<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBGEL:2015:6785</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-11-12T11:36:31</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2015-11-04</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Gelderland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Gelderland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2015-11-04</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">05/861024-14</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Arnhem</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2015:6785">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2015:6785</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-11-04T13:07:26</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2015-11-04</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBGEL:2015:6785 Rechtbank Gelderland , 04-11-2015 / 05/861024-14</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBGEL:2015:6785:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Veroordeling tot een gevangenisstraf van 12 maanden met aftrek van voorarrest en een TBS-maatregel met dwangverpleging voor een poging tot verkrachting en een aanranding. Verder moet de man een schadevergoeding aan de slachtoffers betalen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBGEL:2015:6785:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="bold">RECHTBANK GELDERLAND</emphasis>
    </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Team strafrecht</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Zittingsplaats Arnhem</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Parketnummer	: 05/861024-14</para>
    <para>Datum uitspraak	: 4 november 2015</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Tegenspraak</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="bold">vonnis van de meervoudige kamer</emphasis>
    </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>in de zaak van</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="bold">de officier van justitie bij het arrondissementsparket Oost-Nederland</emphasis>
    </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>tegen</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="bold">
        [verdachte]
      </emphasis>
    </para>
    <para>geboren op [geboortedatum] 1979 te [geboorteplaats] , wonende te [adres] , [woonplaats]</para>
    <para>thans gedetineerd te [verblijfplaats] , </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>raadsman: mr. J.J.D. van Doleweerd, advocaat te Amersfoort.</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen van 22 april 2015, 3 juni 2015, 19 augustus 2015 en 21 oktober 2015.</para>
  </parablock>
  <para>
    <emphasis role="bold">1.	De inhoud van de tenlastelegging</emphasis>
    <footnote-ref linkend="_9e983ced-a721-4a5e-a40f-dbf6922d1d83" />
  </para>
  <parablock>
    <para>Aan verdachte wordt verweten dat hij zich schuldig heeft gemaakt aan een poging tot verkrachting dan wel aan aanrandingen van [slachtoffer 1] op 2 augustus 2014 en van [slachtoffer 2] op 29 augustus 2014.  </para>
  </parablock>
  <para>
    <emphasis role="bold">2.	Overwegingen ten aanzien van het bewijs</emphasis>
    <footnote-ref linkend="_1b376434-d2e7-4164-9734-b3666fad2198" />
  </para>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="bold">Met betrekking tot feit 1, de poging verkrachting dan wel aanranding van [slachtoffer 1] :</emphasis>
    </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="italic">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
    </para>
    <para>De officier van justitie heeft gesteld dat wettig en overtuigend bewezen kan worden geacht dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan de poging tot verkrachting van aangeefster [slachtoffer 1] . </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="italic">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
    </para>
    <para>De verdediging heeft vrijspraak bepleit. Ten eerste heeft de verdediging aangevoerd dat uit het dossier niet duidelijk kan volgen wat er die nacht precies is gebeurd. De aanwijzingen, zoals het letsel of de gescheurde kleding, hoeven niet te duiden op een poging verkrachting dan wel op een aanranding. De DNA-match is gebaseerd op aannames en niet op feiten. Aan de match en de kans daarop kunnen daarom geen waarde worden gehecht. Verder is het in onvoldoende mate waarschijnlijk dat de sporen op de panty van verdachte zijn. Als de rechtbank deze verweren niet volgt, is de verdediging van mening dat de sporen niet direct in verband kunnen worden gebracht met een poging tot verkrachting dan wel aanranding. Er kan niet worden uitgesloten dat de sporen verband houden met een ander feit zoals een beroving.</para>
    <para>Verdachte heeft ontkend dat hij op het braakliggend terrein op de Amsterdamseweg is geweest. . Hij heeft verklaard dat - als het inderdaad zijn DNA is op de string van [slachtoffer 1] -  zij misschien die avond tegen hem aan is gekomen.</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="italic">Beoordeling door de rechtbank </emphasis>
    </para>
    <para>Aangeefster heeft verklaard dat zij zich vanaf ongeveer 02:00 uur in de nacht van 2 augustus 2014 uur alleen nog flitsen kan herinneren. Het ging om een braakliggend terrein achter het station en zij hoorde haar eigen stem terug die zei: “blijf van me af, help”. Zij miste later haar ondergoed en een groen broekje dat zij over haar panty aan had. </para>
    <para>In haar panty zaten gaten en ladders en bevonden zich takjes, terwijl zij zelf zorgvuldig met de panty omging.<footnote-ref linkend="_68dffc5e-0329-49a9-bcae-aab2577b3def" /> Verder had zij daarna letsel op haar lichaam en rook zij wat onbekends aan zichzelf. Het letsel bestond onder meer uit krassen en schaafwonden, een plek op haar achterhoofd en een bult op haar rechterslaap.<footnote-ref linkend="_a6121df5-8420-4127-b566-54ea8cbe6bba" /> Uit de foto’s volgt dat het daarbij onder meer ging om letsel op de binnenzijde van het been en de bil.<footnote-ref linkend="_65daeafe-90c5-4614-b4b4-d4d28c50e93d" /></para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>De getuige [getuige 1] heeft verklaard dat hij in de nacht van 2 augustus 2014 wakker werd en iemand hoorde schreeuwen. Hij hoorde paniek in haar stem en onder meer de woorden “help, help, blijf van me af, ik wil dit niet”. Toen hij buiten was, zag hij een meisje in de bosjes dat omhoog probeerde te komen aan de zijde van de Amsterdamseweg te Arnhem. Hij hoorde haar zeggen “ik word verkracht’. Op het moment dat hij haar aansprak zag hij een donkere man aan komen lopen met een rode capuchon over zijn hoofd. Hij hoorde het meisje zeggen “hij was het”.<footnote-ref linkend="_3b55f5d1-c8ab-4382-8c21-257118824ec6" /> Uit de politiefoto volgt dat verdachte voldoet aan de omschrijving van de donkere man.<footnote-ref linkend="_7ea2b734-61ef-4499-9cef-9d12ddbfe575" /></para>
    <para>De getuige [getuige 2] heeft verklaard dat aangeefster haar rond 04:00-04:15 uur belde en dat ze huilde. De telefoon werd overgenomen door een man die zei dat hij een meisje had gevonden dat volgens hem was aangerand en zei dat hij een donkere jongen met een donkerrode capuchon had zien lopen. Aangeefster vertelde [getuige 2] dat iemand haar had vastgepakt. Aangeefster zei tegen [getuige 2] : “he wanted to fuck me (…)”.<footnote-ref linkend="_9305e630-0d1e-4cfa-ab6c-9dc00ef8921f" /> De getuige [getuige 3] heeft verklaard dat aangeefster haar vertelde dat de man zou hebben gezegd wat hij seksueel met haar zou gaan doen.<footnote-ref linkend="_cdbbe1ad-976d-475b-84e0-2c8ba305be17" /></para>
    <para>Op het braakliggend terrein aan de Amsterdamseweg ter hoogte van het station in Arnhem zijn onder meer het ondergoed en broekje van aangeefster gevonden.<footnote-ref linkend="_2ad4d63d-6198-4fa1-aaed-71ac8f66ab3f" /> Op grond van dit voorgaande in samenhang met de verklaring van aangeefster en de verklaring van de getuige [getuige 1] acht de rechtbank bewezen dat het incident zich hier heeft afgespeeld. </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Bij het onderzoek naar onder meer de string en de panty van aangeefster is zowel het DNA van aangeefster als het DNA van verdachte betrokken. Uit het rapport van het NFI volgt dat op de binnenzijde van de string van aangeefster zowel het DNA van verdachte als het DNA van aangeefster is aangetroffen. Er is bij dit spoor geen materiaal van een derde persoon aangetroffen.<footnote-ref linkend="_6ee4214d-a713-4579-ae41-88a0d6add952" /> Gelet hierop, is de rechtbank van oordeel dat het NFI zich bij de berekening van de matchkans op terechte aannames heeft gebaseerd en de matchkans van kleiner dan 1 op 1 miljard tot uitgangspunt kan worden genomen.<footnote-ref linkend="_d51e6a64-f915-4c09-8f13-41c801c13353" /></para>
    <para>Verdachte ontkent dat hij op het braakliggend terrein op de Amsterdamseweg in Arnhem is geweest en geeft als mogelijke verklaring voor zijn DNA op de string dat aangeefster die avond mogelijk tegen hem aan is gebotst. De rechtbank is van oordeel dat dit spoor – gelet op omstandigheid dat het is aangetroffen op de binnenzijde van de string – niet door een simpel contact is te verklaren. De rechtbank acht de verklaring van verdachte daarom niet aannemelijk geworden. </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Daarnaast volgt uit het onderzoek van het NFI dat op de rechterpijp van de panty van aangeefster onder meer het DNA van aangeefster en verdachte is aangetroffen.<footnote-ref linkend="_f1b76687-c221-463a-be85-b46e31f4cadc" /> De matchkans kon bij dit spoor niet worden vastgesteld. </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Gelet op al het voorgaande en in het bijzonder: </para>
  </parablock>
  <itemizedlist mark="-">
    <listitem>
      <para>de omstandigheid dat aangeefster haar ondergoed miste;</para>
    </listitem>
    <listitem>
      <para>dat de panty van aangeefster kapot was en zich takjes in de panty bevonden, terwijl aangeefster zelf zorgvuldig met haar spullen omging;</para>
    </listitem>
    <listitem>
      <para>aangeefster onder meer krassen had aan de binnenzijde van haar been en op haar bil die ze daarvoor niet had;</para>
    </listitem>
    <listitem>
      <para>dat aangeefster schreeuwde, [getuige 1] haar in de bosjes vond en ze tegen hem zei “ik word verkracht”;</para>
    </listitem>
    <listitem>
      <para>dat aangeefster tegen [getuige 2] zei dat ze was vastgepakt en ze zei “he wanted to fuck me (…)”;</para>
    </listitem>
    <listitem>
      <para>zich DNA van verdachte (matchkans kleiner dan één op één miljard) aan de binnenzijde van de string van aangeefster bevond;</para>
    </listitem>
    <listitem>
      <para>onder meer DNA van verdachte is aangetroffen op de panty van aangeefster,</para>
    </listitem>
  </itemizedlist>
  <para>is de rechtbank van oordeel dat de sporen in onderlinge samenhang met het voorgaande bezien duiden op een poging tot verkrachting, waarbij sprake is geweest van een worsteling. </para>
  <parablock>
    <para>Gelet op de omstandigheid dat het DNA van verdachte op de binnenzijde van de string en een spoor van onder meer verdachte op de panty van aangeefster zijn aangetroffen, verdachte daarvoor geen aannemelijk verklaring heeft gegeven en verdachte voldoet aan de beschrijving van getuige [getuige 1] (mede na het aanwijzen door aangeefster van de dader), acht zij bewezen dat verdachte aangeefster heeft vastgepakt, haar de struiken in heeft getrokken en haar ondergoed en panty uit/kapot heeft getrokken. Daarmee acht de rechtbank bewezen dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan de poging tot verkrachting. </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="bold">Met betrekking tot feit 2, poging verkrachting dan wel aanranding van [slachtoffer 2] :</emphasis>
    </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
    </para>
    <para>De officier van justitie heeft gesteld dat wettig en overtuigend bewezen kan worden geacht dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan de poging tot verkrachting van aangeefster [slachtoffer 2] . </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
    </para>
    <para>De verdediging heeft vrijspraak voor dit feit bepleit. Verdachte heeft het feit ontkend en zijn betrokkenheid kan niet voldoende uit het dossier volgen. De aanwijzingen met betrekking tot het signalement zijn onvoldoende specifiek. Het gaat verder alleen om de kans dat het veel waarschijnlijker is dat de sporen van verdachte zijn, waar niet veel waarde aan dient te worden gehecht. Als de rechtbank deze verweren niet volgt, kan naar de mening van de verdediging de poging tot verkrachting niet worden bewezen. Uit het dossier volgt niet dat de opzet was gericht op het seksueel binnendringen. </para>
    <para>Als de rechtbank tot een bewezenverklaring komt, wordt verzocht alsnog een aanvullend rapport op te laten maken door de deskundigen dr. [deskundige 1] en dr. [deskundige 2] over een tegenstrijdigheid in de rapportages van 15 december 2014 en 20 februari 2015. Als blijkt dat de passage van de deskundige [deskundige 2] juist is, wordt verzocht om aanvullend (Y-chromosaal) onderzoek te doen naar materiaal dat nog niet door [deskundige 1] is onderzocht. </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="underline">Beoordeling door de rechtbank </emphasis>
    </para>
    <para>Aangeefster heeft verklaard dat zij op 29 augustus 2014 in het Sonsbeekpark te Arnhem liep.<footnote-ref linkend="_acf2e99d-8c90-45a8-a3d8-e3d61b521ffc" /> Aangeefster verklaart verder: </para>
    <para>
      <emphasis role="italic">“Hij pakte mijn rechter arm (…). Hij ging aan mijn broek zitten. (…) Hij zat aan mijn knoop van mijn broek. (…) Ik zei dat ik het niet leuk vond en naar huis wilde gaan. (…) Hij liet mij niet weg gaan. Hij pakte mijn armen vast en ging voor me staan en probeerde mij naar beneden te werken. Dat heeft hij een paar keer gedaan. Hij heeft me over zijn schouder gelegd en naar beneden gedaan. Ik duwde hem van me af en bleef zeggen dat ik het niet wilde. (…) Volgens mij heeft hij mij drie keer op de grond gelegd.</emphasis>
      <footnote-ref linkend="_6e671215-45b8-4d7b-82bc-49b38de4b10e" />
    </para>
    <para>Verder heeft aangeefster verklaard: <emphasis role="italic">“Hij kreeg mijn knoop en rits open. (…) Hij werd ook steeds sterker. Hij gebruikte steeds meer kracht om mij op de grond te krijgen. (…) Hij probeerde mijn broek naar beneden te krijgen met beide handen. (…) Mijn broek aan de voorzijde was open. Hij zag mijn onderbroek. Hij zat wel aan mijn onderbroek aan de voorzijde. Mijn onderbroek deed hij wel een stukje naar beneden. (…) Ik zei steeds “Ik wil weg” en “Hou op”. (…) Ik probeerde met mijn handen hem van me af te halen. Maar hij kwam steeds weer terug. Ik heb volgens mij met mijn handen omhoog geduwd en kon ik eindelijk gaan staan. (…) Ik probeerde weg te rennen. Hij pakte me toen weer vast bij mijn arm en drukte me weer naar beneden. Ondertussen probeerde ik met mijn telefoon naar huis te bellen (…). Eerst kreeg ik mijn jongste zusje [betrokkene] aan de lijn”</emphasis>.<footnote-ref linkend="_2ff1e651-93fc-4ae6-8344-cfdace0c60be" /> Deze verklaring van aangeefster vindt onder meer steun in de verklaring van getuige [getuige 4] [de moeder van aangeefster] dat [betrokkene] [de zus van aangeefster] vertelde dat ze de telefoon opnam en aangeefster hoorde zeggen: “Blijf van me af”.<footnote-ref linkend="_62c8f390-acbb-4370-85db-d7f5a4c2bb2b" /> Verder heeft de getuige [getuige 5] verklaard dat er op 29 augustus 2014 een meisje helemaal overstuur bij de balie kwam en vertelde dat ze was aangerand. De getuige zag dat haar broek vuil was. Het leek op modder.<footnote-ref linkend="_0694b2c3-6f7c-489c-afbd-512374beab74" /></para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Over het signalement van de man heeft aangeefster [slachtoffer 2] onder meer verklaard dat hij [signalement] . Over de identiteit van de man heeft aangeefster [slachtoffer 2] verder verklaard dat de man zich “ [alias] ” noemde en in het verleden in de scheepsbouw had gewerkt. Verder vertelde de man haar dat hij nu tien jaar in Arnhem (Klarendal) woonde en daarvoor in Apeldoorn had gewoond.<footnote-ref linkend="_5f371215-3499-41c5-b069-60443fe5d0c4" /></para>
    <para>Verdachte heeft ter terechtzitting verklaard dat hij inderdaad al jarenlang een gouden voortand met een wit ruitje heeft.<footnote-ref linkend="_8c374a78-dc1a-4a9b-85ee-5fb41288f63a" /> Verder is ter terechtzitting gebleken dat verdachte een donkere man is met “een klein beetje kroeshaar”.<footnote-ref linkend="_fe6eb908-6ae4-49b5-a120-0023b9f63387" /> Bij de politie heeft verdachte verder verklaard dat hij inderdaad wel eens ‘ [alias] ’ wordt genoemd en hij ongeveer tien jaar in Arnhem woont. Daarvoor woonde hij in Apeldoorn. Verder heeft hij verklaard dat hij in het verleden in de scheepsbouw heeft gewerkt.<footnote-ref linkend="_273b3f6e-7376-42e8-9687-db468008ce82" /></para>
    <para>Tot slot volgt uit het onderzoek naar de sporen op de rits van de broek van aangeefster dat het 100 tot 10.000 keer waarschijnlijker is dat de sporen afkomstig zijn van verdachte dan van een willekeurig andere man.<footnote-ref linkend="_7e22e077-80d6-4f30-82d7-664a2c2a81f8" /> Naar het oordeel van de rechtbank vormt het rapport van 20 februari 2015 een vervolg op het rapport van 15 december 2014, nu verdachte als man in het onderzoek kon worden betrokken. De rechtbank acht het gelet daarop niet noodzakelijk om een nadere rapportage te doen laten opmaken en/of nader onderzoek te laten uitvoeren en wijst het (voorwaardelijk) verzoek van de verdediging af.  </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>De beschrijving van aangeefster is zeer gedetailleerd en specifiek en komt op veel relevante punten overeen met de verklaring van verdachte over zichzelf wat betreft zijn uiterlijk en persoonlijke omstandigheden. Gelet op al deze overeenkomsten in samenhang met ten slotte de sporen op de rits van de broek van aangeefster, acht de rechtbank bewezen dat verdachte de man is geweest waarover aangeefster heeft verklaard.  </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Op grond van de beschreven handelingen en de omstandigheid dat verdachte volgens aangeefster onder meer zou hebben gezegd dat hij alleen maar wilde kijken, kan naar het oordeel van de rechtbank niet worden bewezen dat verdachte de bedoeling had om seksuele gemeenschap te hebben met aangeefster. De handelingen duiden naar het oordeel van de rechtbank daarom niet op een poging tot verkrachting, waarvan verdachte ook zal worden vrijgesproken. Gelet op al het voorgaande acht zij wel bewezen dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan aanranding. </para>
  </parablock>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Bewezenverklaring</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Naar het oordeel van de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat: </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>1.</para>
      <para>hij op <emphasis role="strike-through">of omstreeks</emphasis> 02 augustus 2014 te Arnhem ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om door geweld of <emphasis role="strike-through">(</emphasis>een) andere feitelijkhe<emphasis role="strike-through">(</emphasis>i<emphasis role="strike-through">)</emphasis>d<emphasis role="strike-through">(en) en/of bedreiging met geweld of (een) andere feitelijkhe(i)d(en)</emphasis> [slachtoffer 1] te dwingen tot het ondergaan van <emphasis role="strike-through">(een) </emphasis></para>
      <para>handeling<emphasis role="strike-through">(</emphasis>en<emphasis role="strike-through">)</emphasis> die bestond<emphasis role="strike-through">(</emphasis>en<emphasis role="strike-through">) </emphasis>uit of mede bestond<emphasis role="strike-through">(</emphasis>en<emphasis role="strike-through">)</emphasis> uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer 1] , die [slachtoffer 1] heeft vastgepakt en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> de struiken heeft ingetrokken en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> haar onderbroek en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> panty<emphasis role="strike-through">, in elk geval haar onderkleding,</emphasis> heeft uitgetrokken/ stukgetrokken, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>2.</para>
      <para>hij op <emphasis role="strike-through">of omstreeks</emphasis> 29 augustus 2014 te Arnhem, door geweld of <emphasis role="strike-through">(</emphasis>een<emphasis role="strike-through">)</emphasis> andere feitelijkhe<emphasis role="strike-through">(</emphasis>i<emphasis role="strike-through">)</emphasis>d<emphasis role="strike-through">(en) en/of bedreiging met geweld of (een) andere feitelijkhe(i)d(en)</emphasis> [slachtoffer 2] heeft gedwongen tot het <emphasis role="strike-through">plegen en/of</emphasis> dulden van een of meer ontuchtige handeling<emphasis role="strike-through">(</emphasis>en<emphasis role="strike-through">)</emphasis>, bestaande uit het openmaken van haar broek en<emphasis role="strike-through">/of (</emphasis>deels<emphasis role="strike-through">)</emphasis> naar beneden trekken van haar onderbroek, </para>
      <para>bestaande dat geweld of die andere feitelijkhe<emphasis role="strike-through">(</emphasis>i<emphasis role="strike-through">)</emphasis>d<emphasis role="strike-through">(en) en/of die bedreiging met geweld of die andere feitelijkhe(i)d(en)</emphasis> uit het <emphasis role="strike-through">(</emphasis>meermalen<emphasis role="strike-through">)</emphasis> vastpakken van die [slachtoffer 2] en<emphasis role="strike-through">/of (</emphasis>telkens/krachtig<emphasis role="strike-through">)</emphasis> op de grond leggen/drukken van die [slachtoffer 2] en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> het openmaken en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> naar beneden trekken van haar <emphasis role="strike-through">(</emphasis>onder<emphasis role="strike-through">)</emphasis>broek en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> het voorbij gaan aan het verbale en non-verbale verzet van die [slachtoffer 2] dat zij genoemde handelingen niet wilde ondergaan.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voor zover er in de tenlastelegging kennelijke taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn die fouten verbeterd. Verdachte is daardoor niet in zijn verdediging geschaad.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>De kwalificatie van het bewezenverklaarde</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het bewezenverklaarde levert op:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Ten aanzien van feit 1 primair:</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">Poging tot verkrachting. </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Ten aanzien van feit 2 subsidiair:</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">Feitelijke aanranding van de eerbaarheid. </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>De strafbaarheid van de feiten</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De feiten zijn strafbaar.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>De strafbaarheid van de verdachte</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte is strafbaar, nu geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>7</nr>Overwegingen ten aanzien van straf en/of maatregel</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft geëist dat verdachte voor twee pogingen tot verkrachting zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van achttien maanden met aftrek van de tijd die hij in voorarrest heeft vastgezeten. Verder heeft zij gevorderd dat aan verdachte de TBS-maatregel met dwangverpleging zal worden opgelegd.  </para>
      <para>De officier van justitie heeft met betrekking tot de gevangenisstraf meegewogen dat het gaat om ernstige feiten die veel impact hebben op de slachtoffers. Verder heeft de officier van justitie rekening gehouden met het forse strafblad (weliswaar zonder zedendelicten) van verdachte en met de rapportage van onder meer het Pieter Baan Centrum. Uit de rapportage volgt dat verdachte al gedurende lange tijd lijdt aan schizofrenie, waarbij verdachte steeds psychoses heeft. Verdachte kan niet als volledig toerekeningsvatbaar worden aangemerkt en er is sprake van een reëel herhalingsgevaar. Mede door de houding van verdachte is een gedwongen kader in de vorm van een TBS-maatregel met dwangverpleging noodzakelijk. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para>In geval van een bewezenverklaring verzoekt de verdediging geen TBS-maatregel aan verdachte op te leggen. Van een relatie tussen de schizofrenie en de feiten is niet gebleken. Verder kan ook niet zonder meer worden aangenomen dat er sprake is van herhalingsgevaar. Er wordt daarmee niet aan de vereisten voor een TBS-maatregel voldaan. Verder is verdachte vaak onderzocht, maar blijft het onduidelijk of en welke behandeling wenselijk is. Het rapport van het Pieter Baan Centrum is onvolledig.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Beoordeling door de rechtbank  </emphasis>
      </para>
      <para>De rechtbank heeft bij de bepaling van de op te leggen straf gelet op de aard en de ernst van wat bewezen is verklaard, de omstandigheden waaronder dit is begaan, mede gelet op de persoon en de omstandigheden van de verdachte zoals van een en ander bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken, waarbij onder meer is gelet op:</para>
    </parablock>
    <para>- het uittreksel uit het algemeen documentatieregister, gedateerd 15 september 2015;</para>
    <para>- een voorlichtingsrapportage van Leger des Heils Jeugdbescherming &amp; Reclassering, gedateerd 23 februari 2015;</para>
    <para>- een Pro Justitia rapportage van 30 juli 2015, opgesteld door [deskundige 3] , GZ-psycholoog en [deskundige 4] , psychiater, verbonden aan het NIFP, locatie Pieter Baan Centrum te Utrecht, gedateerd 30 juli 2015.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte heeft ‘s nachts op een braakliggend terrein geprobeerd om een vrouw te verkrachten. </para>
      <para>Zij was onder invloed van veel alcohol en daarmee kwetsbaar. Desondanks heeft verdachte </para>
      <para>haar vastgepakt, de struiken ingetrokken en vervolgens haar onderkleding uit- dan wel kapot getrokken. Gelet op het letsel heeft de vrouw niet alleen geschreeuwd om hulp, maar zich ook fysiek verzet. Dat het uiteindelijk niet tot een verkrachting kwam is te danken aan de getuige [getuige 1] . Nog diezelfde maand heeft verdachte zich schuldig gemaakt aan een aanranding. Verdachte negeerde wederom het verzet van de vrouw, pakte haar vast, drukte haar op de grond, maakte haar broek los en zat aan haar onderbroek, die hij ook deels naar benden trok. Uiteindelijk kon de vrouw wegvluchten en erger voorkomen. Beide aanvallen waren gericht op jonge vrouwen. Verdachte heeft met zijn handelen geen enkel respect getoond voor deze vrouwen en hun lichamelijke integriteit. De feiten hebben veel impact (gehad) op de levens van de vrouwen, wat ook is gebleken uit de slachtofferverklaringen. Verdachte heeft geen verantwoordelijkheid genomen voor zijn handelen en geen berouw voor zijn daden getoond. De rechtbank rekent de verdachte zijn handelen zwaar aan en acht voor deze feiten een gevangenisstraf passend. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte heeft een fors strafblad, maar is niet eerder veroordeeld voor zedendelicten. </para>
      <para>Uit de rapportages volgt dat verdachte al jaren niet of slechts beperkt meewerkt aan onderzoeken naar zijn persoon. Hij heeft ook in dit geval medewerking aan de rapportage van de reclassering geweigerd en aan het onderzoek in het Pieter Baan Centrum heeft hij slechts beperkt meegewerkt. De rechtbank ziet zich voor de vraag gesteld of naast een gevangenisstraf een TBS-maatregel met dwangverpleging noodzakelijk is. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voor deze delicten kan - gezien het strafmaximum bij deze feiten (37a eerste lid onder 1 van het Wetboek van Strafrecht)– een TBS-maatregel worden opgelegd. Verder dient tijdens het plegen van de delicten sprake te zijn geweest van en stoornis. </para>
      <para>Uit het rapport van het Pieter Baan Centrum volgt dat er bij verdachte sinds 2002 sprake is van psychoses in het kader van schizofrenie van het gedesorganiseerde type. Verdachte wordt gelet op de lange duur van zijn stoornis en de regelmatige uitingen hiervan ook wel aangemerkt als chronisch psychotisch. De rapporteurs geven aan dat deze stoornis bij verdachte ook tijdens het plegen van de feiten in augustus 2014 aanwezig was. Door het Pieter Baan Centrum kan gelet op de ontkennende houding van verdachte niet worden aangegeven in hoeverre de stoornis op dat moment van invloed is geweest op zijn gedrag en keuzes. De rechtbank is gelet op ernst en lange duur van de stoornis van oordeel dat de feiten verdachte in ieder geval verminderd kunnen worden toegerekend. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Vervolgens ligt de vraag ter beantwoording voor of – ter bescherming van de maatschappij – een TBS-maatregel met dwangverpleging aan verdachte moet worden opgelegd. </para>
      <para>De rapporteurs achten zich – door de houding van verdachte -  niet in staat om een advies over de kans op herhaling en over de eventuele inhoud van een behandeling te geven. </para>
      <para>Uit de rapportage volgt dat verdachte tijdens de observatie last had van paranoïde wanen. Vanuit zijn ziektebeeld kan verdachte impulsief en agressief reageren. Deze omstandigheden hebben ten grondslag gelegen aan een incident tijdens de observatie, waarbij verdachte meermalen met een schaar in zijn hand een groepsleider heeft gestompt. Ondanks het gebruik van medicatie verliest hij, ook zonder concrete aanleiding, volgens de rapporteurs op momenten zijn realiteitsbesef. </para>
      <para>Verdachte heeft zich binnen één maand vergrepen aan twee jonge vrouwen en heeft tijdens de observatie meer ongepast gedrag vertoond tegenover zijn groepsleiders. Zo heeft hij een groepsleider naakt ontvangen en signalen van een groepsleidster die ongewenst werd aangeraakt genegeerd. Gelet op al dit voorgaande en nu verdachte verder al zeer lang aan schizofrenie lijdt,  een gebrek aan ziekte-inzicht heeft, niet gemotiveerd is om aan zichzelf te werken en ten slotte eerdere behandelingen geen dan wel onvoldoende resultaat hebben opgeleverd, is naar het oordeel van de rechtbank sprake van een groot herhalingsgevaar dat samenhangt met zijn psychiatrische problematiek. De rechtbank acht het niet verantwoord dat verdachte, zonder dat dit gevaar in belangrijke mate is weggenomen, terugkeert in de maatschappij. </para>
      <para>Naar het oordeel van de rechtbank is het verkleinen van de kans op herhaling en het realiseren van hulpverlening alleen mogelijk binnen een zeer strak juridisch kader. Op grond van alle omstandigheden, waaronder de ernst van de stoornis van verdachte en zijn gebrek aan ziektebesef en de onwil om op vrijwillige basis mee te werken aan behandeling, ziet de rechtbank geen mogelijkheid voor een ‘milder’ behandeltraject.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Gelet op al het voorgaande is de rechtbank van oordeel dat, mede gezien de ernst van de begane feiten en wat in de rapportages is overwogen, de veiligheid van anderen, dan wel de algemene veiligheid van personen of goederen het opleggen van de maatregel van terbeschikkingstelling eist. De rechtbank is verder van oordeel dat het herhalingsgevaar zodanig is dat de veiligheid van anderen dan wel de algemene veiligheid van personen of goederen eisen dat verdachte van overheidswege wordt verpleegd. Nu het verder gaat om feiten die een gevaar opleveren voor de lichamelijke integriteit van een of meer personen zal de duur van de TBS-maatregel niet beperkt zijn. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Concluderend zal de rechtbank met een nadruk op de behandeling van verdachte - naast de TBS-maatregel met dwangverpleging -  een gevangenisstraf opleggen voor de duur van twaalf maanden met aftrek van de tijd die hij al heeft vastgezeten. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Met betrekking tot het beslag is de rechtbank tot slot van oordeel dat nu zich geen strafvorderlijk belang daartegen verzet, de teruggave zal worden gelast van de na te melden voorwerpen aan de rechthebbende [slachtoffer 2] . </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">7a. 	De beoordeling van de civiele vordering(en), alsmede de gevorderde oplegging van de schadevergoedingsmaatregel</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De benadeelde partijen [slachtoffer 1] (feit 1) en [slachtoffer 2] (feit 2) hebben zich in het strafproces gevoegd ter verkrijging van schadevergoeding. Gevorderd wordt door [slachtoffer 1] een bedrag van € 801,72 en door [slachtoffer 2] een bedrag van € 1.903,00.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft de toewijzing van beide vorderingen met de wettelijke rente en oplegging van de schadevergoedingsmaatregel gevorderd. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para>Gelet op de bepleite vrijspraak heeft de verdediging verzocht om de vorderingen van de benadeelde partijen af te wijzen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Beoordeling door de rechtbank </emphasis>
      </para>
      <para>Naar het oordeel van de rechtbank is, op grond van de bewijsmiddelen en wat verder ter terechtzitting met betrekking tot de vorderingen is gebleken, komen vast te staan dat de benadeelde partijen als gevolg van de bewezenverklaarde feiten tot de gevorderde bedragen van € 801,72 en € 1.903,00 schade hebben geleden, waarvoor verdachte naar burgerlijk recht aansprakelijk is. De vorderingen zijn door de verdediging inhoudelijk niet betwist. Nu de schadeposten naar het oordeel van de rechtbank verder voldoende zijn onderbouwd en redelijk voorkomen, is zij van oordeel dat deze schadeposten geen onevenredige belasting vormen voor het strafproces en de vorderingen in hun geheel kunnen worden toegewezen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Gelet op het vorenstaande ziet de rechtbank aanleiding om aan verdachte op basis van het bepaalde in artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht de verplichting op te leggen tot betaling aan de Staat van het toe te wijzen bedrag ten behoeve van genoemde benadeelde partijen. De gevorderde en toegewezen rente/vergoeding voor proceskosten, zijn daar niet bij inbegrepen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ten slotte overweegt de rechtbank dat de benadeelde partij [slachtoffer 1] toewijzing van haar vordering met de wettelijke rente heeft gevorderd. Deze gevorderde wettelijke rente is toewijsbaar vanaf 2 augustus 2014. </para>
      <para>
        [slachtoffer 2] heeft in de laatst ingediende vordering geen wettelijke rente gevorderd. In een eerdere vordering was daar wel sprake van. Naar het oordeel van de rechtbank is kennelijk verzuimd in de meest recent ingediende vordering het vakje met betrekking tot de wettelijke rente aan te kruisen. Er is dus sprake van een kennelijke vergissing, zodat de wettelijke rente vanaf 29 augustus 2014 zal worden toegewezen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>8</nr>De toegepaste wettelijke bepalingen</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De beslissing is gegrond op de artikelen 10, 24c, 27, 36f, 37a, 37b, 38e, 45, 57, 242 en 246 van het Wetboek van Strafrecht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>9</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	spreekt verdachte vrij van het onder 2 primair tenlastegelegde feit;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verklaart bewezen dat verdachte de onder 1 primair en 2 subsidiair tenlastegelegde feiten, zoals vermeld onder punt 3, heeft begaan;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verklaart niet bewezen wat verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven bewezen is verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verstaat dat het aldus bewezenverklaarde oplevert de strafbare feiten zoals vermeld onder punt 4;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verklaart verdachte hiervoor strafbaar;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	veroordeelt verdachte wegens het bewezenverklaarde tot </para>
    </parablock>
    <para />
    <para> een <emphasis role="bold">gevangenisstraf</emphasis> voor de duur van <emphasis role="bold">12 (twaalf) maanden</emphasis>;</para>
    <para />
    <para> beveelt dat de tijd, door veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht.</para>
    <para />
    <para> gelast dat verdachte <emphasis role="bold">ter beschikking</emphasis> wordt <emphasis role="bold">gesteld</emphasis> en beveelt dat de ter beschikking gestelde <emphasis role="bold">van overheidswege zal worden verpleegd</emphasis>.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">Voor het beslag:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para> gelast de <emphasis role="bold">teruggave</emphasis> van de in beslag genomen, nog niet teruggegeven voorwerpen aan  de rechthebbende [slachtoffer 2] , te weten: </para>
    <parablock>
      <para>o 1 broek van [slachtoffer 2] (volgnummer 1);</para>
      <para>o 1 slip van [slachtoffer 2] (volgnummer 2).</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">De beslissing op de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 1] (feit 1 primair).</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>veroordeelt verdachte ten aanzien van feit 1 primair tot betaling van <emphasis role="bold">schadevergoeding</emphasis> aan de <emphasis role="bold">benadeelde partij [slachtoffer 1]</emphasis>, van een bedrag van <emphasis role="bold">€ 801,72</emphasis> (achthonderdéén euro en tweeënzeventig eurocent) vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 2 augustus 2014 tot aan de dag der algehele voldoening en met betaling van de kosten van het geding en de tenuitvoerlegging door de benadeelde partij gemaakt, tot op heden begroot op nihil;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>legt aan veroordeelde de <emphasis role="bold">verplichting</emphasis> op <emphasis role="bold">om aan de Staat</emphasis>, ten behoeve van de benadeelde partij [slachtoffer 1] , een bedrag <emphasis role="bold">te betalen van € 801,72</emphasis> (achthonderdéén euro en tweeënzeventig eurocent) vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 2 augustus 2014 tot aan de dag der algehele voldoening, met bepaling dat bij gebreke van betaling en verhaal van de hoofdsom 16 dagen hechtenis zal kunnen worden toegepast zonder dat de betalingsverplichting vervalt;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>bepaalt dat, indien veroordeelde heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de Staat daarmee de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij in zoverre komt te vervallen en andersom dat, indien veroordeelde heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij daarmee de verplichting tot betaling aan de Staat in zoverre komt te vervallen.</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">De beslissing op de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 2] (feit 2 subsidiair).</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>veroordeelt verdachte ten aanzien van feit 2 subsidiair tot betaling van <emphasis role="bold">schadevergoeding</emphasis> aan de <emphasis role="bold">benadeelde partij [slachtoffer 2]</emphasis>, van een bedrag van <emphasis role="bold">€ 1.903,00 (duizendnegenhonderddrie euro) </emphasis>vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 29 augustus 2014 tot aan de dag der algehele voldoening en met betaling van de kosten van het geding en de tenuitvoerlegging door de benadeelde partij gemaakt, tot op heden begroot op nihil;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>legt aan veroordeelde de <emphasis role="bold">verplichting</emphasis> op <emphasis role="bold">om aan de Staat</emphasis>, ten behoeve van de benadeelde partij <emphasis role="bold">[slachtoffer 2]</emphasis> een bedrag <emphasis role="bold">te betalen van € 1.903,00 (duizendnegenhonderddrie euro) </emphasis>vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 29 augustus 2014 tot aan de dag der algehele voldoening, met bepaling dat bij gebreke van betaling en verhaal van de hoofdsom 29 dagen hechtenis zal kunnen worden toegepast zonder dat de betalingsverplichting vervalt;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>bepaalt dat, indien veroordeelde heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de Staat daarmee de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij in zoverre komt te vervallen en andersom dat, indien veroordeelde heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij daarmee de verplichting tot betaling aan de Staat in zoverre komt te vervallen.</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="3">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <colspec colname="colC" />
        <tbody>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Dit vonnis is gewezen door mr. F.J.H. Hovens (voorzitter), mr. H.P.M. Kester-Bik en mr. M.F. Gielissen, rechters, in tegenwoordigheid van mrs. D.T.P.J. Damen en T. de Munnik, griffiers, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 4 november 2015.</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Bijlage Ι: </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan verdachte is – na een toegestane vordering wijziging tenlastelegging met betrekking tot feit 2 –  ten laste gelegd dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>1.</para>
      <para>hij op of omstreeks 02 augustus 2014 te Arnhem ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om door geweld of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) en/of bedreiging met geweld of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) [slachtoffer 1] te dwingen tot het ondergaan van (een) </para>
      <para>handeling(en) die bestond(en) uit of mede bestond(en) uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer 1] , die [slachtoffer 1] heeft vastgepakt en/of de struiken heeft ingetrokken en/of haar onderbroek en/of panty, in elk geval haar onderkleding, heeft uitgetrokken/stukgetrokken, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>althans, indien het vorenstaande onder 1 niet tot een veroordeling leidt:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op of omstreeks 02 augustus 2014 te Arnhem, door geweld of (een) andere </para>
      <para>feitelijkhe(i)d(en) en/of bedreiging met geweld of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) [slachtoffer 1] heeft gedwongen tot het plegen en/of dulden van een of meer ontuchtige handeling(en), bestaande uit het betasten van haar onderlichaam/schaamstreek en bestaande dat geweld of die andere feitelijkhe(i)d(en) en/of die bedreiging met geweld of die andere </para>
      <para>feitelijkhe(i)d(en) uit het vastpakken van die [slachtoffer 1] en/of de struiken in trekken van die [slachtoffer 1] en/of uittrekken/stuktrekken van de onderbroek en/of de panty, in elk geval de </para>
      <para>onderkleding, van die [slachtoffer 1] ;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>2.</para>
      <para>hij of omstreeks 29 augustus 2014 te Arnhem ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf door geweld of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) en/of bedreiging met geweld of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) [slachtoffer 2] te dwingen tot het ondergaan van (een) handeling(en) die bestond(en) uit of mede bestond(en) uit het sexueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer 2] ,</para>
      <para>die [slachtoffer 2] meermalen, althans eenmaal, (met kracht) heeft vastgepakt en/of</para>
      <para>die [slachtoffer 2] op de grond heeft gelegd/gedrukt en/of</para>
      <para>de broek van die [slachtoffer 2] heeft opengemaakt en/of</para>
      <para>de onderbroek van die [slachtoffer 2] heeft aangeraakt en/of naar beneden getrokken en/of meermalen voorbij is gegaan aan het verbale en/of non-verbale verzet van die [slachtoffer 2] en/of aldus voor die [slachtoffer 2] een bedreigende situatie heeft doen ontstaan, terwijl de uitvoering niet is voltooid. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>althans indien het vorenstaande niet tot een veroordeling leidt:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op of omstreeks 29 augustus 2014 te Arnhem, door geweld of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) en/of bedreiging met geweld of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) [slachtoffer 2] heeft gedwongen tot het plegen en/of dulden van een of meer ontuchtige handeling(en), bestaande uit het openmaken van haar broek en/of (deels) naar beneden trekken van haar onderbroek, </para>
      <para>bestaande dat geweld of die andere feitelijkhe(i)d(en) en/of die bedreiging </para>
      <para>met geweld of die andere feitelijkhe(i)d(en) uit het (meermalen) vastpakken van die [slachtoffer 2] en/of (telkens/krachtig) op de grond leggen/drukken van die [slachtoffer 2] en/of het openmaken en/of naar beneden trekken van haar (onder)broek en/of het voorbij gaan aan het verbale en non-verbale verzet van die [slachtoffer 2] dat zij genoemde handelingen niet wilde ondergaan.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <footnote id="_9e983ced-a721-4a5e-a40f-dbf6922d1d83" label="1">
    <para> De volledige tenlastelegging is in bijlage 1 opgenomen. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_1b376434-d2e7-4164-9734-b3666fad2198" label="2">
    <para> Het bewijs is terug te vinden in het in de wettelijke vorm door verbalisanten van de politie eenheid Oost-Nederland, divisie recherche, opgemaakte proces-verbaal, dossiernummer PL0600-2014213808, gesloten op 27 januari 2015 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. Het bewijs is verder terug te vinden in het in de wettelijke vorm door verbalisanten van de politie Gelderland-Midden, divisie recherche, opgemaakte proces-verbaal, dossiernummer PL0700-2014092135, gesloten op 28 januari 2015 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van de doorgenummerde dossiers, tenzij anders vermeld. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_68dffc5e-0329-49a9-bcae-aab2577b3def" label="3">
    <para> Het proces-verbaal van aangifte, p. 26 t/m 28. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_a6121df5-8420-4127-b566-54ea8cbe6bba" label="4">
    <para> Het proces-verbaal informatief gesprek zeden, p. 19-20 en het proces-verbaal van aangifte, p. 29. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_65daeafe-90c5-4614-b4b4-d4d28c50e93d" label="5">
    <para> De eigen waarneming van de rechtbank met betrekking tot de foto’s op pagina 60 en 67.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_3b55f5d1-c8ab-4382-8c21-257118824ec6" label="6">
    <para> Het proces-verbaal verhoor getuige [getuige 1] , p. 30. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_7ea2b734-61ef-4499-9cef-9d12ddbfe575" label="7">
    <para> De eigen waarneming van de rechtbank met betrekking tot de foto op p. 16. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_9305e630-0d1e-4cfa-ab6c-9dc00ef8921f" label="8">
    <para> Het proces-verbaal verhoor getuige [getuige 2] , p. 37. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_cdbbe1ad-976d-475b-84e0-2c8ba305be17" label="9">
    <para> Het proces-verbaal verhoor getuige [getuige 3] , p. 40. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_2ad4d63d-6198-4fa1-aaed-71ac8f66ab3f" label="10">
    <para> Het proces-verbaal van bevindingen, p. 23 en het proces-verbaal sporenonderzoek, p. 86. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_6ee4214d-a713-4579-ae41-88a0d6add952" label="11">
    <para> Het NFI-rapport d.d. 26 november 2014, p. 94 t/m 96 en p. 98-99.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_d51e6a64-f915-4c09-8f13-41c801c13353" label="12">
    <para> Het NFI-rapport d.d. 26 november 2014, p. 95.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_f1b76687-c221-463a-be85-b46e31f4cadc" label="13">
    <para> Het NFI-rapport d.d. 26 november 2014, p. 94 t/m 96.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_acf2e99d-8c90-45a8-a3d8-e3d61b521ffc" label="14">
    <para> Het proces-verbaal van aangifte, p. 12. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_6e671215-45b8-4d7b-82bc-49b38de4b10e" label="15">
    <para> Het proces-verbaal van aangifte, p. 14. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_2ff1e651-93fc-4ae6-8344-cfdace0c60be" label="16">
    <para> Het proces-verbaal van aangifte, p. 14-15.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_62c8f390-acbb-4370-85db-d7f5a4c2bb2b" label="17">
    <para> Het proces-verbaal verhoor getuige [getuige 4] , p. 25.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_0694b2c3-6f7c-489c-afbd-512374beab74" label="18">
    <para> Het proces-verbaal verhoor [getuige 5] , p. 20. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_5f371215-3499-41c5-b069-60443fe5d0c4" label="19">
    <para> Het proces-verbaal van aangifte, p. 13 en 15. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_8c374a78-dc1a-4a9b-85ee-5fb41288f63a" label="20">
    <para> De verklaring van verdachte ter terechtzitting d.d. 21 oktober 2015. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_fe6eb908-6ae4-49b5-a120-0023b9f63387" label="21">
    <para> De eigen waarneming van de rechtbank d.d. 21 oktober 2015.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_273b3f6e-7376-42e8-9687-db468008ce82" label="22">
    <para> Het proces-verbaal verhoor verdachte, p. 39-40 en het proces-verbaal van bevindingen, p. 28.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_7e22e077-80d6-4f30-82d7-664a2c2a81f8" label="23">
    <para> Het NFI-rapport d.d. 20 februari 2015, p. 1-2 en het NFI-rapport d.d. 15 december 2014, p. 45-46.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>