<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBDHA:2024:5990</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-04-25T16:20:54</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-04-23</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Den_Haag" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Den Haag</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2024-04-03</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/09/663152 / JE RK 24-487</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#beschikking">Beschikking</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Den Haag</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_personenEnFamilierecht">Civiel recht; Personen- en familierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2024:5990">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2024:5990</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-04-25T12:01:29</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-04-25</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBDHA:2024:5990 Rechtbank Den Haag , 03-04-2024 / C/09/663152 / JE RK 24-487</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBDHA:2024:5990:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Gesloten machtiging</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBDHA:2024:5990:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK DEN HAAG</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team Jeugd- en Zorgrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknummer: C/09/663152 / JE RK 24-487</para>
      <para>Datum uitspraak: 3 april 2024</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Beschikking van de kinderrechter over een machtiging gesloten jeugdhulp</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Stichting Jeugdbescherming west Zuid-Holland</emphasis>, </para>
      <para>hierna te noemen: de gecertificeerde instelling, </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>over</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [Minderjarige]
        </emphasis>, geboren op [geboortedatum] 2007 in [geboorteplaats] ,</para>
      <para>hierna te noemen: [Minderjarige] ,</para>
      <para>advocaat: mr. R. Tetteroo te Rotterdam.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter merkt als belanghebbende aan:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [de moeder]
        </emphasis>,</para>
      <para>hierna te noemen: de moeder,</para>
      <para>wonende in [woonplaats] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter merkt als informant aan:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [de stiefvader]
        </emphasis>, </para>
      <para>hierna te noemen: de stiefvader.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Het verloop van de procedure</title>
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>De kinderrechter neemt de volgende stukken mee in haar beoordeling:</para>
      <para>- het verzoekschrift met bijlagen, ontvangen op 18 maart 2024;</para>
      <para>- de instemmende verklaring van de gedragswetenschapper van 21 maart 2024.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>De mondelinge behandeling met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 3 april 2024. Daarbij waren aanwezig:</para>
      <para>- [Minderjarige] met zijn advocaat;</para>
      <para>- de moeder;</para>
      <para>- [naam] , namens de gecertificeerde instelling.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.3.</nr>
      <para>De stiefvader is niet verschenen. De kinderrechter stelt vast dat de stiefvader wel juist is opgeroepen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.4.</nr>
      <para>De kinderrechter heeft [Minderjarige] naar zijn mening gevraagd. [Minderjarige] heeft ervoor gekozen tijdens de mondelinge behandeling zijn mening te geven. </para>
      <para />
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De feiten</title>
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>De moeder is belast met het ouderlijk gezag over [Minderjarige] .</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>
        [Minderjarige] verblijft in [accomodatie] in [plaatsnaam] .</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>De kinderrechter in deze rechtbank heeft bij beschikking van 28 september 2023 de ondertoezichtstelling van [Minderjarige] verlengd tot 4 oktober 2024.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>De kinderrechter in deze rechtbank heeft bij beschikking van 28 december 2023 een trajectmachtiging verleend om [Minderjarige] te doen opnemen en te doen verblijven in een gesloten accommodatie voor jeugdhulp van 4 januari 2024 tot 4 april 2024 en aansluitend om [Minderjarige] gedurende dag en nacht uit huis te plaatsen in een accommodatie van een jeugdhulpaanbieder tot 4 oktober 2024.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Het verzoek</title>
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>De gecertificeerde instelling verzoekt een machtiging om [Minderjarige] in een gesloten accommodatie voor jeugdhulp te doen opnemen en te doen verblijven voor de duur van zes maanden.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>4. Het verzoek wordt als volgt toegelicht. [Minderjarige] is van [inrichting] overgeplaatst naar [accomodatie] in [plaatsnaam] . [accomodatie] is best een goede plek voor [Minderjarige] . Voor verblijf op [accomodatie] stelt Horizon als voorwaarde dat er een gesloten machtiging is tot de jongere heeft laten zien zich aan de regels en afspraken te houden. Dat is bij [Minderjarige] niet altijd het geval. In januari is [Minderjarige] na een officiële waarschuwing voor één week teruggeplaatst binnen de gesloten jeugdzorg. [Minderjarige] stelt zich wel begeleidbaar op, maar blowt nog steeds erg (te) veel en laat niet altijd het achterste van zijn tong zien. Ook is hij soms met verkeerde dingen. Hij gaat met hele kleine stapjes vooruit. Om te kunnen ingrijpen als het echt niet goed gaat en om de plaatsing bij [accomodatie] te kunnen voortzetten, blijft het noodzakelijk om de gesloten machtiging op de achtergrond aanwezig te hebben. </para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>De standpunten</title>
    <paragroup>
      <nr>5.1.</nr>
      <para>Door en namens de advocaat van [Minderjarige] is geen verweer gevoerd tegen het verzochte. [Minderjarige] geeft aan dat hij het leuk vindt bij [accomodatie] en dat hij daar graag wil blijven. Als een gesloten machtiging als vangnet daarvoor nodig is, vindt [Minderjarige] dat goed. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.2.</nr>
      <para>Ook de moeder staat achter het verzoek van de gecertificeerde instelling.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>6</nr>De beoordeling</title>
    <paragroup>
      <nr>6.1.</nr>
      <para>De kinderrechter is van oordeel dat jeugdhulp noodzakelijk is in verband met ernstige opgroei- of opvoedingsproblemen die de ontwikkeling van [Minderjarige] naar volwassenheid ernstig belemmeren. Deze problemen maken dat het verblijf in een gesloten accommodatie noodzakelijk en geschikt is om te voorkomen dat [Minderjarige] zich onttrekt aan de jeugdhulp die hij nodig heeft of daaraan door anderen wordt onttrokken. Het is niet gebleken dat er minder ingrijpende mogelijkheden zijn om deze problemen te behandelen (artikel 6.1.2, tweede lid, Jeugdwet (Jw)). </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.2.</nr>
      <para>De kinderrechter zal de machtiging voor een gesloten accommodatie voor jeugdhulp verlenen, en wel voor de periode van zes maanden. De kinderrechter benadrukt dat [Minderjarige] best goed op zijn plek lijkt te zitten bij [accomodatie] en dat hij steeds kleine stapjes in de goede richting zet. De kinderrechter is het met de gecertificeerde instelling en de gedragswetenschapper eens dat een gesloten machtiging nog nodig is als vangnet en als stok achter de deur voor [Minderjarige] . Een lichtere maatregel is vanwege de gedragsproblemen van [Minderjarige] en de risico’s op impulsief, risicovol en crimineel gedrag, ontoereikend om de veiligheid te waarborgen. Het gedwongen kader biedt [Minderjarige] de mogelijkheid om stapje voor stapje te leren omgaan met vrijheden en te leren waar hij zich op moet concentreren voor een positieve ontwikkeling.  </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Daarom zal als volgt worden beslist. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>7</nr>De beslissing</title>
    <para>De kinderrechter:</para>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>7.1.</nr>
      <para>verleent een machtiging om [Minderjarige] te doen opnemen en te doen verblijven in een gesloten accommodatie voor jeugdhulp met ingang van 4 april 2024 tot 4 oktober 2024.</para>
      <para />
      <para />
      <para />
      <para>Deze beslissing is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 3 april 2024 door mr. J.J. Peters, kinderrechter, in aanwezigheid van mr. B. Boogaarts als griffier, en op schrift gesteld op 15 april 2024.</para>
      <para />
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>Hoger beroep tegen deze beschikking kan worden ingesteld:</para>
      </parablock>
      <para>- door de verzoekers en de belanghebbende(n) aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;</para>
      <para>- door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden.</para>
      <para>Het hoger beroep moet, door tussenkomst van een advocaat, worden ingediend bij de griffie van het gerechtshof te Den Haag.</para>
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>