<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBDHA:2025:16537</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-09-15T11:20:05</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-09-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Den_Haag" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Den Haag</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2025-09-05</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">NL25.42343</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#voorlopigeVoorziening">Voorlopige voorziening</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Arnhem</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_vreemdelingenrecht">Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2025:16537">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2025:16537</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-09-05T11:52:28</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-09-09</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBDHA:2025:16537 Rechtbank Den Haag , 05-09-2025 / NL25.42343</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBDHA:2025:16537:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>spoedvovo, beëindiging tijdelijke bescherming, stopzetten bevriezingsmaatregel, ordermaatregel.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBDHA:2025:16537:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK DEN HAAG</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Arnhem</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bestuursrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer: NL25.42343</para>
    </parablock>
    <bridgehead role="bold">
      <?linebreak?>uitspraak van de voorzieningenrechter van 5 september 2025 in de zaak tussen</bridgehead>
    <bridgehead role="bold">
      [verzoekster], v-nummer: [nummer], verzoekster </bridgehead>
    <para>(gemachtigde: mr. R.W.J.L. Loonen), </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>en</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">de minister van Asiel en Migratie.</bridgehead>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>Procesverloop</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>1.	De minister heeft bij besluit van 21 februari 2024 vastgesteld dat verzoekster met ingang van 5 maart 2024 niet langer rechtmatig in Nederland verblijft en aan verzoekster een terugkeerbesluit opgelegd. Per brief van 1 mei 2024 heeft de minister vervolgens aan verzoekster laten weten dat zij langer gebruik kon maken van de rechten die zij had onder de Richtlijn Tijdelijke Bescherming als gevolg van de zogeheten bevriezingsmaatregel. Op 17 en 19 februari 2025 heeft verzoekster brieven gekregen waarin stond dat de bevriezingsmaatregel (op termijn) stopt. Op 15 juli 2025 heeft verzoekster een brief gehad waarin stond dat de bevriezingsmaatregel op 4 september 2025 stopt en dat zij, als zij geen andere verblijfsvergunning heeft of openstaande aanvraag, vanaf 4 september 2025 vier weken de tijd heeft om te vertrekken en tijdens deze vier weken wel in de opvang mag blijven maar dan niet meer mag werken. In de brief wordt geen termijn voor beroep of bezwaar vermeld. Verzoekster heeft op 2 september 2025 beroep ingesteld<footnote-ref linkend="_3ce54f92-ab41-42d1-b8fd-de3f6f4add56" /> en de voorzieningenrechter gevraagd om een voorlopige voorziening te treffen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>De voorzieningenrechter nodigt partijen niet uit voor een zitting, omdat onverwijlde spoed dat vereist en partijen daardoor niet in hun belangen worden geschaad.<footnote-ref linkend="_dc7396e1-da68-4297-89de-2716eb85a1ef" /></para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>Beoordeling door de voorzieningenrechter </title>
    <para />
    <para>2. Verzoekster verzoekt de voorzieningenrechter de voorlopige voorziening te treffen dat de rechtsgevolgen van het terugkeerbesluit zoals vervat in de brief van 15 juli 2025, worden opgeschort totdat op het beroep is beslist. Daarbij heeft verzoekster aangevoerd dat de brief van 15 juli 2025 niet anders kan worden begrepen dan dat deze een nieuw terugkeerbesluit bevat. Zij verzoekt de voorzieningenrechter zo snel mogelijk op dat verzoek te beslissen.</para>
    <para />
    <para>3. Omdat het niet mogelijk is om vóór 4 september 2025 een uitspraak te doen op het beroep en/of het verzoek om een voorlopige voorziening, terwijl daarna al rechtsgevolgen van het stopzetten van de bevriezingsmaatregel intreden, en om onomkeerbare gevolgen te voorkomen, ziet de voorzieningenrechter aanleiding om het terugkeerbesluit voor zover dat is genomen bij brief van 21 februari 2024 dan wel bij brief van 15 juli 2025 bij wijze van ordemaatregel te schorsen tot de einduitspraak op het verzoek om een voorlopige voorziening. Een verdere beoordeling van het verzoek vergt namelijk nader onderzoek. Dat betekent concreet dat verzoekster niet mag worden uitgezet totdat uitspraak is gedaan op het verzoek om een voorlopige voorziening, dat zij gedurende die tijd recht houdt op opvang en verstrekkingen en dat het haar gedurende die periode toegestaan blijft werkzaamheden te verrichten zonder dat daarvoor een tewerkstellingsvergunning is vereist.</para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Conclusie en gevolgen</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>4.	De voorzieningenrechter treft de ordemaatregel dat het terugkeerbesluit wordt geschorst tot de einduitspraak op het verzoek om een voorlopige voorziening. Een beslissing over de proceskosten volgt in de einduitspraak.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>Beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De voorzieningenrechter:</para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>wijst het verzoek toe;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>bepaalt dat verzoekster niet mag worden uitgezet totdat uitspraak is gedaan op het verzoek om een voorlopige voorziening, dat verzoekster gedurende die tijd recht houdt op opvang en verstrekkingen en dat het verzoekster gedurende die periode toegestaan blijft werkzaamheden te verrichten zonder dat daarvoor een tewerkstellingsvergunning is vereist.</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze uitspraak is gedaan door mr. W. Loof, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. C.G.H. van der Holst, griffier. </para>
      <para>De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para />
      <para>
        <emphasis role="bold">Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
  </section>
  <footnote id="_3ce54f92-ab41-42d1-b8fd-de3f6f4add56" label="1">
    <para> Geregistreerd onder zaaknummer NL25.42342.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_dc7396e1-da68-4297-89de-2716eb85a1ef" label="2">
    <para> Artikel 8:83, vierde lid, van de Algemene wet bestuursrecht maakt dat mogelijk.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>