<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBGEL:2015:2057</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-11-16T14:20:41</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2015-03-25</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Gelderland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Gelderland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2015-03-25</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">05/841029-14</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Arnhem</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2015:2057">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2015:2057</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-03-25T09:12:49</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2015-03-25</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBGEL:2015:2057 Rechtbank Gelderland , 25-03-2015 / 05/841029-14</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBGEL:2015:2057:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Bedreiging door het maken van slaande bewegingen en dreigen met een mes. Gevangenisstraf van 6 maanden, waarvan 2 maanden voorwaardelijk.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBGEL:2015:2057:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="bold">RECHTBANK GELDERLAND</emphasis>
    </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Team strafrecht</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Zittingsplaats Arnhem</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Parketnummer	: 05/841029-14</para>
    <para>Datum uitspraak	: 25 maart 2015</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Tegenspraak</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="bold">vonnis van de meervoudige kamer</emphasis>
    </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>in de zaak van</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="bold">de officier van justitie bij het arrondissementsparket Oost-Nederland</emphasis>
    </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>tegen</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="bold">
        [verdachte]
      </emphasis>
    </para>
    <para>geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats], wonende te [adres], [woonplaats]</para>
    <para>thans gedetineerd te [verblijfplaats]</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>raadsvrouw	: J.H. Schaap, advocaat te Arnhem.</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting</para>
    <para>van 11 maart 2015.</para>
  </parablock>
  <para>
    <emphasis role="bold">1.	De inhoud van de tenlastelegging</emphasis>
    <footnote-ref linkend="_54cda878-bd44-4f04-b9d5-2a8cfe30ad2e" />
  </para>
  <parablock>
    <para>Verdachte wordt, na een door de rechtbank toegewezen vordering tot wijziging van de tenlastelegging, verweten dat hij op 26 november 2014 in Arnhem een mes heeft laten zien en daarbij slaande en schoppende bewegingen heeft gemaakt naar [slachtoffer 1]. Daarnaast wordt hem verweten dat hij met dat mes stekende bewegingen heeft gemaakt naar het lichaam van [slachtoffer 2]. </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Dit is in het eerste feit tenlastegelegd als een poging tot zware mishandeling van [slachtoffer 2] en in het tweede feit als het bedreigen met een misdrijf tegen het leven of met zware mishandeling van [slachtoffer 2] en [slachtoffer 1].</para>
  </parablock>
  <para>
    <emphasis role="bold">2.	Overwegingen ten aanzien van het bewijs</emphasis>
    <footnote-ref linkend="_0c1126dc-a027-451e-b2d3-31285820aed9" />
  </para>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="underline">Ten aanzien van het onder feit 1 en 2 tenlastegelegde</emphasis>
    </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
    </para>
    <para>De officier van justitie heeft gesteld dat wettig en overtuigend bewezen kan worden geacht dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan de feiten.</para>
    <para>De aangifte van [slachtoffer 2], de getuigenverklaringen van [slachtoffer 1] en van Dijk zijn helder. Er is die dag een zeer bedreigende situatie geweest. Verdachte was kwaad, want hij wilde geen medicatie gaan gebruiken. Hij heeft slaande en schoppende bewegingen gemaakt in de richting van [slachtoffer 1]. Daarna heeft hij een mes gepakt, dit opengeklapt en dit mes laten zien aan [slachtoffer 1], die dit zeer bedreigend vond. Hoewel [slachtoffer 1] geen aangifte doet, kan er gelet op zijn verklaring, van worden uitgegaan dat hij erg bang is geweest.</para>
    <para>Vervolgens heeft verdachte, terwijl hij op korte afstand van [slachtoffer 2] stond, met dat mes stekende bewegingen gemaakt in de richting van de buik of het lichaam van die [slachtoffer 2], waardoor deze zwaar letsel had kunnen oplopen. Getuige [slachtoffer 1] verklaart nog dat hij dacht dat [slachtoffer 2] was gestoken. Dit alles maakt dat deze verklaringen betrouwbaar zijn en de overtuiging geven dat verdachte geprobeerd heeft om [slachtoffer 2] te steken en dus zwaar letsel toe te brengen.</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
    </para>
    <para>De verdediging heeft vrijspraak bepleit voor beide feiten.</para>
    <para>Verdachte werd op enig moment door [slachtoffer 1] geschopt en heeft misschien toen wel slaande bewegingen gemaakt in de richting van [slachtoffer 1]. </para>
    <para>Omdat [slachtoffer 2] en [slachtoffer 1] maar bleven doorgaan heeft verdachte toen een mes uit zijn jas gepakt en in zijn handen gehad. Hij heeft dat mes alleen langs zijn lichaam gehouden. Er is geen sprake van stekende bewegingen, waardoor vrijspraak van feit 1 dient te volgen.</para>
    <para>De stekende bewegingen met het mes ten opzichte van [slachtoffer 2] zijn naast feit 1, ook tenlastegelegd in feit 2, maar nu als een bedreiging tegen die [slachtoffer 2]. Als die stekende bewegingen al zouden zijn gemaakt, dan had dit als subsidiair moeten worden tenlastegelegd bij feit 1.</para>
    <para>De slaande of schoppende bewegingen die verdachte tegen [slachtoffer 1] heeft gemaakt zijn onvoldoende aan te merken als een bedreiging met een misdrijf tegen het leven of met zware mishandeling. Voor een bedreiging tegen [slachtoffer 1] is dus ook onvoldoende bewijs.</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="underline">Beoordeling door de rechtbank </emphasis>
    </para>
    <para>Ten aanzien van de feiten:</para>
    <para>In het proces verbaal zijn onder meer de aangifte van [slachtoffer 2] en de getuigenverklaring van [slachtoffer 1] opgenomen en deze verklaringen sluiten op belangrijke punten op elkaar aan. Verdachte heeft ter zitting verklaard op enig moment een mes uit zijn zak te hebben gehaald, het mes te hebben opengeklapt en te hebben vastgehouden. Op basis van de verklaringen van [slachtoffer 2] en [slachtoffer 1] staat voor de rechtbank vast dat verdachte op enig moment ook stekende bewegingen heeft gemaakt in de richting van [slachtoffer 2]. Verdachte ontkent dat hij [slachtoffer 2] met het mes heeft willen steken. </para>
    <para>Uit de verklaringen blijkt ook dat verdachte, [slachtoffer 2], en [slachtoffer 1] zich tijdens het incident allen in de kamer van verdachte bevonden en dat de onderlinge afstand tussen verdachte en de anderen klein was. Deze afstand wordt door aangever [slachtoffer 2] geschat op 30 cm. Deze afstand is dermate klein dat verdachte, als hij dit werkelijk had gewild, hij [slachtoffer 2] gemakkelijk had kunnen raken en had kunnen neersteken. Nu dit niet is gebeurd, kan dit erop wijzen dat verdachte niet de bedoeling had om te steken. De rechtbank acht daarom verdachtes verklaring  dat hij de anderen uit zijn kamer wilde hebben en daarom met het mes heeft gedreigd, maar dat hij [slachtoffer 2] geen letsel heeft willen toebrengen, geloofwaardig. Daarom zal de rechtbank verdachte van feit 1 vrijspreken.</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Het staat voor de rechtbank vast dat verdachte slaande bewegingen naar [slachtoffer 1] heeft gemaakt, een mes heeft getoond aan [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] en dat hij met dat mes stekende bewegingen heeft gemaakt naar [slachtoffer 2]. Deze situatie als geheel kan, zeker omdat alles zich in een kleine ruimte heeft afgespeeld, door zowel [slachtoffer 2] als [slachtoffer 1], als zeer bedreigend zijn ervaren. Gelet op deze overweging vindt de rechtbank feit 2 bewezen.</para>
  </parablock>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Bewezenverklaring</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Naar het oordeel van de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het onder feit 2 ten laste gelegde heeft begaan, te weten dat: </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>2.</para>
      <para>hij op of omstreeks 26 november 2014 te Arnhem [slachtoffer 2] (medewerker van het </para>
      <para>RIBW) en/of [slachtoffer 1] (medewerker van Pro Persona) heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht immers heeft verdachte opzettelijk dreigend </para>
    </parablock>
    <para>- een of meer slaande bewegingen in de richting van voormelde [slachtoffer 1] gemaakt en </para>
    <para>- een mes gepakt en uit geklapt en dit uitgeklapte mes zichtbaar voor [slachtoffer 2] en [slachtoffer 1] heeft vastgehouden en staande op zeer korte afstand van voormelde [slachtoffer 2] stekende bewegingen met een mes in de richting van het lichaam van die [slachtoffer 2] heeft gemaakt; </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voor zover er in de tenlastelegging kennelijke taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn die fouten verbeterd. Verdachte is daardoor niet in zijn verdediging geschaad.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>De kwalificatie van het bewezenverklaarde</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het bewezenverklaarde levert op:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Ten aanzien van feit 2:</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">Bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht, meermalen gepleegd.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>De strafbaarheid van het feit</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het feit is strafbaar.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>De strafbaarheid van de verdachte</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte is strafbaar, nu geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>7</nr>Overwegingen ten aanzien van straf en/of maatregel</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft geëist dat verdachte ter zake van het onder feit 1 en 2 tenlastegelegde zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 6 maanden, waarvan 2 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren, met aftrek van de tijd in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para>De verdediging heeft vrijspraak bepleit.</para>
      <para>In geval van bewezenverklaring is van belang rekening te houden met het feit dat verdachte al 4 maanden in voorarrest heeft doorgebracht. Voor andere feiten heeft hij eerder nog niet vastgezeten en het valt hem zwaar. Als de feiten worden bewezen, dan is een straf van 4 maanden al ruim voldoende. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Beoordeling door de rechtbank </emphasis>
      </para>
      <para>De rechtbank heeft bij de bepaling van de op te leggen straf gelet op de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard, de omstandigheden waaronder dit is begaan, mede gelet op de persoon en de omstandigheden van de verdachte zoals van een en ander bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken, waarbij onder meer is gelet op:</para>
    </parablock>
    <para>- het uittreksel uit het algemeen documentatieregister, gedateerd 7 februari 2015;</para>
    <para>- een voorlichtingsrapportage ten behoeve van de voorgeleiding bij de rechter-commissaris van Reclassering Nederland, gedateerd 27 november 2014;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft bij de straftoemeting in het bijzonder in aanmerking genomen dat verdachte door zijn handelen een zeer bedreigende situatie heeft gecreëerd voor zowel [slachtoffer 2] als [slachtoffer 1] waardoor zij zich angstig en onveilig moeten hebben gevoeld.</para>
      <para>
        [slachtoffer 2] en [slachtoffer 1] waren als hulpverleners van verdachte bezig met hun werk. Zij vonden dat verdachte weer medicatie moest gebruiken. De reactie van verdachte hierop lijkt erop te wijzen dat verdachte inderdaad medicatie nodig heeft. Daarom betreurt de rechtbank het dat verdachte niet heeft meegewerkt aan een onderzoek door een psycholoog en psychiater en hij verder ook niet heeft meegewerkt aan een nader reclasseringsrapport. Hierdoor is de rechtbank onvoldoende over de psychische gesteldheid van verdachte voorgelicht. Een voorwaardelijk strafdeel is om die reden wel op zijn plaats, zodat verdachte er in de toekomst van weerhouden wordt opnieuw een dergelijk feit te plegen. </para>
      <para>Het openbaar ministerie heeft de gebeurtenissen op 27 november 2014 tenlastegelegd als een poging tot zware mishandeling en een bedreiging. Ondanks dat verdachte zal worden vrijgesproken van het eerste feit, vindt de rechtbank dat het feitencomplex als geheel ernstig is en dat de eis van de officier van justitie daaraan recht doet. Een gevangenisstraf voor de duur van 6 maanden waarvan 2 voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren vindt de rechtbank daarom passend en geboden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>8</nr>De toegepaste wettelijke bepalingen</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De beslissing is gegrond op de artikelen 10, 14a, 14b, 14c, 27, 57, 285 van het Wetboek van Strafrecht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>9</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	Spreekt verdachte vrij van het onder 1 feit tenlastegelegde </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verklaart bewezen dat verdachte de overige tenlastegelegde feiten, zoals vermeld onder punt 3, heeft begaan;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven bewezen is verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verstaat dat het aldus bewezenverklaarde oplevert het strafbare feit zoals vermeld onder punt 4;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	verklaart verdachte hiervoor strafbaar;</para>
    </parablock>
    <para />
    <para> veroordeelt verdachte wegens het bewezenverklaarde tot een <emphasis role="bold">gevangenisstraf</emphasis> voor de duur van <emphasis role="bold">6 (zes) maanden</emphasis>;</para>
    <para />
    <para> bepaalt, dat een gedeelte van de gevangenisstraf groot <emphasis role="bold">2</emphasis> (<emphasis role="bold">twee</emphasis>) <emphasis role="bold">maanden</emphasis>, <emphasis role="bold">niet ten uitvoer zal worden gelegd</emphasis>, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, wegens niet nakoming van na te melden voorwaarde;</para>
    <para />
    <para> stelt de proeftijd vast op <emphasis role="bold">2 (twee)</emphasis> jaren onder de voorwaarde dat de veroordeelde zich voor het einde daarvan niet zal schuldig maken aan een strafbaar feit;</para>
    <para />
    <para> beveelt dat de tijd, door veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht;</para>
    <para />
    <para> Heft op het bevel voorlopige hechtenis met ingang van het tijdstip waarop de duur van de voorlopige hechtenis gelijk wordt aan die van de opgelegde straf.</para>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="3">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <colspec colname="colC" />
        <tbody>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Dit vonnis is gegeven door mr. J.J.H. van Laethem (voorzitter), mr. H.P.M. Kester-Bik en mr. M.G.J. Post rechters in tegenwoordigheid van mr. M.G. Enderink, griffier en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 25 maart 2015.</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Bijlage I</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan verdachte is ten laste gelegd dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>1.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op of omstreeks 26 november 2014 te Arnhem, ter uitvoering van het door </para>
      <para>verdachte voorgenomen misdrijf om aan [slachtoffer 2] (persoonlijk begeleider van </para>
      <para>verdachte) opzettelijk zwaar lichamelijk letsel toe te brengen (staande op </para>
      <para>zeer korte afstand van die [slachtoffer 2]) één of meer stekende en/of (wild) zwaaiende </para>
      <para>bewegingen met een mes, althans met een scherp en/of puntig voorwerp in de </para>
      <para>richting van de buik, althans in de richting van het lichaam van die [slachtoffer 2] </para>
      <para>heeft gemaakt, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid; </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>2.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op of omstreeks 26 november 2014 te Arnhem [slachtoffer 2] (medewerker van het </para>
      <para>RIBW) en/of [slachtoffer 1] (medewerker van Pro Persona) heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht, althans met zware mishandeling, immers heeft verdachte opzettelijk dreigend </para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>een of meer slaande en/of stompende en/of schoppende en/of trappende bewegingen in de richting van voormelde [slachtoffer 1] gemaakt en/of </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>een mes gepakt en/of uit geklapt en/of dit (uitgeklapte) mes aan die [slachtoffer 2] en/of [slachtoffer 1] heeft getoond, althans duidelijk zichtbaar voor de [slachtoffer 2] en/of [slachtoffer 1] heeft vastgehouden  </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>(staande op zeer korte afstand van voormelde [slachtoffer 2]) één of meer stekende en/of (wild) zwaaiende bewegingen met een mes, althans met een scherp en/of puntig voorwerp in de richting van de buik, althans in de richting van het lichaam van die [slachtoffer 2] heeft gemaakt; </para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Bijlage II</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het bewijs is terug te vinden in het in de wettelijke vorm door verbalisanten van de regiopolitie Gelderland-Midden, district AVZ, opgemaakte proces-verbaal, dossiernummer PL0600-2014187280, gesloten op 27 november 2014 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Proces verbaal van aangifte [slachtoffer 2] op pag. 15-17</emphasis>
      </para>
      <para>Ik zag dat hij (Rechtbank: [verdachte]) slaande bewegingen maakte naar [slachtoffer 1] (Rechtbank: [slachtoffer 1]) toe (…) Ik zag dat [verdachte] een mes in zijn hand had (...) Ik zag dat [verdachte] op mij af kwam lopen met het mes, dat inmiddels uitgeklapt was. Ik zag dat [verdachte] meerdere malen op mij begon in te steken. Ik zag dat [verdachte] ongeveer 30 centimeter van mij vandaan stond. Ik voelde me erg bang op dat moment.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Proces verbaal van verhoor van getuige [slachtoffer 1] op pag. 23-24</emphasis>
      </para>
      <para>Ik zag dat [verdachte] vervolgens enkele keren met kracht in mijn richting begon te slaan (…) Ik vond het een erg onveilige situatie (…) Ik zag dat [verdachte] plotseling een geopend mes in zijn handen had en richting Hans (Rechtbank: [slachtoffer 2]) stekende bewegingen begon te maken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <footnote id="_54cda878-bd44-4f04-b9d5-2a8cfe30ad2e" label="1">
    <para> Een vordering wijziging tenlastelegging van de officier van justitie is door de rechtbank toegestaan. De gewijzigde tenlastelegging is als bijlage I aan het vonnis gehecht.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_0c1126dc-a027-451e-b2d3-31285820aed9" label="2">
    <para> De bewijsmiddelen zijn in Bijlage II achter dit vonnis gehecht.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>