<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBDHA:2024:7167</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-05-13T11:46:49</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-05-13</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Den_Haag" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Den Haag</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2024-05-07</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">NL24.13872</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Middelburg</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_vreemdelingenrecht">Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2024:7167">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2024:7167</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-05-13T11:45:55</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-05-13</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBDHA:2024:7167 Rechtbank Den Haag , 07-05-2024 / NL24.13872</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBDHA:2024:7167:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Dublin Bulgarije, Jawo, interstatelijk vertrouwensbeginsel, onevenredige hardheid, mondelinge uitspraak, beroep ongegrond</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBDHA:2024:7167:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK DEN HAAG</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Middelburg</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bestuursrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer: NL24.13872</para>
      <para>
        <?linebreak?>
        <emphasis role="bold">proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <bridgehead role="bold">
      [naam eiser] , eiser</bridgehead>
    <parablock>
      <para>V-nummer: [V-nr.]</para>
      <para>(gemachtigde: mr. H.A.C. Klein Hesselink),</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>en</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder</bridgehead>
    <para>(gemachtigde: mr. H.J. Metselaar).</para>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>Procesverloop</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>In het besluit van 28 maart 2024 (het bestreden besluit) heeft de staatssecretaris de asielaanvraag van eiser niet in behandeling genomen op de grond dat Bulgarije verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Eiser heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De staatssecretaris heeft een verweerschrift ingediend.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft het beroep op 3 mei 2024 op zitting behandeld in Breda. Eiser is, met bericht vooraf, niet verschenen. De staatssecretaris heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Na afloop van de behandeling van de zaak ter zitting heeft de rechtbank onmiddellijk uitspraak gedaan.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>Beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Overwegingen</title>
    <para />
    <para>1. Tussen partijen is niet in geschil dat Bulgarije verantwoordelijk is voor de behandeling van eisers asielaanvraag. In geschil is of ten aanzien van Bulgarije nog kan worden uitgegaan van het interstatelijk vertrouwensbeginsel. </para>
    <para />
    <para>2. Eiser heeft aangevoerd dat Bulgarije hem ten onrechte gedurende 15 dagen in vreemdelingendetentie heeft gehouden. En verder heeft hij aangevoerd dat de omstandigheden in de vreemdelingendetentie en asielopvang erbarmelijk waren. </para>
    <para />
    <para>3. Over de vreemdelingendetentie heeft de staatssecretaris in het bestreden besluit terecht overwogen dat eiser de onrechtmatigheid daarvan niet heeft onderbouwd. Ook de vrees van eiser dat hij na overdracht opnieuw in detentie zal worden geplaatst, is niet onderbouwd. De rechtbank verwijst in dat verband ook naar de jurisprudentie van het HvJEU<footnote-ref linkend="_3e0a4e99-2d5c-477d-aa99-789c87822da8" />, en overweegt dat eiser als Dublinterugkeerder zal worden overgedragen aan Bulgarije. De ervaringen die eiser in het verleden in Bulgarije stelt te hebben gehad, zeggen niets over de situatie waarin hij na overdracht terecht zal komen. De hoogste bestuursrechter in Nederland, de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (de Afdeling), heeft op 29 januari 2024<footnote-ref linkend="_9ff7c536-df75-4cf2-84d5-28b2933d9c09" /> nog geoordeeld dat in het algemeen ervan mag worden uitgegaan dat Bulgarije zijn verdragsverplichtingen nakomt. Uit de jurisprudentie volgt ook dat, wanneer eiser vindt dat Bulgarije zich niet aan zijn verplichtingen houdt, eiser daarover kan klagen bij de Bulgaarse autoriteiten. </para>
    <para />
    <para>4. Uit het voorgaande volgt dat eiser niet aannemelijk heeft gemaakt dat er sprake is van structurele problemen in de opvangvoorzieningen in Bulgarije zodanig dat de hoge drempel van zwaarwegendheid als bedoeld in het arrest Jawo<footnote-ref linkend="_0a1913c7-8659-46f1-8695-9588f5f29336" /> wordt gehaald. </para>
    <para />
    <para>5. Tot slot ziet de rechtbank zich voor de vraag gesteld of sprake is van bijzondere individuele omstandigheden die maken dat overdracht van onevenredige hardheid zou getuigen als bedoeld in artikel 17 van de Dublinverordening. Uit de uitspraak van de Afdeling van 14 augustus 2014<footnote-ref linkend="_bb68b450-284a-4360-99d3-08a316c74531" />  volgt dat de problemen die eiser in Bulgarije stelt te hebben ondervonden niet in die beoordeling kunnen worden betrokken. Andere bijzondere individuele omstandigheden heeft eiser niet aangevoerd.</para>
    <para />
    <para>6. Het beroep is ongegrond.</para>
    <para />
    <para>7. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze uitspraak is uitgesproken in het openbaar op 3 mei 2024 door mr. B.F.Th. de Roos, rechter, in aanwezigheid van N.A. D’Hoore, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit proces-verbaal is bekendgemaakt op:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para />
      <para>
        <emphasis role="bold">Rechtsmiddel</emphasis>
      </para>
      <para>Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen één week na de dag van bekendmaking van dit proces-verbaal.</para>
    </parablock>
  </section>
  <footnote id="_3e0a4e99-2d5c-477d-aa99-789c87822da8" label="1">
    <para> Hof van Justitie van de Europese Unie, bijvoorbeeld het arrest van 30 november 2023, zaaknummers C‑228/21 e.a., ECLI:EU:C:2023:934.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_9ff7c536-df75-4cf2-84d5-28b2933d9c09" label="2">
    <para> ECLI:NL:RVS:2024:303.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_0a1913c7-8659-46f1-8695-9588f5f29336" label="3">
    <para> Arrest van het HvJEU van 19 maart 2019, ECLI:EU:C:2019:218.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_bb68b450-284a-4360-99d3-08a316c74531" label="4">
    <para> ECLI:NL:RVS:2014:3164.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>