<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBDHA:2024:21633</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-12-19T16:44:02</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-12-19</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Den_Haag" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Den Haag</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2024-12-13</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">NL24.45796 en AWB24/18925</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Groningen</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_vreemdelingenrecht">Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2024:21633">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2024:21633</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-12-19T16:40:46</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-12-19</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBDHA:2024:21633 Rechtbank Den Haag , 13-12-2024 / NL24.45796 en AWB24/18925</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBDHA:2024:21633:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Proces-verbaal mondelinge uitspraak. HTL plaatsing en vrijheidsbeperkende maatregel. Beroepen ongegrond. Voldoende gemotiveerd en op goede gronden in de HTL geplaatst. Geen aanleiding om te twijfelen aan de verslaglegging. GZA-akkoord aanwezig.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBDHA:2024:21633:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <para>
    <emphasis role="bold">RECHTBANK DEN HAAG</emphasis>
  </para>
  <parablock>
    <para>Zittingsplaats Groningen</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Bestuursrecht</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>zaaknummers: NL24.45796 en AWB 24/18925</para>
    <para>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="bold">proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer van 13 december 2024 in de zaken tussen</emphasis>
    </para>
  </parablock>
  <section>
    <title>
      <?linebreak?>
      [naam], eiser,<?linebreak?>geboren op [geboortedatum],<?linebreak?>van Syrische nationaliteit,</title>
    <parablock>
      <para>V-nummer: [nummer], </para>
      <para>(gemachtigde: mr. R.J. Schenkman),</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>en</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>het bestuur van het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers, het COa,</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>alsmede</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>de minister van Asiel en Migratie, de minister,</title>
    <para>(gemachtigde: mr. P.A.L.A. van Ittersum).</para>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Inleiding</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank twee beroepen. Het eerste beroep van eiser is gericht tegen het besluit van het COa van 30 oktober 2024, waarbij het COa heeft besloten om eiser vanaf 30 oktober 2024 in een Handhaving- en Toezichtlocatie (HTL) te Hoogeveen te plaatsen (het plaatsingsbesluit).<footnote-ref linkend="_a52eb631-832c-4a7b-924a-a054ed95d0ab" /> Het tweede beroep van eiser is gericht tegen het besluit van de minister van dezelfde datum om hem een vrijheidsbeperkende maatregel als bedoeld in artikel 56 van de Vw<footnote-ref linkend="_632f2b14-f60c-48c9-8ad6-4b91e63e1b34" /> op te leggen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Het COa en de minister hebben op de beroepen gereageerd met een verweerschrift.<?linebreak?></para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>De rechtbank heeft de beroepen op 13 december 2024 op zitting behandeld. Eiser, de minister en het COa hebben zich laten vertegenwoordigen door hun gemachtigden. De rechtbank heeft het onderzoek op de zitting gesloten.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.3.</nr>
      <para>Na afloop van de behandeling van de zaak op de zitting heeft de rechtbank onmiddellijk uitspraak gedaan.<?linebreak?></para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>Beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>2. De rechtbank verklaart de beroepen ongegrond en wijst het verzoek om schadevergoeding af. Dit betekent dat eiser geen gelijk krijgt en ook geen vergoeding van de proceskosten. De rechtbank zal hierna uitleggen hoe zij tot dit oordeel komt.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>Overwegingen <?linebreak?></title>
    <para>3. De rechtbank beoordeelt of het opleggen van de vrijheidsbeperkende maatregel en de plaatsing van eiser in de HTL rechtmatig zijn. Zij doet dat aan de hand van de beroepsgronden van eiser. <?linebreak?></para>
    <para>4. Uit de verslaglegging van het COa blijkt het volgende. Eiser heeft op 27 oktober 2024 fysiek geweld gebruikt tegen een medebewoner en ook een beveiliger bespuugd. Op het moment dat eiser naar een kamer werd gebracht om te kalmeren kreeg hij last van zijn hart en heeft het COa een ambulance gebeld. Eiser was het niet eens met het advies van het ambulancepersoneel en had een agressieve houding tegen hen. Eiser heeft daarbij ook één van de ambulance medewerkers aangeraakt/vastgepakt. Nadat de politie is gekomen, is eiser aangehouden en heeft de ambulancemedewerker aangifte gedaan. <?linebreak?></para>
    <para>5. De rechtbank vindt dat het COa op goede gronden en voldoende gemotiveerd heeft besloten dat eiser in de HTL kan worden geplaatst. Het COa heeft het incident gedetailleerd weergegeven en daarbij gebruik gemaakt van camerabeelden. De enkele, niet nader onderbouwde, stelling dat het incident anders is verlopen dan zoals vastgelegd in het COa-dossier is onvoldoende om te twijfelen aan de door het COa geschetste gang van zaken. De rechtbank vindt dat het COa voldoende zorgvuldig onderzoek heeft gedaan naar het incident op 27 oktober 2024. Dat het COa geen screenshots heeft overgelegd van de camerabeelden, maakt dit oordeel niet anders. <?linebreak?></para>
    <paragroup>
      <nr>5.1.</nr>
      <para>Daarnaast overweegt de rechtbank dat niet aan eiser, zoals hij betoogt, is tegengeworpen dat hij het ambulancepersoneel heeft aangevallen. In het besluit staat alleen dat eiser een ambulancemedewerker heeft aangeraakt/vastgepakt. Op de zitting is duidelijk geworden dat de zinsnede in het verweerschrift dat de ambulancemedewerker hierbij is geraakt, moet worden opgevat als ‘aangeraakt/vastgepakt’. Dat het incident niet in de bijlage bij het plaatsingsbesluit is opgenomen, doet aan het voorgaande niet af.<?linebreak?></para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.2.</nr>
      <para>De rechtbank volgt eiser daarnaast niet in de stelling dat HTL-plaatsing achterwege had moeten blijven, omdat eiser hartpatiënt is. In het dossier zit namelijk een GZA-akkoord voor overplaatsing van eiser naar de HTL. In het GZA-akkoord geeft het GZA weliswaar aan dat het akkoord onder het voorbehoud is dat eiser zijn geplande afspraken kan laten doorgaan, maar het is de rechtbank niet gebleken dat deze afspraken niet zijn doorgegaan. Verder heeft het COa het gedrag van eiser terecht gekwalificeerd als een incident van zeer grote impact die het opleggen van een HTL-maatregel rechtvaardigt. In wat eiser naar voren heeft gebracht heeft het COa geen aanleiding hoeven zien om te volstaan met een lagere - minder dwingende - maatregel.<?linebreak?></para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.3.</nr>
      <parablock>
        <para>Het beroep tegen het plaatsingsbesluit is daarom ongegrond. Omdat het beroep tegen het plaatsingsbesluit ongegrond is en de vrijheidsbeperkende maatregel volledig steunt op dat besluit, oordeelt de rechtbank dat het beroep tegen de vrijheidsbeperkende maatregel ook ongegrond moet worden verklaard. De rechtbank ziet geen aanleiding om een schadevergoeding toe te kennen.<?linebreak?></para>
        <para>6. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.</para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>Deze uitspraak is uitgesproken in het openbaar op 13 december 2024 door mr. V.A.G. van Dijk, rechter, in aanwezigheid van mr. K.E. Mulder, griffier.</para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>de griffier 				de rechter </para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>Een afschrift van dit proces-verbaal is verzonden aan partijen op:</para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>Rechtsmiddel</title>
    <para>Tegen deze uitspraak, voor zover het betreft het beroep tegen het plaatsingsbesluit, kan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen vier weken na de dag van bekendmaking van het proces-verbaal. Tegen deze uitspraak, voor zover het betreft het beroep tegen de vrijheidsbeperkende maatregel, staat geen rechtsmiddel open.</para>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
  <footnote id="_a52eb631-832c-4a7b-924a-a054ed95d0ab" label="1">
    <para> Op grond van artikel 10, eerste lid, aanhef en onder h en i, en artikel 11, eerste lid van de Regelingen verstrekkingen asielzoekers en andere categorieën vreemdelingen 2005.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_632f2b14-f60c-48c9-8ad6-4b91e63e1b34" label="2">
    <para> Vreemdelingenwet 2000.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>