<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBDHA:2025:20923</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-11-07T11:47:28</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-11-07</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Den_Haag" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Den Haag</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2025-09-17</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">11440422 MB VERZ 24-22565</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Gouda</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2025:20923">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2025:20923</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-11-07T11:46:50</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-11-07</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBDHA:2025:20923 Rechtbank Den Haag , 17-09-2025 / 11440422 MB VERZ 24-22565</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBDHA:2025:20923:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>In deze zaak kon de verbalisant niet onmiddellijk vaststellen wie de bestuurder van het voertuig was en is de administratieve sanctie opgelegd aan betrokkene als kentekenhouder. Daarbij is niet van belang of betrokkene zelf ter plaatse was ten tijde van de gedraging. De mededeling van de verbalisant: “De betrokkene is van het vrouwelijk geslacht” slaat op de kentekenhouder die als betrokkene aansprakelijk is voor de overtreding. Aan de concrete en specifiek beschreven waarneming verandert dat niets.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBDHA:2025:20923:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para />
    <para />
    <bridgehead role="bold">Rechtbank DEN HAAG</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Gouda</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>CJIB-nummer: 263577835</para>
      <para>Registratienummer team straf: 11440422 MB VERZ 24-22565</para>
      <para>Uitspraakdatum	: 17 september 2025</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Beslissing van de kantonrechter, tevens houdende het opgemaakte proces-verbaal van de zitting</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [betrokkene]
        </emphasis>
      </para>
      <para>wonende dan wel gevestigd te: [postcode] [woonplaats]</para>
      <para>
        [adres] , nader ook te noemen: betrokkene.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>Het verloop van de procedure</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan betrokkene is een administratieve sanctie (hierna te noemen: boete) opgelegd. Betrokkene heeft daartegen beroep ingesteld bij de officier van justitie. De officier van justitie heeft het beroep ongegrond dan wel niet-ontvankelijk verklaard. Tegen die beslissing is beroep ingesteld bij de kantonrechter.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De zaak is behandeld op de zitting van 17 september 2025. Op de zitting is de vertegenwoordiger van de officier van justitie verschenen. Betrokkene is samen met [naam] (de bestuurder), ter zitting verschenen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter deelt betrokkene mee niet tot antwoorden verplicht te zijn.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>Overwegingen</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Verkeersboete</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het gaat om een bedrag van € 389,00 (inclusief administratiekosten) wegens als bestuurder tijdens het rijden een mobiel elektronisch apparaat vasthouden op 4 januari 2024.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Beroepsgronden en standpunten</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De beroepsgronden houden in de kern het volgende in. Betrokkene ontkent en stelt dat haar neefje degene was die het voertuig bestuurde. De politieagent stelt dat de betrokkene vrouwelijk was dus dat klopt niet. Ook staat er in het zaakoverzicht vermeld dat “betrokkene de mobiele telefoon vast hield”, en ook dat klopt niet omdat betrokkene niet de bestuurder was. Om die reden zou de boete vernietigd moeten worden. Voorts heeft de bestuurder, het neefje van betrokkene, helemaal geen mobiele telefoon vastgehouden want deze was bevestigd aan een magneet op het dashboard, aldus betrokkene.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De vertegenwoordiger van de officier van justitie heeft ter zitting voorgesteld het beroep ongegrond te verklaren. Er is geen aanleiding om te twijfelen aan de verklaring van de verbalisant. Iedereen reed op dat moment stapvoets. Betrokkene heeft aangekaart dat er verwarring is ontstaan door enkele zinnen in het zaakoverzicht. Er zijn echter geen fouten gemaakt in het zaakoverzicht. Wanneer er wordt verwezen naar de betrokkene, dan kijkt de politie in het kentekenregister om te zien op wiens naam het voertuig staat en dat is in dit geval een vrouw, aldus de vertegenwoordiger. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Oordeel</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het beroep is ongegrond.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Daartoe overweegt de kantonrechter het volgende. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter heeft geen reden om te twijfelen aan de gedetailleerde verklaring van de verbalisant in het zaakoverzicht, dat op ambtseed is opgemaakt. Op basis van die verklaring staat vast dat de bestuurder van de auto van betrokkene tijdens het rijden een telefoon in de rechterhand ter hoogte van het bovenlichaam heeft vastgehouden. Daarmee staat de overtreding vast.  </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ingevolge artikel 5 van de WAHV wordt de sanctie opgelegd aan de kentekenhouder indien niet aanstonds is vastgesteld wie de bestuurder is van het voertuig waarmee de gedraging is begaan. In deze zaak kon de verbalisant niet onmiddellijk vaststellen wie de bestuurder van het voertuig was en is de administratieve sanctie opgelegd aan betrokkene als kentekenhouder. Daarbij is niet van belang of betrokkene zelf ter plaatse was ten tijde van de gedraging. De mededeling van de verbalisant: “De betrokkene is van het vrouwelijk geslacht” slaat op de kentekenhouder die als betrokkene aansprakelijk is voor de overtreding. Aan de concrete en specifiek beschreven waarneming verandert dat niets.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter ziet ook geen bijzondere omstandigheden die tot matiging van de boete dienen te leiden. <?linebreak?></para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>Beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter:</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>- verklaart het beroep ongegrond.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze uitspraak is gedaan door mr. G.H.M. Smelt, kantonrechter, bijgestaan door</para>
      <para>D.C. Carsten, griffier en in het openbaar uitgesproken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De griffier							De kantonrechter</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Als u het met de beslissing op uw beroep niet eens bent, dan kunt u binnen zes weken na toezending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het gerechtshof Arnhem - Leeuwarden, maar alleen als:</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>a. de u opgelegde administratieve sanctie meer dan € 110,00 bedraagt, of</para>
    <para>b. uw beroep niet-ontvankelijk is verklaard omdat u niet of niet op tijd zekerheid heeft gesteld.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het beroepschrift moet worden ingediend bij de rechtbank Den Haag, Team Straf en dient door degene die het beroep heeft ingesteld of door zijn gemachtigde te zijn ondertekend.</para>
      <para>De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure in hoger beroep, tenzij door u bij het beroepschrift uitdrukkelijk om een mondelinge behandeling van de zaak is verzocht. <emphasis role="bold">Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk</emphasis>.</para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>