<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBGEL:2014:4377</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-11-11T02:01:30</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2014-07-15</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Gelderland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Gelderland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2014-07-15</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">05/821323-13</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Zutphen</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2014:4377">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2014:4377</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2014-07-16T09:35:18</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2014-07-15</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBGEL:2014:4377 Rechtbank Gelderland , 15-07-2014 / 05/821323-13</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBGEL:2014:4377:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Verdachte is vrijgesproken van het tenlastegelegde (hennepteelt en diefstal elektriciteit) aangezien van enige wetenschap of betrokkenheid bij de aanwezigheid van de hennep en van de diefstal van de elektriciteit of enige vorm van deelneming aan de verweten gedraging niet voldoende is gebleken. De vastgestelde omstandigheden maken dit niet anders en deze zijn ook onvoldoende voor het aannemen van voorwaardelijk opzet op het medeplegen van de hennepteelt.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBGEL:2014:4377:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <section>
    <title>RECHTBANK GELDERLAND </title>
    <parablock>
      <para>Team strafrecht</para>
      <para>Zittingsplaats Zutphen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Meervoudige strafkamer </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 05/821323-13[jw.sys.1.verdachte_1_parketnummer]</para>
      <para>Uitspraak d.d.: 15 juli 2014</para>
      <para>Tegenspraak</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>VONNIS</title>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak tegen:</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      [verdachte],</title>
    <parablock>
      <para>geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum],</para>
      <para>wonende te [woonplaats], [adres 1].</para>
      <para>Raadsvrouw: mr. E. Eversteijn te Bussum.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <?linebreak?>
        <?linebreak?>
        <emphasis role="underline">Onderzoek van de zaak</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de openbare terechtzitting van </para>
      <para>1 juli 2014.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">De tenlastelegging</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan de verdachte is ten laste gelegd dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>1.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op of omstreeks 13 februari 2013 te Putten tezamen en in vereniging met een</para>
      <para>ander of anderen, althans alleen, opzettelijk heeft geteeld en/of bereid en/of</para>
      <para>bewerkt en/of verwerkt, in elk geval opzettelijk aanwezig heeft gehad (in een</para>
      <para>pand aan de [adres 2]) een hoeveelheid van (in totaal) ongeveer 594</para>
      <para>hennepplanten, althans een groot aantal hennepplanten en/of delen daarvan, in</para>
      <para>elk geval een hoeveelheid van meer dan 30 gram van een materiaal bevattende</para>
      <para>hennep, zijnde hennep een middel vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst</para>
      <para>II, dan wel aangewezen krachtens artikel 3a, vijfde lid van die wet,</para>
      <para>terwijl dit gepleegde feit (mede) betrekking heeft op een grote hoeveelheid</para>
      <para>van een middel  vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst II, dan wel</para>
      <para>aangewezen krachtens artikel 3a, vijfde lid van die wet,  welke hoeveelheid</para>
      <para>meer bedraagt dan de bij algemene maatregel van bestuur bepaalde hoeveelheid</para>
      <para>van een middel (te weten 594 hennepplanten, althans meer dan 200</para>
      <para>hennepplanten);</para>
      <para>art 11 lid 3 Opiumwet</para>
      <para>art 11 lid 5 Opiumwet</para>
      <para>art 3 ahf/ond D Opiumwet</para>
      <para>art 3 ahf/ond B Opiumwet</para>
      <para>art 3 ahf/ond C Opiumwet</para>
      <para>art 47 lid 1 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht</para>
      <para>art 11 lid 2 Opiumwet</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>2.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op of omstreeks 13 februari 2013 te Putten tezamen en in vereniging met een</para>
      <para>ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke</para>
      <para>toe-eigening heeft weggenomen een hoeveelheid stroom/elektriciteit (35.331</para>
      <para>kWh), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde]</para>
      <para>, in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn</para>
      <para>mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de</para>
      <para>plaats des misdrijfs heeft/hebben verschaft en/of de/het weg te nemen</para>
      <para>goed(eren) onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak</para>
      <para>en/of verbreking;</para>
      <para>art 310 Wetboek van Strafrecht</para>
      <para>art 311 lid 1 ahf/sub 4 Wetboek van Strafrecht</para>
      <para>art 311 lid 1 ahf/sub 5 Wetboek van Strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Overwegingen ten aanzien van het bewijs</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Standpunt van het Openbaar Ministerie</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De officier van justitie heeft geconcludeerd tot bewezenverklaring van de ten laste gelegde feiten. Ter zitting heeft de officier van justitie de bewijsmiddelen opgesomd en toegelicht. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Standpunt van de verdachte, de verdediging</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De raadsvrouw heeft bij pleidooi naar voren gebracht dat er zowel voor het (medeplegen van het) opzettelijk telen/bereiden/bewerken/verwerken aanwezig hebben van hennep (feit 1) als voor de diefstal in vereniging van de elektriciteit (feit 2) geen wettig en overtuigend bewijs aanwezig is. De raadsvrouw heeft de rechtbank dan ook verzocht verdachte vrij te spreken van het onder 1 en 2 ten laste gelegde. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>Beoordeling door de rechtbank</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Vrijspraak</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank is van oordeel dat, gelet op de in het dossier aanwezige bewijsmiddelen, niet wettig en overtuigend kan worden bewezen dat de verdachte in het pand gelegen aan de [adres 2] te Putten, hennep heeft geteeld en/of bereid en/of bewerkt en/of heeft verwerkt of opzettelijk aanwezig heeft gehad. </para>
      <para>Van enige wetenschap van of betrokkenheid bij de aanwezigheid van de hennep en van de diefstal van de elektriciteit in het eerder genoemde pand of enige vorm van deelneming aan de verweten gedragingen is niet (voldoende) gebleken. De vastgestelde omstandigheden – de verhuur van een afgesloten gedeelte van een opslagloods zonder contract tegen een prijs van € 60,- per maand aan de hem bekende [medeverdachte] voor de opslag van oud ijzer, zonder controle op het daadwerkelijke gebruik van de ruimte en het eerder vermoeden van de politie van de aanwezigheid van een hennepkwekerij in het pand medio 2012- maken dat niet anders. Deze omstandigheden zijn - ook in onderlinge samenhang bezien - onvoldoende om voor het aannemen van (voorwaardelijk) opzet op het medeplegen van hennepteelt. </para>
      <para>Ook de door de officier van justitie als “kennelijk leugenachtig” aangemerkte verklaringen kunnen naar het oordeel van de rechtbank niet aan bewezenverklaring ten grondslag worden gelegd. Voor zover de officier van justitie daarbij heeft gesteld dat de verklaringen van de medeverdachte en getuige [medeverdachte] leugenachtig zijn en daarom als bewijsmiddel kunnen worden aangemerkt, faalt het betoog omdat een leugenachtige verklaring van een getuige niet om die reden als bewijsmiddel tegen verdachte is aan te merken. Voor zover de officier van justitie daarbij heeft gesteld dat de verklaringen van verdachte gezien de verklaringen van [medeverdachte] leugenachtig zijn, faalt het betoog omdat deze wisselende verklaringen over huurprijs, data en eigendom van de aangetroffen dozen niet als kennelijk leugenachtig zijn aan te merken. Deze verklaringen wijken immers slechts af van wat [medeverdachte] heeft verklaard, hetgeen niet betekent dat daarmee gezegd is dat het sprake is van een verklaring die door haar leugenachtigheid redengevend kan worden geacht voor hetgeen op grond van andere bewijsmiddelen voor juist kan worden gehouden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte zal daarom worden vrijgesproken van hetgeen hem onder 1 en 2 is tenlastegelegd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>Beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para> verklaart <emphasis role="bold">niet bewezen</emphasis>, dat verdachte het onder 1 en 2 ten laste gelegde heeft begaan en <emphasis role="bold">spreekt verdachte daarvan vrij</emphasis>.  </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Aldus gewezen door mrs. Janssen, voorzitter, Van der Mei en Maanicus, rechters, in tegenwoordigheid van mr. Van Erp-Noordenbos, griffier, en uitgesproken op de openbare terechtzitting van 15 juli 2014.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>