<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBDHA:2025:26469</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2026-01-21T14:54:59</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2026-01-15</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Den_Haag" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Den Haag</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2025-12-15</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/09/693665 / JE RK 25-1830</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#beschikking">Beschikking</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Den Haag</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_personenEnFamilierecht">Civiel recht; Personen- en familierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2025:26469">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2025:26469</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2026-01-21T14:45:17</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2026-01-21</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBDHA:2025:26469 Rechtbank Den Haag , 15-12-2025 / C/09/693665 / JE RK 25-1830</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBDHA:2025:26469:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Verlenging ondertoezichtstelling</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBDHA:2025:26469:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold caps">Rechtbank DEN HAAG</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team Familie</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaksgegevens: C/09/693665 / JE RK 25-1830</para>
      <para>Datum uitspraak: 15 december 2025 </para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">Beschikking van de kinderrechter </bridgehead>
    <bridgehead role="bold">Verlenging ondertoezichtstelling</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak naar aanleiding van het op 27 oktober 2025 ingekomen verzoekschrift van:</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">Stichting Jeugdbescherming west Zuid-Holland,</bridgehead>
    <para>hierna te noemen: de gecertificeerde instelling,</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>over</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [minderjarige 1], geboren op [geboortedatum 1] 2018 in [geboorteplaats],</bridgehead>
    <para>hierna te noemen: [minderjarige 1],</para>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [minderjarige 2], geboren op [geboortedatum 2] 2022 in [geboorteplaats],</bridgehead>
    <para>hierna te noemen: [minderjarige 2].</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter merkt als belanghebbenden aan:</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [de moeder],</bridgehead>
    <parablock>
      <para>hierna te noemen: de moeder,</para>
      <para>zonder vaste woon- of verblijfplaats in Nederland, feitelijk verblijvende in Duitsland,</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [de vader],</bridgehead>
    <parablock>
      <para>hierna te noemen: de vader,</para>
      <para>wonende op een bij de rechtbank bekend adres.			</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>Het procesverloop</title>
    <para>De kinderrechter heeft kennisgenomen van de stukken, waaronder het verzoekschrift, met bijlagen.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op 15 december 2025 is de zaak op de zitting van deze rechtbank met gesloten deuren behandeld in de vorm van <emphasis role="bold">een gecombineerde behandeling</emphasis> van zowel het onderhavige verzoek als de verzoeken over het gezag, de hoofdverblijfplaats en de vervangende toestemming vakantie (C/09/673727 en FA RK 24-7234). Op laatstgenoemde verzoeken is bij afzonderlijke beschikking beslist.  </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op de zitting zijn verschenen:</para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>
          [naam] namens de gecertificeerde instelling;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de vader, bijgestaan door zijn advocaat in de procedure met zaak- en rekestnummer C/09/673727 en FA RK 24-7234, en twee tolken.</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>De moeder is niet verschenen. De kinderrechter stelt vast dat de moeder wel juist is</para>
      <para>opgeroepen.</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">Feiten</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>De vader en de moeder hebben een affectieve relatie gehad. </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>
          [minderjarige 1] en [minderjarige 2] zijn erkend door de vader.</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>
          [minderjarige 1] en [minderjarige 2] wonen bij de vader.</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>De ouders, [minderjarige 1] en [minderjarige 2] hebben de Poolse nationaliteit. </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>Bij mondelinge beslissing van 21 december 2023 heeft de kinderrechter de kinderen van 21 december 2023 tot 21 december 2024 onder toezicht gesteld van Stichting Jeugdbescherming west Zuid-Holland. </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>Bij mondelinge beslissing van 18 december 2024 heeft de kinderrechter de ondertoezichtstelling van de kinderen tot 21 december 2025 verlengd.</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>Bij beschikking van 18 december 2025 van deze rechtbank – voor zover hier relevant – is bepaald dat voortaan alleen aan de vader het gezag zal toekomen over [minderjarige 1] en [minderjarige 2]. </para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Verzoek </title>
    <para>De gecertificeerde instelling verzoekt de ondertoezichtstelling van [minderjarige 1] en [minderjarige 2] te verlengen voor de duur van één jaar, met uitvoerbaarverklaring bij voorraad.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De gecertificeerde instelling voert ter onderbouwing van het verzoek het volgende aan. Er is</para>
      <para>sprake van meerdere ontwikkelingsbedreigingen bij de kinderen. Hoewel de vader liefdevol en betrokken is, ligt er een risico op overbelasting doordat hij de zorg alleen draagt, kampt met financiële problemen, een taalbarrière en weinig steun uit een sociaal netwerk kan ontvangen. Dit beperkt zijn mogelijkheden om de kinderen voldoende structuur, stabiliteit en basiszorg te bieden. Daarnaast zijn er zorgen rondom de ontwikkeling van de kinderen zelf. Bij [minderjarige 1] is sprake van een onvoldoende taalontwikkeling en mogelijk identiteitsproblemen, doordat zij haar moeder ontkent en er geen stabiel contact met de moeder is. Bij [minderjarige 2] zijn ook zorgen over zijn taalontwikkeling en het leren omgaan met grenzen. Het ontbreken van contact met de moeder vormt voor beide kinderen een bedreiging voor hun identiteitsontwikkeling en hechting. De vader ziet de noodzaak van contactherstel niet volledig in, terwijl bekend is dat het voor kinderen van belang is dat zij, wanneer dit mogelijk is, zowel hun vader als moeder in hun leven hebben. Ook de woon- en leefsituatie is instabiel door de kleine behuizing en de dreiging van huisuitzetting. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op dit moment zijn de doelen nog niet behaald. Er heeft geen contactherstel plaatsgevonden tussen de moeder en de kinderen, en er zijn nog zorgen over de stabiliteit in het leven van de vader en daarbij de zorg die vader de kinderen biedt. Het doel van de ondertoezichtstelling is om nogmaals in te zetten op de mogelijkheden voor contactherstel tussen de moeder en de kinderen. Ook wanneer de frequentie van het contact laag is, is het in het belang van de kinderen dat de moeder wel een rol speelt in hun leven. Mocht contactherstel niet haalbaar zijn dan zullen de kinderen meegenomen moeten worden in wie hun moeder is en waarom ze geen contact met moeder hebben. Daarnaast zal er meer zicht moeten komen op de (basale) zorg die de vader biedt en of de vader kan zorgen voor een continue gehechtheidsrelatie.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De vader heeft ingestemd met het verzoek. De moeder heeft zich niet tegen toewijzing daarvan verzet. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>Beoordeling</title>
    <parablock>
      <para>De kinderrechter is, gelet op hetgeen uit het dossier en op de zitting naar voren is gekomen, van oordeel dat de in artikel 1:255, eerste lid, van het Burgerlijk Wetboek genoemde </para>
      <para>gronden voor ondertoezichtstelling nog aanwezig zijn en dat het noodzakelijk is de </para>
      <para>ondertoezichtstelling te verlengen als verzocht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Daarbij heeft de kinderrechter in aanmerking genomen dat de doelen waaraan gewerkt diende te worden binnen de ondertoezichtstelling nog niet zijn behaald en dat de kinderen nog steeds ernstig in hun ontwikkeling worden bedreigd. Er zijn zorgen over de taalontwikkeling van de kinderen. Daarnaast bestaan nog steeds zorgen over het contact tussen de moeder en de kinderen. De kinderen hebben de moeder al geruime tijd niet (fysiek) gezien. Ook zijn er zorgen over de identiteitsontwikkeling van [minderjarige 1], vanwege het gebrek aan contact met de moeder, en omdat zij haar moeder ontkent. Tot slot wordt gezien dat de vader de noodzaak van contactherstel niet volledig inziet, en zijn er zorgen met betrekking tot de huisvesting van de vader en de kinderen. Er is sprake van een dreigende huisuitzetting, en de huurbaas heeft inmiddels een dagvaarding uitgebracht. Op de zitting heeft de gecertificeerde instelling aangegeven dat er een reële kans is dat de vader niet langer in de huurwoning kan verblijven. De gecertificeerde instelling heeft hier veel zorgen over, en is op zoek naar vervangende woonruimte voor de vader en de kinderen, mocht de vader de woning kwijtraken. De kinderrechter vindt dat dit alles het noodzakelijk maakt dat de gecertificeerde instelling betrokken blijft.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Daarbij is het belangrijk dat de gecertificeerde instelling in de komende periode inzet op de huisvesting van de vader en de kinderen. Daarnaast is het noodzakelijk dat er in de komende periode gewerkt wordt aan het tot stand brengen en behouden van contact tussen de moeder en de kinderen. Verder dienen de kinderen zich zo adequaat mogelijk te ontwikkelen. Hierbij is het van belang dat zij worden ondersteund door de vader en door de moeder (op afstand). Tot slot moet er worden toegezien op de (basale) zorg die de vader biedt. Het is daarbij van belang dat de vader de kinderen weet te ondersteunen in hun ontwikkeling en aan de slag gaat met zaken die hem daarin belemmeren. De kinderrechter acht een termijn van een jaar hiervoor passend, omdat er nog steeds grote zorgen zijn en de verwachting er niet is dat de zorgen het komende jaar aanzienlijk verminderen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Daarom zal als volgt worden beslist.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>Beslissing</title>
    <para>De kinderrechter:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>verlengt de ondertoezichtstelling van [minderjarige 1] en [minderjarige 2] tot 21 december 2026 met behoud van de Stichting Jeugdbescherming west Zuid-Holland als gecertificeerde instelling die belast is met de uitvoering van de ondertoezichtstelling;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart deze beslissing uitvoerbaar bij voorraad.</para>
    </parablock>
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="3">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <colspec colname="colC" />
        <tbody>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 15 december 2025 door mr. E.D.A. Geleijns, kinderrechter, in tegenwoordigheid van mr. M.A. Wien als griffier.</para>
              <para />
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld op 29 december 2025.</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Hoger beroep tegen deze beschikking kan worden ingesteld: </para>
              <para>- door de verzoeker en de belanghebbende(n) aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak,</para>
              <para>- door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden. </para>
              <para>Het hoger beroep moet, door tussenkomst van een advocaat, worden ingediend bij de griffie van </para>
              <para>het gerechtshof Den Haag. </para>
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>