<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBGEL:2015:6073</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-11-11T02:32:12</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2015-09-29</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Gelderland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Gelderland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2015-09-10</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">289489   KG RK 15-848</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#wraking">Wraking</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Arnhem</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2015:6073">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2015:6073</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-09-29T09:32:06</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2015-09-29</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBGEL:2015:6073 Rechtbank Gelderland , 10-09-2015 / 289489   KG RK 15-848</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBGEL:2015:6073:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Dat de raadkamer de voorlopige hechtenis al eerder heeft getoetst, namelijk als appèlinstantie van de bewaring, betekent niet dat ten aanzien van een rechter die van die raadkamer heeft deel uitgemaakt de schijn van partijdigheid is gerechtvaardigd als hij deel uitmaakt van een raadkamer die een nieuw oordeel over de voorlopige hechtenis moet geven. Een en ander blijkt ook uit het feit dat bijvoorbeeld een (raad)kamer in dezelfde samenstelling kan oordelen over eventuele voortzetting van eerder bevolen gevangenhouding, hetzij als raadkamer gevangenhouding hetzij als meervoudige strafkamer bij een (pro forma) zitting.’</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBGEL:2015:6073:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="150fa3c8-852a-4d30-a6b6-82c62bea9d9c" depth="2" width="13" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="080b7c06-44d9-45c1-804c-1ef5da9bf80b" depth="2" width="523" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>beschikking</para>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK ARNHEM</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Wrakingskamer</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer / rekestnummer: 289489   KG RK 15-848</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Beschikking van 10 september 2015</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        [verzoeker] ,</para>
      <para>wonende te Arnhem, thans gedetineerd te [verblijfplaats] ,</para>
      <para>verzoeker tot wraking,</para>
      <para>verder te noemen: verzoeker,</para>
      <para>(gemachtigde: mr. P.R.M. Noppen)</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>mrs. K. Gilhuis en J.M.C. Schuurman-Kleijberg, in hun hoedanigheid van rechters.</para>
      <para>verder te noemen: de rechters.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <paragroup>
      <nr>1.1</nr>
      <para>Ter terechtzitting op 10 september 2015 heeft verzoeker een wrakingsverzoek tegen de rechters ingediend. De gronden voor de wraking zijn opgenomen in het proces-verbaal van de terechtzitting. <?linebreak?></para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2</nr>
      <para>Op 10 september 2015 is het wrakingsverzoek ter zitting van de wrakingskamer behandeld. Verzoeker is verschenen, bijgestaan door zijn gemachtigde, die het verzoek mondeling heeft toegelicht. De rechters zijn verschenen en hebben verweer gevoerd.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.3</nr>
      <para>Nadat de behandeling van het wrakingsverzoek is gesloten, heeft de wrakingskamer na een korte schorsing direct mondeling uitspraak gedaan. </para>
      <para>
        <?linebreak?>
      </para>
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Het wrakingsverzoek </title>
    <paragroup>
      <nr>2.1</nr>
      <para>Het verzoek tot wraking is gericht tegen de gewraakte rechters als rechters in de zaak tegen verzoeker als verdachte. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2</nr>
      <para>Verzoeker heeft aan zijn verzoek ten grondslag gelegd dat de gewraakte rechters vooringenomen zijn, omdat zij reeds in de raadkamer het hoger beroep tegen de afwijzing van de vordering tot inbewaringstelling hebben gegrond verklaard en de inbewaringstelling van verdachte hebben bevolen. Tevens hebben de rechters een verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis afgewezen. De rechters hebben dus reeds een inhoudelijk standpunt ten aanzien van de voorlopige hechtenis ingenomen. Met betrekking tot de betrokkenheid van de rechters maakt verzoeker nog de vergelijking met de rechter-commissaris die beslissingen neemt in het strafrechtelijke vooronderzoek en zodoende niet mag deelnemen aan de raadkamer. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3</nr>
      <para>Het verweer van de rechters wordt hierna, voor zover nodig, besproken.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>3</nr>De beoordeling</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1</nr>
      <para>Wraking van een rechter is slechts mogelijk op grond van feiten of omstandigheden waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden. Daarvan kan sprake zijn indien de rechter jegens een partij vooringenomen is of indien de vrees van een partij daarvoor objectief gerechtvaardigd is. Bij de beoordeling daarvan moet voorop staan dat een rechter uit hoofde van zijn aanstelling moet worden vermoed onpartijdig te zijn, tenzij zich uitzonderlijke omstandigheden voordoen die zwaarwegende aanwijzingen opleveren voor het oordeel dat de rechter jegens een partij een vooringenomenheid koestert, althans dat bij die partij dienaangaande bestaande vrees objectief gerechtvaardigd is (HR 24 oktober 1995 NJ 1996,484). Uit de artikelen 512 en 513 Wetboek van Strafvordering en het vermoeden van onpartijdigheid volgt dat de verzoeker concrete feiten en omstandigheden moet aanvoeren waaruit objectief afgeleid moet worden dat de rechter jegens een partij vooringenomen is of de vrees van een partij dat dat zo is objectief gerechtvaardigd is. Met inachtneming hiervan overweegt de rechtbank het volgende.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2</nr>
      <para>Voor de rechter-commissaris is er een wettelijk beletsel om deel te nemen aan de raadkamer. Voor de raadkamer, die anders dan de rechter-commissaris geen vooronderzoek doet, is dat wettelijk beletsel er niet. Kennelijk juist omdat de raadkamer geen vooronderzoek doet. De raadkamer toetst de voorlopige hechtenis. Dat de raadkamer de voorlopige hechtenis al eerder heeft getoetst, namelijk als appèlinstantie van de bewaring, betekent niet dat ten aanzien van een rechter die van die raadkamer heeft deel uitgemaakt de schijn van partijdigheid is gerechtvaardigd als hij deel uitmaakt van een raadkamer die een nieuw oordeel over de voorlopige hechtenis moet geven. Een en ander blijkt ook uit het feit dat bijvoorbeeld een (raad)kamer in dezelfde samenstelling kan oordelen over eventuele voortzetting van eerder bevolen gevangenhouding, hetzij als raadkamer gevangenhouding hetzij als meervoudige strafkamer bij een (pro forma) zitting. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3</nr>
      <para>Het verzoek tot wraking wordt daarom afgewezen.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De  wijst het verzoek tot wraking af.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze beschikking is gegeven door de mrs. H.P.M. Kester-Bik (voorzitter), </para>
      <para>T.P.E.E. van Groeningen en C. van Linschoten als rechters, en mr. T. de Munnik als griffier en in openbaar uitgesproken op 10 september 2015.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de griffier					de voorzitter</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.</para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>