<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBDHA:2025:22053</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-11-25T07:22:00</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-11-21</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Den_Haag" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Den Haag</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2025-10-21</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/09/690553 / JE RK 25-1490</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#beschikking">Beschikking</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Den Haag</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_personenEnFamilierecht">Civiel recht; Personen- en familierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2025:22053">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2025:22053</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-11-25T07:20:34</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-11-25</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBDHA:2025:22053 Rechtbank Den Haag , 21-10-2025 / C/09/690553 / JE RK 25-1490</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBDHA:2025:22053:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Beschikking van de kinderrechter waarin de ondertoezichtstelling en machtiging tot uithuisplaatsing van de minderjarige voor de duur van een jaar worden verlengd.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBDHA:2025:22053:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK DEN HAAG</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Jeugd- en Zorgrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknummer: C/09/690553 / JE RK 25-1490</para>
      <para>Datum uitspraak: 21 oktober 2025</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Beschikking van de kinderrechter tot verlenging ondertoezichtstelling en tot verlenging machtiging tot uithuisplaatsing</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">William Schrikker Stichting Jeugdbescherming en Jeugdreclassering</emphasis>, gevestigd te Amsterdam,</para>
      <para>hierna te noemen: de gecertificeerde instelling, </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>over</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [minderjarige]
        </emphasis>, geboren op [geboortedatum] 2019 in [geboorteplaats] ,</para>
      <para>hierna te noemen: [minderjarige] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter merkt als belanghebbenden aan:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [de moeder]
        </emphasis>,</para>
      <para>hierna te noemen: de moeder,</para>
      <para>wonende in [woonplaats 1] ,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [naam 1]
        </emphasis>,</para>
      <para>hierna te noemen: de gezinshuismoeder,</para>
      <para>en</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [naam 2]
        </emphasis>,</para>
      <para>hierna te noemen: de gezinshuisvader,</para>
      <para>hierna ook gezamenlijk te noemen: de gezinshuisouders,</para>
      <para>wonende te [woonplaats 2] .</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Het verloop van de procedure</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <parablock>
        <para>De kinderrechter neemt de volgende stukken mee in de beoordeling: </para>
        <para>- het verzoekschrift met bijlagen, ontvangen op 26 augustus 2025.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 21 oktober 2025. Daarbij waren aanwezig:</para>
      <para>- de moeder;</para>
      <para>- [naam 3] en [naam 4] ;</para>
      <para>- de gezinshuismoeder.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De gezinshuisvader is niet verschenen. De kinderrechter stelt vast dat de gezinshuisvader wel juist is opgeroepen.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De feiten</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>De moeder is belast met het ouderlijk gezag over [minderjarige] .</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>
        [minderjarige] verblijft in een gezinshuis.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>De kinderrechter in deze rechtbank heeft bij beschikking van 22 oktober 2024 de ondertoezichtstelling van [minderjarige] verlengd tot 2 november 2025, alsmede voor dezelfde duur de machtiging verlengd [minderjarige] gedurende dag en nacht uit huis te plaatsen in een gezinsgerichte voorziening.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Het verzoek</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>De gecertificeerde instelling verzoekt de ondertoezichtstelling van [minderjarige] te verlengen voor de duur van een jaar. Ook verzoekt de gecertificeerde instelling de machtiging tot uithuisplaatsing van [minderjarige] in een gezinsgerichte voorziening te verlengen voor de duur van de ondertoezichtstelling. De gecertificeerde instelling verzoekt de beslissing uitvoerbaar bij voorraad te verklaren.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>De gecertificeerde instelling heeft het verzoek als volgt gemotiveerd en ter zitting nader toegelicht. [minderjarige] heeft het syndroom van Down en zij heeft hierdoor een ontwikkelingsachterstand. Zij is op alle gebieden volledig afhankelijk van de volwassenen om haar heen en kan niet zelfstandig functioneren. Voor [minderjarige] is een zinvolle dagbesteding belangrijk, maar hierin heeft zij veel sturing en begeleiding nodig. Wanneer [minderjarige] niet in de nabijheid van een volwassene is, komt zij onbedoeld in gevaarlijke situaties terecht. In het gezinshuis, waar [minderjarige] sinds oktober 2021 verblijft, krijgt zij de structuur, duidelijke grenzen en kaders, en de liefdevolle verzorging die zij nodig heeft. Bij onvoldoende grenzen en structuur, laat [minderjarige] negatief gedrag zien. Zij kan ook moeilijk omgaan met wisselingen in de structuur van de dag. De moeder wordt betrokken bij alle (medische) afspraken van en voor [minderjarige] . Zij is vaker mee geweest dan voorheen, maar is ook vaak niet aanwezig bij de afspraken. De moeder is onvoldoende op de hoogte van de ontwikkeling van [minderjarige] om beslissingen in haar belang te kunnen nemen. De gecertificeerde instelling vindt het belangrijk dat de moeder een zo groot mogelijke rol in het leven van [minderjarige] speelt. Er loopt inmiddels een onderzoek naar een gezagsbeëindigende maatregel van de Raad, dat doet aan dit alles niet af. De ontwikkeling van [minderjarige] wordt nog steeds bedreigd, omdat nog onvoldoende duidelijk is hoe de rol van de moeder op afstand beter vorm kan worden gegeven en het nog niet duidelijk is wie het beste de gezaghebbende beslissingen over [minderjarige] kan nemen. De moeder is door haar belaste verleden niet in staat om [minderjarige] te bieden wat zij nodig heeft en om de juiste keuzes in haar belang te maken. Wel is een groei in de band tussen de moeder en [minderjarige] te zien en doet de moeder haar best.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>De standpunten van de belanghebbenden</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>De moeder heeft ingestemd met het verzochte. De moeder is blij dat [minderjarige] op een goede plek verblijft, maar zij had wel het liefst zelf voor haar willen zorgen. De omgangsmomenten met [minderjarige] gaan goed en de moeder vindt het fijn om haar dan te zien. Zij heeft het vertrouwen dat [minderjarige] bij de gezinshuisouders op haar plek is.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <para>De gezinshuismoeder heeft geen uitdrukkelijk standpunt ingenomen over het verzochte. Zij heeft ter zitting verteld dat het gaat goed met [minderjarige] in het gezinshuis. Het is een vrolijk, actief en vliegensvlug meisje dat op school en thuis constante een-op-een begeleiding nodig heeft. [minderjarige] moet op school in de pauzes continue door een leerkracht worden geschaduwd, omdat zij anders wegloopt. Zij heeft veel moeite met directe veranderingen en als er een verandering is, raakt zij daardoor snel overspoeld. Haar ontwikkeling gaat een tijdje snel vooruit en stagneert vervolgens weer. [minderjarige] kan nu korte zinnen maken en duidelijker praten. De verwachting is dat zij qua ontwikkelingsniveau op dat van een kind tussen de één en twee jaar uit zal komen. Op sociaal-emotioneel gebied functioneert [minderjarige] op een kind van rond de zes maanden. [minderjarige] kan in sommige situaties nog wel een beetje groeien, maar zal altijd heel veel sturing en herhaling nodig hebben. Aangeleerde zelfstandigheid of dingen houdt zij grotendeels wel vast, daarin ontwikkelt zij wel, maar [minderjarige] zal bijvoorbeeld vermoedelijk nooit in staat zijn om geheel zelfstandig haar tanden te poetsen. Binnen het gezinshuis doet [minderjarige] met alle klusjes, binnen haar mogelijkheden, mee.<?linebreak?></para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>5</nr>De beoordeling</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>5.1.</nr>
      <para>De kinderrechter is van oordeel dat aan de voorwaarden voor een verlenging van de ondertoezichtstelling is voldaan.<footnote-ref linkend="_6f33c41f-23e8-4756-a9d4-1c242307388c" /> Ook is de verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing van [minderjarige] noodzakelijk in het belang van de verzorging en opvoeding.<footnote-ref linkend="_43b6368a-8cc9-4a89-b56f-b3ddf5205fa9" /></para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.2.</nr>
      <para>De kinderrechter overweegt daartoe als volgt. De ontwikkeling van [minderjarige] wordt nog steeds ernstig bedreigd. Zij heeft een achterstand in haar ontwikkeling op alle gebieden. In het gezinshuis wordt gezien dat zij zich, binnen haar mogelijkheden, positief ontwikkelt. [minderjarige] heeft constante een-op-een begeleiding van een volwassene nodig, zowel op school als in de thuissituatie. Het is voor de moeder niet mogelijk om [minderjarige] zelf de verzorging en opvoeding te bieden die zij nodig heeft. Het is daarom in het belang van [minderjarige] noodzakelijk dat zij in het gezinshuis kan blijven. Het is positief dat de omgangsmomenten tussen de moeder en [minderjarige] goed verlopen. De moeder is voldoende bereid, maar onvoldoende in staat om met vrijwillige hulpverlening de ernstige ontwikkelingsbedreiging van [minderjarige] weg te nemen. Het is daarom in het belang van [minderjarige] noodzakelijk dat de jeugdbeschermer betrokken blijft om te onderzoeken hoe de rol van de moeder op afstand het beste vorm kan worden gegeven. Bij deze omstandigheden is een verlenging van de ondertoezichtstelling en een verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing voor de duur van een jaar noodzakelijk.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.3.</nr>
      <para>De beslissing tot verlenging van de ondertoezichtstelling wordt van rechtswege aangetekend in het gezagsregister.<footnote-ref linkend="_bce036de-7109-4a3c-a799-92c2704a79fb" /></para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.4.</nr>
      <para>De kinderrechter verklaart de beslissing uitvoerbaar bij voorraad, zoals is verzocht. Dat wil zeggen dat de beslissing direct geldt, ook als iemand in hoger beroep gaat.<?linebreak?></para>
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>6</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter:</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>6.1.</nr>
      <para>verlengt de ondertoezichtstelling van [minderjarige] tot 2 november 2026;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.2.</nr>
      <para>verlengt de machtiging tot uithuisplaatsing van [minderjarige] in een gezinsgerichte voorziening tot 2 november 2026;<?linebreak?></para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.3.</nr>
      <para>verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.</para>
      <para />
      <informaltable>
        <tgroup cols="3">
          <colspec colname="colA" />
          <colspec colname="colB" />
          <colspec colname="colC" />
          <tbody>
            <row>
              <entry namest="colA" nameend="colC">
                <para>Deze beslissing is gegeven en in het openbaar uitgesproken op 21 oktober 2025 door mr. M.H. Rochat, kinderrechter, in aanwezigheid van mr. M.I. Klijn als griffier, en op schrift gesteld op 14 november 2025.</para>
                <para />
                <para />
              </entry>
            </row>
          </tbody>
        </tgroup>
      </informaltable>
      <para />
      <parablock>
        <para>Tegen eindbeslissingen in deze beschikking is hoger beroep mogelijk bij het gerechtshof Den Haag. Hiervoor is een advocaat nodig. Wie kunnen hoger beroep instellen:</para>
      </parablock>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>andere belanghebbenden, binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of binnen drie maanden nadat zij op andere wijze daarvan kennis hebben genomen.</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
    </paragroup>
  </section>
  <footnote id="_6f33c41f-23e8-4756-a9d4-1c242307388c" label="1">
    <para> Artikel 1:260 BW.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_43b6368a-8cc9-4a89-b56f-b3ddf5205fa9" label="2">
    <para> Artikel 1:265c, tweede lid, BW.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_bce036de-7109-4a3c-a799-92c2704a79fb" label="3">
    <para> Artikel 2 Besluit gezagsregisters.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>