<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBDHA:2026:2430</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2026-02-20T10:37:36</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2026-02-10</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Den_Haag" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Den Haag</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2026-01-06</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/09/696005 / JE RK 25-2118</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#beschikking">Beschikking</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Den Haag</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2026:2430">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2026:2430</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2026-02-20T10:37:02</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2026-02-20</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBDHA:2026:2430 Rechtbank Den Haag , 06-01-2026 / C/09/696005 / JE RK 25-2118</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBDHA:2026:2430:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Verlenging ondertoezichtstelling voor de duur van een jaar. Verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing voor drie maanden met aanhouding van het overige.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBDHA:2026:2430:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK DEN HAAG</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team Jeugd- en Zorgrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknummer: C/09/696005 / JE RK 25-2118</para>
      <para>Datum uitspraak: 6 januari 2026</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Beschikking van de kinderrechter over een verlenging ondertoezichtstelling en verlenging machtiging tot uithuisplaatsing</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">William Schrikker Stichting Jeugdbescherming en Jeugdreclassering</emphasis>, gevestigd te Amsterdam, </para>
      <para>hierna te noemen: de gecertificeerde instelling, </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>over:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [de minderjarige 1]
        </emphasis>, geboren op [geboortedatum 1] 2019 in [geboorteplaats] ,</para>
      <para>hierna te noemen: [de minderjarige 1] ,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [de minderjarige 2]
        </emphasis>, geboren op [geboortedatum 2] 2020 in [geboorteplaats] ,</para>
      <para>hierna te noemen: [de minderjarige 2] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter merkt als belanghebbenden aan:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [de moeder]
        </emphasis>,</para>
      <para>hierna te noemen: de moeder,</para>
      <para>wonende in [woonplaats] ,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [de vader]
        </emphasis>,</para>
      <para>hierna te noemen: de vader,</para>
      <para>wonende in [woonplaats] ,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [de grootmoeder]
        </emphasis>,</para>
      <para>hierna te noemen: de grootmoeder moederszijde, </para>
      <para>en </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [de grootvader]
        </emphasis>,</para>
      <para>hierna te noemen: de grootvader moederszijde,</para>
      <para>wonende in [woonplaats] .	</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Het verloop van de procedure</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <parablock>
        <para>De kinderrechter neemt de volgende stukken mee in de beoordeling: </para>
        <para>- het verzoekschrift met bijlagen, ontvangen op 12 december 2025.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 6 januari 2026. Daarbij waren aanwezig:</para>
      <para>- de moeder;</para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>de vader;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de grootouders moederszijde;</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para>- [naam] , namens de gecertificeerde instelling.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De feiten</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>Het huwelijk van de ouders is door echtscheiding ontbonden.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>De vader en de moeder zijn belast met het ouderlijk gezag over [de minderjarige 1] en [de minderjarige 2] .</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>
        [de minderjarige 1] en [de minderjarige 2] verblijven bij de grootouders moederszijde.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>De kinderrechter in deze rechtbank heeft bij beschikking van 14 januari 2025 [de minderjarige 1] en [de minderjarige 2] onder toezicht gesteld tot 14 januari 2026.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5.</nr>
      <para>De kinderrechter in deze rechtbank heeft bij beschikking van 30 september 2025 de machtiging verlengd [de minderjarige 1] en [de minderjarige 2] gedurende dag en nacht uit huis te plaatsen in een voorziening voor pleegzorg tot 14 januari 2026.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Het verzoek</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>De gecertificeerde instelling verzoekt de ondertoezichtstelling van [de minderjarige 1] en [de minderjarige 2] te verlengen voor de duur van een jaar. Ook verzoekt de gecertificeerde instelling de machtiging tot uithuisplaatsing van [de minderjarige 1] en [de minderjarige 2] in een voorziening voor pleegzorg te verlengen voor de duur van de ondertoezichtstelling. De gecertificeerde instelling verzoekt de beslissing uitvoerbaar bij voorraad te verklaren.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>De gecertificeerde instelling heeft het verzoek op de zitting nader gemotiveerd. Sinds een vaste jeugdbeschermer betrokken is zijn er goede stappen gezet. De ouders en de grootouders zetten zich in en werken mee. In overleg met de moeder is de omgang met [de minderjarige 2] en [de minderjarige 1] tijdelijk stopgezet, vanwege haar zwangerschap. Nu de moeder bevallen is zal samen worden gekeken naar wat mogelijk is met betrekking tot de omgang. Het perspectiefonderzoek bij de vader loopt en wordt naar verwachting eind maart 2025 afgerond. [de minderjarige 1] staat nog op de wachtlijst voor een NIKA-traject en EMDR behandeling. Voor [de minderjarige 2] is een gedragswetenschapper op school betrokken vanwege zijn gedrag van de laatste tijd. De verwachting is dat de inzet van een NIKA-traject bij [de minderjarige 1] , ook positieve invloed zal hebben op [de minderjarige 2] . De komende tijd wil de jeugdbeschermer ook kijken naar een back-up plan, indien de uitslag van het perspectiefonderzoek is dat het perspectief van de kinderen niet bij de vader ligt.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>De standpunten</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>De moeder stemt in met het verzoek. De afgelopen periode ziet zij een flinke verandering. De grootouders komen af en toe bij haar langs met de kinderen en met de vader is het contact beter. Nadat de moeder is bevallen is ook de band met de grootmoeder moederszijde flink verbeterd. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <para>De vader stemt in met het verzoek. Het geeft enorm veel rust dat de scheiding met de moeder rond is. De vader kan goed overweg met de nieuwe vriend van de moeder en het contact met de grootouders moederszijde is ook goed. Het perspectiefonderzoek is volgens de vader overbodig. De kinderen kunnen bij de vader wonen. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3.</nr>
      <para>De grootouders moederszijde stemmen in met het verzoek. Het gaat goed met de kinderen, ondanks de nodige gedragsproblemen. Er wordt gewacht op trainingen en hulp op school. [de minderjarige 1] zit op zijn nieuwe school goed op zijn plek. Het is jammer dat EMDR en NIKA moeten worden afgewacht, voordat ADHD bij [de minderjarige 1] kan worden uitgesloten of bevestigd kan worden. Het is een stuk rustiger is sinds de moeder is bevallen en de echtscheiding tussen de vader en de moeder is uitgesproken. De screening voor pleegzorg bij de grootouders moederszijde verloopt positief. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>5</nr>De beoordeling</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>5.1.</nr>
      <para>De kinderrechter is van oordeel dat aan de voorwaarden voor een verlenging van de ondertoezichtstelling is voldaan.<footnote-ref linkend="_1d0d5290-25dd-48e0-8db4-3c3d9e7086a8" /> Ook de verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing van [de minderjarige 1] en [de minderjarige 2] voor de duur van zes maanden met aanhouding van het overige is noodzakelijk in het belang van de verzorging en opvoeding.<footnote-ref linkend="_aa185e53-8c58-4a2f-8aef-41be52fb0b3e" /> De kinderrechter legt hieronder uit waarom.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.2.</nr>
      <para>De afgelopen periode zijn er flink wat positieve stappen gezet. Na het uitspreken van de echtscheiding tussen de ouders en de bevalling van de moeder, is er veel rust ontstaan. De communicatie is verbeterd en de ouders en de grootouders moederszijde werken overal aan mee. De ontwikkelingsbedreiging van [de minderjarige 1] en [de minderjarige 2] is echter nog niet weggenomen. [de minderjarige 1] staat op de wachtlijst voor een NIKA-traject en EMDR therapie voor zijn kindeigen problematiek. [de minderjarige 2] laat de laatste tijd zorgelijk gedrag zien op school, waar mogelijk hulpverlening voor ingezet kan worden. Ook moet goed onderzocht worden wat de ouders nodig hebben om weer (een deel van) de opvoeding en verzorging van [de minderjarige 2] en [de minderjarige 1] te dragen. De kinderrechter ziet dat het gezin bij allerlei hulpverlening is aangemeld en dat veel nog moet starten. Het komende jaar is het noodzakelijk dat een jeugdbeschermer het gezin monitort en passende hulpverlening inzet waar dat nodig is. De ondertoezichtstelling is om deze redenen nog steeds nodig. De kinderrechter zal de ondertoezichtstelling van [de minderjarige 1] en [de minderjarige 2] verlengen voor de duur van een jaar. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.3.</nr>
      <para>Het perspectiefonderzoek bij de vader is nog niet afgerond. Naar verwachting zal eind maart 2026 de uitslag komen. Daarna kan gekeken worden wat het perspectief van [de minderjarige 1] en [de minderjarige 2] is en wat nodig is om dit te realiseren. [de minderjarige 1] en [de minderjarige 2] kunnen tot die tijd niet bij de vader of de moeder wonen. Om die reden zullen [de minderjarige 2] en [de minderjarige 1] in ieder geval het komende half jaar nog bij de grootouders moederszijde blijven. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.4.</nr>
      <para>De kinderrechter verzoekt de gecertificeerde instelling om uiterlijk <emphasis role="bold">twéé weken</emphasis> voorafgaand aan de zitting een schriftelijke update te verstrekken aan de rechtbank en de belanghebbenden, met daarbij in ieder geval de verslagen van de omgang tussen de moeder en de kinderen en de uitslag van het perspectiefonderzoek. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.5.</nr>
      <para>De beslissing wordt van rechtswege aangetekend in het gezagsregister.<footnote-ref linkend="_a6c84a6a-dba9-4d25-ae3b-6fc72b454b56" /></para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.6.</nr>
      <para>De kinderrechter zal de beslissing uitvoerbaar bij voorraad verklaren, zoals is verzocht. Dat wil zeggen dat de beslissing direct geldt, ook als iemand in hoger beroep gaat.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>6</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter:</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>6.1.</nr>
      <para>verlengt de ondertoezichtstelling van [de minderjarige 1] en [de minderjarige 2] tot 14 januari 2027;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.2.</nr>
      <para>verlengt de machtiging tot uithuisplaatsing van [de minderjarige 1] en [de minderjarige 2] in een voorziening voor pleegzorg tot 14 juli 2026;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.3.</nr>
      <para>verklaart deze beschikking tot zover uitvoerbaar bij voorraad;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.4.</nr>
      <para>houdt de behandeling van het verzoek machtiging tot uithuisplaatsing voor het overige aan tot een nader te bepalen zitting, <emphasis role="bold underline">gelegen vóór 14 juli 2026;</emphasis></para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.5.</nr>
      <para>verzoekt de gecertificeerde instelling om uiterlijk <emphasis role="bold">twee weken</emphasis> vóór de voornoemde zitting <emphasis role="bold">een schriftelijke update</emphasis> en <emphasis role="bold">de verslagen van de begeleide omgang</emphasis> aan de rechtbank en de belanghebbenden toe te sturen; </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.6.</nr>
      <para>draagt de griffier tegen een nog nader te bepalen zitting op te roepen: </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>- de gecertificeerde instelling;</para>
        <para>- de moeder;</para>
        <para>- de vader;</para>
        <para>- de grootouders moederszijde.</para>
      </parablock>
      <para />
      <informaltable>
        <tgroup cols="3">
          <colspec colname="colA" />
          <colspec colname="colB" />
          <colspec colname="colC" />
          <tbody>
            <row>
              <entry namest="colA" nameend="colC">
                <para>Deze beslissing is gegeven en in het openbaar uitgesproken op 6 januari 2026 door mr. N.B. Haverhoek, kinderrechter, in aanwezigheid van I.J.C. Eikelenboom als griffier, en op schrift gesteld op 14 januari 2026.</para>
              </entry>
            </row>
          </tbody>
        </tgroup>
      </informaltable>
      <para />
      <parablock>
        <para>Tegen eindbeslissingen in deze beschikking is hoger beroep mogelijk bij het gerechtshof Den Haag. Hiervoor is een advocaat nodig. Wie kunnen hoger beroep instellen:</para>
      </parablock>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>andere belanghebbenden, binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of binnen drie maanden nadat zij op andere wijze daarvan kennis hebben genomen.</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
    </paragroup>
  </section>
  <footnote id="_1d0d5290-25dd-48e0-8db4-3c3d9e7086a8" label="1">
    <para> Artikel 1:260 BW.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_aa185e53-8c58-4a2f-8aef-41be52fb0b3e" label="2">
    <para> Artikel 1:265c, tweede lid, BW.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_a6c84a6a-dba9-4d25-ae3b-6fc72b454b56" label="3">
    <para> Artikel 2 Besluit gezagsregisters.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>