<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBDHA:2025:25251</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2026-01-08T14:49:24</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-12-26</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Den_Haag" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Den Haag</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2025-11-25</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/09/693907 / JE RK 25-1859</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#beschikking">Beschikking</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Den Haag</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_personenEnFamilierecht">Civiel recht; Personen- en familierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2025:25251">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2025:25251</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2026-01-08T14:47:48</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2026-01-08</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBDHA:2025:25251 Rechtbank Den Haag , 25-11-2025 / C/09/693907 / JE RK 25-1859</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBDHA:2025:25251:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>verlenging ots en muhp bij opa en oma. De GI gaat de komende periode werken aan een opvoedvisie.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBDHA:2025:25251:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK DEN HAAG</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Familie- en Jeugdrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknummer: C/09/693907 / JE RK 25-1859</para>
      <para>Datum uitspraak: 25 november 2025</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Beschikking van de kinderrechter over een verlenging ondertoezichtstelling en verlenging machtiging tot uithuisplaatsing</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de gecertificeerde instelling <emphasis role="bold">Stichting Jeugdbescherming west Haaglanden</emphasis>, gevestigd te Den Haag,</para>
      <para>hierna te noemen de gecertificeerde instelling, </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>over</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [minderjarige 1]
        </emphasis>, geboren op [geboortedatum 1] 2009 in [geboorteplaats 1],</para>
      <para>hierna te noemen [minderjarige 1],</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [minderjarige 2]
        </emphasis>, geboren op [geboortedatum 2] 2012 in [geboorteplaats 1],</para>
      <para>hierna te noemen [minderjarige 2],</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [minderjarige 3]
        </emphasis>, geboren op [geboortedatum 3] 2013 in [geboorteplaats 1],</para>
      <para>hierna te noemen [minderjarige 3],</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [minderjarige 4]
        </emphasis>, geboren op [geboortedatum 4] 2015 in [geboorteplaats 2],</para>
      <para>hierna te noemen [minderjarige 4].</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter merkt als belanghebbenden aan:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [de moeder]
        </emphasis>,</para>
      <para>hierna te noemen de moeder,</para>
      <para>wonende in [woonplaats],	</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [grootmoeder (mz)],</emphasis>
      </para>
      <para>hierna te noemen: de grootmoeder moederszijde,</para>
      <para>wonende in [woonplaats],</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [grootvader (mz)],</emphasis>
      </para>
      <para>hierna te noemen: de grootvader,</para>
      <para>wonende in [woonplaats],</para>
      <para>gezamenlijk ook te noemen de pleegouders. </para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Het verloop van de procedure</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>De kinderrechter neemt de volgende stukken mee in de beoordeling: </para>
      <para>- het verzoekschrift met bijlagen, ontvangen op 30 oktober 2025;</para>
      <para>- brief van de Raad voor de Kinderbescherming van 12 november 2025.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 25 november 2025. Daarbij was </para>
        <para>
          [naam 1] als vertegenwoordiger van de gecertificeerde instelling aanwezig. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De moeder is niet verschenen De kinderrechter stelt vast dat de moeder wel juist is opgeroepen. De grootouders hebben de rechtbank laten weten dat zij niet op de zitting zullen verschijnen. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>De kinderrechter heeft [minderjarige 1], [minderjarige 2], [minderjarige 3] en [minderjarige 4] naar hun mening gevraagd. [minderjarige 1], [minderjarige 2], [minderjarige 3] en [minderjarige 4] hebben naar aanleiding hiervan ieder een e-mail gestuurd en laten weten dat zij niet met de kinderrechter komen praten maar dat zij graag bij oma en opa willen blijven wonen. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De feiten</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>De moeder is belast met het ouderlijk gezag over [minderjarige 1], [minderjarige 2], [minderjarige 3] en [minderjarige 4].</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>
        [minderjarige 1], [minderjarige 2], [minderjarige 3] en [minderjarige 4] verblijven bij de grootouders.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>De kinderrechter in deze rechtbank heeft bij beschikking van 28 november 2024 de ondertoezichtstelling van [minderjarige 1], [minderjarige 2], [minderjarige 3] en [minderjarige 4] verlengd tot 4 december 2025.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>De kinderrechter in deze rechtbank heeft bij beschikking van 28 november 2024 de machtiging verlengd [minderjarige 1], [minderjarige 2], [minderjarige 3] en [minderjarige 4] gedurende dag en nacht uit huis te plaatsen in een voorziening voor pleegzorg tot 4 december 2025.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Het verzoek</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>De gecertificeerde instelling verzoekt de ondertoezichtstelling van [minderjarige 1], [minderjarige 2], [minderjarige 3] en [minderjarige 4] te verlengen voor de duur van een jaar. Ook verzoekt de gecertificeerde instelling de machtiging tot uithuisplaatsing van [minderjarige 1], [minderjarige 2], [minderjarige 3] en [minderjarige 4] in een voorziening voor pleegzorg te verlengen voor de duur van de ondertoezichtstelling. De gecertificeerde instelling verzoekt de beslissing uitvoerbaar bij voorraad te verklaren.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <parablock>
        <para>De gecertificeerde instelling heeft het verzoek – kort en zakelijk weergegeven – als volgt gemotiveerd. Het lukt de moeder niet om aan te sluiten bij de behoeftes van de kinderen en zij is door haar eigen trauma's en rouwproces emotioneel niet beschikbaar voor de kinderen. De moeder verblijft zeer regelmatig in het buitenland waardoor zij fysiek en emotioneel niet beschikbaar is voor de kinderen en zij haar gezag niet kan uitoefenen. De moeder zet hierbij haar eigen behoeftes voorop en handelt niet in het belang van de kinderen. Ook loopt er een onderzoek naar de veiligheid van halfbroertje [naam 2] waarbij het zelfde patroon van verwaarlozing is gezien. Het is van belang dat een verlenging van de ondertoezichtstelling en verlenging machtiging uit huis plaatsing plaatsvinden om te voorkomen dat de moeder de kinderen terug naar huis haalt. In het aankomende jaar zal er een Verzoek tot Onderzoek voor een gezagsbeëindigende maatregel worden ingediend omdat de kinderen niet meer thuis willen/kunnen wonen.</para>
        <para>In de komende periode is het van belang dat er gewerkt wordt aan een goed contactherstel tussen de moeder en oma en opa. Daarnaast zal de ontwikkeling van alle kinderen gemonitord worden en eventueel hulp ingezet worden. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>De standpunten</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>Uit het verzoekschrift blijkt dat de moeder het niet eens is met het verzoek.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>5</nr>De beoordeling</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>5.1.</nr>
      <parablock>
        <para>Op basis van de stukken en de zitting is de kinderrechter van oordeel dat is voldaan aan de wettelijke criteria genoemd in artikel 1:255 van het Burgerlijk Wetboek</para>
        <para>(BW). Ook is de verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing van [minderjarige 1], [minderjarige 2], [minderjarige 3] en [minderjarige 4] noodzakelijk in het belang van hun verzorging en opvoeding.<footnote-ref linkend="_f316a8e6-3178-4b71-8bd0-18e773fa2693" /></para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.2.</nr>
      <para>Naar het oordeel van de kinderrechter is het duidelijk nog nodig om de ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing voort te laten duren. Het is van belang dat de kinderen bij opa en oma blijven wonen. De kinderen zijn hier op hun plek en komen aan hun ontwikkeling toe. De kinderen willen graag bij oma en opa blijven, Het gaat goed op school, met sport en hun sociale contacten. De kinderen zien hun vader regelmatig en onderhouden goed contact met beide ouders via een app-groep. De moeder accepteert geen hulp voor haar eigen problematiek, die haar verhindert emotioneel beschikbaar te zijn voor haar kinderen. Tussen de moeder en oma bestaan spanningen en de kinderen krijgen hier ook het nodige van mee.  . Het is daarom goed dat de gecertificeerde instelling zal werken aan een opvoedvisie en dat in dit kader ook naar het gezag wordt gekeken. Dat zal de kinderen de duidelijkheid voor de toekomst geven waar zij behoefte aan hebben. In de opvoedvisie moet ook het contact met de vader worden opgenomen. Het is belangrijk dat het contact met beide ouders op een fijne manier kan plaatsvinden, omdat de kinderen hier behoefte aan hebben. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.3.</nr>
      <para>De kinderrechter zal de ondertoezichtstelling verlengen en de machtiging uithuisplaatsing verlenen voor de duur van een jaar. Hiertoe overweegt de kinderrechter dat deze periode dient te worden benut voor het opstellen van de opvoedvisie door de gecertificeerde instelling om het perspectief van de kinderen te bepalen. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.4.</nr>
      <para>De beslissing wordt van rechtswege aangetekend in het gezagsregister.<footnote-ref linkend="_ba03a22b-13da-4f63-83f5-c316595b9c40" /></para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.5.</nr>
      <para>De kinderrechter verklaart de beslissing uitvoerbaar bij voorraad, zoals is verzocht. Dat wil zeggen dat de beslissing direct geldt, ook als iemand in hoger beroep gaat.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>6</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter:</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>6.1.</nr>
      <para>verlengt de ondertoezichtstelling van [minderjarige 1], [minderjarige 2], [minderjarige 3] en [minderjarige 4] tot 4 december 2026;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.2.</nr>
      <para>verlengt de machtiging tot uithuisplaatsing van [minderjarige 1], [minderjarige 2], [minderjarige 3] en [minderjarige 4] in een voorziening voor pleegzorg tot 4 december 2026;<?linebreak?></para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.3.</nr>
      <para>verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.</para>
      <para />
      <informaltable>
        <tgroup cols="3">
          <colspec colname="colA" />
          <colspec colname="colB" />
          <colspec colname="colC" />
          <tbody>
            <row>
              <entry namest="colA" nameend="colC">
                <para>Deze beslissing is gegeven en in het openbaar uitgesproken op 25 november 2025 door </para>
                <para>mr. R. van Zeijst- Repelaer van Driel, kinderrechter, in aanwezigheid van D. van den Born als griffier, en op schrift gesteld op 8 december 2025.</para>
              </entry>
            </row>
          </tbody>
        </tgroup>
      </informaltable>
      <para />
      <parablock>
        <para>Tegen eindbeslissingen in deze beschikking is hoger beroep mogelijk bij het gerechtshof Den Haag. Hiervoor is een advocaat nodig. Wie kunnen hoger beroep instellen:</para>
      </parablock>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>andere belanghebbenden, binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of binnen drie maanden nadat zij op andere wijze daarvan kennis hebben genomen.</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
    </paragroup>
  </section>
  <footnote id="_f316a8e6-3178-4b71-8bd0-18e773fa2693" label="1">
    <para> Artikel 1:265c, tweede lid, BW.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_ba03a22b-13da-4f63-83f5-c316595b9c40" label="2">
    <para> Artikel 2 Besluit gezagsregisters.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>