<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBDHA:2024:3835</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-03-20T16:21:18</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-03-20</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Den_Haag" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Den Haag</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2024-03-13</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">NL.24.4861 en NL24.4864</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#voorlopigeVoorziening">Voorlopige voorziening</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Utrecht</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_vreemdelingenrecht">Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2024:3835">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2024:3835</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-03-20T13:48:56</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-03-20</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBDHA:2024:3835 Rechtbank Den Haag , 13-03-2024 / NL.24.4861 en NL24.4864</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBDHA:2024:3835:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Dublin spoedvovo ivm geplande overdracht aan Frankrijk. Uitspraak buiten zitting. Toegewezen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBDHA:2024:3835:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>uitspraak buiten zitting</para>
    <para>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="add6f466-2c6d-4e03-b17b-7a305edfc5b3" depth="2" width="523" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="ebbc744a-e373-4106-b4e2-92d4fb2008d2" depth="2" width="13" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>
    </para>
    <para />
    <para />
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK DEN HAAG</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Utrecht Bestuursrecht</para>
      <para>zaaknummers: NL24.4861en NL24.4864</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaken tussen [verzoeker 1]</emphasis>, V-nummer: [V-nummer 1],</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verzoeker 2]
        </emphasis>, V-nummer: [V-nummer 2], gezamenlijk: verzoekers (gemachtigde: mr. D. van Elp),</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>en</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid</emphasis>, (gemachtigde: mr. S. Aboulouafa).</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>Procesverloop</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij besluiten van 5 februari 2024 (de bestreden besluiten) heeft de staatssecretaris de aanvragen van verzoekers tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen op de grond dat Frankrijk verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan.</para>
      <para>Verzoekers hebben tegen de bestreden besluiten beroep ingesteld. Zij hebben verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De staatssecretaris heeft een verweerschrift ingediend.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij brief van 8 maart 2024 heeft de staatssecretaris verzoekers medegedeeld voornemens te zijn hen op 14 maart 2024 om 09:55 uur over te dragen aan Frankrijk. Verzoekers hebben daarom verzocht vooruitlopend op de behandeling van het beroep op hun verzoek om voorlopige voorziening te beslissen, en verweerder heeft aangegeven daar geen bezwaar tegen te hebben.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Overwegingen</title>
    <para />
    <para>1. De voorzieningenrechter doet op grond van artikel 8:83, vierde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) uitspraak zonder zitting.</para>
    <para />
    <para>2. Verzoekers vragen om de verzoeken om een voorlopige voorziening toe te wijzen, omdat de overdracht naar Frankrijk is gepland op 14 maart 2024 om 09:55 uur, terwijl de zitting in het beroep plaatsvindt op 19 maart 2024. Verzoekers menen dat de overdracht geen doorgang kan vinden, gelet op wat in het beroep is aangevoerd. Dit meer in bijzonder vanwege de medische gesteldheid van de heer [verzoeker 2].</para>
    <para />
    <para />
    <para>3. De staatssecretaris voert aan dat de besluiten tot niet in behandeling nemen van de asielaanvragen van eisers op goede gronden zijn genomen en dat er geen aanleiding bestaat om de overdracht op 14 maart 2024 geen doorgang te laten vinden.</para>
    <para />
    <para>4. De voorzieningenrechter stelt vast dat verzoekers hebben verzocht om bij wijze van voorlopige voorziening te bepalen dat de door de staatssecretaris geplande overdracht naar Frankrijk op 13 maart 2024 achterwege zal blijven en dat zij de uitspraak in de beroepen, met zaaknummers NL24.4860 en NL24.4863, mogen afwachten. Verzoekers hebben ook gewezen op de medische situatie.</para>
    <para />
    <para>5. De voorzieningenrechter is van oordeel dat het belang van verzoekers bij uitstel van de overdracht aan Frankijk om de uitkomst van de beroepen af te wachten dient te prevaleren boven het belang van de staatssecretaris om verzoekers op 14 maart 2024 over te dragen aan Frankrijk. Het is niet uitgesloten dat de verwijdering onomkeerbare gevolgen voor verzoekers kan hebben. Daarbij neemt de voorzieningenrechter ook in aanmerking dat gesteld noch gebleken is dat de termijn van zes maanden waarbinnen verzoekers op grond van de door Frankrijk op 19 oktober 2023 geaccepteerde Dublinclaim aan Frankrijk moeten worden overgedragen binnenkort (c.q. binnen korte termijn na de behandeling van de beroepen op de zitting van 19 maart 2024) al verstrijkt.</para>
    <para />
    <para>6. De voorzieningenrechter wijst om die reden de verzoeken om voorlopige voorziening toe, schorst de bestreden besluiten en bepaalt dat verzoekers niet mogen worden overgedragen aan Frankrijk totdat op de beroepen tegen de bestreden besluiten is beslist.</para>
    <para />
    <para>7. De voorzieningenrechter veroordeelt de staatssecretaris in de door verzoekers gemaakte proceskosten. Gelet op de samenhang tussen beide zaken en het feit dat in beide zaken dezelfde gronden van verzoek zijn ingediend, stelt de voorzieningenrecht de kosten op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht voor de door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand vast op in totaal € 875,- (1 punt voor het indienen van de beide verzoekschriften met een waarde per punt van € 875,- en een wegingsfactor 1).</para>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>Beslissing</title>
    <para>De voorzieningenrechter:</para>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>treft de voorlopige voorziening dat de bestreden besluiten worden geschorst en dat verzoekers niet mogen worden overgedragen aan Frankrijk totdat is beslist op de beroepen;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>veroordeelt de staatssecretaris in de proceskosten van verzoekers tot een bedrag van € 875,</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para>-.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze uitspraak is gedaan door mr. J.H. Lange, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van</para>
      <para>K.F.K. Hoogbruin, griffier.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze uitspraak zal openbaar worden gemaakt door publicatie op rechtspraak.nl en is uitgesproken en bekendgemaakt op:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>13 maart 2024</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <mediaobject>
      <imageobject>
        <imagedata align="center" scale="100" fileref="ac70ddca-ac99-4fb1-98ee-eabb6ff7e0e5" depth="89" width="251" format="image/png" />
      </imageobject>
    </mediaobject>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Documentcode: [documentcode]</title>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
  <bridgehead>Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.</bridgehead>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>