<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBGEL:2014:3888</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-11-11T19:53:35</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2014-06-25</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Gelderland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Gelderland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2014-06-27</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">05/820756-13</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Arnhem</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2014:3888">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2014:3888</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2014-06-25T11:09:22</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2014-06-27</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBGEL:2014:3888 Rechtbank Gelderland , 27-06-2014 / 05/820756-13</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBGEL:2014:3888:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Rechtbank Gelderland veroordeelt een 60-jarige man uit Driel tot een werkstraf van 120 uur onvoorwaardelijk en een gevangenisstraf van één maand voorwaardelijk en voor het plegen van ontucht met zijn nichtje in de periode 1990-1998.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBGEL:2014:3888:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">RECHTBANK GELDERLAND</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Arnhem</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Promis II</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer	 : 05/820756-13</para>
      <para>Datum zitting	 : 13 juni 2014</para>
      <para>Datum uitspraak	 : 27 juni 2014</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">TEGENSPRAAK</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Vonnis van de meervoudige kamer in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">de officier van justitie bij het arrondissementsparket Oost-Nederland</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>naam		: <emphasis role="bold">[verdachte]</emphasis></para>
      <para>geboren op	: [geboortedatum 1] te [geboorteplaats]</para>
      <para>adres		: [adres]</para>
      <para>plaats		: [woonplaats]</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>raadsman	: mr. J.A. Schadd, advocaat te Arnhem.</para>
    </parablock>
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De inhoud van de tenlastelegging</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan verdachte is, na toewijzing van een vordering wijziging tenlastelegging, ten laste gelegd dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>1. </para>
    <para>hij op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van augustus 1990 tot en met juli 1998 te Driel en/of te Emmeloord, althans in Nederland, met [slachtoffer 1], geboren op [geboortedatum 2], die toen de leeftijd van zestien jaren nog niet had bereikt, buiten echt, een of meer ontuchtige handelingen heeft gepleegd, bestaande die ontuchtige handelingen uit het ontuchtig betasten van de vagina en/of de schaamlippen en/of de clitoris en/of de borsten en/of de buik van die [slachtoffer 1];</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>althans indien het vorenstaande niet tot een veroordeling leidt,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van augustus 1990 tot en met juli 1998 te Driel en/of Emmeloord, althans in Nederland ,een of meer ontuchtige handeling(en) heeft gepleegd met de aan zijn zorg en/of waakzaamheid toevertrouwde minderjarige [slachtoffer 1] (geboren op [geboortedatum 2]), bestaande die handelingen uit het ontuchtig betasten van de vagina en/of de schaamlippen en/of de clitoris en/of de borsten en/of de buik van die [slachtoffer 1]; </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>2. </para>
    <para>hij op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 1 januari 1999 tot en met medio juni 2002 te Driel en/of te Emmeloord, althans in Nederland, met [slachtoffer 2] (geboren op [geboortedatum 3]), die toen de leeftijd van twaalf jaren nog niet had bereikt, een of meer handeling(en) heeft gepleegd, die (mede) bestond(en) uit of het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer 2], hebbende verdachte zijn vinger(s) ingebracht in de vagina van die [slachtoffer 2]; </para>
    <para />
    <para>3. </para>
    <para>hij op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 1 januari 1999 tot en met medio juni 2002 te Driel en/of te Emmeloord, althans in Nederland, met [slachtoffer 2], (geboren op [geboortedatum 3]), die toen de leeftijd van zestien jaren nog niet had bereikt, buiten echt, een of meer ontuchtige handeling(en) heeft gepleegd, bestaande die handelingen uit het ontuchtig betasten van de billen en/of  de vagina van die [slachtoffer 2] en/of het door de [slachtoffer 2] laten betasten en/of kussen en/of aftrekken van de penis van verdachte; </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>althans indien het vorenstaande niet tot een veroordeling leidt,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 1 januari 1999 tot en met medio juni 2002 te Driel en/of Emmeloord, althans in Nederland, een of meer ontuchtige handelingen heeft gepleegd met de aan zijn zorg en/of waakzaamheid toevertrouwde minderjarige [slachtoffer 2] (geboren op [geboortedatum 3]), bestaande uit het ontuchtig betasten van de billen en/of de vagina van die [slachtoffer 2] en/of het door die [verdachte] laten betasten en/of kussen en/of aftrekken van de penis van verdachte.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Het onderzoek ter terechtzitting</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De zaak is op 13 juni 2014 ter openbare terechtzitting onderzocht. Daarbij is verdachte verschenen. Verdachte is bijgestaan door mr. J.A. Schadd, advocaat te Arnhem.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Als slachtoffers zijn verschenen: [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2]. Zij hebben beiden gebruik gemaakt van hun spreekrecht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De officier van justitie, mr. C.Y. Huang, heeft gerekwireerd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte en zijn raadsman hebben het woord ter verdediging gevoerd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">3	De beslissing inzake het bewijs</emphasis>
        <footnote-ref linkend="_825e4e20-9586-4d7a-a5fe-d7d69cbdf3dc" />
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Ten aanzien van het onder 1 tenlastegelegde</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">De feiten</emphasis>
      </para>
      <para>Op grond van de bewijsmiddelen wordt het volgende, dat verder ook niet ter discussie staat, vastgesteld. </para>
      <para>In de periode van augustus 1990 tot en met juli 1998 ging [slachtoffer 1], geboren op [geboortedatum 2], zo’n twee keer per jaar logeren bij haar oom, verdachte, aan de [adres] in Driel. [slachtoffer 1] was in die periode nog geen zestien jaren.<footnote-ref linkend="_876e5921-dea1-4ee1-9fe7-0cd1c0f32f2e" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft gesteld dat wettig en overtuigend bewezen kan worden geacht dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het primair tenlastegelegde feit.  </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para>De verdediging heeft gepleit voor vrijspraak van het primair en subsidiair ten laste gelegde feit. Het bewijs is slechts uit één bron afkomstig, namelijk van aangeefster zelf. De aangifte is vaag, tijd en plaats zijn niet helder. De ouders van aangeefster geloofden het verhaal in eerste instantie toen zij het hen in 2000 vertelde ook niet. Pas 12 jaar na de eerste melding aan haar ouders volgt uiteindelijk een aangifte. Niet kan worden uitgesloten dat er overleg is geweest tussen aangeefster en de andere gezinsleden. De verklaringen van de ouders en de broer zijn geen objectief steunbewijs voor de verklaring van aangeefster, gelet op de vage inhoud. Voorts ontbreekt het ontuchtige karakter omdat eventuele aanrakingen per ongeluk zouden hebben plaatsgevonden. De brief van verdachte heeft geen betekenis in de bewijsvoering.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Beoordeling door de rechtbank </emphasis>
      </para>
      <para>Zedenzaken kenmerken zich door het feit dat in de regel slechts twee personen aanwezig zijn bij de veronderstelde seksuele handelingen: het veronderstelde slachtoffer en de veronderstelde dader. Wanneer dan de veronderstelde dader de seksuele handelingen ontkent, zoals ook in deze zaak, leidt dat er in veel gevallen toe dat slechts de verklaringen van het veronderstelde slachtoffer als direct bewijs beschikbaar zijn. Op grond van het bepaalde in artikel 342 van het Wetboek van Strafvordering – dat de tenlastelegging in haar geheel betreft en niet een onderdeel daarvan – kan het bewijs dat de verdachte het tenlastegelegde heeft begaan, door de rechter niet uitsluitend worden aangenomen op de verklaring van één getuige. Deze bepaling strekt ter waarborging van de deugdelijkheid van de bewijsbeslissing, in de zin dat zij de rechter verbiedt tot een bewezenverklaring te komen ingeval de door één getuige gereleveerde feiten en omstandigheden op zichzelf staan en onvoldoende steun vinden in ander bewijsmateriaal. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank acht in dit verband het navolgende van belang. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aangeefster heeft verklaard dat zij 1 á 2 keer per jaar bij haar oom –dus verdachte- en tante logeerde.<footnote-ref linkend="_737ba3b0-63a0-47b4-b87c-fe7c939b2467" /> Verdachte zat dan aan haar.<footnote-ref linkend="_5237dca1-a46a-44ec-aaea-fa81aa9815e4" /> Op enig moment zaten aangeefster en verdachte samen achter de computer om gekleurde plaatjes uit te printen. Verdachte streelde haar onder haar kleding, over haar borsten en vagina. De computer stond in een aparte computerkamer.<footnote-ref linkend="_75f51f0c-dbf5-4a92-88db-a4f52feedfee" /> Ook gebeurde het in bad. Verdachte zat met aangeefster in bad.<footnote-ref linkend="_ec954702-d6ac-4423-b38c-571bfa88b7ea" /> Aangeefster zat met haar rug naar verdachte toe. Verdachte ging met zijn handen eerst over aangeefster haar buik, daarna zat hij aan haar borsten en ook aan haar vagina.<footnote-ref linkend="_daa4d64d-0eb0-4543-9776-b454a5976b50" /> Verdachte zat met zijn handen/vingers aan aangeefsters schaamlippen en haar clitoris.<footnote-ref linkend="_62c1ccae-2bc2-4a8d-a2fe-ea1125e23f46" /> Ook werd aangeefster door verdachte betast als zij in bed lag.<footnote-ref linkend="_068a2b74-3590-4a0b-8d21-a82bb4cd5b65" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte heeft als volgt verklaard. Aangeefster kwam 1 à 2 keer per jaar bij hem en zijn vrouw logeren in Driel. Hij ging regelmatig samen met aangeefster in bad. Ze waren dan beiden naakt. Dat deed hij tot aangeefster ongeveer 12 jaar oud was. Ook bracht verdachte aangeefster naar bed. Verdachte heeft verklaard dat het zou kunnen dat hij de borsten en de vagina van aangeefster aan heeft geraakt. Verdachte zat vaak aan de buik/navel van aangeefster, dat was een spelletje dat ze speelden.<footnote-ref linkend="_db47a1ba-85da-423f-9ce0-56080f341295" />In 2002 heeft verdachte een brief geschreven aan aangeefster.<footnote-ref linkend="_34b52733-d977-46f5-be92-69868a56e3cf" /> Hierin schreef verdachte dat als hij aangeefsters borsten of geslachtsdelen had aangeraakt, dat nooit expres was. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De vrouw van verdachte heeft verklaard dat verdachte tijdens de logeerpartijtjes met aangeefster in bad ging.<footnote-ref linkend="_403e6608-b1ad-4b5c-aae3-02804c6f76e7" /> Ook ging verdachte samen met aangeefster en de andere kinderen kleurplaten uitprinten op de computer in de computerkamer.<footnote-ref linkend="_96e8fb3d-6dff-447d-9fb3-6cd0c114a1de" /> Voorts verklaarde de vrouw van verdachte dat verdachte rond 23.00 uur langs de kinderen ging om ze nog een keer te laten plassen. Hij ging dan met aangeefster naar beneden en bracht haar daarna weer terug naar bed.<footnote-ref linkend="_500e6c7f-2962-4c26-8fe9-44b36506f299" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De broer van aangeefster heeft verklaard, dat ze met zijn drieën in de badkuip zaten. Met hem is niets gebeurd voor zover hij weet, maar wel was het altijd zo dat hij als eerste uit bad ging en [slachtoffer 1] en oom [verdachte] dan alleen overbleven.<footnote-ref linkend="_1884499f-e637-4d4d-a625-0b4de107d556" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De verklaring van aangeefster vindt op een aantal essentiële punten ondersteuning in andere bewijsmiddelen. Zo bevestigt verdachte dat hij samen met aangeefster naakt in bad ging en heeft de echtgenote van verdachte verklaard dat haar man samen met aangeefster in de computerkamer achter de computer heeft gezeten en dat hij aangeefster ’s avonds naar bed gebracht.</para>
      <para>
        <?linebreak?>
        <?linebreak?>Ten aanzien van het verweer van de verdediging dat de handelingen per ongeluk zouden hebben plaatsgevonden, overweegt de rechtbank als volgt. De rechtbank acht niet aannemelijk dat het aanraken telkens per ongeluk gebeurde bij het in bad gaan, gelet op de omschrijving door aangeefster van de plekken waar zij door verdachte werd aangeraakt in bad. De rechtbank neemt mee in haar overweging dat verdachte zelfs toen aangeefster 12 jaar oud was en al in ontwikkeling was als jonge vrouw, met aangeefster in bad bleef gaan. De handelingen die verdachte verrichtte, bleven zich gericht herhalen. Het meermalen aanraken van de schaamlippen en de clitoris duidt immers niet op een aanraking die per ongeluk kan gebeuren, maar op een handeling die bewust wordt verricht. Dergelijke bewuste handelingen zijn seksueel van aard en gelet op de familieverhouding en het leeftijdsverschil tussen verdachte en aangeefster in strijd met de sociaal-ethische norm.</para>
      <para>De rechtbank acht derhalve het primaire feit wettig en overtuigend bewezen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Voorwaardelijk verzoek van de raadsman tot benoeming van een deskundige</emphasis>
      </para>
      <para>De raadsman van verdachte heeft de rechtbank verzocht een deskundige te benoemen om de betrouwbaarheid van de verklaringen van aangeefster te beoordelen. </para>
      <para>De rechtbank ziet hiertoe geen aanleiding omdat zij de verklaring van aangeefster voldoende betrouwbaar acht, en overweegt als volgt. </para>
      <para>Op basis van het dossier kan worden vastgesteld dat aangeefster in 2000 uit zichzelf en spontaan aan haar ouders over de ontucht vertelde. Daarbij komt dat aangeefster zowel tijdens het intakegesprek in 2011 als bij de aangifte in 2012 in eenzelfde lijn heeft verklaard. De handelingen die zij beschreef, bleven onveranderd en het verhaal werd niet groter gemaakt. Zo verklaarde aangeefster bij de intake in 2011 dat verdachte niet in de vagina was geweest. Ook verklaarde ze consistent over de gebeurtenissen in het bad, de computerkamer en het bed. Bij de aangifte in 2012 bleef dit onveranderd. Dat aangeefster niet in detail heeft verklaard over de tijdstippen waarop één en ander plaats vond, doet naar het oordeel van de rechtbank aan de betrouwbaarheid van haar verklaring geen afbreuk. De ontucht vond immers over meerdere jaren en in het verleden plaats. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Conclusie</emphasis>
        <?linebreak?>
        <?linebreak?>
      </para>
      <para>De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het onder <emphasis role="underline">1 primair</emphasis> tenlastegelegde heeft begaan, met dien verstande dat bewezen wordt geacht dat: </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op tijdstippen in de periode van augustus 1990 tot en met juli 1998 te Driel met [slachtoffer 1], geboren op [geboortedatum 2], die toen de leeftijd van zestien jaren nog niet had bereikt, buiten echt, ontuchtige handelingen heeft gepleegd, bestaande die ontuchtige handelingen uit het ontuchtig betasten van de vagina en de schaamlippen en de clitoris en de borsten en de buik van die [slachtoffer 1].</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voor zover er in de tenlastelegging kennelijke taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn die fouten verbeterd. Verdachte is daardoor niet in zijn verdediging geschaad.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Hetgeen verdachte meer of anders onder feit 1 is tenlastegelegd is niet bewezen. Verdachte moet daarvan worden vrijgesproken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De beslissing dat verdachte het bewezenverklaarde heeft begaan, is gegrond op de feiten en omstandigheden die in de bewijsmiddelen zijn vervat. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Ten aanzien van het onder 2 en 3 tenlastegelegde</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft gesteld dat wettig en overtuigend bewezen kan worden geacht dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan de onder 2 en onder 3 primair tenlastegelegde feiten. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para>De verdediging heeft gepleit voor vrijspraak van de onder 2 en 3 primair en subsidiair tenlastegelegde feiten. Hiertoe heeft de verdediging in hoofdlijnen dezelfde argumenten aangevoerd als bij feit 1. De verdediging heeft erop gewezen dat [slachtoffer 1] in 2002 van huis is weggelopen. Dat zou voor [slachtoffer 2] aanleiding hebben kunnen zijn om te gaan verklaren. Niet valt uit te sluiten dat [slachtoffer 1] eerder met [slachtoffer 2] erover heeft gesproken. Daarbij heeft de verdediging aangevoerd dat de verklaring van [slachtoffer 2] berust op de dagboek aantekeningen. Deze zijn pas geruime tijd na het vermeende misbruik opgeschreven. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Beoordeling door de rechtbank</emphasis>
      </para>
      <para>Evenals bij feit 1 stelt de rechtbank zich de vraag of de verklaring van [slachtoffer 2] in voldoende mate wordt ondersteund door andere redengevende bewijsmiddelen. <?linebreak?><?linebreak?></para>
      <para>De rechtbank overweegt als volgt. </para>
      <para>De rechtbank stelt vast dat [slachtoffer 2] geen aangifte heeft gedaan. Wel heeft er in 2007 een intakegesprek plaatsgevonden en heeft [slachtoffer 2] in 2005 in een dagboek over de vermeende ontucht geschreven. </para>
      <para>
        [slachtoffer 2] heeft in 2002 verteld "dat heeft hij bij mij ook gedaan". Zij vertelde dit in reactie op het verhaal dat haar zus misbruikt zou zijn door hun oom. Uit het dossier blijkt dat binnen het gezin vervolgens veelvuldig is gesproken over het vermeende misbruik van [slachtoffer 2]. Zo heeft [slachtoffer 1] verklaard dat ze aan [slachtoffer 2] vroegen of ze aan haar oom moest zitten en of er iets wits uit kwam. De rechtbank is niet duidelijk geworden in hoeverre de herinneringen van [slachtoffer 2] zijn beïnvloed door deze gesprekken. Dit wordt eveneens niet opgehelderd door het dagboek van [slachtoffer 2], welke pas later, in 2005, is geschreven. Daarbij neemt de rechtbank in aanmerking dat [slachtoffer 2] een eerder dagboek heeft verscheurd, en in het dagboek uit 2005 het vermeende ontucht heeft herbeschreven. </para>
      <para>De rechtbank is van oordeel dat ook op grond van de zich in het dossier bevindende (overige) bewijsmiddelen onvoldoende is vast te stellen welke handelingen wanneer plaats zouden hebben gevonden. De rechtbank concludeert derhalve dat er onvoldoende wettig bewijs is voor de onder 2 en 3 primair en subsidiair tenlastegelegde feiten en zal verdachte hiervan vrij spreken. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>De kwalificatie van het bewezenverklaarde</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het bewezenverklaarde levert op:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Ten aanzien van feit 1 primair:</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">‘met iemand beneden de leeftijd van 16 jaren buiten echt ontuchtige handelingen plegen, meermalen gepleegd’</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het feit is strafbaar.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>De strafbaarheid van verdachte</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Niet is gebleken van feiten of omstandigheden die de strafbaarheid van verdachte geheel uitsluiten. Verdachte is dus strafbaar. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>6</nr>De motivering van de sanctie(s)</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft geëist dat verdachte ter zake van het onder 1 primair, onder 2 en onder 3 primair tenlastegelegde zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 12 maanden, waarvan 4 maanden geheel voorwaardelijk met een proeftijd van 3 jaren, met aftrek van de tijd in verzekering doorgebracht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para>De verdediging heeft verzocht om aan verdachte, gelet op diens persoonlijke omstandigheden, een werkstraf op te leggen eventueel gecombineerd met een voorwaardelijke straf. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Beoordeling door de rechtbank </emphasis>
      </para>
      <para>Bij de beslissing over de straf heeft de rechtbank rekening gehouden met:</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>- de aard en de ernst van het bewezenverklaarde en de omstandigheden waaronder dit is begaan;</para>
    <para>- de persoon en de persoonlijke omstandigheden van verdachte, waarbij onder meer is gelet op:</para>
    <parablock>
      <para>	het uittreksel uit het algemeen documentatieregister betreffende verdachte, gedateerd 13 mei 2014; en</para>
      <para>	een (beknopt) advies van Reclassering Nederland, d.d. 21 maart 2013, betreffende verdachte;</para>
      <para>	een (rechtszitting) advies van Reclassering Nederland, d.d. 5 juni 2014, betreffende verdachte.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank overweegt in het bijzonder het navolgende.</para>
      <para>Verdachte heeft in de periode van augustus 1990 tot en met juli 1998 meermalen ontuchtige handelingen met zijn op dat moment minderjarige nichtje gepleegd. Dit heeft plaatsgevonden van haar vijfde tot haar twaalfde levensjaar. <?linebreak?>Het slachtoffer kwam in die periode zo’n tweemaal per jaar één of twee nachten logeren bij verdachte. Verdachte heeft misbruik gemaakt van het in hem, door zowel zijn nichtje als haar ouders, gestelde vertrouwen en van het overwicht dat hij als volwassene op het slachtoffer had. Voorts heeft hij ernstige inbreuk gemaakt op de lichamelijke en geestelijke integriteit van het slachtoffer, waarbij hij voorbij is gegaan aan haar kwetsbaarheid. De rechtbank rekent dit verdachte zwaar aan. Temeer nu verdachte de oom van het uiterst jonge slachtoffer was, die haar in een situatie waarbij zij eigenlijk veilig had moeten zijn, misbruikte. Het is algemeen bekend dat slachtoffers van dergelijke feiten daarvan nog lange tijd nadelige psychische gevolgen kunnen ondervinden. De ingrijpende gevolgen die het bewezenverklaarde feit voor het slachtoffer hebben gehad, is tot uitdrukking gebracht in de door haar ter terechtzitting voorgedragen slachtofferverklaring. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank stelt vast dat er weliswaar sprake is van inbreuk op de lichamelijke integriteit van het slachtoffer, maar dat er geen sprake is van het binnendringen in het lichaam, zodat niet gesteld kan worden dat dit een ‘ernstige’ inbreuk behelst in de zin van artikel 22b van het Wetboek van Strafrecht. De rechtbank is derhalve niet gehouden om op grond van dat artikel een onvoorwaardelijke gevangenisstraf op te leggen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank weegt, bij het bepalen van de straf, mee dat het oude feiten betreffen. Hoewel het ontucht heeft plaatsgevonden gedurende meerdere jaren, houdt de rechtbank er voorts rekening mee dat frequentie waarin de ontuchtige handelingen plaatsvonden zich hebben beperkt tot een aantal keren. De rechtbank komt tot een lagere straf dan door de officier van justitie is geëist, omdat de rechtbank minder bewezen acht dan de officier van justitie. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Gelet op hetgeen hiervoor is overwogen oordeelt de rechtbank dat voor de afdoening van de onderhavige zaak een voorwaardelijke gevangenisstraf en een onvoorwaardelijke werkstraf passend en geboden is.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>7</nr>De toegepaste wettelijke bepalingen</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De beslissing is gegrond op de artikelen 10, 14a, 14b, 14c, 22c, 22d, 27, 57, 247 van het Wetboek van Strafrecht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>8</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank, rechtdoende:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Spreekt verdachte vrij</emphasis> van de onder 2 en onder 3 primair en subsidiair tenlastegelegde feiten.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verklaart bewezen dat verdachte het onder 1 primair tenlastegelegde, zoals vermeld onder punt 3, heeft begaan.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven bewezen is verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verstaat dat het aldus bewezenverklaarde oplevert het strafbare feit zoals vermeld onder punt 4.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verklaart verdachte hiervoor strafbaar.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Veroordeelt verdachte wegens het bewezenverklaarde tot:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>- <emphasis role="bold">een gevangenisstraf voor de duur van 1 (één) maand.</emphasis></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Bepaalt</emphasis> dat deze gevangenisstraf niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De tenuitvoerlegging kan worden gelast indien de veroordeelde zich voor het einde van de proeftijd van 3 (drie) jaren heeft schuldig gemaakt aan een strafbaar feit.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>- het verrichten van een werkstraf gedurende 120 (honderdtwintig) uren.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Bepaalt</emphasis> dat deze werkstraf binnen 1 (één) jaar na het onherroepelijk worden van dit vonnis moet worden voltooid.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De termijn binnen welke de werkstraf moet worden verricht, wordt verlengd met de tijd dat de veroordeelde rechtens zijn vrijheid is ontnomen alsmede met de tijd dat hij ongeoorloofd afwezig is.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Beveelt</emphasis> dat, voor het geval de veroordeelde de werkstraf niet naar behoren verricht, vervangende hechtenis zal worden toegepast.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Stelt</emphasis> deze vervangende hechtenis vast op 60 (zestig) dagen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Beveelt</emphasis> overeenkomstig het bepaalde in artikel 27 van het Wetboek van Strafrecht dat de tijd, door de veroordeelde in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht geheel in mindering wordt gebracht, te weten <emphasis role="bold">twee uren</emphasis>, zijnde één dag hechtenis.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Aldus gewezen door:</para>
      <para>mr. A.M. van Gorp (voorzitter), mr. H.G. Eskes en mr. E.C. Ruinaard, rechters,</para>
      <para>in tegenwoordigheid van mr. H.L. Miedema, griffier</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 27 juni 2014.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <footnote id="_825e4e20-9586-4d7a-a5fe-d7d69cbdf3dc" label="1">
    <para> Het bewijs is terug te vinden in het in de wettelijke vorm door verbalisant [verbalisant] van de politieregio Gelderland-Midden, opgemaakte proces-verbaal, registratienummer PL07AH 2012115417, gesloten op 17 april 2013 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_876e5921-dea1-4ee1-9fe7-0cd1c0f32f2e" label="2">
    <para> Een proces-verbaal van aangifte [slachtoffer 1], dossierpagina 44 1e alinea en pagina 45, 4e en 5e alinea; de verklaring van verdachte, afgelegd ter terechtzitting d.d. 13 juni 2014.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_737ba3b0-63a0-47b4-b87c-fe7c939b2467" label="3">
    <para> Een proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer 1], dossierpagina 43, 7e alinea.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_5237dca1-a46a-44ec-aaea-fa81aa9815e4" label="4">
    <para> Een proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer 1], dossierpagina 45, 2e alinea.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_75f51f0c-dbf5-4a92-88db-a4f52feedfee" label="5">
    <para> Een proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer 1], dossierpagina 45, 3e alinea.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_ec954702-d6ac-4423-b38c-571bfa88b7ea" label="6">
    <para> Een proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer 1], dossierpagina 44, 3e alinea.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_daa4d64d-0eb0-4543-9776-b454a5976b50" label="7">
    <para> Een proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer 1], dossierpagina 44, 4e alinea.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_62c1ccae-2bc2-4a8d-a2fe-ea1125e23f46" label="8">
    <para> Een proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer 1], dossierpagina 44, 5e alinea.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_068a2b74-3590-4a0b-8d21-a82bb4cd5b65" label="9">
    <para> Een proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer 1], dossierpagina 44, 7e alinea.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_db47a1ba-85da-423f-9ce0-56080f341295" label="10">
    <para> De verklaring van verdachte, afgelegd ter terechtzitting, d.d. 13 juni 2014.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_34b52733-d977-46f5-be92-69868a56e3cf" label="11">
    <para> Een schriftelijk bescheid, zijnde een brief van verdachte aan aangeefster, d.d. 17 juni 2002, dossierpagina 89.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_403e6608-b1ad-4b5c-aae3-02804c6f76e7" label="12">
    <para> Een proces-verbaal van verhoor [betrokkene], dossierpagina 112, 3e alinea.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_96e8fb3d-6dff-447d-9fb3-6cd0c114a1de" label="13">
    <para> Een proces-verbaal van verhoor [betrokkene], dossierpagina 112, 11e alinea.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_500e6c7f-2962-4c26-8fe9-44b36506f299" label="14">
    <para> Een proces-verbaal van verhoor [betrokkene], dossierpagina 112, 8e alinea.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_1884499f-e637-4d4d-a625-0b4de107d556" label="15">
    <para> Een proces-verbaal van verhoor getuige [getuige], dossierpagina 107, 5e alinea.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>