordeling door de rechtbank </emphasis>
      </para>
      <para>De rechtbank heeft bij de bepaling van de op te leggen straf gelet op de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard, de omstandigheden waaronder dit is begaan, mede gelet op de persoon en de omstandigheden van de verdachte zoals van een en ander bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft bij de straftoemeting in het bijzonder in aanmerking genomen - en vindt daarin de redenen die tot de keuze van een onvoorwaardelijke vrijheidsstraf van na te melden duur leiden - dat verdachte na het drinken van een aanzienlijke hoeveelheid alcohol met een auto is gaan rijden en dat hij vervolgens een aantal vernielingen heeft gepleegd waarbij behoorlijk veel schade is veroorzaakt. Verdachte wist door het volgen van langdurig verplichte behandelingen wegens een eerder geweldsdelict, dat hij door het drinken van alcohol agressief wordt. Dat heeft hem er niet van weerhouden alcohol te drinken. Verder heeft verdachte het onder 2 bewezen verklaarde feit gepleegd tijdens een schorsing van de voorlopige hechtenis.</para>
      <para>Alles overwegende zal de rechtbank verdachte veroordelen tot een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van na te melden duur.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">8a. 	De beoordeling van de civiele vordering(en), alsmede de gevorderde oplegging van de schadevergoedingsmaatregel</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De benadeelde [slachtoffer 1] heeft zich in het strafproces gevoegd ter verkrijging van schadevergoeding ter zake van het onder 1 bewezen verklaarde feit. Gevorderd wordt een bedrag van € 1.787,35.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De benadeelde [slachtoffer 3] heeft zich in het strafproces gevoegd ter verkrijging van schadevergoeding ter zake van het onder 1 bewezen verklaarde feit. Gevorderd wordt een bedrag van € 92,75.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft aangevoerd dat de vorderingen onderbouwd en toewijsbaar zijn.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para>De raadsman heeft geen verweer gevoerd met betrekking tot de vorderingen van de benadeelde partijen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Beoordeling door de rechtbank </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Nu niet is weersproken dat de benadeelde partijen, zoals deze hebben gesteld, als gevolg van het bewezen verklaarde handelen schade hebben geleden tot de gevorderde bedragen en de vorderingen de rechtbank ook anderszins niet ongegrond of onrechtmatig voorkomen, zullen deze vorderingen worden toegewezen.</para>
      <para>
        <?linebreak?>De verdachte is voor de toe te wijzen schades -naar burgerlijk recht- aansprakelijk.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Gelet op het vorenstaande ziet de rechtbank aanleiding om aan verdachte op basis van het bepaalde in artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht telkens de verplichting op te leggen tot betaling aan de Staat van het toe te wijzen bedrag ten behoeve van genoemde benadeelde partij(en).</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De gevorderde wettelijke rente inzake deze vorderingen is telkens toewijsbaar vanaf 18 december 2015.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>9</nr>De toegepaste wettelijke bepalingen</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De beslissing is gegrond op de artikelen 10, 24c, 27, 36f, 57, 91, 138 en 350 van het Wetboek van Strafrecht en artikelen 8 en 176 van de Wegenverkeerswet 1994.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>10</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	spreekt verdachte vrij van het onder 2 tenlastegelegde feit;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verklaart bewezen dat verdachte de overige tenlastegelegde feiten, zoals vermeld onder punt 4, heeft begaan;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven bewezen is verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verstaat dat het aldus bewezenverklaarde oplevert de strafbare feiten zoals vermeld onder punt 5;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verklaart verdachte hiervoor strafbaar;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	veroordeelt verdachte wegens het bewezenverklaarde tot een <emphasis role="bold">gevangenisstraf</emphasis> voor de duur van <emphasis role="bold">2 (twee maanden)</emphasis>;</para>
    </parablock>
    <para />
    <para> beveelt, dat de tijd, door veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht;</para>
    <para />
    <para> veroordeelt verdachte tot betaling van <emphasis role="bold">schadevergoeding </emphasis>aan de <emphasis role="bold">navolgende benadeelde partijen</emphasis> van de hierna genoemde bedragen, telkens vermeerderd met de kosten van het geding en de tenuitvoerlegging door de benadeelde partij gemaakt, tot op heden steeds begroot op nihil.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Benadeelde partij							Bedrag</para>
    </parablock>
    <para>1. [slachtoffer 1] , rek.nr. [rekeningnummer]	€  1.787,35</para>
    <para>vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 18 december 2015 </para>
    <para>2. [slachtoffer 3] 					 		€       92,75</para>
    <para>vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 18 december 2015 </para>
    <para />
    <para> legt aan veroordeelde de verplichting op aan de Staat ten behoeve van de navolgende benadeelde partijen te betalen de hierna te noemen bedragen, met bepaling dat bij gebreke van betaling en verhaal hechtenis zal kunnen worden toegepast van na te melden duur zonder dat de betalingsverplichting vervalt. </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Benadeelde partij		Bedrag		Vervangende hechtenis</para>
    </parablock>
    <para>1. [slachtoffer 1]			€  1.787,35	<emphasis role="bold">27 dagen</emphasis></para>
    <para>vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 18 december 2015 </para>
    <para>2. [slachtoffer 3] 				€       92,75	<emphasis role="bold">1 dag</emphasis></para>
    <para>vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 18 december 2015 </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bepaalt dat, indien veroordeelde heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de Staat daarmee telkens de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij in zoverre komt te vervallen en andersom dat, indien veroordeelde telkens heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij daarmee de verplichting tot betaling aan de Staat in zoverre komt te vervallen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="3">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <colspec colname="colC" />
        <tbody>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Dit vonnis is gewezen door mr. K.A.M. van Hoof (voorzitter), mr. J.B.J. Driessen en mr. S.W. Knoop, rechters, in tegenwoordigheid van A.B.M. Jansen, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 13 mei 2016.</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Mr. K.A.M. van Hoof is buiten staat mede te ondertekenen.</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
  </section>
  <footnote id="_2d30e641-f332-483c-b606-2bff075f9c40" label="1">
    <para> Het bewijs is terug te vinden in het in de wettelijke vorm door [verbalisant 1] , van de politie Oost Nederland, district Oost-Nederland, opgemaakte proces-verbaal, dossiernummer PL0600-2016008239 Z, gesloten op 25 februari 2016 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_6600dd88-6715-4cdf-a54d-af3856f98b6e" label="2">
    <para> Proces-verbaal van aangifte door [slachtoffer 6] , pag. 15-18</para>
  </footnote>
  <footnote id="_adb791bc-6f02-4570-864d-41af37aeb8f8" label="3">
    <para> Het in de wettelijke vorm door [verbalisant 2] , van de politie Oost Nederland, district IJsselland, opgemaakte proces-verbaal, dossiernummer PL0600-2016044852-1, gesloten op 28 januari 2016, van aangifte door [slachtoffer 7]</para>
  </footnote>
  <footnote id="_709e62d4-4842-4677-83de-a2391727abeb" label="4">
    <para> Het in de wettelijke vorm door [verbalisant 3] , van de politie Oost Nederland, district IJsselland, opgemaakte proces-verbaal van aanhouding van verdachte, dossiernummer PL0600-2016044852-2, gesloten op 27 januari 2016</para>
  </footnote>
  <footnote id="_d2bf7b16-a268-4d8d-bcff-1c89da5719c7" label="5">
    <para>Het in de wettelijke vorm door [verbalisant 4] en [verbalisant 5] , van de politie Oost Nederland, district Noord- en Oost Gelderland, opgemaakte proces-verbaal, dossiernummer PL0600-2015618715-6, gesloten en ondertekend op 19 december 2015 </para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>