<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBGEL:2013:6406</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-11-16T14:25:37</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2014-02-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Gelderland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Gelderland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2013-11-06</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">236008</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Arnhem</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2013:6406">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2013:6406</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2014-02-05T15:34:40</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2014-02-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBGEL:2013:6406 Rechtbank Gelderland , 06-11-2013 / 236008</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBGEL:2013:6406:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <parablock>
        <para>In het tussenvonnis is partijen gelegenheid gegeven zich bij akte uit te laten naar aanleiding van het voornemen van de rechtbank een deskundige onderzoek te laten doen naar de omzet en het netto-resultaat van Kopos in Nederland en in de Benelux. De rechtbank heeft daarbij gesuggereerd dat indien de te benoemen deskundige het in het kader van zijn onderzoek nodig zou vinden te beschikken over verkoopgegevens van Kopos, deze gegevens in verband met de mogelijke concurrentiegevoeligheid daarvan, door Kopos alleen aan de deskundige (en dus niet aan TTGro) ter beschikking stelt.</para>
        <para>TTGro heeft zich in haar akte verzet tegen de vermelde suggestie. Zij stelt dat van concurrentiegevoelige gegevens geen sprake is, en er daarom geen bezwaar is dat zij daarvan kennisneemt.</para>
        <para>De rechtbank zal een comparitie van partijen gelasten om met partijen te overleggen naar aanleiding van hun standpunten.</para>
      </parablock>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBGEL:2013:6406:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="6b9ea834-dbd8-4910-b312-075a389e4191" depth="2" width="13" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="fd3c63fa-eb07-45c4-bcf3-ee706fa09d2b" depth="2" width="523" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>vonnis</para>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK GELDERLAND</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team kanton en handelsrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Arnhem</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer / rolnummer: C/05/236008 / HA ZA 12-790</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van 6 november 2013</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>rechtspersoon naar vreemd recht</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">KOPOS KOLÍN A.S.</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te Kolín, Tsjechië,</para>
      <para>eiseres in conventie,</para>
      <para>verweerster in reconventie,</para>
      <para>advocaat mr. B. Vanatova te Amsterdam,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">TTGRO B.V.</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te Tiel,</para>
      <para>gedaagde in conventie,</para>
      <para>eiseres in reconventie,</para>
      <para>advocaat mr. M. Rebel te Renswoude.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Partijen zullen hierna Kopos en TTGro genoemd worden.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>het tussenvonnis van 21 augustus 2013</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de akte van Kopos van 18 september 2013</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de akte van TTGro van 18 september 2013.</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Ten slotte is vonnis bepaald.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>2</nr>De verdere beoordeling</title>
    <bridgehead role="bold">in conventie en in reconventie</bridgehead>
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>In het tussenvonnis is partijen gelegenheid gegeven zich bij akte uit te laten naar aanleiding van het voornemen van de rechtbank een deskundige onderzoek te laten doen naar de omzet en het netto-resultaat van Kopos in Nederland en in de Benelux. De rechtbank heeft daarbij gesuggereerd dat indien de te benoemen deskundige het in het kader van zijn onderzoek nodig zou vinden te beschikken over verkoopgegevens van Kopos, deze gegevens in verband met de mogelijke concurrentiegevoeligheid daarvan, door Kopos alleen aan de deskundige (en dus niet aan TTGro) ter beschikking stelt. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>TTGro heeft zich in haar akte verzet tegen de vermelde suggestie. Zij stelt dat van concurrentiegevoelige gegevens geen sprake is, en er daarom geen bezwaar is dat zij daarvan kennisneemt.  </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3</nr>
      <para>Kopos heeft zich in haar akte verzet tegen het gelasten van een deskundigenonderzoek. Zij vindt dat er niet of nauwelijks sprake is van schade. Zij wijst op de beperkte omvang van de Kopos-producten door TTGro, namelijk resulterend in een betaling aan Kopos van slechts € 1.827,95. Bovendien verzet Kopos zich tegen de afgifte van haar verkoopgegevens, ook als alleen de deskundige daarvan zou kennisnemen. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>De rechtbank zal een comparitie van partijen gelasten om met partijen te overleggen naar aanleiding van hun hierboven weergegeven standpunten. Kopos kan tegen de comparitiedatum een opgaaf te doen van haar omzet en haar netto-winst in Nederland en in de Benelux en deze zoveel mogelijk met verificatoire bescheiden onderbouwen. Verwijzingen naar afzonderlijke klanten hoeven daarin niet te worden vermeld. TTGro dient tijdens de comparitie te reageren op de stelling van Kopos dat er niet of nauwelijks sprake is van schade, gelet op geringe omzet die TTGro met de producten heeft behaald.  </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5.</nr>
      <para>Tijdens de comparitie zal een minnelijke regeling worden beproefd. Indien een minnelijke regeling niet wordt bereikt, zal worden bekeken of partijen tot overeenstemming kunnen komen over een deskundigenonderzoek en de voorwaarden waarop een dergelijk onderzoek moet worden uitgevoerd. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.6.</nr>
      <para>Kopos is in het tussenvonnis in de gelegenheid gesteld toe te lichten welke gevolgen zij aan de door haar uitgesproken ontbinding van de overeenkomst wil verbinden. De toelichting die zij heeft gegeven is dat TTGro geen aanspraak heeft op een vergoeding van haar schade. Kennelijk wil Kopos aan de door haar ingeroepen ontbinding niet de  aanspraak van een ongedaanmaking in de zin van artikel 6:271 BW te verbinden. De rechtbank gaat aan die ontbinding dan ook verder voorbij.  </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.7.</nr>
      <para>Kopos heeft in haar akte nog uitgebreid gereageerd op de (inhoudelijke) beoordeling in het tussenvonnis. Daarvoor was haar geen akte toegestaan, en het is om deze reden dat de rechtbank het gestelde onder 4, 5, 6, 8, 21 en 22 van de akte buiten beschouwing laat.  </para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>3</nr>De beslissing</title>
    <para>De rechtbank</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">in conventie en in reconventie</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>beveelt een verschijning van partijen, bijgestaan door hun advocaten, voor het geven van inlichtingen en ter beproeving van een minnelijke regeling op de terechtzitting, een en ander als uiteengezet onder 2.4. en 2.5., </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>bepaalt dat de partijen dan vertegenwoordigd moeten zijn door iemand die van de zaak op de hoogte is en hetzij rechtens hetzij op grond van een bijzondere schriftelijke volmacht bevoegd is haar te vertegenwoordigen,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>bepaalt dat partijen <emphasis role="bold">binnen twee weken</emphasis> na de datum van dit vonnis ter attentie van de roladministratie van de sector civiel hun verhinderdata in de drie maanden volgend op dit vonnis dienen op te geven, waarna dag en uur van de comparitie wordt bepaald, </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4.</nr>
      <para>bepaalt dat indien een partij geen verhinderdagen opgeeft, dag en uur van de comparitie wordt bepaald, en dat met nadien opgegeven verhinderdagen geen rekening wordt gehouden, </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.5.</nr>
      <para>bepaalt dat (kopieën van) bescheiden waarop partijen zich tijdens de comparitie willen beroepen, uiterlijk twee weken voorafgaand aan de comparitie moeten worden gezonden aan de rechtbank en de wederpartij.   </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.6.</nr>
      <para>houdt iedere verdere beslissing aan.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit vonnis is gewezen door mr. J.R. Veerman en in het openbaar uitgesproken op 6 november 2013.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>