<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBDHA:2025:12528</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-07-18T12:39:00</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-07-14</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Den_Haag" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Den Haag</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2025-07-11</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/09/680546 / HA RK 25-88</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#beschikking">Beschikking</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Den Haag</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_personenEnFamilierecht">Civiel recht; Personen- en familierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2025:12528">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2025:12528</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-07-18T12:38:47</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-07-18</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBDHA:2025:12528 Rechtbank Den Haag , 11-07-2025 / C/09/680546 / HA RK 25-88</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBDHA:2025:12528:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>vaststelling van staatloosheid. Palestijnse Gebieden en Syrië. Verzoek toegewezen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBDHA:2025:12528:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <para>
    <emphasis role="bold caps">Rechtbank DEN HAAG</emphasis>
  </para>
  <parablock>
    <para>Enkelvoudige kamer</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Rekestnummer: HA RK 25-88</para>
    <para>Zaaknummer: C/09/680546</para>
    <para>Datum beschikking: 11 juli 2025</para>
  </parablock>
  <section>
    <title>Vaststelling van staatloosheid</title>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Beschikking op het op 18 februari 2025 ingekomen verzoekschrift van: </title>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      [verzoekster] ,</title>
    <parablock>
      <para>verzoekster,</para>
      <para>wonende te [woonplaats] ,</para>
      <para>advocaat: mr. E. Besselsen te Amsterdam.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Als belanghebbende wordt aangemerkt:</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>DE STAAT DER NEDERLANDEN, </title>
    <parablock>
      <para>(Ministerie van Justitie en Veiligheid, Immigratie- en Naturalisatiedienst,</para>
      <para>verder te noemen “de Staat”),</para>
      <para>zetelende te ’s-Gravenhage,</para>
      <para>vertegenwoordigd door: L. Angela.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Procedure</title>
    <para>De rechtbank heeft kennisgenomen van de stukken, waaronder:</para>
    <para>- het verzoekschrift, met bijlagen;</para>
    <para>- de brief van 19 maart 2025 van de Staat;</para>
    <para>- de brief van 9 mei 2025 van de Staat;</para>
    <para>- de schriftelijke reactie van 21 mei 2025 van verzoekster.</para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Verzoek en het advies van de Staat</title>
    <para>Het verzoekschrift strekt tot vaststelling van staatloosheid van verzoekster.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De Staat adviseert het verzoek toe te wijzen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Omdat het advies van de Staat overeenstemt met wat is verzocht, heeft de rechtbank aanleiding gezien om zonder mondelinge behandeling op het verzoek te beslissen. Partijen hebben hiermee ingestemd.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Feiten </title>
    <para>De volgende feiten blijken uit het dossier dan wel zijn door de Staat vastgesteld, zodat de rechtbank deze als vaststaand aanneemt.</para>
    <para />
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>Verzoekster is op 1 november 2021 Nederland ingereisd.</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>Aan verzoekster is een verblijfsvergunning asiel verleend met ingang van <?linebreak?>2 november 2021, geldig tot 2 november 2026.</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>De nationaliteit van verzoekster is niet komen vast te staan en is in de basisregistratie personen geregistreerd als ‘onbekend’.</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>Verzoekster is in het bezit van de volgende documenten welke op zijn gecontroleerd door Bureau Documenten van de IND dan wel de Koninklijke Marechaussee en echt zijn bevonden:</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <parablock>
      <para>o Origineel Syrisch reisdocument voor Palestijnse vluchtelingen;</para>
      <para>o Origineel uittreksel geboorteregister;</para>
      <para>o Origineel individueel uittreksel uit de burgerlijke stand voor Palestijnen (GAPAR) uit Syrië;</para>
      <para>o Originele familieregistratiekaart van UNRWA;</para>
      <para>o Originele huwelijksakte;</para>
      <para>o Origineel familieboekje van de echtgenoot van verzoekster.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title> Beoordeling</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Juridisch kader</emphasis>
      </para>
      <para>Het verzoek is gebaseerd op artikel 2 van de Wet van 7 juni 2023, houdende regels met betrekking tot de vaststelling van staatloosheid, Staatsblad 2023, 230 (Wet vaststellingsprocedure staatloosheid).</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op basis van lid 1 van genoemd artikel kan een ieder die, buiten een bij enige rechterlijke instantie aanhangige zaak, daarbij onmiddellijk belang heeft en in Nederland zijn woonplaats of gewone verblijfplaats heeft, bij deze rechtbank een verzoek indienen tot vaststelling van zijn staatloosheid. Het verzoek kan ook strekken tot de vaststelling dat de betrokkene op een bepaald tijdstip staatloos was. De rechtbank stelt op basis van lid 2 van dit artikel de staatloosheid vast, indien hem niet is gebleken dat de betrokkene door enige staat, krachtens diens wetgeving, als onderdaan wordt beschouwd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Ontvankelijkheid</emphasis>
      </para>
      <para>De rechtbank stelt vast dat verzoekster in Nederland woont. Verder is niet in geschil dat verzoekster onmiddellijk belang heeft bij het verzoek tot vaststelling van staatloosheid, zodat zij ontvankelijk is in haar verzoek.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Relevante landen</emphasis>
      </para>
      <para>De rechtbank ziet aanleiding om de Palestijnse Gebieden en Syrië in haar beoordeling over de staatloosheid van verzoekster te betrekken. Dit omdat verzoekster stelt van Palestijnse afkomst te zijn en zij haar hele leven, tot het inreizen in Nederland, in Syrië heeft verbleven.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Wordt verzoekster als onderdaan van de Palestijnse Gebieden beschouwd?</emphasis>
      </para>
      <para>Gelet op de door verzoekster overgelegde documenten – welke documenten echt zijn bevonden – is het aannemelijk dat verzoekster van Palestijnse afkomst is. Hiertoe geldt het volgende.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Uit het ‘Algemeen Ambtsbericht Palestijnse Gebieden’ (april 2022) van het Ministerie van Buitenlandse Zaken en de ‘Werkinstructie SUA’ van 11 december 2020 van de IND (nummer en titel: WI 2020/19 Palestijnen, hierna te noemen: de Werkinstructie) volgt dat Nederland de staat Palestina en dus ook de Palestijnse nationaliteit niet erkent. Voor Nederland gelden Palestijnen daarom als staatloos.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Wordt verzoekster als onderdaan van Syrië beschouwd?</emphasis>
      </para>
      <para>Op grond van de nationaliteitswetgeving van Syrië (decreet 276 uit 1969; bevestiging hiervan is te vinden in het ‘Algemeen Ambtsbericht Syrië’ (mei 2022) van het Ministerie van Buitenlandse Zaken) kan de Syrische nationaliteit onder andere worden verkregen door afstamming van een Syrische vader. Een moeder kan naar Syrisch nationaliteitsrecht haar nationaliteit alleen doorgeven in het geval het kind is geboren in Syrië en de vader het kind niet heeft erkend. Van deze situaties is in dit geval niet gebleken, zodat het niet aannemelijk is dat verzoekster de Syrische nationaliteit via haar vader of moeder kan hebben verkregen.</para>
      <para>Uit de Werkinstructie volgt dat Palestijnen in Syrië in principe staatloos zijn en niet kunnen naturaliseren.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verzoekster is gehuwd met een man met de Syrische nationaliteit. Uit voornoemde werkinstructie volgt dat een niet-Syrische vrouw op basis van een huwelijk met een Syrische man een naturalisatieverzoek kan indienen. Uit de overgelegde documenten blijkt niet dat verzoekster in Syrië is genaturaliseerd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Gelet op het voorgaande vindt de rechtbank het niet aannemelijk dat verzoekster beschikt over de nationaliteit van Syrië.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Conclusie</emphasis>
      </para>
      <para>De rechtbank stelt vast dat niet is gebleken dat verzoekster door enige staat, krachtens diens wetgeving, als onderdaan wordt beschouwd, zodat de staatloosheid van verzoekster kan worden vastgesteld. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>Beslissing</title>
    <para>De rechtbank:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>*</para>
      <para>stelt vast dat verzoekster staatloos is.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="3">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <colspec colname="colC" />
        <tbody>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Deze beschikking is gegeven door mr. A. Emmens, rechter, bijgestaan door mr. P. Hillebrand als griffier en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 11 juli 2025.</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>