<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBGEL:2014:598</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-02-24T17:14:37</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2014-02-03</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Gelderland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Gelderland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2014-02-03</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">05/821097-13 ontneming</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Zutphen</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2014:598">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2014:598</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2014-02-03T12:54:42</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2014-02-03</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBGEL:2014:598 Rechtbank Gelderland , 03-02-2014 / 05/821097-13 ontneming</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBGEL:2014:598:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>De rechtbank heeft de verdachte de verplichting opgelegd om een bedrag van € 264.269,32 aan de Staat te betalen. Dit is het geschat wederrechtelijk verkregen voordeel dat verdachte dat verdachte met de hennepkwekerij heeft behaald.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBGEL:2014:598:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <section>
    <title>RECHTBANK GELDERLAND</title>
    <para>Team strafrecht</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Zutphen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Meervoudige kamer</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 05/821097-13</para>
      <para>Uitspraak d.d.: 3 februari 2014</para>
      <para>Tegenspraak </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>VONNIS</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft te beslissen op de vordering op grond van artikel 36e van het Wetboek van Strafrecht van de officier van justitie, strekkende tot ontneming van wederrechtelijk</para>
      <para>verkregen voordeel in de strafzaak tegen:</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      [verdachte],</title>
    <parablock>
      <para>geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum],</para>
      <para>wonende te [woonplaats], [adres 1].</para>
      <para>Raadsvrouw: mr. S.P. Koerselman, advocaat te Zoetermeer.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Onderzoek van de zaak</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 20 januari 2014.</para>
    </parablock>
    <para>
      <?linebreak?>
      <?linebreak?>
    </para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Procesgang</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij vonnis van de meervoudige kamer voor strafzaken van deze rechtbank van 3 februari 2014 is verdachte ter zake van het in zijn strafzaak bewezenverklaarde feit, gekwalificeerd als:</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 3, onder B, van de Opiumwet gegeven verbod, strafbaar gesteld bij artikel 11, lid 1, van de Opiumwet</emphasis>
      </para>
      <para>tot straf veroordeeld.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Berekening van het wederrechtelijk verkregen voordeel</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>In het proces-verbaal<footnote-ref linkend="_3634bf06-8b17-4c25-b2f2-be71e9518ad6" /> is opgenomen een rapport van berekening van het wederrechtelijk verkregen voordeel<footnote-ref linkend="_2eb6217d-eae6-4aaa-8999-9513737debca" />.</para>
      <para>
        <emphasis role="underline">Vordering van het openbaar Ministerie</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De schriftelijke vordering van het Openbaar Ministerie houdt in dat aan verdachte als wederrechtelijk verkregen voordeel zal worden ontnomen een bedrag van € 299.283,04.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ter terechtzitting heeft de officier van justitie deze vordering bijgesteld tot een bedrag van € 330.814,--, zoals is berekend op pagina 5 van het rapport, en heeft hij geconcludeerd tot toewijzing van de vordering tot het bijgestelde bedrag.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De officier van justitie heeft aangevoerd dat, voor het geval mocht blijken dat verdachte de huur voor de woning uit eigen middelen heeft betaald, dit in mindering gebracht dient te worden. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Standpunt van de veroordeelde/de verdediging</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De raadsvrouw heeft primair aangevoerd dat de vordering afgewezen dient te worden, gelet op de in de strafzaak gevoerde verweren die in haar visie dienen te leiden tot vrijspraak dan wel tot ontslag van alle rechtsvervolging.</para>
      <para>Subsidiair heeft de raadvrouw aangevoerd dat verdachte geen wederrechtelijk verkregen voordeel heeft genoten. Verdacht is katvanger geweest, zonder dat hij daarvoor enige vergoeding heeft gehad. </para>
      <para>Meer subsidiair heeft de raadsvrouw, met een toelichting zoals vermeld in haar pleitnotitie,  aangevoerd dat de berekening van het wederrechtelijk verkregen voordeel niet juist is. Zo zou het aantal oogsten te hoog gesteld zijn en de kosten niet of onjuist opgenomen zijn. Ook dient het berekende wederrechtelijke verkregen voordeel te worden gedeeld door 3, namelijk de twee hoofdpersonen en verdachte, die de vereiste werkzaamheden in opdracht van die personen heeft moeten verrichten.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Overwegingen met betrekking tot de vaststelling van de hoogte van het wederrechtelijk verkregen voordeel</emphasis>
      </para>
      <para>
        <?linebreak?>De rechtbank stelt op basis van het ter terechtzitting gehouden onderzoek, in samenhang met de inhoud van het procesdossier, het vonnis in de strafzaak en de daaraan ontleende bewijsmiddelen vast dat het enkel de verdachte is geweest die met het door hem gepleegde feit wederrechtelijk voordeel heeft gekregen. De stelling dat de verdachte in het geheel geen inkomsten uit de strafbare feiten zou hebben genoten en de stelling dat een berekend wederrechtelijk verkregen voordeel in verband met een tweetal mededaders door drie gedeeld zou moeten worden, volgt de rechtbank daarom niet.<?linebreak?><?linebreak?></para>
      <para>De rechtbank houdt als grondslag voor de schatting van de hoogte van dit wederrechtelijke voordeel aan het rapport wederrechtelijk verkregen voordeel hennepkwekerij<footnote-ref linkend="_0b620187-8e90-4c43-9a58-c4908890c5da" />.<?linebreak?>Daarbij is rekening gehouden met de in het rapport van het Bureau Ontnemingswetgeving Openbaar Ministerie van april 2005 (hierna: BOOM-rapport) opgenomen normen en de in het rapport van update van 1 november 2010 opgenomen normen.<?linebreak?>De rechtbank heeft vastgesteld dat, zoals namens verdachte is aangevoerd, er in de berekening van het aantal oogsten van de kweekruimte waarin 360 planten stonden inderdaad een afronding naar boven heeft plaatsgevonden. De rechtbank zal dit ten voordele van verdachte corrigeren door naar beneden af te ronden, waarmee het aantal oosten van die kweekruimte op  13 wordt vastgesteld.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>In de berekening is naar het oordeel van de rechtbank ten onrechte geen rekening gehouden met de huur die door verdachte voor de woning aan de [adres 2] in Apeldoorn is betaald, namelijk een bedrag van € 1.015,-- per maand over de periode van 16 december 2008 (datum ingang huurperiode) tot en met augustus 2012. De rechtbank acht aannemelijk dat verdachte de woning uitsluitend ten behoeve van de hennepkwekerij heeft gehuurd, nu uit het dossier volgt dat verdachte zijn feitelijke hoofdverblijf elders had. De rechtbank zal deze huurkosten daarom in mindering brengen op het berekende wederrechtelijk voordeel. Van andere kosten is de rechtbank niet gebleken, of acht zij die niet afdoende aannemelijk geworden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het voorgaande leidt tot de volgende herberekening van het wederrechtelijk verkregen voordeel, zoals vermeld op pagina 5 van het rapport:</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>13</nr>
      <para>oogsten van 360 planten 					€ 277.905,68</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6</nr>
      <parablock>
        <para>oogsten van 156 planten					€   55.331,14</para>
        <para>									__________</para>
        <para>Totaal								€ 333.236,82</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Af te trekken kosten</para>
      </parablock>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>energiekosten 			€ 23.800,--</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>huur: 44,5 maand a € 1.015,--	€ 45.167,50</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <parablock>
        <para>						__________</para>
        <para>									€   68.967,50</para>
        <para>									___________</para>
        <para>
          <emphasis role="bold">Totaal genoten voordeel					€ 264.269,32</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank stelt de hoogte van het wederrechtelijk verkregen voordeel vast op € 264.269,32.</para>
        <para>
          <?linebreak?>Gelet op het voorgaande zal de rechtbank de verdachte de verplichting opleggen een bedrag van € 264.269,32 (tweehonderdvierenzestigduizend tweehonderd negenenzestig euro en tweeëndertig eurocent) aan de Staat te betalen.</para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Toepasselijke wettelijke voorschriften</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank heeft gelet op artikel 36e van het Wetboek van Strafrecht.</para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>Beslissing </title>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank: </para>
    </parablock>
    <para />
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>stelt het bedrag waarop het door de verdachte wederrechtelijk verkregen voordeel wordt geschat vast op € 264.269,32 (tweehonderdvierenzestigduizend tweehonderd negenenzestig euro en tweeëndertig eurocent);</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>legt aan de verdachte, ter ontneming van het door hem wederrechtelijk verkregen voordeel, de verplichting op tot betaling aan de Staat van een bedrag van in totaal van <emphasis role="bold">€ 264.269,32 (tweehonderdvierenzestigduizend tweehonderd negenenzestig euro en tweeëndertig eurocent)</emphasis>.</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aldus gewezen door mr. Welbergen, voorzitter, mr. Gerbranda en mr. Gilhuis, rechters, in tegenwoordigheid van Jansen, griffier, en uitgesproken op de openbare terechtzitting van 3 februari 2014.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <footnote id="_3634bf06-8b17-4c25-b2f2-be71e9518ad6" label="1">
    <para> Wanneer hierna verwezen wordt naar dossierpagina’s, betreft dit delen van in de wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal, als bijlagen opgenomen bij (stam)proces-verbaal, nummer PL0625 2012103082, Regiopolitie Noord- en Oost Gelderland, district Apeldoorn, gesloten en ondertekend op 27 juni 2013.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_2eb6217d-eae6-4aaa-8999-9513737debca" label="2">
    <para> Proces-verbaal van berekening van het wederrechtelijk verkregen voordeel, opgenomen na pag. 51</para>
  </footnote>
  <footnote id="_0b620187-8e90-4c43-9a58-c4908890c5da" label="3">
    <para> Proces-verbaal van berekening van het wederrechtelijk verkregen voordeel, opgenomen na pag. 51</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>