<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBGEL:2014:266</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-11-16T08:45:58</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2014-01-21</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Gelderland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Gelderland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2014-01-21</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">05/820301-13</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Arnhem</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2014:266">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2014:266</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2014-01-21T08:44:02</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2014-01-21</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBGEL:2014:266 Rechtbank Gelderland , 21-01-2014 / 05/820301-13</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBGEL:2014:266:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Rechtbank Gelderland wijst tussenvonnis in een zaak tegen een 39-jarige man uit Nijkerk die verdacht wordt van ontucht met een minderjarige. De rechtbank wil nader onderzoek laten doen naar de persoon van verdachte.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBGEL:2014:266:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">RECHTBANK GELDERLAND</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Arnhem</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer	 : 05/820301-13</para>
      <para>Datum zitting	 : 07 januari 2014</para>
      <para>Datum uitspraak	 : 21 januari 2014</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">TEGENSPRAAK</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Tussenvonnis van de meervoudige kamer in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">de officier van justitie bij het arrondissementsparket Oost-Nederland</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>naam		: <emphasis role="bold">[verdachte]</emphasis></para>
      <para>geboren op	: [geboortedatum]</para>
      <para>adres		:[adres]</para>
      <para>plaats		: [woonplaats]</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>raadsman	: mr. A.G. de Jong, advocaat te Oosterbeek</para>
    </parablock>
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De inhoud van de tenlastelegging</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan verdachte is ten laste gelegd dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij (op meerdere tijdstippen) in of omstreeks de periode van 01 september 2010 tot en met 31 december 2010 te Nijkerk, in ieder geval in Nederland, met[slachtoffer], geboortedatum [geboortedatum], buiten echt, een of meer ontuchtige handelingen heeft gepleegd, bestaande uit - het met zijn mond en/of vingers en/of tong en/of een vibrator betasten van de vagina van die[slachtoffer] en/of - het met zijn vingers betasten van de borsten van die[slachtoffer] en/of - het zich door die[slachtoffer] met haar handen en/of haar voeten aan zijn penis laten betasten en/of - het zich door die[slachtoffer] in zijn mond laten urineren, terwijl die[slachtoffer] toen de leeftijd van zestien jaren nog niet had bereikt; </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Het onderzoek ter terechtzitting</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De zaak is op 07 januari 2014 ter terechtzitting onderzocht. Daarbij is verdachte verschenen. Verdachte is bijgestaan door mr. A.G. de Jong, advocaat te Oosterbeek.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Namens de benadeelde partij zijn de ouders van het slachtoffer verschenen. De moeder van het slachtoffer, mevrouw [moeder slachtoffer], heeft een schriftelijke slachtofferverklaring ingediend. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De officier van justitie, mr. J. Kolkman, heeft gerekwireerd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte en zijn raadsman hebben het woord ter verdediging gevoerd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>3</nr>Motivering van de beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tijdens de beraadslaging is de rechtbank tot de conclusie gekomen dat het onderzoek niet volledig is geweest. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Gelet aldus op de aard en ernst van de verdenking en de onvolledige diagnose omtrent de persoon van verdachte, acht de rechtbank nader onderzoek naar de persoon van de verdachte aangewezen. </para>
      <para>Het feit zoals ten laste is gelegd rechtvaardigt zonder meer een langdurige gevangenisstraf. Echter er is sprake van een contra indicatie. Uit het procesdossier en uit het rapport van de reclassering blijkt dat verdachte een psychisch kwetsbare man is die zich waarschijnlijk niet staande zal kunnen houden in een gevangenis. </para>
      <para>De reclassering adviseert een behandeling bij een forensische polikliniek. De rechtbank vraagt zich echter af of een poliklinische behandeling voldoende bescherming biedt aan de maatschappij om het recidiverisico tegen te gaan. De rechtbank acht het noodzakelijk dat het NIFP een rapportage over verdachte zal opstellen. Er dient een NIFP consult plaats te vinden, waarbij het aan het NIFP is om te bepalen of een psychiatrische dan wel psychologische rapportage dan wel een dubbel rapportage is aangewezen. In deze rapportage moet aandacht worden besteed aan de vraag of een poliklinische behandeling van verdachte voldoende is om recidive te voorkomen of dat een andere behandeling is aangewezen. Tevens moet in de rapportage aandacht worden besteed aan de vraag in hoeverre verdachte, gelet op zijn psychische gesteldheid, in staat is een detentie te ondergaan. Op basis van deze rapportage moet worden bepaald of er nog een aanvullend reclasseringsrapport dient te worden opgesteld.  </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank zal het onderzoek hiertoe heropenen en aanhouden voor onbepaalde tijd. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Heropent</emphasis> het onderzoek.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Schorst</emphasis> het onderzoek voor <emphasis role="bold underline">onbepaalde tijd</emphasis><emphasis role="underline">, </emphasis>waarbij de zaak op een zitting wordt geplaatst van een meervoudige strafkamer, waarin in ieder geval <emphasis role="bold underline">mr. C. van Linschoten</emphasis> zitting heeft. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Draagt op</emphasis> aan de officier van justitie om op basis van de bevindingen van het NIFP consult een rapportage door een psychiater of een psycholoog over verdachte op te laten stellen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Draagt op</emphasis> aan de <emphasis role="underline">Reclassering Nederland</emphasis> - indien noodzakelijk - een aanvullende rapportage op te maken. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Gelast </emphasis>de oproeping van verdachte, met afschrift aan zijn raadsman, tegen de nader te bepalen terechtzitting.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Gelast </emphasis>tevens de kennisgeving aan de benadeelde partij van de nader te bepalen terechtzitting.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Houdt</emphasis> verder iedere beslissing aan. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Aldus gewezen door:</para>
      <para>mr. C. van Linschoten (voorzitter) mr. L.C.P. Goossens en mr. J.M.J.M. Doon, rechters,</para>
      <para>in tegenwoordigheid van mr. H.L. Miedema, griffier</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 21 januari 2014.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>