<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBDHA:2025:13294</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-07-22T10:31:37</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-07-22</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Den_Haag" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Den Haag</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2025-07-08</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">11449407 MB VERZ 24-11578</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Den Haag</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2025:13294">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2025:13294</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-07-22T10:31:03</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-07-22</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBDHA:2025:13294 Rechtbank Den Haag , 08-07-2025 / 11449407 MB VERZ 24-11578</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBDHA:2025:13294:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>“Boetebedrag is volgens betrokkene disproportioneel. De kantonrechter gaat niet over de hoogte van de boete behalve in hele bijzondere omstandigheden. Die zijn hier niet aan de orde. Ongegrond.”</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBDHA:2025:13294:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para />
    <para />
    <bridgehead role="bold">Rechtbank DEN HAAG</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Leiden</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>CJIB-nummer: [CJIB-nummer]</para>
      <para>Registratienummer team straf: 11449407 MB VERZ 24-11578</para>
      <para>Uitspraakdatum	: 8 juli 2025</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Beslissing van de kantonrechter, tevens houdende het opgemaakte proces-verbaal van de zitting</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [betrokkene]
        </emphasis>
      </para>
      <para>wonende dan wel gevestigd te: [postcode] [woonplaats]</para>
      <para>
        [adres] , nader ook te noemen: betrokkene.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>Het verloop van de procedure</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan betrokkene is een administratieve sanctie (hierna te noemen: boete) opgelegd. Betrokkene heeft daartegen beroep ingesteld bij de officier van justitie. De officier van justitie heeft het beroep ongegrond dan wel niet-ontvankelijk verklaard. Tegen die beslissing is beroep ingesteld bij de kantonrechter.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De zaak is behandeld op de zitting van 8 juli 2025. Op de zitting is de vertegenwoordiger van de officier van justitie verschenen. Betrokkene is ter zitting verschenen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter deelt betrokkene mee niet tot antwoorden verplicht te zijn.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>Overwegingen</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Verkeersboete</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het gaat om een bedrag van € 289,00 (inclusief administratiekosten) wegens het op een kruispunt niet de richting volgen die de voorsorteerstrook aangeeft op 29 augustus 2023. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Beroepsgronden en standpunten</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De beroepsgronden houden in de kern het volgende in. Betrokkene geeft aan dat de verbalisant bij de staandehouding heeft verklaard dat hij een boete zou krijgen voor een ander feit. Daarnaast heeft de verbalisant ten onrechte verklaard dat betrokkene in de richting voor rechtsaf reed. Het is niet mogelijk om in de betreffende situatie rechtsaf te slaan. Betrokkene vindt de opgelegde sanctie tevens buiten proportie als dit wordt vergeleken met andere verkeersovertredingen. Ook heeft betrokkene een gevoel van oneerlijkheid aan de boete overgehouden. De verbalisant heeft opgeschreven dat er een gevaarlijke situatie is ontstaan door het handelen van betrokkene. Betrokkene stelt dat dit niet het geval was. Betrokkene heeft in 32 jaar nooit een aanrijding of ongeluk veroorzaakt. Ten slotte vond betrokkene het onterecht en onprettig dat de verbalisant meekeek op zijn telefoon terwijl hij zijn legitimatie opzocht en de daarover een opmerking maakte.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De vertegenwoordiger van de officier van justitie heeft ter zitting voorgesteld het beroep ongegrond te verklaren. De vertegenwoordiger heeft daarover in het bijzonder aangevoerd dat de omstandigheden, zoals geschetst door de verdachte, geen aanleiding geven tot matiging van de boete.</para>
      <para>
        <?linebreak?>
        <emphasis role="underline">Oordeel</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het beroep is ongegrond. </para>
      <para>
        <?linebreak?>Daartoe overweegt de kantonrechter het volgende. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De verklaring van de verbalisant geeft duidelijk aan dat het voertuig stond voorgesorteerd voor linksaf richting de Churchilllaan. Vervolgens zag de verbalisant dat het voertuig rechtdoor ging op de Voorschoterweg. Hierdoor ontstond een gevaarlijke situatie. Deze verklaring biedt naar het oordeel van de kantonrechter voldoende grond om de gedraging vast te stellen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter ziet ook geen bijzondere omstandigheden die tot matiging van de boete dienen te leiden. Het verweer dat de gedraging het overige verkeer niet in gevaar heeft gebracht treft geen doel, nu dit niet afdoet aan het verboden karakter ervan.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter zal niet oordelen over de bejegening van betrokkene door de verbalisant. Daarvoor staat de klachtenregeling politieoptreden open. Betrokkene kan zich op grond van deze regeling richten tot de chef politie eenheid van de plaats waar het voorval heeft plaatsgevonden. De bejegening is geen aanleiding om de sanctie te matigen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Uit de Memorie van Toelichting bij het wetsvoorstel van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften en de bijbehorende bijlage volgt dat het de kantonrechter niet vrij staat zich een oordeel te vormen omtrent de hoogte van de door de wetgever vastgestelde sanctiebedragen. Het is het uitgangspunt dat de omstandigheden van het concrete geval niet van invloed zijn op de hoogte van de opgelegde sanctie. Slechts in het geval van bijzondere omstandigheden, waardoor de opgelegde sanctie evident in geen verhouding staat tot de ernst van de gedraging, bestaat aanleiding voor het matigen of op nihil stellen van de sanctie. De kantonrechter ziet in hetgeen betrokkene heeft aangevoerd geen omstandigheden die het opleggen van een sanctie niet billijken, dan wel matiging van de sanctie rechtvaardigen. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter:</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>- verklaart het beroep ongegrond.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze uitspraak is gedaan door mr. M. Dam, kantonrechter, bijgestaan door D.C. Carsten,</para>
      <para>griffier en in het openbaar uitgesproken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De griffier							De kantonrechter</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Als u het met de beslissing op uw beroep niet eens bent, dan kunt u binnen zes weken na toezending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het gerechtshof Arnhem - Leeuwarden, maar alleen als:</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>a. de u opgelegde administratieve sanctie meer dan € 110,00 bedraagt, of</para>
    <para>b. uw beroep niet-ontvankelijk is verklaard omdat u niet of niet op tijd zekerheid heeft gesteld.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het beroepschrift moet worden ingediend bij de rechtbank Den Haag, Team Straf en dient door degene die het beroep heeft ingesteld of door zijn gemachtigde te zijn ondertekend.</para>
      <para>De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure in hoger beroep, tenzij door u bij het beroepschrift uitdrukkelijk om een mondelinge behandeling van de zaak is verzocht. <emphasis role="bold">Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk</emphasis>.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>