<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBDHA:2025:25823</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2026-01-13T14:44:23</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2026-01-04</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Den_Haag" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Den Haag</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2025-12-04</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/09/694777 / FA RK 25-8700</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#beschikking">Beschikking</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Den Haag</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2025:25823">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2025:25823</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2026-01-13T14:43:51</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2026-01-13</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBDHA:2025:25823 Rechtbank Den Haag , 04-12-2025 / C/09/694777 / FA RK 25-8700</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBDHA:2025:25823:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>vervangende toestemming paspoort en vakantie en  proceskostenveroordeling</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBDHA:2025:25823:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <para>
    <emphasis role="bold caps">Rechtbank DEN HAAG</emphasis>
  </para>
  <parablock>
    <para>Enkelvoudige Kamer</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Rekestnummer: FA RK 25-8700</para>
    <para>Zaaknummer: C/09/694777</para>
    <para>Datum beschikking: 4 december 2025 </para>
  </parablock>
  <section>
    <title>Paspoortwet en vervangende toestemming vakantie</title>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Beschikking op het op 19 november 2025 ingekomen verzoek van:</title>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      [de moeder] ,</title>
    <parablock>
      <para>de moeder,</para>
      <para>wonende op een bij de rechtbank bekend adres,			</para>
      <para>advocaat: mr. H.P. Schouten te Den Haag.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Als belanghebbende wordt aangemerkt:</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      [de vader] , </title>
    <parablock>
      <para>de vader,</para>
      <para>wonende op een bij de rechtbank bekend adres,			</para>
      <para>advocaat: --.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Procedure</title>
    <para>De rechtbank heeft kennisgenomen van de stukken, waaronder:</para>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>het verzoekschrift;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>het F9-formulier met bijlage van 28 november 2025 van de zijde van de vrouw.</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>De minderjarige [de minderjarige] is in de gelegenheid gesteld zich uit te laten over het verzoek.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op 3 december 2025 is de zaak ter terechtzitting van deze rechtbank behandeld. Hierbij zijn verschenen: de moeder met mr. D.A. IJpelaar, kantoorgenoot van haar advocaat. </para>
      <para>De vader is, hoewel behoorlijk opgeroepen, niet verschenen.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Feiten</title>
    <para>De vader en de moeder hebben gezamenlijk het gezag over:</para>
    <para>- [de minderjarige] , geboren op [geboortedatum 1] 2010 te [geboorteplaats] . </para>
    <para>Zij zijn ook de ouders van de thans jong-meerderjarige: </para>
    <para>- [de jong-meerderjarige] , geboren op [geboortedatum 2] 2007 te [geboorteplaats] . </para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Verzoek en verweer</title>
    <parablock>
      <para>De moeder verzoekt de rechtbank vervangende toestemming te verlenen voor het verkrijgen van een reisdocument zoals bedoeld in artikel 34, tweede lid, van de Paspoortwet ten behoeve van de na te melden minderjarige en de moeder toestemming te verlenen</para>
      <para>gedurende de periode 19 december 2025 tot en met 3 januari 2026 met [de minderjarige] naar het</para>
      <para>buitenland ( [land] ) te reizen en te bepalen dat indien de vader zijn toestemming weigert te</para>
      <para>verlenen, de toestemming van de rechtbank daarvoor in de plaats treedt.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De vader heeft geen verweer gevoerd.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>Beoordeling</title>
    <para>De moeder voert ter onderbouwing van het verzoek aan dat de vader na herhaaldelijke verzoeken van de moeder blijft weigeren zijn toestemming te verlenen voor het aanvragen van een paspoort voor [de minderjarige] en voor de reis van de moeder met [de minderjarige] (en de rest van het gezin) naar [land] in de periode van 19 december 2025 tot en met 3 januari 2026.  </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Vervangende toestemming vakantie</emphasis>
      </para>
      <para>De moeder wil met [de minderjarige] in de kerstvakantie naar [land] reizen. Omdat de ouders gezamenlijk het gezag over hem uitoefenen, heeft zij daarvoor de toestemming van de vader nodig. De moeder heeft een email van de vader van 17 november 2025 overgelegd waarin de vader aangeeft dat hij wel toestemming verleent maar dat hij geen kopie van zijn paspoort zal overleggen en zijn BSN-nummer niet wil delen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op grond van artikel 1:253a van het Burgerlijk Wetboek kan de moeder aan de rechtbank vervangende toestemming vragen. De rechtbank neemt daarbij een zodanige beslissing als haar in het belang van het kind wenselijk voorkomt.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank zal de moeder toestemming verlenen om met [de minderjarige] naar [land] op vakantie te gaan, nu de manier waarop de vader alsnog zijn toestemming heeft verleend niet aan de formele vereisten voldoet en de moeder en [de minderjarige] op die manier niet op vakantie kunnen gaan. </para>
      <para>De rechtbank acht het in het belang van [de minderjarige] om op vakantie te gaan, familie te bezoeken en het land te zien waar zijn familie deels vandaan komt. Daarnaast ziet de rechtbank geen redenen om de toestemming te weigeren. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Paspoort</emphasis>
      </para>
      <para>Op grond van artikel 34, lid 1 van de Paspoortwet wordt bij een paspoortaanvraag voor een minderjarige een toestemmingsverklaring overgelegd van beide ouders die het gezag uitoefenen. Als één van de ouders weigert toestemming te geven, kan de rechtbank vervangende toestemming verlenen. </para>
      <para>De rechtbank neemt daarbij een zodanige beslissing als haar in het belang van het kind wenselijk voorkomt.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank zal de moeder vervangende toestemming verlenen voor de aanvraag van het paspoort van [de minderjarige] . De moeder wil voor familiebezoek met [de minderjarige] naar [land] reizen en krijgt daar toestemming voor. Voor die reis heeft [de minderjarige] een paspoort nodig. Het is daarom in zijn belang om een paspoort te hebben.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Proceskostenveroordeling</emphasis>
      </para>
      <para>Op grond van artikel 289 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) in samenhang bezien met artikel 237 en verder Rv, kan de rechtbank – al dan niet ambtshalve – een proceskostenveroordeling uitspreken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank overweegt als volgt. Uitgangspunt in familiezaken is dat de proceskosten worden gecompenseerd, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt. Slechts in uitzonderlijke gevallen wordt van deze hoofdregel afgeweken, bijvoorbeeld als de noodzaak tot het maken van proceskosten het gevolg is van misbruik van recht of een volstrekt onredelijke houding van de wederpartij. In dit geval ziet de rechtbank aanleiding om, in afwijking van het uitgangspunt dat ieder der partijen de eigen proceskosten draagt, de vader te veroordelen in de proceskosten. De rechtbank is namelijk van oordeel dat de vader door het onthouden van zijn toestemming voor de aanvraag van een paspoort voor [de minderjarige] en voor de vakantie oneigenlijk gebruik maakt van zijn ouderlijk gezag. </para>
      <para>Tijdens de mondelinge behandeling is de vader niet verschenen zodat hij de rechtbank ook niet heeft kunnen uitleggen waarom hij de toestemming niet op de juiste wijze heeft gegeven. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank is uit de stukken gebleken dat de proceskosten van de moeder bestaan uit het griffierecht van € 90,- en de eigen bijdrage aan haar advocaat van € 355,-. De rechtbank begroot de door de vader aan de moeder te betalen proceskosten met betrekking tot deze procedure daarom op € 445,-. De rechtbank zal bepalen dat de vader deze kosten aan de moeder moet voldoen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>Beslissing</title>
    <para>De rechtbank:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>verleent toestemming aan de moeder – welke toestemming die van de vader vervangt – ten behoeve van de aanvraag van een reisdocument van de minderjarige:</para>
      <para>- [de minderjarige] , geboren op [geboortedatum 1] 2010 te [geboorteplaats] ;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verleent de moeder toestemming – die de toestemming van de vader vervangt –<?linebreak?>voor een reis van [de minderjarige] naar [land] in de periode van 19 december 2025 tot en met 3 januari 2026;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>veroordeelt de vader in de kosten van deze procedure, tot op heden aan de zijde van de moeder begroot op € 90,- aan griffierecht en € 355,- aan eigen bijdrage;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="3">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <colspec colname="colC" />
        <tbody>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Deze beschikking is gegeven door mr. H.M. Boone, kinderrechter, bijgestaan door </para>
              <para>D. van den Born als griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 4 december 2025.</para>
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>