<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBDHA:2024:23562</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-05-15T07:28:50</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-05-08</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Den_Haag" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Den Haag</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2024-05-22</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/09/633190 / FA RK 22-4979</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#beschikking">Beschikking</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Den Haag</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_personenEnFamilierecht">Civiel recht; Personen- en familierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2024:23562">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2024:23562</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-05-15T07:28:20</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-05-15</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBDHA:2024:23562 Rechtbank Den Haag , 22-05-2024 / C/09/633190 / FA RK 22-4979</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBDHA:2024:23562:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>ontkenning vaderschap toegewezen, gerechtelijke vaststelling vaderschap afgewezen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBDHA:2024:23562:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <para>
    <emphasis role="bold caps">Rechtbank DEN HAAG</emphasis>
  </para>
  <parablock>
    <para>Enkelvoudige kamer</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Rekestnummer: FA RK 22-4979</para>
    <para>Zaaknummer: C/09/633190</para>
    <para>Datum beschikking: 22 mei 2024 </para>
  </parablock>
  <section>
    <title>Ontkenning vaderschap en gerechtelijke vaststelling vaderschap</title>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Beschikking op het op 1 augustus 2022 ingekomen verzoek van:</title>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      [verzoekster] ,</title>
    <parablock>
      <para>verzoekster, </para>
      <para>wonende in [woonplaats 1] ,</para>
      <para>advocaat: mr. K. Moene te ’s-Gravenhage.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Als belanghebbenden worden aangemerkt:</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      [de juridische vader] ,</title>
    <parablock>
      <para>de juridische vader,</para>
      <para>zonder bekende woon- en/of verblijfplaats,</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      [de vermeende vader] ,</title>
    <parablock>
      <para>de vermeende vader,</para>
      <para>wonende in [woonplaats 2] ,</para>
      <para>advocaat: mr. M.H. Aalmoes te Amsterdam,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>en</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      [minderjarige] , geboren op [geboortedatum 1] 2022 te [geboorteplaats 1] , </title>
    <parablock>
      <para>de minderjarige,</para>
      <para>in rechte vertegenwoordigd door mr. M.M. Menheere, advocaat te ’s-Gravenhage,</para>
      <para>in de hoedanigheid van bijzondere curator.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Procedure</title>
    <para>Bij beschikking van 9 mei 2023 is bepaald dat de behandeling van de verzoeken wordt aangehouden om partijen in de gelegenheid te stellen een rapport van DNA-onderzoek over te leggen. </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij beschikking van 2 augustus 2023 heeft de rechtbank een deskundigenonderzoek van het DNA bevolen en daarvoor Verilabs Nederland B.V. te Gouda benoemt tot deskundige. </para>
      <para>De rechtbank heeft de behandeling van de verzoeken aangehouden tot 1 oktober 2023 pro forma. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft opnieuw kennisgenomen van de stukken, waaronder nu ook:</para>
    </parablock>
    <parablock>
      <para> het F9-formulier van 3 oktober 2023 van verzoekster; </para>
      <para> het F9-formulier van 16 november 2023 van verzoekster;</para>
      <para> het F9-formulier van 24 november 2023 van de bijzondere curator;</para>
      <para> het F9-formulier van 10 januari 2024 van verzoekster. </para>
    </parablock>
    <para>Op 10 april 2024 is de behandeling van de zaak op de zitting voortgezet. Hierbij zijn verschenen: </para>
    <parablock>
      <para> verzoekster, bijgestaan door haar advocaat;</para>
      <para> de advocaat van de vermeende vader;</para>
      <para> de bijzondere curator. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De juridische vader en de vermeende vader zijn, hoewel op de juiste wijze opgeroepen, niet op de zitting verschenen. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Verzoek en verweer</title>
    <para>Het verzoekschrift strekt tot:</para>
    <parablock>
      <para> gegrondverklaring van de ontkenning van het vaderschap van de juridische vader over voornoemde minderjarige;</para>
      <para> onder de voorwaarde dat de beslissing tot gegrondverklaring van de ontkenning van het vaderschap onherroepelijk is geworden: gerechtelijk vast te stellen het vaderschap van [de vermeende vader] , als vader van [minderjarige] , geboren op [geboortedatum 1] 2022 te [woonplaats 1] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De juridische vader is tot op heden niet in de procedure verschenen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De vermeende vader heeft verweer gevoerd, dat hierna – voor zover nodig – zal worden besproken. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Daarnaast heeft de vermeende vader zelfstandig verzocht – naar de rechtbank begrijpt, voorwaardelijk, indien mocht blijken dat de vermeende vader de biologische vader van [minderjarige] is –:</para>
    </parablock>
    <parablock>
      <para> hem – tezamen met verzoekster – te belasten met het gezag over [minderjarige] ;</para>
      <para> primair: te bepalen dat [minderjarige] de hoofdverblijfplaats bij de vermeende vader heeft, subsidiair een zorgregeling in goede justitie vast te stellen;</para>
    </parablock>
    <para>een en ander voor zover mogelijk met uitvoerbaarverklaring bij voorraad.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Namens de vermeende vader zijn bovenstaande zelfstandige verzoeken op de zitting ingetrokken. De rechtbank heeft op deze punten daarom niets meer te beslissen. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>Beoordeling</title>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Huidige stand van zaken</emphasis>
      </para>
      <para>Het is partijen tot op heden nog niet gelukt om zelf tot een DNA-onderzoek te komen. </para>
      <para>De bijzondere curator heeft in juni 2023 geprobeerd om bij haar op kantoor DNA af te nemen voor een DNA-onderzoek. De vermeende vader had hier geen vertrouwen in en heeft hieraan zijn medewerking niet verleend. Vervolgens zijn partijen op 7 september 2023 bij Verilabs geweest. Hier is DNA van betrokkenen afgenomen. De vermeende vader had op dat moment zijn identiteitsbewijs niet bij zich, zodat hij zich niet op de juiste wijze kon identificeren bij Verilabs. Zolang hij dit niet doet, kunnen zij het DNA-onderzoek niet afronden en geen rapport opmaken. De vermeende vader heeft tot op heden zijn identiteitsbewijs niet aan Verilabs getoond, waardoor de zaak in een impasse is geraakt. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Ontkenning van het vaderschap</emphasis>
      </para>
      <para>Verzoekster heeft ter onderbouwing van haar verzoek aangevoerd dat de juridische vader niet de biologische vader van [minderjarige] kan zijn. Verzoekster is in 2015 vanuit Ethiopië – zonder de juridische vader – naar Nederland gereisd. De juridische vader is nooit in Nederland geweest en verblijft, voor zover verzoekster weet, nog in Ethiopië. </para>
      <para>Gezien de geboortedatum van [minderjarige] ( [geboortedatum 1] 2022) kan de juridische vader niet de biologische vader zijn. Ook heeft hij niet ingestemd met een daad die de verwekking van [minderjarige] tot gevolg kan hebben gehad. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De bijzondere curator acht het in het belang van [minderjarige] dat de ontkenning van het vaderschap gerechtelijk wordt vastgelegd. Gezien het verzoek van verzoekster acht de bijzondere curator het zeer onwaarschijnlijk dat de juridische vader de biologische vader van [minderjarige] is. De bijzondere curator adviseert het verzoek toe te wijzen.<?linebreak?></para>
      <para>De rechtbank overweegt dat de gronden waarop verzoekster haar verzoek doet steunen niet zijn weersproken en dat deze dus in rechte vaststaan. Het verzoek zal daarom worden toegewezen, aangezien van feiten die het mogelijk maken dat de juridische vader toch de biologische vader van [minderjarige] is, niet zijn gebleken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Gerechtelijke vaststelling van het vaderschap</emphasis>
      </para>
      <para>Verzoekster verzoekt om de gerechtelijke vaststelling van het vaderschap van de vermeende vader. Zij heeft foto’s overgelegd die een affectieve relatie tussen haar en de vermeende vader onderbouwen. Zij vindt het in het belang van de identiteitsontwikkeling van [minderjarige] dat de gerechtelijke vaststelling van het vaderschap van de vermeende vader wordt bepaald, zodat hij weet van wie hij afstamt. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De vermeende vader betwist, of wil in ieder geval niet erkennen, dat hij de biologische vader is en verzoekt het verzoek af te wijzen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De bijzondere curator concludeert dat verzoekster voldoende concrete feiten en omstandigheden stelt waaruit blijkt dat de vermeende vader de biologische vader zou kunnen zijn van [minderjarige] . Van de vermeende vader kan worden verwacht dat hij zijn medewerking verleent aan een DNA-onderzoek, mede gelet op zijn proceshouding en zijn eerdere zelfstandige verzoeken. De bijzondere curator heeft op de zitting aangegeven dat zij verwacht dat de vermeende vader zijn medewerking niet zal verlenen aan een DNA-onderzoek. Zij is van mening dat, gelet op de huidige feiten en omstandigheden, de rechtbank de conclusie zou kunnen trekken dat de vermeende vader de biologische vader is. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank overweegt als volgt. In een procedure als deze komt het aan op een afweging van de belangen van alle betrokkenen, waarbij het belang van [minderjarige] om te weten van wie hij afstamt als zwaarwegend wordt gezien. De wetgever heeft in dit verband als uitgangspunt gekozen dat de juridische werkelijkheid zoveel als mogelijk in overeenstemming moet zijn met de biologische. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij de beoordeling van dit verzoek acht de rechtbank de volgende omstandigheden van belang. Er wordt nu al enige tijd geprocedeerd over het vaderschap van de vermeende vader. De vermeende vader staat uitdrukkelijk niet achter het – op dit moment – vaststellen van het vaderschap. De vermeende vader vormt geen gezin met verzoekster en [minderjarige] en heeft ook geen rol in het leven van [minderjarige] . Daarnaast weigert hij expliciet om zijn medewerking te verlenen aan het (afronden van het) DNA-onderzoek, waardoor momenteel niet met aan zeer waarschijnlijkheid grenzende zekerheid is aangetoond dat hij de biologische vader van [minderjarige] is. De door verzoekster overgelegde foto’s van haar en de vermeende vader vormen een begin van bewijs dat zij een affectieve relatie hebben gehad, maar zijn onvoldoende om aan te nemen dat hij de biologische vader van [minderjarige] is. </para>
      <para>De rechtbank kan er daarom niet vanuit gaan dat, na toewijzing van het verzoek, de juridische werkelijkheid en de biologische werkelijkheid met elkaar overeenkomen. Dit is uiteindelijk niet in het belang van de minderjarige. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Gezien het voorgaande acht de rechtbank het door verzoekster gestelde belang van de identiteitsontwikkeling van [minderjarige] op zichzelf onvoldoende grond om het verzoek toe te wijzen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De bijzondere curator heeft op de zitting aangegeven dat zij verwacht dat een bevel tot het op de juiste wijze met identiteitspapieren afronden van het deskundigenonderzoek geen wijziging zal brengen in de proceshouding van de vermeende vader en daardoor geen toegevoegde waarde heeft. Dit onderschrijft de rechtbank en de rechtbank ziet dan ook geen reden om de behandeling van dit verzoek nader aan te houden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Gelet op de hiervoor omschreven omstandigheden heeft de rechtbank op dit moment onvoldoende zicht op wat er allemaal speelt om het belang van [minderjarige] nu, maar ook op de (middel)lange termijn, goed te kunnen inschatten. Het belang van [minderjarige] brengt naar het oordeel van de rechtbank mee dat pas over het verzoek tot vaststelling van het vaderschap kan worden beslist wanneer hij zich daarover zelf een weloverwogen oordeel kan vormen. Wellicht dat de vermeende vader op dat moment wel zijn medewerking aan een DNA-onderzoek wenst te verlenen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank zal het verzoek omtrent de gerechtelijke vaststelling van het vaderschap daarom afwijzen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Bijzondere curator</emphasis>
      </para>
      <para>Uit de te nemen beslissingen volgt dat vertegenwoordiging van [minderjarige] , geboren op [geboortedatum 1] 2022 te [woonplaats 1] , door de bijzondere curator in deze procedure niet meer nodig is. </para>
      <para>De rechtbank beschouwt de werkzaamheden van de bijzondere curator voor deze procedure als beëindigd.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>Beslissing</title>
    <para>De rechtbank:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart gegrond het verzoek van: </para>
      <para>
        [verzoekster] , geboren op [geboortedatum 2] 1991 te [geboorteplaats 2] , Ethiopië,</para>
      <para>tot ontkenning van het vaderschap van:</para>
      <para>
        [de juridische vader] , geboren op [geboortedatum 3] 1984 te [geboorteplaats 3] , Ethiopië,</para>
      <para>van de minderjarige: </para>
      <para>
        [minderjarige] , geboren op [geboortedatum 1] 2022 te [woonplaats 1] ,</para>
      <para>uit:</para>
      <para>
        [verzoekster] , geboren op [geboortedatum 2] 1991 te [geboorteplaats 2] , Ethiopië;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>beschouwt de werkzaamheden van de bijzondere curator voor deze procedure als beëindigd;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>wijst af het meer of anders verzochte. </para>
    </parablock>
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="3">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <colspec colname="colC" />
        <tbody>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Deze beschikking is gegeven door mr. H. Dragtsma, (kinder)rechter, bijgestaan door </para>
              <para>mr. A.M. Lokhorst als griffier, en uitgesproken op de openbare zitting van 22 mei 2024.</para>
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>