<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBGEL:2014:1512</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-02-24T17:19:36</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2014-03-07</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Gelderland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Gelderland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2014-03-07</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">05/720439-13</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Zutphen</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2014:1512">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2014:1512</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2014-03-07T09:11:42</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2014-03-07</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBGEL:2014:1512 Rechtbank Gelderland , 07-03-2014 / 05/720439-13</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBGEL:2014:1512:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Verdachte is naar een man gegaan die hij van de inburgeringscursus kende. Toen de man thuis kwam heeft verdachte een bivakmuts over zijn gezicht getrokken en een (namaak) pistool op de man gericht en gezegd dat hij geld wilde. Naar de uiterlijke verschijningsvorm kan dit niet anders worden geduid als een overval. Dat verdachte een grap heeft willen uithalen met zijn vriend, zoals hij heeft verklaard, is niet aannemelijk geworden. Verdachte heeft geen enkele actie ondernomen om zich bekend te maken. Hij heeft zich uit de voeten gemaakt en heeft ook toen de politie hem aantrof niet verteld dat het om een grap ging. De rechtbank acht poging tot afpersing bewezen en veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf van 15 maanden met aftrek van de tijd die verdachte in voorarrest heeft doorgebracht. Verdachte dient daarnaast een bedrag van € 1.000,- vermeerderd met de wettelijke rente te voldoen aan het slachtoffer voor de door hem geleden immateriële schade.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBGEL:2014:1512:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <section>
    <title>RECHTBANK GELDERLAND</title>
    <para>Team strafrecht</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Zutphen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Meervoudige kamer</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 05/720439-13</para>
      <para>Uitspraak d.d.: 7 maart 2014</para>
      <para>Tegenspraak</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>VONNIS</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak tegen:</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      [verdachte],</title>
    <parablock>
      <para>geboren te [geboorteplaats] (Marokko) op [geboortedatum],</para>
      <para>wonende te [woonplaats],</para>
      <para>thans gedetineerd in [verblijfplaats].</para>
      <para>Raadsvrouw: mr. G.P. Lückens-van der Laan, advocaat te Ermelo.</para>
    </parablock>
    <para>
      <?linebreak?>
      <?linebreak?>
    </para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Onderzoek van de zaak</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 21 februari 2014.</para>
    </parablock>
    <para>
      <?linebreak?>
      <?linebreak?>
    </para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">De tenlastelegging</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan verdachte is ten laste gelegd dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op of omstreeks 19 november 2013 te Apeldoorn</para>
      <para>ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om met het oogmerk</para>
      <para>van wederrechtelijke toe-eigening weg te nemen geld en/of een of meer andere</para>
      <para>goed(eren), geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde], in elk geval</para>
      <para>aan een ander of anderen dan aan verdachte, en daarbij die voorgenomen</para>
      <para>diefstal te doen voorafgaan en/of te doen vergezellen en/of te doen volgen van</para>
      <para>geweld en/of bedreiging met geweld tegen die [benadeelde], te plegen met het</para>
      <para>oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om</para>
      <para>bij betrapping op heterdaad aan zichzelf hetzij de vlucht mogelijk te maken,</para>
      <para>hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren,</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>- met een (bivak)muts over het gezicht en/of een muts over het hoofd, althans</para>
    <parablock>
      <para>  met gezichtsverhullende kleding, die [benadeelde] bij diens woning ([adres 1]</para>
      <para>) heeft opgewacht en/of</para>
    </parablock>
    <para>- ( nadat die [benadeelde] de deur van diens woning had geopend) achter deze is</para>
    <parablock>
      <para>  gaan en/of blijven staan en/of (nadat deze zich -deels- had omgedraaid)</para>
      <para>  een pistool, althans een op een (vuur)wapen gelijkend voorwerp op die</para>
      <para>  [benadeelde] heeft gericht en/of gericht heeft gehouden en/of</para>
    </parablock>
    <para>- tegen die [benadeelde] heeft geschreeuwd (in de Marokkaanse taal) "Geld,</para>
    <para>  geld", althans woorden van gelijke aard of strekking en/of</para>
    <para>- deze [benadeelde] (meermalen) heeft geduwd en/of heeft getracht om deze in die</para>
    <para>  woning te duwen,</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>EN/OF</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op of omstreeks 19 november 2013 te Apeldoorn</para>
      <para>ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om met het oogmerk</para>
      <para>om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en/of</para>
      <para>bedreiging met geweld</para>
      <para>
        [benadeelde] te dwingen tot de afgifte van geld en/of een of meer andere</para>
      <para>goed(eren), geheel of ten dele toebehorende aan die [benadeelde], in elk geval</para>
      <para>aan een ander of anderen dan aan verdachte,</para>
    </parablock>
    <para>- met een (bivak)muts over het gezicht en/of een muts over het hoofd, althans</para>
    <parablock>
      <para>  met gezichtsverhullende kleding, die [benadeelde] bij diens woning ([adres 1]</para>
      <para>) heeft opgewacht en/of</para>
    </parablock>
    <para>- ( nadat die [benadeelde] de deur van diens woning had geopend) achter deze is</para>
    <parablock>
      <para>  gaan en/of blijven staan en/of (nadat deze zich -deels- had omgedraaid)</para>
      <para>  een pistool, althans een op een (vuur)wapen gelijkend voorwerp op die</para>
      <para>  [benadeelde] heeft gericht en/of gericht heeft gehouden en/of</para>
    </parablock>
    <para>- tegen die [benadeelde] heeft geschreeuwd (in de Marokkaanse taal) "Geld,</para>
    <para>  geld", althans woorden van gelijke aard of strekking en/of</para>
    <para>- deze [benadeelde] (meermalen) heeft geduwd en/of heeft getracht om deze in die</para>
    <parablock>
      <para>  woning te duwen,<?linebreak?><?linebreak?></para>
      <para>terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;</para>
      <para>art 312 lid 1 Wetboek van Strafrecht</para>
      <para>art 317 lid 1 Wetboek van Strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>althans, indien het vorenstaande onder 1 niet tot een veroordeling leidt:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op of omstreeks 19 november 2013 te Apeldoorn [benadeelde] heeft bedreigd</para>
      <para>met enig misdrijf tegen het leven gericht, althans met zware mishandeling,</para>
      <para>immers heeft verdachte opzettelijk dreigend</para>
    </parablock>
    <para>- met een (bivak)muts over het gezicht en/of een muts over het hoofd, althans</para>
    <parablock>
      <para>  met gezichtsverhullende kleding, die [benadeelde] bij diens woning ([adres 1]</para>
      <para>) heeft opgewacht en/of</para>
    </parablock>
    <para>- ( nadat die [benadeelde] de deur van diens woning had geopend) achter deze is</para>
    <parablock>
      <para>  gaan en/of blijven staan en/of (nadat deze zich -deels- had omgedraaid)</para>
      <para>  een pistool, althans een op een (vuur)wapen gelijkend voorwerp op die</para>
      <para>  [benadeelde] heeft gericht en/of gericht heeft gehouden en/of</para>
    </parablock>
    <para>- tegen die [benadeelde] heeft geschreeuwd (in de Marokkaanse taal) "Geld,</para>
    <para>  geld", althans woorden van gelijke aard of strekking en/of</para>
    <para>- deze [benadeelde] (meermalen) heeft geduwd en/of heeft getracht om deze in die</para>
    <parablock>
      <para>  woning te duwen;</para>
      <para>art 285 lid 1 Wetboek van Strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Taal- en/of schrijffouten</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten en/of kennelijke omissies voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. De verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging.</para>
    </parablock>
    <para>
      <?linebreak?>
      <?linebreak?>
    </para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Overwegingen ten aanzien van het bewijs</emphasis>
        <footnote-ref linkend="_962ec4d8-6b2b-4ce4-9af1-ef32f19a08e7" />
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline italic">Aanleiding van het onderzoek</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op 19 november 2013 kreeg de politie de melding van een overval op een persoon aan de <?linebreak?>[adres 1] te Apeldoorn.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline italic">Standpunt van het Openbaar Ministerie</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De officier van justitie heeft gerekwireerd tot bewezenverklaring van poging tot een overval. Zij heeft hiertoe de bewijsmiddelen opgesomd en toegelicht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline italic">Standpunt van de verdachte / de verdediging</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De raadsvrouw heeft betoogd dat verdachte geen oogmerk tot wederrechtelijke toe-eigening of bevoordeling heeft gehad. Het was niet zijn bedoeling om aangever te beroven. Hij wist dat aangever geen geld had. Het was ook niet zijn bedoeling om geweld tegen aangever te gebruiken. Verdachte wilde een grap met aangever uithalen. De raadsvrouw heeft verder betoogd dat getuige [getuige] het gevecht waarover hij heeft verklaard, niet kan hebben gezien vanaf de plaats waar hij stond. Volgens verdachte heeft geen gevecht plaatsgevonden. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline italic">Beoordeling door de rechtbank</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aangever [benadeelde] heeft verklaard dat hij woont op het adres [adres 1] te Apeldoorn<footnote-ref linkend="_fb2ecd2d-1ddb-45b1-83fa-5a157036ade1" />. Op 19 november 2013 kwam hij thuis, opende hij de deur van het portiek en liep hij naar boven. Toen hij de deur van zijn woning op de derde verdieping opende, hoorde hij voetstappen. Hij voelde toen dat er iemand achter hem stond. Hij draaide zich half om en zag een persoon staan die een zwarte muts over zijn hoofd had waarin gaten zaten op de plaats waar normaal de ogen en de mond zitten. Hij hield een pistool met gestrekte arm op aangever gericht. De man probeerde hem naar binnen te duwen. Aangever probeerde de man van zich af te houden en kreeg de man naar buiten. Het lukte hem de man van de trap af te duwen. De man heeft niets gestolen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Getuige [getuige] heeft verklaard dat hij woonachtig is aan de [adres 2] te Apeldoorn<footnote-ref linkend="_1075d17c-f0c5-4b20-9300-6cbeff813693" />. Op 19 november 2013 hoorde hij geschreeuw in het trappenhuis. Hij is gaan kijken en zag twee mannen met elkaar vechten. Om beter te zien wie de twee vechtende mannen waren, liep hij het trappenhuis in. Hij zag dat de ene man zijn bovenbuurman was. De dader kwam met een bivakmuts de trap af.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>In de rugzak, waarvan verdachte ter terechtzitting heeft verklaard dat hij die bij zich had, zijn twee plastic delen van een op een vuurwapen gelijkende kolf aangetroffen<footnote-ref linkend="_cdfc9823-de06-41f0-8d17-9cb81d3ba08f" />. De pistoolkolf uit de rugzak heeft zeer waarschijnlijk één geheel gevormd met de op de plaats delict aangetroffen pistooldelen<footnote-ref linkend="_d479d296-f3b0-47a5-962b-c131076dd64a" />. Het betrof een nabootsing van een pistool, dat voor wat betreft vorm en afmetingen een sprekende gelijkenis vertoonde met een bestaand vuurwapen, namelijk een pistool van het merk Colt, type 1011 A1 Goverment. Het wapen is een veerdrukpistool waarmee kleine plastic balletjes kunnen worden verschoten en moet worden aangemerkt als een wapen in de zin van de WWM.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte heeft ter terechtzitting verklaard dat hij op 19 november 2013 van huis is vertrokken met een rugzak waarin hij een dag eerder een bivakmuts en een pistool had gestopt. Hij wist dat aangever naar school was. In de flat van aangever is hij in een inhammetje gaan staan. Hij zag dat aangever thuis kwam, de trap opliep en zijn deur opende. Hij, verdachte, is achter aangever aangelopen, heeft zijn bivakmuts die hij op zijn hoofd had over zijn gezicht getrokken en het pistool gepakt. Hij heeft tegen aangever in het Engels gezegd: “money, money”. Aangever draaide zich om en zag het pistool.<?linebreak?><?linebreak?></para>
      <para>De rechtbank overweegt dat uit voormelde bewijsmiddelen kan worden afgeleid dat verdachte naar de woning van aangever is gegaan, een bivakmuts over zijn hoofd heeft gedaan en een (namaak) wapen heeft gepakt. Hij heeft aangever geduwd en tegen aangever gezegd “money, money”. Naar de uiterlijke verschijningsvorm kan dit niet anders worden geduid dan als een overval. Dat sprake zou zijn geweest van een grap vermag de rechtbank niet in te zien nu verdachte geen enkele actie heeft ondernomen om zich bekend te maken aan het slachtoffer ondanks het feit dat hij zag dat het slachtoffer erg schrok en heftig reageerde. Verdachte heeft zich echter uit de voeten gemaakt. Ook hierna toen hij door de politie werd aangetroffen bij een bushalte heeft hij nog trachten te verhullen dat de rugtas die hij bij zich had van hem was en heeft hij geen enkele opmerking gemaakt over de door hem zojuist begane “mislukte grap”. Het verweer dat geen sprake was van oogmerk tot wederrechtelijke toe-eigening of bevoordeling wordt gelet op de gedragingen van verdachte dan ook verworpen. Uit de uiterlijke gedragingen kan het oogmerk van wederrechtelijke bevoordeling, tenminste in voorwaardelijke vorm worden afgeleid. Dat verdachte wist dat aangever geen geld had leidt niet tot een ander oordeel, te minder nu verdachte enige tijd  daarvoor geld van het slachtoffer had gekregen om een buskaartje te kunnen kopen. De rechtbank overweegt verder dat niet valt in te zien dat de verklaring van getuige [getuige] niet juist zou zijn. Dat [getuige] niets zou hebben kunnen zien van het gevecht waarover hij heeft verklaard, is - nu uit zijn verklaring blijkt dat hij vanaf zijn deuropening het trappenhuis is ingelopen om het gevecht beter te kunnen waarnemen - onvoldoende aannemelijk geworden. De rechtbank verwerpt het verweer.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Nu niet wordt betwist dat verdachte niets heeft buit gemaakt, acht de rechtbank poging tot afpersing met geweld en bedreiging met geweld bewezen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Bewezenverklaring</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Naar het oordeel van de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het primair ten laste gelegde heeft begaan, te weten dat: </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op 19 november 2013 te Apeldoorn ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om met het oogmerk om zich wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en</para>
      <para>bedreiging met geweld [benadeelde] te dwingen tot de afgifte van geld toebehorende aan die [benadeelde],</para>
    </parablock>
    <para>- met een bivakmuts over het hoofd die [benadeelde] bij diens woning ([adres 1]</para>
    <para>) heeft opgewacht en</para>
    <para>- nadat die [benadeelde] de deur van diens woning had geopend, achter deze is gaan staan en<?linebreak?>  nadat deze zich -deels- had omgedraaid een op een vuurwapen gelijkend voorwerp op die<?linebreak?>   heeft gericht en/of gericht heeft gehouden en</para>
    <para>- tegen die [benadeelde] heeft geschreeuwd "Geld, geld", althans woorden van gelijke aard of <?linebreak?>  strekking en</para>
    <para>- deze [benadeelde] heeft geduwd en/of heeft getracht om deze in die woning te duwen,<?linebreak?><?linebreak?>terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid.</para>
    <para>
      <?linebreak?>
      <?linebreak?>
    </para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Vrijspraak van het meer of anders ten laste gelegde</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Wat meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard, is naar het oordeel van de rechtbank niet bewezen. De verdachte behoort daarvan te worden vrijgesproken. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Strafbaarheid van het bewezen verklaarde</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Het bewezenverklaarde levert op het misdrijf: poging tot afpersing.</title>
    <para>
      <?linebreak?>
      <?linebreak?>
    </para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Strafbaarheid van de verdachte</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Over verdachte is op 12 februari 2014 een Pro Justitia Rapport uitgebracht, opgemaakt door [psycholoog], GZ-psycholoog. Met de conclusie van dit rapport, te weten dat verdachte volledig toerekeningsvatbaar is te achten, kan de rechtbank zich verenigen. Zij neemt deze conclusie over.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte is strafbaar, nu geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit.</para>
    </parablock>
    <para>
      <?linebreak?>
      <?linebreak?>
    </para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Oplegging van straf en/of maatregel</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte wordt veroordeeld tot een gevangenisstaf van 2 jaar met aftrek van de tijd die verdachte in voorarrest heeft doorgebracht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De raadsvrouw heeft oplegging van een werkstraf bepleit. Ze heeft betoogd dat rekening moet worden gehouden met verdachtes persoonlijke omstandigheden en met het feit dat hij first offender is.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft bij de bepaling van de op te leggen straf gelet op de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard, de omstandigheden waaronder dit is begaan, mede gelet op de persoon en de omstandigheden van de verdachte zoals van een en ander bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken. </para>
      <para>
        <?linebreak?>Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan een poging tot afpersing van een uit Congo afkomstige man die hij op een inburgeringscursus had leren kennen. Hij heeft daarbij geweld gebruikt en gedreigd met een op een vuurwapen gelijkend (balletjes)pistool. Verdachte heeft verklaard dat hij een grap wilde uithalen met zijn vriend. De rechtbank acht dit volstrekt onaannemelijk en constateert dat verdachte zich in het geheel geen rekenschap heeft gegeven van wat de impact van zijn handelen op het slachtoffer zou (kunnen) zijn. Hij heeft, door te handelen als bewezen verklaard, het slachtoffer een traumatische ervaring bezorgd. Wat de impact op het slachtoffer is geweest, blijkt wel uit de schriftelijke slachtofferverklaring. Daaruit komt naar voren dat het slachtoffer de eerste dagen uit angst bij een vriend heeft overnacht omdat hij niet alleen thuis durfde te zijn. Ook had hij herbelevingen van zijn traumatische ervaringen in Congo. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank acht alles in aanmerking nemend een gevangenisstraf van 15 maanden passend en geboden. De rechtbank heeft hierbij in aanmerking genomen dat verdachte niet eerder met politie en justitie in aanraking is gekomen. De rechtbank heeft verder meegewogen verdachtes proceshouding en het feit dat hij oprecht spijt heeft betuigd van zijn handelen.</para>
      <para>Gelet op de ernst van de zaak acht de rechtbank een werkstraf zoals door de raadsvrouw bepleit niet aan de orde.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">In beslag genomen voorwerpen</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De in beslag genomen en nog niet teruggegeven rugtas, bivakmuts, handschoen(en), (onderdelen van een) pistool en elektriciteitsdraad, volgens opgave van verdachte aan hem (dan wel zijn familie) toebehorend, zijn vatbaar voor verbeurdverklaring, nu het voorwerpen zijn met behulp waarvan het bewezenverklaarde is begaan.</para>
      <para>De rechtbank heeft hierbij rekening gehouden met de draagkracht van verdachte.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Nu zich geen strafvorderlijk belang daartegen verzet, zal de teruggave worden gelast van de onder verdachte in beslag genomen schoenen, kleding en telefoon. De rechtbank merkt op dat verdachtes ID-kaart, rijbewijs en verblijfsdocument kennelijk niet in beslag zijn genomen nu uit het dossier blijkt dat deze in de fouillering van verdachte zijn gestopt<footnote-ref linkend="_cd7495cb-6a9a-40ff-87d2-49cc5f31c2b3" />. Deze voorwerpen komen ook niet voor op de kennisgevingen van beslag die in het dossier zijn gevoegd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Vordering tot schadevergoeding</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De benadeelde partij <emphasis role="bold">[benadeelde]</emphasis> heeft zich met een vordering tot schadevergoeding ten bedrage van € 2.000,- te vermeerderen met de wettelijke rente gevoegd in het strafproces ten aanzien van het ten laste gelegde.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De officier van justitie heeft gerekwireerd tot toewijzing van een bedrag van € 1.500,-.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De raadsvrouw heeft bepleit dat de vordering dient te worden afgewezen dan wel dient te worden gematigd, nu de vordering niet is onderbouwd. Voorts heeft zij verzocht de schadevergoedingsmaatregel niet op te leggen omdat verdachte geen geld heeft om de vordering te kunnen voldoen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Naar het oordeel van de rechtbank is, op grond van de gebezigde bewijsmiddelen en hetgeen verder ter terechtzitting met betrekking tot de vordering is gebleken, komen vast te staan dat de benadeelde partij als gevolg van het bewezen verklaarde handelen immateriële schade heeft geleden. De rechtbank acht een bedrag van € 1.000,- te vermeerderen met de wettelijke rente redelijk en billijk en zal de vordering in zoverre toewijzen. Verdachte is daarvoor naar burgerlijk recht aansprakelijk. De benadeelde partij dient wat betreft het meer of anders gevorderde niet-ontvankelijk te worden verklaard en kan de vordering voor dat deel slechts aanbrengen bij de civiele rechter.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Schadevergoedingsmaatregel</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Gelet op het vorenstaande ziet de rechtbank aanleiding om aan verdachte op basis van het bepaalde in artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht de verplichting op te leggen tot betaling aan de Staat van een som geld ten behoeve van genoemde benadeelde partij.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Toepasselijke wettelijke voorschriften</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze strafoplegging/beslissing is gegrond op de artikelen 10, 24c, 27, 33, 33a, 36f, 45, 312 en 317 van het Wetboek van Strafrecht. <emphasis role="bold">Beslissing</emphasis></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <para> verklaart bewezen dat verdachte het primair ten laste gelegde heeft begaan;</para>
    <para />
    <para> verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven is bewezen verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij;</para>
    <para />
    <para> verklaart het bewezenverklaarde strafbaar, kwalificeert dit als: <emphasis role="bold">poging tot afpersing</emphasis>;</para>
    <para />
    <para> verklaart verdachte strafbaar;</para>
    <para />
    <para> veroordeelt verdachte tot een <emphasis role="bold">gevangenisstraf</emphasis> voor de duur van <emphasis role="bold">15 (vijftien) maanden</emphasis>;<?linebreak?><?linebreak?></para>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>beveelt, dat de tijd, door veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht;<?linebreak?><?linebreak?></para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>
          <emphasis role="bold">verklaart verbeurd</emphasis> de in beslag genomen, nog niet teruggegeven voorwerpen, te weten: een rugtas, bivakmuts, handschoen(en), (onderdelen van) een pistool en elektriciteitsdraad;<?linebreak?><?linebreak?></para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>gelast de <emphasis role="bold">teruggave</emphasis> van de in beslag genomen, nog niet teruggegeven voorwerpen aan veroordeelde, te weten: schoenen, kleding en een telefoon;<?linebreak?><?linebreak?></para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>veroordeelt verdachte ten aanzien van het primair bewezen verklaarde tot betaling van <emphasis role="bold">schadevergoeding aan de benadeelde partij [benadeelde]</emphasis>, van een bedrag van <emphasis role="bold">€ 1.000,- </emphasis>vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 19 november 2013, met veroordeling van verdachte in de kosten van het geding en de tenuitvoerlegging door de benadeelde partij gemaakt, tot op heden begroot op nihil;</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <para> legt aan veroordeelde de <emphasis role="bold">verplichting</emphasis> op <emphasis role="bold">om aan de Staat</emphasis>, ten behoeve van de benadeelde partij [benadeelde], een bedrag te betalen van € 1.000,- vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 19 november 2013, met bevel dat bij gebreke van betaling en verhaal 20 dagen hechtenis zal kunnen worden toegepast zonder dat de betalingsverplichting vervalt;</para>
    <para />
    <para> bepaalt dat, indien veroordeelde heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de Staat daarmee de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij in zoverre komt te vervallen en andersom dat, indien veroordeelde heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij daarmee de verplichting tot betaling aan de Staat in zoverre komt te vervallen.</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Aldus gewezen door mrs. Van Santen, voorzitter, Van Apeldoorn en Kropman, rechters, in tegenwoordigheid van mr. Althoff, griffier, en uitgesproken op de openbare terechtzitting van 7 maart 2014.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <footnote id="_962ec4d8-6b2b-4ce4-9af1-ef32f19a08e7" label="1">
    <para> Wanneer hierna verwezen wordt naar dossierpagina’s, betreft dit delen van in de wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal, als bijlagen opgenomen bij (stam)proces-verbaal, nummer 2013157016, Politie Eenheid – Oost, district Noord- en Oost Gelderland, gesloten en ondertekend op 13 januari 2014.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_fb2ecd2d-1ddb-45b1-83fa-5a157036ade1" label="2">
    <para> Proces-verbaal van aangifte door [benadeelde], p.39-40</para>
  </footnote>
  <footnote id="_1075d17c-f0c5-4b20-9300-6cbeff813693" label="3">
    <para> Proces-verbaal van verhoor van getuige [getuige], p.55</para>
  </footnote>
  <footnote id="_cdfc9823-de06-41f0-8d17-9cb81d3ba08f" label="4">
    <para> Proces-verbaal sporenonderzoek, p.83</para>
  </footnote>
  <footnote id="_d479d296-f3b0-47a5-962b-c131076dd64a" label="5">
    <para> Proces-verbaal sporenonderzoek, p.117</para>
  </footnote>
  <footnote id="_cd7495cb-6a9a-40ff-87d2-49cc5f31c2b3" label="6">
    <para> Stamproces-verbaal, p.9</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>