<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBDHA:2024:4940</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-04-09T08:06:56</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-04-09</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Den_Haag" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Den Haag</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2024-04-03</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">NL24.9092</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Middelburg</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_vreemdelingenrecht">Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2024:4940">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2024:4940</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-04-09T08:05:24</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-04-09</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBDHA:2024:4940 Rechtbank Den Haag , 03-04-2024 / NL24.9092</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBDHA:2024:4940:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Voorlopige voorziening – spoedeisend belang – bezwaar geen redelijke kans van slagen – verzoek afgewezen</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBDHA:2024:4940:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK DEN HAAG</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Middelburg</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bestuursrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer: NL24.9092</para>
    </parablock>
    <bridgehead role="bold">
      <?linebreak?>uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen</bridgehead>
    <bridgehead role="bold">
      [naam verzoeker] , verzoeker,</bridgehead>
    <parablock>
      <para>V-nummer: [V-nr.]</para>
      <para>(gemachtigde: mr. N. Vollebergh),</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>en</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder,</bridgehead>
    <para>(gemachtigde: mr. F. Schoot).</para>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>Procesverloop</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij besluit van 4 maart 2024 (het bestreden besluit) heeft verweerder ambtshalve bepaald dat verzoeker niet in aanmerking komt voor toepassing van artikel 64 van de Vw.<footnote-ref linkend="_50c7bec9-2676-43a6-848f-a93cf8af47e4" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verzoeker heeft tegen dit besluit bezwaar gemaakt. Hij heeft de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij brief van 2 april 2024 heeft het COa<footnote-ref linkend="_3ebae05d-1d68-44b3-b8b6-366868090c77" /> medegedeeld voornemens te zijn de Rva-verstrekkingen van verzoeker te beëindigen met ingang van 4 april 2024.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verweerder heeft een verweerschrift ingediend.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De voorzieningenrechter doet uitspraak zonder zitting.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Overwegingen</title>
    <para />
    <para>1. Eiser stelt te zijn geboren op [geboortedatum] en de Sierra Leoonse nationaliteit te hebben.</para>
    <para />
    <para>2. Als voorafgaand aan een mogelijk beroep bij de rechtbank bezwaar is gemaakt, kan de voorzieningenrechter van de rechtbank die bevoegd kan worden in de hoofdzaak op grond van artikel 8:81, eerste lid, van de Awb<footnote-ref linkend="_93dbc725-3a31-4a05-a312-eaa85451e954" /> op verzoek een voorlopige voorziening treffen indien onverwijlde spoed, gelet op de betrokken belangen, dat vereist.</para>
    <para />
    <para>3. Op grond van artikel 8:83, vierde lid, van de Awb kan de voorzieningenrechter ook</para>
    <para>in geval van een niet-kennelijke afdoening uitspraak doen zonder een zitting te houden wanneer onverwijlde spoed dat vereist en partijen daardoor niet in hun belangen worden geschaad. Gelet op het feit dat het COa heeft aangegeven de Rva-verstrekkingen van verzoeker op 4 april 2024 te beëindigen, maakt de voorzieningenrechter van deze bevoegdheid gebruik.</para>
    <para />
    <para>4. Verzoeker vraagt de voorzieningenrechter te bepalen dat de rechtsgevolgen van het bestreden besluit worden opgeschort, de uitzetting achterwege blijft en hij het recht op de voorzieningen behoudt, totdat op het bezwaar is beslist. Hij ondergaat een medische behandeling en meent daarom gedurende de bezwaarprocedure recht te hebben op opvang en medische zorg. Daarnaast is het uitgangspunt dat verzoeker in bezwaar door verweerder zal worden gehoord, hetgeen zijn aanwezigheid in Nederland veronderstelt. Verzoeker stelt dat het bezwaar een redelijke kans van slagen heeft.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De voorzieningenrechter oordeelt als volgt.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>5. Het oordeel van de voorzieningenrechter heeft een voorlopig karakter. Bij de beoordeling acht de voorzieningenrechter met name van belang of het bezwaar tegen het bestreden besluit een redelijke kans van slagen heeft.</para>
    <para />
    <para>6. Aan zijn besluitvorming heeft verweerder het advies van BMA<footnote-ref linkend="_c575ddb5-b5cc-4054-a426-d12c93b230e6" /> ten grondslag gelegd. In dit BMA-advies staat dat verzoeker te kampen heeft met psychische klachten. Het staken van de behandeling leidt naar verwachting echter niet tot het ontstaan van een medische noodsituatie. Verzoeker is in staat om te reizen met gangbare vervoermiddelen en behoeft tijdens de reis geen medische voorzieningen.</para>
    <para />
    <para>7. In de gronden van bezwaar heeft verzoeker het bestreden besluit niet inhoudelijk betwist. Hij stelt enkel onder medische behandeling te staan en gedurende de bezwaarprocedure recht te hebben op de voorzieningen vanuit het COa. In de aanvullende gronden van het verzoekschrift stelt verzoeker dat zijn medische dossiers zijn opgevraagd, maar nog niet zijn ontvangen. Om die reden kan het bezwaar inhoudelijk nog niet worden aangevuld. Verzoeker heeft hierbij niet geconcretiseerd welke (nieuwe) informatie nog moet worden ingewonnen. Ook overigens is niet gesteld of gebleken dat de medische situatie van verzoeker is gewijzigd na het BMA-advies, wat niet maakt dat verweerder het bestreden besluit niet heeft mogen baseren op dit advies.</para>
    <para />
    <para>8. Naar het voorlopig oordeel van de voorzieningenrechter heeft het bezwaar tegen het bestreden besluit geen redelijke kans van slagen. Om die reden wijst de voorzieningenrechter het verzoek om een voorlopige voorziening af.</para>
    <para />
    <para>9. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.</para>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>Beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze uitspraak is gedaan door mr. E.F. Bethlehem, rechter, in aanwezigheid van mr. J. de Winter, griffier en openbaar gemaakt door middel van een geanonimiseerde publicatie op <emphasis role="underline">www.rechtspraak.nl</emphasis>. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De uitspraak is bekendgemaakt op:</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para />
      <para>
        <emphasis role="bold">Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
  </section>
  <footnote id="_50c7bec9-2676-43a6-848f-a93cf8af47e4" label="1">
    <para> Vreemdelingenwet 2000.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_3ebae05d-1d68-44b3-b8b6-366868090c77" label="2">
    <para> Centraal Orgaan opvang asielzoekers.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_93dbc725-3a31-4a05-a312-eaa85451e954" label="3">
    <para> Algemene wet bestuursrecht.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_c575ddb5-b5cc-4054-a426-d12c93b230e6" label="4">
    <para> Bureau Medische Advisering</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>