<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBDHA:2024:17448</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-10-25T15:08:57</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-10-25</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Den_Haag" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Den Haag</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2024-10-25</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">NL24.35450 en NL24.35453</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#voorlopigeVoorziening">Voorlopige voorziening</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Den Haag</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_vreemdelingenrecht">Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2024:17448">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2024:17448</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-10-25T15:04:52</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-10-25</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBDHA:2024:17448 Rechtbank Den Haag , 25-10-2024 / NL24.35450 en NL24.35453</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBDHA:2024:17448:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Dublin Portugal. Toewijzing vovo in afwachting van nadere beoordeling van gesteld Nederlanderschap.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBDHA:2024:17448:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK DEN HAAG</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Groningen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bestuursrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummers: NL24.35450 en NL24.35453 </para>
    </parablock>
    <bridgehead role="bold">
      <?linebreak?>uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaken tussen</bridgehead>
    <bridgehead role="bold">
      [naam 1], V-nummer: [nummer 1], en</bridgehead>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [naam 2]
        </emphasis>, V-nummer: [nummer 2], verzoeksters</para>
      <para>(gemachtigde: mr. M.R. van der Pol),</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>en</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">de Minister van Asiel en Migratie, de minister</bridgehead>
    <para>(gemachtigde: mr. M. Dalhuisen).<?linebreak?></para>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>Procesverloop</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij besluiten van 10 september 2024 (de bestreden besluiten) heeft de minister de asielaanvragen van verzoeksters niet in behandeling genomen op de grond dat Portugal verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verzoekster hebben tegen de bestreden besluiten afzonderlijk beroep ingesteld en de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen. De beroepen zijn geregistreerd onder zaaknummers NL24.35449 en NL24.35452.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De voorzieningenrechter heeft de verzoeken op 23 oktober 2024 op zitting behandeld. Partijen hebben zich laten vertegenwoordigen door hun gemachtigden. Het onderzoek is ter zitting gesloten.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Overwegingen</title>
    <para />
    <para>1. Op grond van artikel 8:81, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) kan de voorzieningenrechter van de bestuursrechter die bevoegd is in de hoofdzaak op verzoek een voorlopige voorziening treffen indien onverwijlde spoed dat gelet op de betrokken belangen vereist. </para>
    <para />
    <para>2. De asielaanvragen van verzoeksters zijn niet in behandeling genomen op grond van artikel 30, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000, omdat een andere lidstaat daarvoor verantwoordelijk is zoals bedoeld in de Dublinverordening. Deze verordening stelt een termijn waarbinnen in een geval als dit de aanvrager dient te worden overgedragen aan de ontvangende lidstaat. In de zaken van verzoeksters is deze uiterste overdrachtsdatum 24 november 2024. </para>
    <para />
    <para>3. De voorzieningenrechter stelt vast dat de beroepen van verzoeksters mogelijk niet kunnen worden afgehandeld binnen deze overdrachtstermijn, nu bij de behandeling van de beroepen op de zitting van 23 oktober 2024 is beslist tot aanhouding van die behandeling in afwachting van aanvullende informatie. In dit verband overweegt de voorzieningenrechter dat verzoeksters menen dat [naam 2] aanspraak maakt op het Nederlanderschap en dat zij daartoe een aanvraag om een Nederlands paspoort heeft ingediend. De uitkomst van de beoordeling hiervan is mogelijk verstrekkend omdat iemand die de Nederlandse nationaliteit heeft niet op grond van de Dublinverordening aan een andere lidstaat kan worden overgedragen. Daarom dient die beoordeling naar het oordeel van de voorzieningenrechter in beginsel te worden afgewacht. Om te voorkomen dat verzoeksters aan Portugal worden overgedragen voordat op de beroepen is beslist, zal de voorzieningenrechter de gevraagde voorzieningen treffen. De minister heeft ter zitting, in het licht van aanhouding van de samenhangende beroepen, te kennen gegeven zich niet te verzetten tegen toewijzing van de verzoeken om een voorlopige voorziening. </para>
    <para />
    <para>4. De voorzieningenrechter zal om die reden, na afweging van de betrokken belangen, de verzoeken om voorlopige voorziening toewijzen, de bestreden besluiten schorsen en bepalen dat verzoeksters niet mogen worden overgedragen aan Portugal totdat op de beroepen tegen de bestreden besluiten is beslist.</para>
    <para />
    <para>5. Hoewel de voorzieningenrechter de verzoeken toewijst, veroordeelt hij de minister niet in de proceskosten. De minister heeft zich hiertegen gemotiveerd verzet en verzoeksters hebben hiermee ter zitting van 23 oktober 2024 ingestemd. De voorzieningenrechter ziet daarom geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.</para>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>Beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De voorzieningenrechter:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>- treft de voorlopige voorziening dat de bestreden besluiten worden geschorst en dat verzoeksters niet mogen worden overgedragen aan Portugal totdat is beslist op de beroepen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze uitspraak is gedaan door mr. H.P. Eckert, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van A.J. van Bruggen, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl. </para>
      <para>De uitspraak is bekendgemaakt op:</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para />
      <para>
        <emphasis role="bold">Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>