<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBDHA:2025:27979</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2026-05-22T09:22:48</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2026-05-08</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Den_Haag" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Den Haag</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2025-09-17</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/09/630109 / HA ZA 22-456</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Den Haag</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_verbintenissenrecht">Civiel recht; Verbintenissenrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2025:27979">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2025:27979</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2026-05-22T09:22:18</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2026-05-22</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBDHA:2025:27979 Rechtbank Den Haag , 17-09-2025 / C/09/630109 / HA ZA 22-456</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBDHA:2025:27979:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Geschil over aansprakelijkheid voor schade als gevolg van een onjuist uitgevoerde reparatie aan een kookketel bij een voedselproducent, waardoor deze is geëxplodeerd met forse schade tot gevolg. Aansprakelijkheid vastgesteld. Eigen schuld-verweer slaagt (50/50). Verwijzing naar schadestaat.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBDHA:2025:27979:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold caps">RECHTBANK Den Haag</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team handel</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaak-/rolnummer: C/09/630109 / HA ZA 22-456</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van 17 september 2025</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [eiseres] B.V.</emphasis>, te [plaats 1] ,</para>
      <para>eiseres, </para>
      <para>advocaat: mr. R.J. Stoop, </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [gedaagde] B.V., </emphasis>te [plaats 2] , </para>
      <para>gedaagde,</para>
      <para>advocaat: mr. R. Bosman. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Partijen zullen hierna ook [eiseres] en [gedaagde] worden genoemd. </para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Het procesdossier bestaat uit de volgende stukken: </para>
      <para>- de dagvaarding van 23 mei 2022, met producties 1 t/m 11;</para>
      <para>- de conclusie van antwoord, met producties 1 en 2;</para>
      <para>- het tussenvonnis van 16 april 2025, waarbij de mondelinge behandeling is bepaald. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>De mondelinge behandeling van de zaak heeft plaatsgevonden op 6 augustus 2025. Verschenen zijn (vertegenwoordigers van) partijen, bijgestaan door hun advocaten (mr. W.J. de Boer in plaats van mr. Stoop). Er zijn zittingsaantekeningen gemaakt.   </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De feiten</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>
        [eiseres] is een onderneming die zich bezighoudt met het bereiden en verkopen van maaltijden (kipspecialiteiten). Per 1 september 2019 zijn de activa van de gefailleerde onderneming [eiseres] B.V. overgenomen door [bedrijfsnaam] (met als directeur [naam 1] , hierna: [bedrijfsnaam] ) en voortgezet als [eiseres] B.V. ( [eiseres] ). </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>
        [bedrijfsnaam] heeft NC Engineering (hierna: NCE) gevraagd om de installaties bij [eiseres] te inspecteren, wat zij begin september 2019 heeft gedaan. NCE is een bedrijf dat onder meer (stoom)ketels installeert, onderhoudt, inspecteert en repareert en dat ook het onderhoud van de installaties bij [bedrijfsnaam] verrichtte. Bij die inspectie bleken onder meer kookketels slecht te zijn onderhouden. [eiseres] heeft NCE opdracht gegeven een plan van aanpak op te stellen en onderhoud/verbeteringen uit te voeren. Een deel van de uit te voeren werkzaamheden zou worden verricht door [gedaagde] . </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <parablock>
        <para>In een (door [gedaagde] overgelegd) e-mailbericht van NCE van</para>
        <para>9 september 2019, gericht aan ‘ [e-mailadres] ’, is onder meer vermeld: </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>“Onderwerp: Werkzaamheden week 39, 2019. Servicerapportages</para>
        <para>Bijlagen: (…) 2019 – 094 (…) </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Goedemorgen, </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Hierbij de servicerapportages van afgelopen week. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>We zijn drukbezig voor de twee met spoed te vervangen stoomdruk reduceertoestellen. Wij proberen de levertijd te verkorten i/v/m/ de urgentie.</para>
        <para>De stoomdruk op de grote kookketels is nu te hoog, deze loopt op naar 5,5 Bar(g). Deze mag maximaal 3,0 Bar(g) zijn. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Graag zouden wij een inventarisatie willen zien van alle stoom gebruikstoestellen, hun behoefte aan stoom en de noodzakelijke stoomdruk. Momenteel leverd de ketel 9,0 Bar. Mogelijk kan dit lager. </para>
        <para>Ook stellen we voor om de stoomdruk, buiten de bedrijfsuren te reduceren naar een veel lagere druk. (…)”</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>In een bij dat e-mailbericht gevoegde werkbon van NCE (met nummer 2019 094) is onder meer vermeld: </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>“Datum zaterdag 7 september 2019 (…) </para>
        <para>Cliënt naam: [eiseres] </para>
        <para>(…)</para>
        <para>Datum, melding: woensdag 4 september 2019 (…) </para>
        <para>Openstaande problemen oplossen. (…)</para>
        <para>Omschrijving werkzaamheden en geleverde materialen </para>
        <para>(…) </para>
      </parablock>
      <para>2. Drie grote kookketels, stoomlekkage, Afsluiters (…) en condensaftap (…) vervangen. </para>
      <para>(…)</para>
      <para>4. Op eerste etage, lekkage afblaasveiligheid, deze vervangen. Stoomreduceer is defect. Stoomdruk blijft oplopen, slijtage. Met spoed deze te vervangen. (…)</para>
      <para>6. Stoom reduceer voor de grote kookketels is defekt. (…) De druk op de kookketels zou maximaal 3,0 Bar(G) zijn. Instelling op de reduceer moet 2,0 Bar(g) zijn. Deze loopt momenteel door naar 5,5 Bar(g). Dit creëerd een bijzonder groot explosiegevaar bij de kookketels. Met spoed moet reduceer en afblaasveiligheid vervangen worden. (…)”</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5.</nr>
      <para>Op 12 september 2019 hebben partijen met elkaar gesproken. In een brief van de toenmalige advocaat van [gedaagde] van 1 juni 2021 (overgelegd als productie 11 bij dagvaarding) is hierover onder meer vermeld: </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>“Op 12 september 2019 heeft de heer [naam 2] een bezoek gebracht aan [eiseres] . Er is toen gesproken over wat er nodig zou zijn om de ketel en installatie weer op orde te krijgen. (…) Voor zover relevant zijn de stoomlekkages, de scheuren in de ketel en de defecte stoomreduceer aan de orde gekomen. Er is niet gesproken over de defecte afblaasbeveiliging of het explosiegevaar. (…)”</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.6.</nr>
      <para>Op 26 september 2019 heeft [gedaagde] aan het einde van de middag een reparatie verricht aan één van de grote kookketels bij [eiseres] (hierna: de kookketel). </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.7.</nr>
      <para>Op 27 september 2019 omstreeks 06.54 uur heeft een drukexplosie in de kookketel plaatsgevonden. De explosie had verschillende vormen van schade tot gevolg, waaronder letselschade en materiële schade. Een werknemer van [eiseres] (geboren 29 januari 1971) is door de explosie zeer ernstig gewond geraakt. Vanwege onder meer brandwonden, hersenletsel en oogletsel heeft vervolgens een langdurige ziekenhuisopname en revalidatie plaatsgevonden. Ter zitting is verklaard dat een medische eindtoestand is bereikt en dat het slachtoffer niet meer thuis kan wonen. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.8.</nr>
      <para>In een brief van ( [naam 3] van) NCE van 1 oktober 2019, aan [eiseres] , is onder meer vermeld: </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>“PLAN VAN AANPAK, 9681</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Geachte heer [bedrijfsnaam] , </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Naar aanleiding van de opname bij [eiseres] , [plaats 1] op 4 en 7 september 2019 ontvangt U van ons plan van aanpak. Rapportages van tussentijdse werkzaamheden en bevindingen heeft u al eerder op 9 september per email ontvangen. (…) Werkzaamheden 1 tot en met 5 zullen worden uitgevoerd door [gedaagde] B.V. Werkzaamheden 6 tot en met 13 zullen uitgevoerd worden door NC Engineering. (…)”</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.9.</nr>
      <para>De door [gedaagde] te verrichten werkzaamheden zijn volgens dit plan van aanpak: de twee jaarlijkse ketelkeuring, inventarisatie van de drukhoudende toestellen en opbouw van dossier per toestel, inventarisatie van leidingsysteem en afsluiters en controle van de reduceertoestellen en afblaasveiligheden.  </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.10.</nr>
      <para>In een rapport van Biesboer Expertise B.V. van 2 maart 2020, dat is opgesteld in opdracht van (de verzekeraar) van [eiseres] (door [naam 4] , forensisch expert, en [naam 5] , forensisch expert in opleiding) is onder meer vermeld: </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>“<emphasis role="bold">RAPPORT </emphasis></para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Algemeen </title>
    <para>(…) Naar aanleiding van het vorenstaande verzocht ABN AMRO Verzekeringen (opdrachtgever) BIESBOER Expertise B.V. een technische expertise in te stellen naar de oorzaak van het ontstaan van deze explosie. (…). De technische expertise werd voornamelijk gelijktijdig en in gezamenlijkheid ingesteld met de heer [naam 6] , arbeidsinspecteur van de Inspectie SZW (nader te noemen ISZW) (…) die een onderzoek naar het arbeidsongeval ingestelde. Door ISZW was in gezamenlijkheid met de afdeling Forensische Opsporing van de Nationale Politie, district Den Haag, direct na de explosie reeds een onderzoek ingesteld, waarbij componenten van de installatie werden veiliggesteld. Op maandag 14 oktober 2019 is een vervolgonderzoek ter plaatse ingesteld in gezamenlijkheid met de heer ing. [naam 9] van Element Materials Technology (nader te noemen Element). Middels een mailbericht d.d. 6 oktober 2019 is de wederpartij verzocht om de gegevens van haar AVB en is hen tevens medegedeeld dat een onderzoeker namens haar AVB uitgenodigd zou worden bij het onderzoek aan te sluiten. Op 7 oktober 2019 deelde mevrouw [naam 7] namens wederpartij in een mailbericht mede dat een Aansprakelijkheidsverzekering Bedrijven (AVB) onder polisnummer (…) was afgesloten via [naam 8] . Via een bericht aan (…) schade-expert bij Lengkeek en optredend namens opdrachtgever, heeft [naam 8] aangegeven bekend te zijn met de materiele schade en de letselschade. [naam 8] deelde verder mede het onderzoek niet zelf te volgen, maar de conclusie zoals vermeld in het rapport van ISZW over te nemen. (…) </para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>Technische expertise </title>
    <paragroup>
      <nr>4.3</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Omschrijving werking stoomketel en kookketel  </emphasis>
        </para>
        <para>(…) Ten behoeve van het bereiden van vlees voor kant- en klare maaltijden wordt door verzekerde gebruikgemaakt van roestvast staal (rvs) stoomketels (…) die zijn aangesloten op de stoomdrukleiding van een centrale stoomketel (…). In de stoomleiding naar de kookketel(s) bevinden zich een drukreduceerventiel (…) en een overdrukventiel (…). De stoomtoevoer van de kookketel passeert eerst een handmatig te bedienen afsluiter (…) en vervolgens een buiten gebruik gesteld pneumatisch ventiel (…). Vervolgens wordt de dubbelwandige kookketel (…) middels de verzadigde stoom van 3 bar verwarmd. Op de bodemplaat van de stoomketel is de retourleiding aangesloten. Deze retourleiding (condensaatafvoer) bevatte een handmatig te bedienen aftapkraan (…) en een consenspot met terugslagklep (…). De retourleiding loopt naar het water(conditioneer)vat. (…) </para>
      </parablock>
      <para />
      <paragroup>
        <nr>4.4.4</nr>
        <parablock>
          <para>Expertise geëxplodeerde kookketel </para>
          <para>(…) De functie van de ketel is het verwarmen van vloeibare voedingsmiddelen. [voetnoot 3:) De ketel is voorzien van een verwarmingsmantel opgebouwd uit een rompmantel en een bodemmantel, die onder een isolatiemantel met elkaar zijn verbonden. Het type verwarmingsmantel, een zogenoemde noppenmantel, is een versterkte constructie doordat de binnenwand met de verwarmingsmantel middels gelaste noppen aan elkaar is verbonden. Door 2 bar(g) stoom op de mantel te zetten wordt het product in de ketel verwarmd. 2 bar(g) = 3 bar(a) = 133 C (bron: inspectierapport Gpi de Gouwe)]. (…)</para>
        </parablock>
        <para />
      </paragroup>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.5</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Onderzoek door Element Materials Technology </emphasis>
        </para>
        <para>In opdracht van BIESBOER Expertise B.V. zijn de kookketel, de sierbodem met twee poten, één losse poot, het deksel en de roosterbak op 24 oktober 2019 door Polygon overgebracht naar Element Materials Technology te Amsterdam. Door ISZW is de retourleiding met daaraan verbonden componenten overgebracht naar Element. Door ISZW en BIESBOER zijn gezamenlijk de onderzoeksvragen ten behoeve van Element geformuleerd. De door ISZW en BIESBOER aangeleverde componenten van de ketel zijn onderzocht door de heer ing. [naam 9] , Consultant Failure Analysis van Element. De uitkomsten van dat onderzoek zijn door de heer [naam 9] beschreven in een rapport (…) dat als bijlage B bij dit rapport is gevoegd. De gerapporteerde conclusies uit dat onderzoek luiden: </para>
      </parablock>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>
            <emphasis role="italic">de slechte kwaliteit van het ketelwater heeft tot spanningscorrosie geleid in het rvs-materiaal van de noppenmantel;</emphasis>
          </para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>
            <emphasis role="italic">dit leidde uiteindelijk tot lekkages van de noppenmantel en daarmee tot drukopbouw in de isolatieruimte binnen de siermantel met uiteindelijk lekkages van de siermantel tot gevolg;</emphasis>
          </para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>
            <emphasis role="italic">er was in het ontwerp geen specifieke ventilatieopening waargenomen om drukopbouw in de siermantel te voorkomen indien een lek in de noppenmantel zich voordeed; </emphasis>
          </para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>
            <emphasis role="italic">herhaaldelijke reparaties hebben de lekken van de siermantel verholpen i.p.v. de lekken in de noppenmantel;</emphasis>
          </para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>
            <emphasis role="italic">in verband met de volumevergroting van de siermantel was een modificatie nodig aan de condensleiding om een lek te repareren; </emphasis>
          </para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>
            <emphasis role="italic">de modificatie aan de condensleiding heeft tot een versnelde drukopbouw binnen de siermantel geleid;</emphasis>
          </para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>
            <emphasis role="italic">de sierbodem is door overbelasting losgekomen van de sierwand door de ontploffing en </emphasis>
          </para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>
            <emphasis role="italic">de reparaties/modificaties zijn uitgevoerd zonder voldoende kennis van de werking van de ketel. </emphasis>(…) </para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>Tactische expertise </title>
    <paragroup>
      <nr>5.2</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Onderzoek door Gpi De Gouwe (leverancier) </emphasis>
        </para>
        <para>Op dinsdag 15 oktober 2019 is door medewerkers van Gpi De Gouwe B.V. te Gouda in opdracht van verzekerde een onderzoek ingesteld aan de geëxplodeerde kookketel op de ongevalslocatie. Vraagstelling hierbij was of de desbetreffende kookketel door Gpi De Gouwe B.V. of haar rechtsvoorganger De Gouwe is geproduceerd en het doen van een eerste visuele oorzaakanalyse voor het ontstaan van de explosie. De bevindingen en de conclusie van Gpi De Gouwe B.V. zijn verwoord in een inspectierapport met opmaakdatum 23 oktober 2019, dat als bijlage (…) bij dit rapport wordt gevoegd. Kort samengevat staat in het rapport vermeld: </para>
        <para>(…) - <emphasis role="italic">door een ondeugdelijke reparatie is er vermoedelijk stoomdruk op de isolatiemantel komen te staan waardoor deze een drukkamer is geworden</emphasis>. </para>
        <para>De conclusie in het rapport luidt: </para>
      </parablock>
      <orderedlist numeration="arabic">
        <listitem>
          <para>Wij kunnen bevestigen dat het vermoedelijk om de 600 ltr buffertank van De Gouwe gaat. (…) </para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>Conform hst 2.2 van dit rapport vermoeden wij dat de door een onjuist uitgevoerde reparatie de isolatiemantel van de tank een drukdeel is geworden. Bij belasting d.m.v. stoom is deze vermoedelijk geëxplodeerd.”</para>
        </listitem>
      </orderedlist>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.3</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Onderzoek door Energie Consult Holland B.V.</emphasis>
        </para>
        <para>In opdracht van (…) namens verzekerde, is op 31 oktober 2019 en volgende data door Energie Consult Holland B.V. (ECH) te Ede, een onderzoek ingesteld naar de werking van de appendages van de stoominstallatie, te weten een reduceertoestel (reduceerventiel) en een gewichtsbelaste overdrukbeveiliging (overdrukventiel). (…) Van onderhavig onderzoek is d.d. 30 december 2019 door ECH een rapport (…) opgemaakt, dat als bijlage (…) bij dit rapport wordt gevoegd. De conclusies uit dat rapporten luiden:</para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Reduceertoestellen hebben de taak om de aangevoerde druk van de stoomketel welke door een dubbele gewichtsbelaste veiligheid is beveiligd op 12 bar terug te brengen naar een druk onder 3 bar. Het reduceertoestel in de aanvoerleiding naar de geëxplodeerde ketel is getest op een gekalibreerde testbank en liet vrijwel alle aangevoerde druk ongereduceerd door, dus werkte niet. Het toestel bleek ernstig vervuild waardoor de werking onmogelijk was. Gewichtsbelaste overdrukbeveiligingen zijn de ultieme beveiliging tegen overdruk. Een arm die rust bovenop een pen die bij een vooraf ingestelde druk naar boven gaat en zo de (over)druk laat ontsnappen. (…) De gewichtsbelaste overdrukbeveiliging van het systeem bleek gecorrodeerd aan de bovenzijde. De pen die omhoog diende te komen zat vast in het huis, waardoor het toestel niet werkte. Op een gekalibreerde testbank bleek bij een druk van 20 bar de pen nog steeds niet te bewegen. </emphasis>(…)</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>7</nr>Samenvatting en conclusie </title>
    <para>Gezien het vorenstaande, kan als resultaat van de ingestelde technische- en tactische expertise en daarbij gelet op de gedane mededelingen en overlegde bescheiden, worden gesteld dat: (…) </para>
    <para>- de reparaties/modificaties aan een condensleiding in de bodem van de ketel hebben geleid tot een versnelde drukopbouw, bij belasting door middel van stoom, in een isolatieruimte binnen de siermantel van de kookketel; (…)</para>
    <para>- uit onderzoek van Element alsmede van Gpi De Gouwe, de vermoedelijke producent van onderhavige kookketel, is gebleken dat door wederpartij het gat waar de condens uitnippel doorheen stak dicht is gelast en een kleiner gat in een reparatieplaatje is gelast; </para>
    <para>- door wederpartij een stukje pijp direct op de siermantel van de tank is gelast;</para>
    <para>- dit een ondeugdelijke reparatie betreft, waardoor een open verbinding is ontstaan tussen de noppenmantel en de isolatieruimte in de siermantel en deze isolatieruimte daarmee een drukkamer is geworden; </para>
    <para>- deze bij belasting door middel van stoom vermoedelijk is geëxplodeerd; </para>
    <para>- uit onderzoek van de Inspectie SZW is gebleken dat de keuringstermijn van de stoomketel sinds 2016 was verlopen; </para>
    <para>- uit onderzoek van Energie Consult Holland B.V. is gebleken dat het reduceertoestel in de aanvoerleiding naar de geëxplodeerde kookketel niet functioneerde; </para>
    <para>- deze een aanvoerdruk van maximaal 12 bar stoom ongereduceerd doorliet en</para>
    <para>- de gewichtsbelaste overdrukbeveiliging van het systeem aan de bovenzijde gecorrodeerd bleek en zelfs bij een druk van 20 bar niet functioneerde. </para>
    <para>Resumerend wordt dan ook gesteld, dat ondanks het feit dat de appendages in de stoomtoevoerleiding niet functioneerden en een aanvoerdruk van maximaal 12 bar stoom ongereduceerd doorlieten, de onderhavige drukexplosie in de kookketel een direct gevolg betreft van de door [gedaagde] B.V. (wederpartij) uitgevoerde reparatie aan de condens uitnippel in de bodem van de ketel. Uit de wijze waarop deze reparatie is uitgevoerd is gebleken dat deze is uitgevoerd zonder voldoende kennis van het werkingsprincipe van de kookketel, waardoor een snelle drukopbouw door middel van stoom heeft kunnen plaatsvinden in de isolatieruimte van de siermantel van de kookketel – met onderhavige drukexplosie als gevolg. (…)”</para>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.11.</nr>
      <para>In het onder 2.10 genoemde rapport van Element Materials Technology (hierna: Element) is verder onder meer vermeld: </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>“<emphasis role="bold">4 Samenvattende discussie </emphasis></para>
        <para>(…) Waarschijnlijk is om ruimte te creëren de condensleiding afgeslepen en is er een nieuwe plaat en nippel op de siermantel gelast. Echter werd de afgeslepen condensleiding niet meer verbonden waarmee de condensleiding eindigde in de isolatieruimte. De druk opbouw in de isolatieruimte werd daarmee niet meer bepaald door lekkages van de noppenmantel maar direct doordat de condensleiding eindigde in de isolatieruimte. De snel oplopende druk in de siermantel zorgde ervoor dat de druk hoog was in het isolatievolume op het moment van ontploffing. Dit heeft geleid tot een taaie overbelasting (dimpels) van de dunne lasverbinding tussen de sierwand en de sierbodem. Het degraderen van materiaal van een drukwand dat leidt tot lekkages, onder invloed van slecht ketelwater, komt in de praktijk veelvuldig voor. Dit mag echter niet leiden tot opbouw van energie met ontploffing tot gevolg. De gevaarlijke situatie had voorkomen kunnen worden door in het ontwerp van de kookketel een ventilatieopening in de isolatiemantel te maken. Een voorziening hiervoor is niet in de bijgevoegde tekening gevonden. Deze specifieke opening of klep had gemarkeerd moeten zijn met een waarschuwing om dit open te laten. Mogelijk dat de opening in het midden van de sierbodem oorspronkelijk met deze bedoeling aanwezig was. Deze was echter netjes dichtgelast en de opening verloor daarmee eventueel deze functie. Er kon niet worden vastgesteld door wie of waarom de opening dichtgemaakt was. Het gebruiken, repareren of modificeren van een drukinstallatie zonder kennis (tekeningen) over de werking van de kookketel is af te raden. Uit het onderzoek is gebleken dat de reparateur niet de kennis had om te weten dat hij aan de siermantel reparaties uitvoerde in plaats van aan het drukdeel. (…)”</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.12.</nr>
      <parablock>
        <para>De Inspectie van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) heeft aan [eiseres] een boete opgelegd wegens overtreding van artikel 16, tiende lid, van de Arbeidsomstandighedenwet (door ontoereikend onderhoud is het gevaar voor de veiligheid en gezondheid van werknemers niet zoveel mogelijk voorkomen). In een boeterapport van </para>
        <para>3 april 2020, opgesteld door [naam 6] , arbeidsinspecteur, is onder meer vermeld: 	</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>“<emphasis role="underline">Samenvattend</emphasis>: </para>
        <para>Uit het ongevalsonderzoek blijkt dat er ontoereikend onderhoud heeft plaatsgevonden gedurende meerdere jaren voorafgaand aan het ongeval: </para>
      </parablock>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>De stoomketel (…) is sinds 2014 niet meer gekeurd; </para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>Het drukreduceerventiel (…) reduceerde totaal niet meer en liet de volledige stoomdruk geleverd door de stoomketel door aan de kookketels; </para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>Het overdrukventiel (…) was volledig gecorrodeerd ging zelfs bij een druk van 20 bar niet open;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>Door voorgaande gebreken, kon de druk in de kookketel hoger oplopen dan de ingestelde stoomdruk van 2 bar (g); </para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>Het pneumatisch ventiel (…) waarmee middels programmatuur de temperatuur van het product in de kookketel kon worden geregeld, was al jaren defect en niet meer operationeel. Personeel regelde sindsdien het kookproces handmatig met behulp van een handafsluiter (…);</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>De kookketel (…) was voorzien van een noppenmantel voor het stoom voerende deel. Deze noppenmantel lekte stoom. Uit verklaringen bleek dat al enkele jaren stoomlekkage plaatsvond uit kookketel. </para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>Door de reparatie van de kookketel de dag voor het ongeval is het isolatiedeel van de kookketel in feite onderdeel geworden van het drukdeel, wat heeft geleid tot de explosie van de kookketel. </para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <parablock>
        <para>(…) Korte tijd na de overname is een plan van aanpak opgesteld om verbeteringen in het onderhoud door te voeren. (…) Er is vanaf de doorstart van [eiseres] B.V. hard gewerkt aan structurele verbeteringen. Zo is na het ongeval de stoomketel goedgekeurd (…). </para>
        <para>Uit bovenstaande blijkt dat onvoldoende maatregelen werden getroffen om te zorgen dat het hele stoom voerende netwerk in goede staat werd gehouden. Door gebrek aan onderhoud aan het stoomnetwerk konden lekkages in de noppenmantel van de kookketel ontstaan. Toen de kookketel zelf onderhoud behoefde doordat deze stoom begon te lekken is, door de wijze van reparatie, een drukvat gecreëerd van de siermantel. Door dit ontoereikend onderhoud is een gevaar voor de veiligheid en de gezondheid van de werknemers niet zoveel mogelijk voorkomen.”</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.13.</nr>
      <parablock>
        <para>In een bij het boeterapport van de arbeidsinspectie gevoegde verklaring van </para>
        <para>31 oktober 2019 van Van Zuthem is onder meer vermeld: </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>“Op 7 september 2019 lekte de pijpnippel of lassok onderaan de kookketel, vlakbij de aftapkraan (…). Hier hebben we toen niets aan gedaan. Dat heeft [gedaagde] later gerepareerd, een dag voor het ongeval.”</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.14.</nr>
      <parablock>
        <para>In een bij het boeterapport van de arbeidsinspectie gevoegde verklaring van </para>
        <para>30 oktober 2019 van de monteur die de reparatie op 26 september 2019 heeft uitgevoerd, is onder meer vermeld: </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>“A: Er was onder in de kookketel een lassok gescheurd. Ik teken de situatie voor u. Ik heb geprobeerd dit te lassen maar dat lukte niet in verband met verontreiniging die in de scheur zat. Toen ik hierop ging lassen ging het bruisen, dus dat ging niet goed. Ik heb toen overleg gehad met de zaak, met [naam 10] en de situatie voorgelegd. Toen stelde [naam 10] voor om als het niet te lassen is om er een plaatje op te lassen. Dit heb ik gedaan. </para>
        <para>(…) V: Heeft u vaker kookketels gerepareerd? </para>
        <para>A: Nee eigenlijk niet. Dit was de eerste keer. </para>
        <para>V: (…) Was u op de hoogte dat er een stoomvoerende mantel aanwezig was in de dubbele wand? </para>
        <para>A: Nee ik wist niet dat dit zo werkte.” </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.15.</nr>
      <para>Bij brieven van 29 juni 2020 en 8 april 2021 heeft [eiseres] [gedaagde] aansprakelijk gesteld voor de geleden schade. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.16.</nr>
      <para>In een door [gedaagde] overgelegd rapport van Sedgwick van 11 november 2020 (waarop is vermeld ‘voorlopig rapport’), in opdracht van (de verzekeraar) van [gedaagde] opgesteld door ing. [naam 11] , is onder meer vermeld: </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>“<emphasis role="bold">Voorlopig rapport</emphasis></para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>(…) <emphasis role="bold">Opdracht en verrichtingen </emphasis></para>
        <para>Naar aanleiding van uw opdracht hebben wij telefonisch contact opgenomen met de heer [naam 2] van verzekerde, alsmede met de expert die optreedt namens de Gebroeders [eiseres] BV. (…) Naar aanleiding van de ontvangst van de reactie van verzekerde op de rapportage van Bierboer Expertise hebben wij deze kwestie op 23 oktober 2020, op kantoor van verzekerde, uitgebreid besproken met verzekerde. (…) </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Onderzoek </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="bold">Bevindingen van de expert </emphasis>
        </para>
        <para>Op 12 september 2019 heeft verzekerde voor het eerst kennisgemaakt met de nieuwe eigenaar van Gebroeders [eiseres] BV, de heer [naam 12] . Tijdens het gesprek zijn diverse nog uit te voeren werkzaamheden besproken. Kort samengevat is het volgende besproken:</para>
      </parablock>
      <parablock>
        <para> (…)</para>
        <para> ketelkeuring van de stoomketel;</para>
        <para> reduceertoestel vervangen, de druk wordt in de fabriek te hoog; </para>
        <para> (…) </para>
        <para> rvs kookketel welke gescheurd is repareren (al eerder laten repareren door onbekende firma, maar is nu toch weer gaan lekken);</para>
        <para> reduceertoestel op zolder vervangen. </para>
      </parablock>
      <parablock>
        <para>(…)</para>
        <para>
          <emphasis role="bold">Inhoudelijke reactie onderzoeken derden </emphasis>
        </para>
        <para>Naar aanleiding van de bestudering en de bespreking met verzekerde van de rapportage van Biesboer Expertise BV hebben wij de volgende opmerkingen:</para>
      </parablock>
      <para>- <emphasis role="italic">Er was in het ontwerp geen specifieke ventilatieopening waargenomen om drukopbouw in de siermantel te voorkomen indien een lek in de noppenmantel zich voordeed</emphasis> (pagina 12 rapportage Biesboer Expertise BV). Dit betekent dat bij een lekkage aan de binnenmantel er drukopbouw kan plaatsvinden in de siermantel. Deze drukopbouw kan de siermantel doen exploderen. Dit duidt erop dat de siermantel een ontwerpdruk moet hebben gehad en een beveiligingsdruk met bijbehorend beveiligingsmiddel. Aangezien er geen separate drukveiligheid is aangetroffen kan er dus vanuit worden gegaan dat de hoofdbeveiliging de gehele kookketel inclusief siermantel dient te beveiligen. Een hoofdbeveiliging behoort te openen bij 2,0 bar(g) stoom of 3,0 bar(g) water, volgens de rapportage van GPI de Gouwe (kanttekening, hoe kan een mechanische drukbeveiliging het verschil tussen stoom en water zien). Deze hoofdbeveiligheid functioneerde niet meer en heeft ervoor gezorgd dat de kookketel inclusief de siermantel onder een veel te hoge druk is komen te staan en hierdoor is bezweken. (…) </para>
      <parablock>
        <para>Samengevat kan worden gesteld dat, achteraf gezien, met de huidige kennis van de onderhavige kookketels en de reeds uitgevoerde werkzaamheden door derden aan de kookketels, verzekerde de reparatie niet juist heeft uitgevoerd. </para>
        <para>Echter, de installatie functioneerde op diverse punten niet zoals deze diende te functioneren. Hierbij wijzen wij met name op de volgende punten: </para>
      </parablock>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>uit onderzoek van de Inspectie SZW is gebleken dat de keuringstermijn van de stoomketel sinds 2016 was verlopen; </para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>voorafgaand aan de door verzekerde uitgevoerde werkzaamheden hebben derden reeds diverse werkzaamheden uitgevoerd aan de kookketel;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>wederpartij was op de hoogte van de verschillende niet functioneerde onderdelen van de installatie; </para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>het isolatiegedeelte is niet beveiligd tegen drukopbouw door dichtlassen door derden van het lekgaatje aan de onderzijde van de kookketel;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>een medewerker van wederpartij heeft de stoomdruk tussen de 7 en 8 bar ingesteld op de desbetreffende ochtend. Voor deze druk is de ketel echter niet ontworpen; uit onderzoek van Energie Consult Holland B.V. (…) is gebleken dat het reduceertoestel in de aanvoerleiding naar de geëxplodeerde kookketel niet functioneerde; </para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>deze een aanvoerdruk van maximaal 12 bar stoom ongereduceerd doorliet en de gewichtsbelaste overdrukbeveiliging van het systeem aan de bovenzijde gecorrodeerd bleek en zelfs bij een druk van 20 bar niet functioneerde. </para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para>Op basis van onze bevindingen, de beschikbare informatie en verstrekte toelichtingen zijn wij van mening dat de door verzekerde uitgevoerde werkzaamheden wellicht als medeoorzaak zijn aan te wijzen. Er kan echter niet aan voorbij worden gegaan dat, voordat verzekerde werkzaamheden aan de kookketel uitvoerde, er al meerdere reparaties door derden waren uitgevoerd. Reparaties waarbij het essentiële ontluchtingsgaatje is dichtgelast en reparaties waarbij het oorspronkelijke ontwerp en de integriteit van de kookketel werden aangetast. Daarnaast heeft opdrachtgever verzuimd verzekerde vooraf in te lichten over het ontwerp van de betreffende kookketel en heeft wederpartij evenmin aangegeven dat al meerder reparaties waren uitgevoerd. (…).” </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Het geschil</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>
        [eiseres] vordert dat de rechtbank bij vonnis, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad, </para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>voor recht verklaart dat – primair – [gedaagde] toerekenbaar tekort is geschoten in de nakoming van haar verplichtingen jegens [eiseres] en aansprakelijk is voor de als gevolg hiervan door [eiseres] geleden schade dan wel – subsidiair – [gedaagde] onrechtmatig jegens [eiseres] heeft gehandeld en aansprakelijk is voor de als gevolg hiervan door [eiseres] geleden schade; </para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>
            [gedaagde] veroordeelt tot betaling van schadevergoeding, nader op te maken bij staat en te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de dag der dagvaarding; </para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>
            [gedaagde] veroordeelt in de (na)kosten, met rente.  </para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>
        [eiseres] heeft aan haar vorderingen, samengevat, ten grondslag gelegd dat [gedaagde] de kookketel gebrekkig en onzorgvuldig heeft gerepareerd en daarmee op grond van wanprestatie dan wel onrechtmatige daad aansprakelijk is voor de schade die [eiseres] als gevolg van de drukexplosie heeft geleden. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>
        [gedaagde] voert verweer en concludeert tot niet-ontvankelijkheid althans afwijzing van de vorderingen van [eiseres] , met uitvoerbaar bij voorraad te verklaren veroordeling van [eiseres] in de (na)kosten van deze procedure, met rente. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4.</nr>
      <para>Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>4</nr>De beoordeling</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">De grondslag van de vordering </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>
        [eiseres] baseert haar vordering tot schadevergoeding op toerekenbaar tekortkomen door [gedaagde] in de nakoming van haar verbintenis uit de overeenkomst, als bedoeld in art. 6:74 lid 1 BW. Daartoe voert [eiseres] aan dat [gedaagde] bij de in opdracht van [eiseres] op 26 september 2019 uitgevoerde reparatie van de kookketel (een) fout(en) heeft gemaakt, waarvoor zij op grond van de tussen partijen gesloten overeenkomst aansprakelijk is jegens [eiseres] . </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Verweren van [gedaagde] </emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <para> voert verschillende verweren tegen de vordering van [eiseres] . Het meest verstrekkende verweer houdt in dat een causaal verband tussen de schade waarvan [eiseres] vergoeding vordert en de gebrekkig uitgevoerde reparatie (oftewel: haar tekortkoming) ontbreekt. De rechtbank is van oordeel dat dit verweer niet slaagt en overweegt daartoe het volgende.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Causaliteit </emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3.</nr>
      <para>Uit de in deze procedure door partijen overgelegde rapporten (van Gpi de Gouwe, Element, Biesboer, Inspectie SZW en Sedgwick) volgt dat sprake is van een ondeugdelijk uitgevoerde reparatie. In de kern komt het hierop neer dat de monteur van [gedaagde] de pijpnippel die onderaan de kookketel zat, heeft afgeslepen en een nieuwe plaat (met daarin een kleiner gat) en nippel op de siermantel heeft gelast, waardoor de isolatieruimte een drukkamer is geworden. In de rapportage van Biesboer is vermeld dat de onderhavige drukexplosie een direct gevolg is van deze door [gedaagde] uitgevoerde reparatie. De reparatie is uitgevoerd zonder voldoende kennis van het werkingsprincipe van de kookketel, waardoor een snelle drukopbouw door middel van stoom heeft kunnen plaatsvinden in de isolatieruimte van de siermantel van de kookketel met onderhavige drukexplosie als gevolg. In het rapport van Element is daarover verder nog vermeld dat de afgeslepen condensleiding door de wijze van reparatie kwam te eindigen in de isolatieruimte. De drukopbouw in de isolatieruimte werd daarmee niet meer bepaald door lekkages van de noppenmantel, maar direct doordat de condensleiding eindigde in de isolatieruimte. De snel oplopende druk in de siermantel zorgde ervoor dat de druk hoog was in het isolatievolume op het moment van ontploffing. In de rapportages is verder vermeld dat de monteur heeft verklaard dat hij niet eerder een kookketel had gerepareerd en dat hij niet wist dat er een stoomvoerende mantel aanwezig was in de dubbele wand. In het rapport van Sedgwick is bevestigd dat [gedaagde] de reparatie niet juist heeft uitgevoerd. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.4.</nr>
      <para>Naar het oordeel van de rechtbank volgt uit voornoemde rapporten dat het gaat om schade die [eiseres] (in elk geval mede) heeft geleden door de tekortkoming van [gedaagde] in de nakoming van haar verbintenis uit de overeenkomst (condicio sine qua non-verband, als bedoeld in art. 6:74 lid 1 BW). Dit is voldoende voor het aannemen van het causaal verband (in de zin van conditio sine qua non-verband) dat voor vestiging van aansprakelijkheid vereist is. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.5.</nr>
      <para>
        [gedaagde] betoogt dat vanwege bestaande gebreken aan de kookketel sprake is van samenwerkende oorzaken, zodat in beginsel beide partijen als veroorzaker van de schade aansprakelijk voor die schade zijn. De rechtbank overweegt dat in geval van samenwerkende oorzaken al deze oorzaken noodzakelijk zijn voor het intreden van de schade. Indien er één ontbreekt, zou de schade niet zijn ingetreden. De rechtbank is van oordeel dat op basis van de rapporten niet kan worden vastgesteld dat wanneer de ketel goed was onderhouden, (uitsluitend) de reparatie – die is uitgevoerd door een monteur die het werkingsprincipe van de ketel niet kende en waardoor sierdeel drukdeel is geworden – niet voor de explosie had kunnen zorgen. Gelet daarop wordt niet aangenomen dat sprake is van samenwerkende oorzaken. </para>
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Toerekening en eigen schuld </emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.6.</nr>
      <para>
        [gedaagde] stelt zich verder op het standpunt dat de schade waarvan [eiseres] vergoeding vordert, haar niet op de voet van art. 6:98 BW kan worden toegerekend. [gedaagde] doet tevens een beroep op het bepaalde in artikel 6:101 lid 1 BW (eigen schuld). </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.7.</nr>
      <para>In verband met deze beide (bevrijdende) verweren wijst [gedaagde] kort gezegd op verlopen keuringstermijnen en een slechte onderhoudsstaat van kook- en stoomketel(s) en defecte veiligheidsmechanismen die gevaren met zich meebrachten waarvoor [eiseres] gewaarschuwd is. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.8.</nr>
      <para>Het verweer dat de schade in een zodanig ver verwijderd verband tot de tekortkoming staat dat zij niet als gevolg daarvan aan [gedaagde] kan worden toegerekend in de zin van artikel 6:98 BW, slaagt niet. Er bestaat naar het oordeel van de rechtbank voldoende verband tussen de schade en de gebeurtenis waarvoor aansprakelijkheid bestaat, de ondeugdelijke reparatie. [gedaagde] ’s eigen schuld-verweer als bedoeld in artikel 6:101 lid 1 BW slaagt daarentegen. De rechtbank licht dat laatste als volgt toe. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.9.</nr>
      <para>Vooropgesteld wordt dat de rechtbank in deze hoofdprocedure dient te beslissen over de aansprakelijkheid en de grondslag waarop deze berust. De schadestaatprocedure kan uitsluitend betrekking hebben op kwesties betreffende inhoud en omvang van de schadevergoedingsplicht. De rechtbank kan in de hoofdprocedure ook beslissen over punten die op zichzelf genomen in de schadestaatprocedure nog (verder) aan de orde kunnen worden gesteld, zoals een beroep op eigen schuld, onder de volgende voorwaarden, waaraan in dit geval is voldaan: het partijdebat moet dit toelaten, het beginsel van hoor- en wederhoor moet in acht worden genomen en het eigen schuld-verweer mag niet zien op concrete (nog niet door partijen besproken) schadeposten. Een beslissing over dit verweer vormt een bindende eindbeslissing in de schadestaatprocedure. De bindende kracht van de in de hoofdzaak genomen beslissing levert overigens geen beletsel op voor een op andere omstandigheden geënt eigen schuld-verweer in de schadestaatprocedure met betrekking tot concrete schadeposten (vgl. ECLI:NL:HR:2017:2774).</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.10.</nr>
      <para>Artikel 6:101 lid 1 BW bepaalt dat wanneer de schade mede een gevolg is van een omstandigheid die aan de benadeelde kan worden toegerekend, de vergoedingsplicht wordt verminderd door de schade over de benadeelde en de vergoedingsplichtige te verdelen in evenredigheid met de mate waarin de aan ieder toe te rekenen omstandigheden tot de schade hebben bijgedragen, met dien verstande dat een andere verdeling plaatsvindt of de vergoedingsplicht geheel vervalt of in stand blijft, indien de billijkheid dit wegens de uiteenlopende ernst van de gemaakte fouten of andere omstandigheden van het geval eist.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.11.</nr>
      <para>Ingeval van eigen schuld wordt de schade over de benadeelde en de aansprakelijke partij verdeeld in evenredigheid met de mate waarin de aan ieder van partijen toe te rekenen omstandigheden tot de schade hebben bijgedragen. Voor de schuldverdeling acht de rechtbank het volgende van belang. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.12.</nr>
      <para>Uit de overgelegde rapporten blijkt dat de kookketel slecht was onderhouden en gebreken vertoonde. Vast staat dat het reduceertoestel zodanig was vervuild dat dit niet meer functioneerde en 12 bar(g) stoom doorliet. Ook de overdrukbeveiliging werkte niet. [eiseres] is hierop evenals op een bijzonder groot explosiegevaar gewezen in het onder 2.3 bedoelde e-mailbericht van NCE en de onder 2.4 bedoelde werkbon, die daarbij (volgens de tekst van dit e-mailbericht) als bijlage is gevoegd. [eiseres] stelt in de dagvaarding dat zij niet op de hoogte was van enig gevaar en dat de enkele regel over een potentieel explosiegevaar in een vier pagina’s tellende servicerapportage haar niet is opgevallen. De rechtbank gaat daaraan voorbij en overweegt als volgt. Ook als [eiseres] niet bekend was met de waarschuwing (in de werkbon) voor explosiegevaar, dan had zij uit het onder 2.3 bedoelde e-mailbericht kunnen en moeten opmaken dat onderdelen van de kookketel met spoed vervangen moesten worden en daarmee dat het gebruik blijven maken van de kookketel(s) niet zonder meer verantwoord was. Immers is in dat e-mailbericht vermeld dat de druk op de grote kookketels te hoog is, dat men druk bezig is om met spoed stoomdruk reduceertoestellen te vervangen en dat geprobeerd wordt de levertijd te verkorten in verband met de urgentie. Dat had voor [eiseres] aanleiding moeten zijn zich ervan te verzekeren dat het blijven gebruiken van de kookketel(s) tot voornoemde onderdelen waren vervangen, voldoende veilig was. [eiseres] heeft dat nagelaten. De schade is mede een gevolg van een omstandigheid die aan [eiseres] kan worden toegerekend: het in gebruik houden van de kookketel zonder zich ervan te verzekeren dat die voldoende veilig kon blijven worden gebruikt, ondanks hetgeen het e-mailbericht van NCE van 9 september 2019 daarover vermeldt. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.13.</nr>
      <para>Tegelijkertijd geldt dat [gedaagde] als onderhoudsbedrijf een professionele partij is, van wie de nodige deskundigheid mag worden verwacht. Het uitvoeren van een (ondeugdelijke) reparatie zonder het werkingsprincipe van de kookketel te kennen is niet verantwoord (gebleken). Het door [gedaagde] aangevoerde argument dat zij niet op de hoogte was/is gesteld van de slechte onderhoudsstaat van de ketel, gaat niet op. In onder meer het rapport van Sedgwick en de onder 2.5 bedoelde brief is immers vermeld dat [naam 2] [eiseres] op 12 september 2019 heeft bezocht en dat tussen hen is besproken wat er nodig zou zijn om de slecht onderhouden ketel en installatie weer op orde te krijgen. [gedaagde] was volgens die brief op de hoogte van de defecte stoomreduceer en een aantal andere gebreken, waaronder scheuren in de ketel en stoomlekkages. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.14.</nr>
      <parablock>
        <para>Gelet op voormelde omstandigheden bepaalt de rechtbank de mate waarin de aan ieder van partijen toe te rekenen omstandigheden tot de schade hebben bijgedragen, op 50%. De rechtbank is van oordeel dat de schade wegens aan beide partijen toe te rekenen omstandigheden over hen moet worden verdeeld dat ieder 50% van de schade draagt. </para>
        <para>Niet kan worden gezegd dat de ene fout (het in werking houden van een slecht onderhouden kookketel waarvan bekend is dat onderdelen urgent moeten worden vervangen, zonder zich ervan te vergewissen dat de kookketel veilig door werknemers kan worden gebruikt) aanzienlijk zwaarder weegt dan de andere (het uitvoeren van een ondeugdelijke reparatie aan een kookketel, zonder enige kennis van en ervaring met het werkingsprincipe van de kookketel te hebben). Voor zowel [eiseres] als [gedaagde] geldt dat des te meer zorgvuldigheid mocht worden verlangd nu het ging om een kookketel; een incident daarmee kan zeer ernstige gevolgen hebben voor degenen die ermee moeten werken en heeft dat hier helaas ook gehad voor de betrokken werknemer. De rechtbank is van oordeel dat, anders dan [gedaagde] stelt, de billijkheid niet eist dat de vergoedingsplicht van [gedaagde] geheel vervalt. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.15.</nr>
      <para>De slotsom luidt dat de primaire vordering evenals de vordering tot betaling van schadevergoeding nader op te maken bij staat zal worden toegewezen. De mogelijkheid dat [eiseres] schade heeft geleden is aannemelijk. De gevorderde wettelijke rente over de nader bij staat op te maken schade zal de rechtbank afwijzen, omdat die vertragingsschade in het kader van de schadestaatprocedure moet worden vastgesteld. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.16.</nr>
      <para>
        [gedaagde] wordt als de grotendeels in het ongelijk gestelde partij veroordeeld tot betaling van de proceskosten (inclusief nakosten). De proceskosten van worden begroot op:</para>
      <para>- dagvaarding 			     € 		  108,41</para>
      <informaltable>
        <tgroup cols="4">
          <colspec colname="colA" />
          <colspec colname="colB" />
          <colspec colname="colC" />
          <colspec colname="colD" />
          <tbody>
            <row>
              <entry>
                <para>- griffierecht</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>676,00</para>
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>- salaris advocaten</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>1.228,00</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>(2 punten × € 614,00)</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>- nakosten</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>178,00</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>Totaal</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>2.190,41</para>
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
          </tbody>
        </tgroup>
      </informaltable>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.17.</nr>
      <para>De gevorderde wettelijke rente over de (na)kosten wordt toegewezen zoals hierna vermeld.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>5</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>5.1.</nr>
      <para>verklaart voor recht dat [gedaagde] jegens [eiseres] toerekenbaar is tekortgeschoten in de nakoming van haar verplichtingen en uit hoofde daarvan aansprakelijk is voor de door [eiseres] als gevolg van het ongeval geleden schade, met inachtneming van overweging 4.14; </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.2.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagde] tot betaling aan [eiseres] van de schade als gevolg van het ongeval, nader op te maken bij staat en te vereffenen volgens de wet; </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.3.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten van € 2.190,41, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met € 92,00 plus de kosten van betekening als niet tijdig aan deze veroordeling wordt voldaan en het vonnis daarna wordt betekend,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.4.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagde] tot betaling van de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over de proceskosten als deze niet binnen veertien dagen na aanschrijving zijn betaald,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.5.</nr>
      <para>verklaart dit vonnis wat betreft de veroordelingen (5.2 tot en met 5.4) uitvoerbaar bij voorraad;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.6.</nr>
      <para>wijst het meer of anders gevorderde af. </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit vonnis is gewezen door mr. P.M. de Keuning en in het openbaar uitgesproken op </para>
        <para>17 september 2025.</para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>