<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBDHA:2025:8847</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-09-19T08:37:44</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-05-21</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Den_Haag" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Den Haag</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2025-05-21</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/09/670905 / HA RK 24-466</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#beschikking">Beschikking</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Den Haag</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_personenEnFamilierecht">Civiel recht; Personen- en familierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2025:8847">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2025:8847</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-05-23T09:34:44</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-09-19</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBDHA:2025:8847 Rechtbank Den Haag , 21-05-2025 / C/09/670905 / HA RK 24-466</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBDHA:2025:8847:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Vaststellingsprocedure Staatloosheid. Verzoeker is inmiddels in de BRP geregistreerd als staatloos. Dit betekent dat verzoeker geen belang (meer) heeft bij het verzoek tot vaststelling van zijn staatloosheid en niet-ontvankelijk is in zijn verzoek. Proceskostenveroordeling van de Staat dan wel gemeente X afgewezen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBDHA:2025:8847:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <para>
    <emphasis role="bold caps">Rechtbank DEN HAAG</emphasis>
  </para>
  <parablock>
    <para>Enkelvoudige kamer</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Rekestnummer: HA RK 24-466</para>
    <para>Zaaknummer: C/09/670905</para>
    <para>Datum beschikking: 21 mei 2025</para>
  </parablock>
  <section>
    <title>Vaststelling van staatloosheid</title>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Beschikking op het op 8 augustus 2025 ingekomen verzoekschrift van: </title>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      [verzoeker] ,</title>
    <parablock>
      <para>verzoeker,</para>
      <para>wonende te [woonplaats] ,</para>
      <para>advocaat: mr. D. Brouwer te Amsterdam.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Als belanghebbende wordt aangemerkt:</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>DE STAAT DER NEDERLANDEN, </title>
    <parablock>
      <para>(Ministerie van Justitie en Veiligheid, Immigratie- en Naturalisatiedienst,</para>
      <para>verder te noemen “de Staat”),</para>
      <para>zetelende te ’s-Gravenhage,</para>
      <para>vertegenwoordigd door: mr. R.S. Hogendoorn-Matthijsen.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Procedure</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft kennisgenomen van de stukken, waaronder:</para>
    </parablock>
    <para>- het verzoekschrift, met bijlagen;</para>
    <para>- de brief van 4 december 2024, met bijlage, van verzoeker;</para>
    <para>- de brief van 20 maart 2025 van de Staat;</para>
    <para>- de brief van 10 april 2025 van verzoeker, mede houdende een aanvullend verzoek;</para>
    <para>- de brief van 24 april 2025 van de Staat;</para>
    <para>- het e-mailbericht van 28 april 2025 van verzoeker;</para>
    <para>- het e-mailbericht van 28 april 2025 van de Staat.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft aanleiding gezien om zonder mondelinge behandeling op het verzoek te beslissen. Partijen hebben hiermee ingestemd.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Verzoek en het advies van de Staat</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het verzoekschrift zoals dat nu luidt strekt tot vaststelling van staatloosheid van verzoeker, een en ander uitvoerbaar bij voorraad en met veroordeling van de Staat dan wel de gemeente ’s-Hertogenbosch in de proceskosten.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De Staat adviseert verzoeker niet-ontvankelijk te verklaren in zijn verzoek dan wel het verzoek af te wijzen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>Beoordeling</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Juridisch kader</emphasis>
      </para>
      <para>Het verzoek is gebaseerd op artikel 2 van de Wet van 7 juni 2023, houdende regels met betrekking tot de vaststelling van staatloosheid, Staatsblad 2023, 230 (Wet vaststellingsprocedure staatloosheid).</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op basis van lid 1 van genoemd artikel kan een ieder die, buiten een bij enige rechterlijke instantie aanhangige zaak, daarbij onmiddellijk belang heeft en in Nederland zijn woonplaats of gewone verblijfplaats heeft, bij deze rechtbank een verzoek indienen tot vaststelling van zijn staatloosheid. Het verzoek kan ook strekken tot de vaststelling dat de betrokkene op een bepaald tijdstip staatloos was. De rechtbank stelt op basis van lid 2 van dit artikel de staatloosheid vast, indien hem niet is gebleken dat de betrokkene door enige staat, krachtens diens wetgeving, als onderdaan wordt beschouwd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Ontvankelijkheid</emphasis>
      </para>
      <para>De rechtbank stelt vast dat verzoeker inmiddels in de basisregistratie personen (brp) is geregistreerd als staatloos. Dit betekent dat verzoeker geen belang (meer) heeft bij het verzoek tot vaststelling van zijn staatloosheid en niet-ontvankelijk is in zijn verzoek. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Proceskosten </emphasis>
      </para>
      <para>Verzoeker vraagt de Staat dan wel de gemeente ’s-Hertogenbosch te veroordelen in de proceskosten. Dit omdat de gemeente ’s-Hertogenbosch aanvankelijk heeft geweigerd verzoeker in de brp te registeren als staatloos, waardoor verzoeker genoodzaakt was een procedure bij de rechtbank te starten. De rechtbank stelt voorop dat de gemeente </para>
      <para>’s-Hertogenbosch geen procespartij is in de onderhavige procedure, zodat tegen deze gemeente geen proceskostenveroordeling kan worden toegewezen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Hoewel de rechtbank begrijpt dat verzoeker van mening is dat de gemeente </para>
      <para>’s-Hertogenbosch een onjuist standpunt heeft ingenomen (zeker nu verzoeker inmiddels in de brp is geregistreerd als staatloos) en hem daardoor tot een (nodeloze) procedure heeft gedwongen met alle kosten van dien, is de rechtbank van oordeel dat het feit dat de gemeente een standpunt inneemt waarmee verzoeker het niet eens is niet kan leiden tot een proceskostenveroordeling van de Staat. De afwijzing van het eerdere verzoek van verzoeker door de gemeente ’s-Hertogenbosch is de Staat namelijk niet aan te rekenen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Gelet op het voorgaande wijst de rechtbank het verzoek om de Staat dan wel de gemeente ’s-Hertogenbosch in de proceskosten te veroordelen af.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>Beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>*</para>
      <para>verklaart verzoeker niet-ontvankelijk in zijn verzoek tot vaststelling van zijn staatloosheid;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>*</para>
      <para>wijst af het verzoek de Staat dan wel de gemeente ’s-Hertogenbosch te veroordelen in de proceskosten.</para>
    </parablock>
    <para>Deze beschikking is gegeven door mr. C.S.F. de Nijs, rechter, bijgestaan door mr. P. Hillebrand als griffier en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 21 mei 2025.</para>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>