<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBDHA:2025:17536</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-09-24T16:01:40</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-09-24</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Den_Haag" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Den Haag</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2025-09-22</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">NL25.15348</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Middelburg</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_vreemdelingenrecht">Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2025:17536">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2025:17536</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-09-24T16:01:26</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-09-24</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBDHA:2025:17536 Rechtbank Den Haag , 22-09-2025 / NL25.15348</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBDHA:2025:17536:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Opvolgende BNT – gegrond – dwangsom volgelopen – verstrijking 21-maandentermijn.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBDHA:2025:17536:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK DEN HAAG</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Middelburg</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bestuursrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer: NL25.15348 </para>
    </parablock>
    <bridgehead role="bold">
      <?linebreak?>uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen</bridgehead>
    <bridgehead role="bold">
      [eiser], eiserV-nummer: [V-nummer]</bridgehead>
    <para>(gemachtigde: mr. H. Martens),</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>en</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">de minister van Asiel en Migratie</emphasis>
        <footnote-ref linkend="_8b35c6b4-8398-41bd-be65-d69c830eabc5" />, verweerder. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>Procesverloop</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>Overwegingen</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voor het wettelijk kader en de aan het beroep ten grondslag liggende overwegingen verwijst de rechtbank naar de aan deze uitspraak gehechte bijlage. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Is de beslistermijn overschreden?</emphasis>
      </para>
      <para>( x ) Ja<?linebreak?>( ) Nee</para>
      <para>
        <emphasis role="underline">Is het beroep gegrond?</emphasis>
      </para>
      <para>( ) Nee<?linebreak?>Het beroep is kennelijk niet-ontvankelijk omdat niet is voldaan aan de voorwaarden voor het instellen van beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit. <?linebreak?>( x ) Ja</para>
      <para>
        <emphasis role="underline">Binnen welke termijn moet verweerder alsnog een besluit nemen?</emphasis>
      </para>
      <para>( x ) Er is sprake van bijzondere omstandigheden, de rechtbank heeft verweerder echter eerder al een termijn gesteld zonder dat verweerder heeft beslist. De rechtbank stelt daarom een nadere termijn vast van twee weken na de dag van verzending van deze uitspraak.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Is er aanleiding om een rechterlijke dwangsom op te leggen?</emphasis>
      </para>
      <para>( x ) Ja<?linebreak?>( ) Nee</para>
      <para>
        <emphasis role="underline">Hoe hoog is de rechterlijke dwangsom als verweerder niet binnen deze termijn beslist? </emphasis>
        <?linebreak?>( ) € 100 per dag met een maximum van € 15.000.<?linebreak?>( x ) € 200 per dag met een maximum van € 15.000.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Is er aanleiding om proceskosten vast te stellen?</emphasis>
      </para>
      <para>( x ) Ja<?linebreak?>( ) Nee</para>
      <para>
        <emphasis role="underline">Hoe hoog zijn de te vergoeden proceskosten?</emphasis>
        <?linebreak?>De volgende proceskosten worden toegekend:</para>
      <para>( x ) 1 punt voor het indienen van het beroepschrift</para>
      <para>met een waarde per punt van € 907 en een wegingsfactor 0,5. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>Beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>( x ) verklaart het beroep gegrond;</para>
      <para>( x ) draagt verweerder op binnen twee weken na de dag van verzending van deze uitspraak een besluit bekend te maken met inachtneming van deze uitspraak;</para>
      <para>( x ) bepaalt dat verweerder aan eiser een dwangsom van € 200 verbeurt voor elke dag waarmee hij de hiervoor genoemde termijn overschrijdt met een maximum van € 15.000;</para>
      <para>( x ) veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiser tot een bedrag van € 453,50.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze uitspraak is gedaan op 22 september 2025 door mr. K.M. de Jager, rechter, in aanwezigheid van mr. Y. Chakur, griffier, en openbaar gemaakt door middel van een geanonimiseerde publicatie op <emphasis role="underline">www.rechtspraak.nl</emphasis>. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Bijlage </title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank doet uitspraak zonder zitting.<footnote-ref linkend="_b8267581-3195-4b3c-9353-faef241aa9f4" /></para>
      <para>Tegen het niet tijdig nemen van een besluit kan beroep worden ingesteld.<footnote-ref linkend="_8a224514-46f0-4063-810a-e2a4d3613777" /> Het beroepschrift kan worden ingediend als het bestuursorgaan niet tijdig een besluit heeft genomen en twee weken zijn verstreken nadat een schriftelijke ingebrekestelling door het bestuursorgaan is ontvangen.<footnote-ref linkend="_b65e0b97-613e-4c21-b821-d9214a011b90" /></para>
      <para>Op grond van artikel 42, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000 (Vw) wordt binnen zes maanden na ontvangst van de aanvraag een beschikking gegeven. Voor zover verweerder met de WBV 2023/3<footnote-ref linkend="_cebc3a6f-5c3e-43c1-8700-eac668945893" /> de beslistermijn met negen maanden heeft verlengd,<footnote-ref linkend="_94aa0d95-1c70-4034-8f52-576c750ea593" /> is de rechtbank van oordeel dat deze verlenging onvoldoende is gemotiveerd.<footnote-ref linkend="_fbeaa17a-3bb3-48fa-925f-80173eecc902" /> Dit betekent dat de rechtsgrond aan het besluit tot verlenging ontbreekt en dat de beslistermijnen voor dergelijke aanvragen zes maanden is. </para>
      <para>Als niet is voldaan aan de wettelijke vereisten voor een beroep tegen niet tijdig beslissen, verklaart de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk. </para>
      <para>Voor zover de ingebrekestelling voor de inwerkingtreding van de Wet herziening regels niet tijdig beslissen in vreemdelingenzaken is ingediend geldt de Tijdelijke wet opschorting dwangsommen IND, waarmee de wetgever de bestuurlijke dwangsom heeft afgeschaft in asielzaken. Dit is niet in strijd met het Unierecht.<footnote-ref linkend="_7a30c365-8fe0-4310-891e-87b930208c93" /> Indien de ingebrekestelling is ingediend op of na 15 april 2025 is op grond van artikel 71b van de Vw geen bestuurlijke dwangsom verschuldigd.</para>
      <para>Als verweerder nog geen besluit heeft genomen, bepaalt de rechtbank dat verweerder dit alsnog moet doen. Verweerder moet dit in beginsel doen binnen twee weken na het verzenden van de uitspraak.<footnote-ref linkend="_dbed8f32-18d5-4435-8e43-7720fd6cd5f7" /> Alleen in bijzondere gevallen kan de rechtbank een andere termijn bepalen.<footnote-ref linkend="_bdb1c102-ec69-46e6-a270-b3038242e05f" /></para>
      <para>De rechtbank bepaalt dat verweerder bij het overschrijden van de door de rechtbank vastgestelde termijn een dwangsom verschuldigd is voor elke dag waarmee de hiervoor genoemde termijn wordt overschreden.<footnote-ref linkend="_e807050e-b99e-452c-b238-ad3f6125d632" />Dit is de rechterlijke dwangsom. </para>
      <para>Als eiser is bijgestaan door een rechtsbijstandverlener, stelt de rechtbank een vergoeding vast van zijn kosten voor de door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand.<footnote-ref linkend="_08e2b460-12e0-4f76-bd09-47aebb36308d" /> De zaak is van licht gewicht als het alleen gaat over de vraag of de beslistermijn is overschreden en/of een dwangsom is verbeurd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank legt een hogere rechterlijke dwangsom op als verweerder niet heeft beslist binnen de termijn die de rechtbank heeft bepaald in een eerdere rechterlijke uitspraak. Indien de eerder opgelegde rechterlijke dwangsom nog niet is volgelopen, bepaalt de rechtbank dat verweerder de aan de onderhavige uitspraak verbonden rechterlijke dwangsom verbeurt met ingang van de dag nadat de eerder opgelegde rechterlijke dwangsom is volgelopen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>De uitspraak is bekendgemaakt op:</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para />
      <para>
        <emphasis role="bold">Bent u het niet eens met deze uitspraak?</emphasis>
      </para>
      <para>Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven. Als u graag een zitting wilt waarin u uw verzetschrift kunt toelichten, kunt u dit in uw verzetschrift vermelden. </para>
      <para />
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <footnote id="_8b35c6b4-8398-41bd-be65-d69c830eabc5" label="1">
    <para> Voorheen de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_b8267581-3195-4b3c-9353-faef241aa9f4" label="2">
    <para> Op grond van artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).</para>
  </footnote>
  <footnote id="_8a224514-46f0-4063-810a-e2a4d3613777" label="3">
    <para> Op grond van artikel 6:2, aanhef en onder b, in samenhang met artikel 7:1, eerste lid, aanhef en onder f, van de Awb. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_b65e0b97-613e-4c21-b821-d9214a011b90" label="4">
    <para> Artikel 6:12, tweede lid, van de Awb.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_cebc3a6f-5c3e-43c1-8700-eac668945893" label="5">
    <para> Besluit van 26 januari 2023, nummer WBV 2023/3, houdende wijziging van de Vreemdelingencirculaire 2000; gepubliceerd in Staatscourant 2023 nr. 3235.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_94aa0d95-1c70-4034-8f52-576c750ea593" label="6">
    <para> Op grond van artikel 42, vierde lid, aanhef en onder b, van de Vw.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_fbeaa17a-3bb3-48fa-925f-80173eecc902" label="7">
    <para> Vergelijk de uitspraak van deze rechtbank en zittingsplaats van 12 juni 2025, ECLI:NL:RBDHA:2025:10278. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_7a30c365-8fe0-4310-891e-87b930208c93" label="8">
    <para> Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State 30 november 2022, ECLI:NL:RVS:2022:3352.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_dbed8f32-18d5-4435-8e43-7720fd6cd5f7" label="9">
    <para> Artikel 8:55d, eerste lid, van de Awb.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_bdb1c102-ec69-46e6-a270-b3038242e05f" label="10">
    <para> Artikel 8:55d, eerste en derde lid, van de Awb.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_e807050e-b99e-452c-b238-ad3f6125d632" label="11">
    <para> Op grond van artikel 8:55d, tweede lid, van de Awb.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_08e2b460-12e0-4f76-bd09-47aebb36308d" label="12">
    <para> Op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>